Terug

2017_CBS_06996 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171254 - district Ekeren - Laar 30 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 11/08/2017 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Fons Duchateau, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2017_CBS_06996 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171254 - district Ekeren - Laar 30 - Goedkeuring 2017_CBS_06996 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171254 - district Ekeren - Laar 30 - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Onderzoek

Ja

Aanleiding en context

Aanvragers: Koren
De aanvraag omvat: slopen van bijgebouwen en renoveren van bestaande en nieuw bouwen van in totaal 9 eengezinswoningen
Dossiernummer: NEK/B/digitaal/20171254

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen strikt na te leven.
  • het buitenschrijnwerk in de bestaande en te behouden venster- en deuropeningen van de hoeve (woning 3) en het wagenhuis (woning 6) te bewaren. Het vervangen van waardevol schrijnwerk kan enkel in het geval dat het bestaande schrijnwerk in slechte staat is of het plaatselijk een zeer groot energieverlies veroorzaakt. Vervanging dient uitgevoerd te worden naar oorspronkelijk historisch model, dit zowel voor wat betreft materiaalgebruik (hout), indeling, profilering, detaillering en afwerking. PVC of aluminium schrijnwerk zijn niet toegelaten. Om na te gaan of het buitenschrijnwerk voldoet, moeten voorafgaandelijk gedetailleerde uitvoeringstekeningen (schaal 1/5 of 1/10) ter controle aan stedelijke dienst monumentenzorg worden voorgelegd, samen met detailtekeningen en detailfoto’s van het bestaande schrijnwerk.
  • de 18e eeuwse waardevolle erfgoedkenmerken in de hoeve (woning 3) in situ te bewaren, meer specifiek:
    • de tongewelfde kelder met bakstenen toegangstrap;
    • de dubbelzijdige haard (in elke woonkamer één) met gebeeldhouwde gepolychromeerde witstenen haardwangen;
    • de draagstructuur bestaande uit moer –en kinderbalken;
    • de geprofileerde moerbalken voorzien van een gedecoreerd sleutelstuk met witstenen consoles uitgesneden in peerkraalmotief;
    • de vloer bestaande uit plavuizen. Aanpassingen moeten worden voorgelegd aan de stedelijke dienst monumentenzorg;
    • de houten alkoof. Aanpassingen moeten worden voorgelegd aan de stedelijke dienst monumentenzorg;
    • de houten kastenwand. Aanpassingen moeten worden voorgelegd aan de stedelijke dienst monumentenzorg;
    • de opgeklampte paneeldeur met aan de achterzijde smeedijzeren gehengen en aan de voorzijde een messing ovaalvormige deurknop tussen de twee woonkamers. Aanpassingen moeten worden voorgelegd aan de stedelijke dienst monumentenzorg.
  • minimaal hoogstammige nieuwe bomen aan te planten.
  • een boomsoortkeuze van inheemse oorsprong te gebruiken.
  • minimale plantmaat 18/20 te gebruiken voor de te compenseren boom.
  • bomen aan te planten van 1ste grootte.
  • de bestaande bomen tijdens de bouwwerken minimaal te beschermen als volgt (niet limitatief):
    • In het ontwerp van de gebouwen en de volledige infrastructuur errond, mag er niets voorzien worden waardoor de wortels of kroon van de boom onaanvaardbaar moeten beschadigd worden, noch nu, noch in de toekomst. Praktisch gezien wil dit zeggen dat het ontwerp niet mag leiden tot noodzaak om:
      • het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
      • graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale wortelpakket moet verwijderd worden;
      • de boom drastisch te snoeien ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).
    • Als er werken (zowel bouwwerken, als werken aan de infrastructuur errond) worden uitgevoerd, moet de te behouden boom beschermd worden. Zowel wortels als kroon moeten beschermd worden.
    • De wortelzone van de boom moet beschermd worden om verdichting van de bodem en/of oppervlakkige beschadiging van de wortels te voorkomen. Op vlak van bescherming voor de wortelzone zijn er twee mogelijkheden:
      • Er is voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er werfhekkens geplaatst die aan elkaar vast gemaakt zijn, zodat ze niet, of in ieder geval moeilijk, te verplaatsen zijn. De grootte van de wortelzone wordt idealiter bepaald door onderzoek; als onderzoek om een of ander reden niet kan, moet men er vanuit gaan dat de wortelzone even groot is als de diameter van de kroonprojectie + 2m. In die volledig afgebakende zone mag niets gebeuren (niet graven,  niet stockeren, geen afvalwater of spoelwater lozen, ….).
      • Er is niet voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden, zodat de ruimte onder de boom toch geheel of gedeeltelijk kan gebruikt worden zonder dat er schade berokkend wordt.
    • Om uitdroging van de wortelzone te voorkomen tijdens een droogzuiging van de werf, moet water worden gegeven aan de boom, tenzij bodemonderzoek zou uitwijzen dat dit niet nodig is.
    • Naast de wortelzone moeten ook de stam en de kroon beschermd worden. Als de wortelzone volledig kan afgeschermd worden, zijn de stam en het onderste deel van de kroon uiteraard ook ineens afgeschermd. Kan de wortelzone niet volledig afgeschermd worden, dan moeten voor het beschermen van de stam en onderste deel van de kroon ook beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden.
    • Om schade aan het bovenste deel van de kroon te voorkomen moet de  aannemer, als hij een kraan gaat gebruiken, een voldoende hoge kraan voorzien. Als de kraan rond draait met een last eraan, mag niets de top van de boom raken. De aannemer mag ook geen snoeiwerken uitvoeren om ruimte te krijgen voor een kraan of voor om het even welke machine of stelling of … .
    • Het is aangewezen om voor de nodige onderzoeken en voor het opstellen van beschermingsmaatregelen op maat, een gecertificeerd boomverzorger te raadplegen. Op www.baas-isa.be is een lijst beschikbaar van deze mensen. ( U kunt ook gewoon in Google ‘lijst ETT’  ingeven).
  • bij het aanplanten van een nieuwe boom moeten volgende zaken in acht genomen worden
    • Het aspect duurzaamheid moet nagestreefd worden. Duurzaam aanplanten wil o.a. zeggen dat voor de nieuwe boom een groeiplaats moet voorzien worden die ondergronds voldoende geschikt doorwortelbaar volume heeft om zijn natuurlijke grootte en leeftijd te kunnen halen, en waar er ook bovengronds voldoende ruimte is voor zijn natuurlijke grootte.
    • Indien er onvoldoende onverharde ruimte is om bomen te voorzien, moeten er bomen in de verharding voorzien worden, eventueel moet er een tweede maaiveld voorzien worden. In bijgevoegde tabel in bijlage is weergegeven hoeveel geschikt doorwortelbaar volume er bij een boom in verharding minimaal moet voorzien worden, indien men wil rekening houden met het aspect duurzaamheid. 
  • Voor informatie omtrent ‘geschikt doorwortelbaar volume’ en ‘tweede maaiveld’ is het aangewezen om een gecertificeerd boomverzorger te raadplegen. Op www.baas-isa.be is een lijst beschikbaar van deze mensen. ( U kunt ook gewoon in Google ‘lijst ETT’  ingeven).
  • het plaatsen van een sceptische put met een inhoud van 7550 liter voor de woningen 3 t.e.m. 9;
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.