Terug

2017_CBS_08982 - Project 'ontwikkeling Sint-Anneke Plage', district Antwerpen - Toepasbaarheid principebesluit stedenbouwkundige ontwikkelingskosten. Mandatering onderhandeling - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 13/10/2017 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Glenn Verspeet, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_08982 - Project 'ontwikkeling Sint-Anneke Plage', district Antwerpen - Toepasbaarheid principebesluit stedenbouwkundige ontwikkelingskosten. Mandatering onderhandeling - Goedkeuring 2017_CBS_08982 - Project 'ontwikkeling Sint-Anneke Plage', district Antwerpen - Toepasbaarheid principebesluit stedenbouwkundige ontwikkelingskosten. Mandatering onderhandeling - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Argumentatie

Met de algemene ruimtelijke kwaliteit in gedachte en de wens tot het creëren van synergiën voor de verschillende partijen is het belangrijk juridische en financiële afspraken te maken met de betrokken partijen.

De ontwikkelingen die worden beoogd in de visie in zone Ge1, Ge3 en Ge4 zouden volgens de normwaarden uit het principebesluit stedenbouwkundige lasten (SOK) van 8 juli 2016 (jaarnummer 6172), in aanmerking komen voor een stedenbouwkundige ontwikkelingslast. Gezien dit project zal bestaan uit een publiek-private samenwerking tussen stad, W&Z en private partners (zeilclubs) is het principebesluit echter niet van toepassing. De maatschappelijke meerwaarde voor de stad en W&Z moet met alle betrokken partijen vastgelegd worden in een overeenkomst. Indien in de toekomst nog private ontwikkelingen aan de orde zijn, vallen deze wel onder de bepalingen van het principebesluit.

Gelet op de tussentijdse bevindingen van de haalbaarheidsstudie die is opgemaakt door Rebelgroup advisory, is het aangewezen om de besprekingen tussen de partners met betrekking tot  eigendomsaandelen en verantwoordelijkheden op te starten.

Voorgesteld wordt om een onderhandelaar uit de stadsadministratie / Gemeenschappelijke Aankoopcentrale aan te duiden die gemandateerd wordt om op grond van het in het voorontwerp RUP Sint-Anneke Plage goedgekeurde programma inhoudelijke en financiële onderhandelingen te voeren met de betrokken partijen met het oog op het bereiken van overeenkomsten met maatschappelijke meerwaarde. Deze afspraken zullen ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden voorgelegd. 

Aanleiding en context

Op 25 november 2016 werd de samenwerkingsovereenkomst afgesloten tussen stad Antwerpen en Waterwegen en Zeekanaal nv (W&Z) aangaande de ontwikkeling van Antwerpen-Linkeroever. Diezelfde dag werd ook een principeovereenkomst afgesloten tussen stad Antwerpen en W&Z aangaande de waterkering Antwerpen-Linkeroever.

Een eerste project waarbij stad Antwerpen samen met W&Z werkt aan de dijkophoging, gekoppeld aan de ontwikkeling van Antwerpen-Linkeroever is Sint-Anneke Plage. Samen met de goedkeuring van het definitieve masterplan op 28 oktober 2016 (jaarnummer 9237) werd ook de proces- en richtnota (jaarnummer 9238) goedgekeurd van het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Sint-Anneke Plage. De eerste stap in het creëren van een nieuw (ontwikkelings-)kader voor de Plage. W&Z draagt financieel bij aan de opmaak van het ruimtelijk uitvoeringsplan (collegebesluit 29 juli 2016 jaarnummer 6370).

Op 7 juli 2017 nam het college van burgemeester en schepenen kennis van het voorontwerp (jaarnummer 6025) RUP Sint-Anneke Plage. Het gehele gebied is 275.661 m² groot, waarvan 223.279 m² of 81% in eigendom van W&Z ; 15.471m² of 5,6% in eigendom van stad Antwerpen, 14.531 m² of 5,3% in eigendom van de Koninklijke Liberty Yacht Club, 13.224 m² of 4,8% in eigendom van de Royal Yacht Club België en 9.156 m² of 3,3% in privaat eigendom (verschillende horecazaken).

