Artikel 57, §3, 4° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat het college bevoegd is voor het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten.
| fase | actie | datum | jaarnummer |
| voorontwerp | goedkeuring college | 11 december 2015 | 10381 |
| definitief ontwerp | goedkeuring college | 20 mei 2016 | 4429 |
| stedenbouwkundige vergunning | goedkeuring college | 26 augustus 2016 | 7417 |
| samenwerkingsovereenkomst | goedkeuring college | 23 september 2016 | 8260 |
| bestek AWV 1M3D8E/16/35 | goedkeuring college | 23 september 2016 | 8261 |
| gunning | goedkeuring colege | 16 december 2016 | 11064 |
Op 11 december 2015 (jaarnummer 10381) keurde het college het voorontwerp goed, opgemaakt door het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), voor de heraanleg van de Noordersingel (van Turnhoutsebaan tot Stenenbrug), de Turnhoutsebaan (ter hoogte van de R1) en de Stenenbrug (ter hoogte van de R1).
Op 26 augustus 2016 (jaarnummer 7417) keurde het college het voorwaardelijk gunstig advies goed op de hiervoor ontvangen stedenbouwkundige vergunningsaanvraag.
Op 20 mei 2016 (jaarnummer 4429) keurde het college het definitief ontwerp goed voor de heraanleg van een stuk van de Turnhoutsebaan intramuros, en voor de landschapsinrichting van de bermen langs Singel en Ring, ter hoogte van de door AWV geplande wegeniswerken.
Beide dossiers worden qua uitvoering samengevoegd tot één samengevoegde opdracht, met AWV als aanbestedende overheid en de stad Antwerpen, de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn en rio-link als partners. Op 23 september 2016 (jaarnummers 8260 en 8261) keurde het college de samenwerkingsovereenkomst en het bestek (AWV 1M3D8E/16/35) goed.
Volgens de samenwerkingsovereenkomst treedt AWV op als opdrachtgevend bestuur.
Op 16 december 2016 (jaarnummer 11064) keurde het college de gunning goed.
In de samenwerkingsovereenkomst en in het bestek wordt een onderscheid gemaakt tussen een vast en een voorwaardelijk deel van de aanbesteding. Dit omwille van de onzekere factor omtrent het tijdig bekomen van een stedenbouwkundige vergunning voor een deel van de werken. Ook is in de overeenkomst bepaald dat het opdrachtgevend bestuur zal overgaan tot betekening van de opdracht tot uitvoering van het voorwaardelijk gedeelte aan de opdrachtnemer op eerste schriftelijk verzoek van de stad en de Lijn.
Op 19 januari 2017 verleende de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar aan de stad de stedenbouwkundige vergunning voor de werken van het voorwaardelijk deel (referentie: 8.00/11002/100152.DIG).
In het college van 16 december 2016 (jaarnummer 11064) werd reeds de volledige gunning goedgekeurd en het volledige bedrag vastgelegd.
De opdeling van het project in een vast deel en een voorwaardelijk deel berust louter op het verschil in timing van de stedenbouwkundige vergunning. Inhoudelijk vormen beide delen één samenhangend geheel. Nu de vergunning voor het voorwaardelijk deel is ontvangen, dienen deze werken onverwijld te worden opgestart, als integraal onderdeel van het project.
Zoals bepaald in de samenwerkingsovereenkomst dient de stad het opdrachtgevend bestuur hier schriftelijk toe te verzoeken. De bedrijfseenheid Stadsontwikkeling legt daarom een collegiale brief voor ter goedkeuring.
Artikel 37, §1 van de wet op de overheidsopdrachten van 15 juni 2006 zegt dat een opdracht geplaatst kan worden omvattende één of meer vaste gedeelten en één of meer voorwaardelijke gedeelten. Hoewel de sluiting van de opdracht betrekking heeft op de volledige opdracht, is de aanbestedende overheid enkel gebonden door de vaste gedeelten. De uitvoering van elk voorwaardelijk gedeelte is afhankelijk van een beslissing van de aanbestedende overheid die aan de opdrachtnemer wordt meegedeeld overeenkomst de in de opdrachtdocumenten bepaalde modaliteiten.
Aangezien de opdracht een samengevoegde opdracht voor rekening van verschillende aanbestedende overheden betreft en het voorwaardelijk gedeelte betrekking heeft op een onderdeel van de opdracht ten laste van de stad, dient de stad, ingevolge de onderlinge afspraken tussen partijen een verzoek tot lichting van de optie te richten aan de aanbestedende overheid. Deze laatste staat dan verder in voor de mededeling aan de opdrachtnemer.
Het college keurt de collegiale brief goed waarin het Agentschap Wegen en Verkeer als opdrachtgevend bestuur van het project Turnhoutsepoort wordt verzocht om de optie van het voorwaardelijk deel te lichten en deze werken op te starten in samenhang met het vaste deel.