Beleid op maat van de stadshaven
Een eerste vaststelling over de tarieven was dat die niet van toepassing zijn op de grootste groep gebruikers van de stadshaven. Vooral in het Kattendijkdok en Willemdok ligt de nadruk op passagiersvaart. De tarieven voor woonboten (Kempisch dok en in de toekomst Houtdok) waren ook nog niet in het reglement opgenomen. De eerste uitdaging was dus inhoudelijk beter te matchen met de invulling van het stedelijk havengebied.
De tweede vaststelling was dat net voor de passagiersvaart, en dan vooral het segment van de riviercruises, de prijszetting in Antwerpen niet marktconform was. In samenwerking met Ondernemen en Stadsmarketing/Visit Antwerpen werd een benchmarking uitgewerkt. De prijszetting in Antwerpen werd vergeleken met die in Gent, Brussel, Rotterdam, Amsterdam en Düsseldor, ... Daaruit bleek duidelijk dat het liggeld in Antwerpen ver onder het gemiddelde lag. Een aangepast tarief moest meer realistisch zijn, zonder een overdreven verhoging te betekenen.
Algemene principes
In het reglement wordt een dossierkost opgenomen. Daarnaast wordt ook een minimumretributie vastgelegd. Die was nu niet voorzien, waardoor in sommige gevallen een bijzonder lage retributie gefactureerd moest worden.
Retributies op maat
Hoewel de focus voornamelijk op passagiervaart ligt, nemen uiteenlopende types vaartuigen een ligplaats in binnen het stedelijk havengebied. Er wordt verwacht dat dit zo zal blijven. Het reglement biedt dan ook de mogelijkheid om op maat te werken.
Voor commerciële binnenvaart blijft de afspraak dat de stad Antwerpen dezelfde retributies aanrekent als het Havenbedrijf Antwerpen NV. Indien er (bij uitzondering) een jacht niet terecht kan in de commerciële jachthaven in het Willemdok, maar verblijft in bijvoorbeeld het Kattendijkdok, wordt hetzelfde tarief aangerekend als zou gebeuren door de jachthaven in het Willemdok. De retributie voor zeeschepen (slechts per uitzondering toegepast) blijft ongewijzigd.
De grootste wijziging wordt voorgesteld voor passagiersvaart. Afhankelijk van de duur van het verblijf wordt op basis van de ingenomen wateroppervlak (maximale lenge maal maximale breedte) een tarief berekend. Op basis van de aard van het verblijf (overnachtingen aan boord, evenementen aan boord), de duurtijd en de periode wordt het liggeld berekend. De mogelijkheid wordt ook voorzien om het aanbieden van faciliteiten (stroom, drinkwater) te kunnen doorrekenen.
Er wordt een vermindering toegekend wanneer het schip voldoet aan bepaalde voorwaarden inzake milieuperformantie of aan varend erfgoed. De mogelijkheid bestaat ook voor specifieke, uitzonderlijke, gevallen een aangepast tarief vastgesteld worden door het college. Er blijven uit het vorige reglementen enkele vrijstellingen behouden, onder meer in functie van het uitvoeren van werkzaamheden door Havenbedrijf Antwerpen NV, stad Antwerpen of Vlaams Gewest.
De aangepaste tarieven zullen aangerekend worden vanaf 1 juli 2017.
De gecoördineerde Grondwet verleent bij artikels 41, 162/2°, 170/paragraaf 4 en 173 aan de gemeenten fiscale autonomie.
Artikel 42 paragraaf 3 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de gemeentelijke belastingen en retributies.
De Vlaamse regering heeft op 24 oktober 2014 het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan "Afbakening van het zeehavengebied Antwerpen" definitief vastgesteld.
Het Eilandje behoorde hierdoor niet langer tot het zeehavengebied, maar werd stedelijk gebied. Dit heeft tot gevolg dat het Havenbedrijf Antwerpen NV en de havenkapiteindienst enkele bevoegdheden in dit gebied verliezen, en dat de verordeningen voor het havengebied er niet langer gelden.
Deze evolutie ligt in het verlengde van het protocol dat stad Antwerpen en Havenbedrijf Antwerpen NV afsloten in 2009 (besluit gemeenteraad 16 februari 2009, jaarnummer 197).
De gemeenteraad keurde op 26 oktober 2015 (jaarnummer 598) het politiereglement voor het stedelijk havengebied goed.
Op basis van het politiereglement voor het stedelijk havengebied krijgt de stad Antwerpen de bevoegdheid om ligplaatsen toe te kennen. Voor het innemen van een ligplaats wordt een retributie aangerekend, naar analogie met de havenrechten die het Havenbedrijf Antwerpen NV aanrekent.
De gemeenteraad keurde op 14 december 2015 het retributiereglement voor de inname van ligplaatsen in het stedelijk havengebied goed (jaarnummer 737). Hierdoor nam de stad Antwerpen sinds 1 januari 2016 het ligplaatsbeheer op het Eilandje over van het Havenbedrijf Antwerpen NV.
Op 27 maart 2017 keurde de gemeenteraad een beperkte aanpassing van het retributiereglement voor de inname van ligplaatsen in het stedelijk havengebied goed om de looptijd van het reglement te verlengen (jaarnummer 159).
Om in eerste instantie continuïteit naar de klanten te garanderen, werd in 2015 het retributiereglement van het Havenbedrijf Antwerpen NV op maat van de stadshaven aangepast tot een stedelijk retributiereglement. Dit gebeurde in de wetenschap dat er op termijn een nieuw reglement uitgewerkt zou worden.
Dit nieuwe reglement vervangt vanaf de inwerkingtreding het voorgaande reglement aangaande het innemen van ligplaatsen in het stedelijk havengebied.
De exacte wijziging van de inkomsten kan nu nog niet vastgelegd worden. De begrote inkomsten blijven behouden in het budget en desgevallend aangepast bij budgetwijziging 2018. De inkomsten uit kwartalen 3 en 4 van 2017 zullen een bijstelling van de prognose voor 2018 mogelijk maken.
De gemeenteraad keurt het retributiereglement inzake inname ligplaatsen in het stedelijk havengebied goed.
De financieel beheerder regelt de financiële aspecten als volgt:
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
| Inkomsten innemen ligplaats | Raming 80.000,00 EUR per jaar |
budgetplaats: 5330000000 |
NVT |