Het stedenbouwkundig ontwerp voorziet op het projectgebied vier zones voor groen en recreatie. Uitgezonderd de horecastrip (zone Ge2) wordt volgend programma vooropgesteld:

  • gemengde zone voor groen en recreatie (Ge1) – voor recreatie zijn de functies sport- en spelvoorzieningen, dag- en verblijfsrecreatie en horeca toegestaan. Aanvullend wordt ook openbare dienstverlening, gemeenschapsvoorzieningen, cultuur alsook zorgwonen toegestaan. De maximale bruto vloeroppervlakte, volgens de definitie opgenomen in het ruimtelijk uitvoeringsplan en verder in de tekst opgenomen, van het gebouw bedraagt 4.000m²;
  • gemengde zone voor groen en recreatie (Ge3) – voor recreatie zijn de functies sport- en spelvoorzieningen, dag- en verblijfsrecreatie en horeca toegestaan. Aanvullend wordt ook openbare dienstverlening, gemeenschapsvoorzieningen en cultuur toegestaan. De maximale bruto vloeroppervlakte, volgens de definitie opgenomen in het ruimtelijk uitvoeringsplan en verder in de tekst opgenomen, bedraagt 12.500m²;
  • gemengde zone voor groen en recreatie (Ge4) – voor recreatie zijn de functies sport- en spelvoorzieningen, dag- en verblijfsrecreatie, horeca en jacht- en passantenhaven toegestaan. Ondergeschikt aan de jachthaven zijn kleinschalige verblijfsactiviteiten toegestaan. Aanvullend wordt ook openbare dienstverlening, gemeenschapsvoorzieningen en cultuur toegestaan. De maximale bruto vloeroppervlakte, volgens de definitie opgenomen in het ruimtelijk uitvoeringsplan en verder in de tekst opgenomen, bedraagt 8.000m².

Het project beoogt een kwalitatieve ruimtelijke ontwikkeling ter verlevendiging van de Plage. Dit ruimere maatschappelijke doel overstijgt de perceelgrenzen. De gronden behoren toe aan overheden of het verenigingsleven. Beide groepen hebben een verantwoordelijkheid naar de burger, naar het algemeen belang. Inkomsten die dankzij dit RUP worden gegenereerd moeten terugvloeien naar investeringen die het gebied ten goede komen.

De bruto-vloeroppervlakte van een gebouw is de som van de bruto-vloeroppervlakten van alle vloerniveaus. Vloerniveaus zijn bij voorbeeld verdiepingen, geheel of gedeeltelijk in de grond, verdiepingen boven de grond, verdiepingen voor installaties, dakverdiepingen, dakterrassen, zolders. De bruto-vloeroppervlakte van ieder vloerniveau volgt uit de buitenomtrek van de aan het gebouw begrenzende bouwdelen op vloerhoogte. Hierbij zijn de buitenvlakken van de begrenzingen bepalend. De oppervlakte van trappen, liften en installatieschachten dienen op elk vloerniveau tot de bruto-vloeroppervlakte te worden gerekend. Niet tot de bruto-vloeroppervlakte moeten worden gerekend de oppervlakten van:

  • hier en daar uitstekende delen van de buitenwand kleiner dan 0,5 m²;
  • hier en daar aan de buitenzijde van het gebouw voorkomende nissen, groter dan 0,5 m²;
  • hier en daar uitwendige vrijstaande kolommen kleiner dan 0,5 m²;
  • schalmgaten en vides groter dan 4 m²;
  • holle ruimten of kruipruimten tussen het maaiveld en de onderzijde van het gebouw;
  • kruipkelders, tenzij deze volledig geconstrueerd zijn en deel uitmaken van het gebouw met een hoogte van ten minste 1,5 m;
  • daken en dakterrassen;
  • terrassen;
  • open brand- of vluchttrappen aan de buitenzijde van het gebouw;
  • ondergrondse parkeergarages;
  • halfondergrondse parkeergarages.

Algemene financiƫle opmerkingen

Het principebesluit stedenbouwkundige lasten (SOK) van 8 juli 2016 (jaarnummer 6172) is niet van toepassing op deze publiek-private samenwerking. De meerwaarde (financieel of natura) voor stad Antwerpen zal vastgelegd worden in de uiteindelijke overeenkomst.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist dat het principebesluit stedenbouwkundige lasten (SOK) van 8 juli 2016 (jaarnummer 6172) niet van toepassing is op de ontwikkelingen in Ge1, Ge3 en Ge4 van Sint-Anneke Plage, district Antwerpen en de daaronder ressorterende ontwikkelingspolen, om reden dat de maatschappelijke meerwaarde onderdeel zal zijn van de haalbaarheid van het project.

Artikel 2

Het college beslist dat de bestuurscoördinator van SA/GAC wordt aangeduid om op grond van het in het voorontwerp RUP Sint-Anneke Plage goedgekeurde programma inhoudelijke en financiële onderhandelingen te voeren met de betrokken partijen met het oog op het bereiken van overeenkomsten met maatschappelijke meerwaarde.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Artikel 4

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
SB om mee te werken aan de gemeenschappelijke ontwikkelingsstrategie