De visietekst wordt opgebouwd in drie opeenvolgende stappen. De eerste twee stappen (segmenten en categorieën) geven een concreet beeld van de steenweg vandaag en koppelen deze aan ontwikkelingsperspectieven wat resulteert in de intergemeentelijke visie voor de detailhandel op de steenweg tegen 2030.
De ontwikkelingsperspectieven zijn:
Vier van de segmenten op de N70 liggen op het grondgebied van de stad Antwerpen, namelijk segmenten 1, 2, 3 en 4. Zij kregen volgende ontwikkelingsperspectieven:
Voor de zone Katwilgweg, eveneens in dit segment stelt men dat showrooms kunnen, indien er ook een ‘productieve’ activiteit is. Bestaande toonzalen kunnen hier blijven. Een nieuwe showroom kan enkel indien er ook een productieve functie aan gekoppeld is;
Om de verdere realisatie vorm te geven wordt ingezoomd op enkele pilootcases. Op deze cases worden verschillende scenario’s uitgetest die de economische haalbaarheid en de mobiliteitsimpact en de ruimtelijke winst doorrekenen. De geselecteerde cases zijn voor N70:
Het studiebureau REBEL en STRAMIEN werken daarnaast ook een optimaliseringsscenario uit voor deze gebieden en ontwikkelen een aantal financiële en organisatorische instrumenten om de verevening tussen de verschillende actoren, gemeenten, retailers, eigenaars in een faire verhouding te brengen.
De stad Antwerpen heeft zich akkoord verklaard om deel te nemen aan het interprovinciaal EFRO project ‘Baanwinkels en gemeenten op één lijn'. Sinds januari 2016 zijn een reeks analyses uitgevoerd en komen de provincies tot de eerste algemene conclusies (intergemeentelijke visie op de steenweg) met betrekking de indeling van de steenweg N70.
Het project 'Baanwinkels en gemeenten op één lijn' beoogt een intergemeentelijke en interprovinciale aanpak van de problematiek van perifere retailontwikkelingen langs de respectievelijke steenwegen N70 en N10 als typevoorbeeld. Het zoeken naar evenwicht (level playing field) tussen grootschalige baanwinkels en aantrekkelijke detailhandels-ontwikkeling in de kernen van de respectievelijke steden en gemeenten vormt de centrale beleids- en actielijn. Deze doelstelling ligt volledig in de lijn van het Vlaams beleid (Beleidsnota Ruimte Vlaanderen en het decreet Integraal Handelsvestigingsbeleid).
Per steenweg wordt een gemeenschappelijke visie opgemaakt die toelaat dat een actieplan kan uitgewerkt worden. Dit actieplan beoogt een bovengemeentelijke aanpak en heroriëntering van retail op steenweg naast een specifieke gemeentelijke invulling op maat van de eigenheid van de respectievelijke gemeente in de kernen. De steenweg hertekenen heeft per definitie een langetermijnoriëntering voor ogen: we denken dan aan de optimale steenweg van 2030. De visieopmaak in verscheidene stappen wordt vervolgens verfijnd door in te zoomen op de concrete locatie en situatie. Waar in de algemene intergemeentelijke visie gelijke perspectieven vooropgesteld worden voor bepaalde locaties, zal dit in de laatste stappen niet noodzakelijk eenzelfde uitvoering als resultaat kennen per gemeente. In de visieopbouw wordt vertrokken in ‘the real world’ van wat is. De voorgestelde intergemeentelijke visie voor de steenweg N70 staat dus niet 1 op 1 met de realiteit van vandaag, maar de langetermijndoelstelling blijft wel in het vizier.
Op vraag van gemeenten kan deze interprovinciale visie vertaald worden in ruimtelijke uitvoeringsplannen uitgevoerd door de provincie.
Het college keurt de basisprincipes van de intergemeentelijke en interprovinciale visie 'N70: Baanwinkels en gemeenten op één lijn' en de invulling van de verschillende perspectieven voor de segmenten op het grondgebied van de stad Antwerpen goed, zoals voorgesteld in de visie.
Het college keurt goed dat op basis van de huidige opdeling en visieopbouw verder ingezoomd wordt op de concrete segmenten van de N70. Hiervoor zal een actieprogramma opgesteld worden door de provincies.