De ontvangsten en uitgaven die met dit project gepaard gaan, werden bij budgetwijziging 2017 met behulp van subsidiefiche ISF_MHS_CONFINE in het meerjarenbudget ingeschreven, met spreiding over budgetjaren 2017 en 2018. Budgetplaats is 5134000000. Budgetposities voor ontvangsten zijn 7405 en 7409, voor uitgaven 6141 en 61418. Functiegebied is 1SVG060108A00000.
Op 25 september 2015 (jaarnummer 7894) keurde het college de deelname aan het projectvoorstel CONFINE goed. CONFINE is het acroniem voor 'Towards operational cooperation on local administrative financial investigations in the fight against human trafficking' (vrij te vertalen als 'Naar operationele samenwerking inzake lokale administratieve financiële onderzoeken in de strijd tegen mensenhandel en -smokkel'), en werd ingediend binnen de Europese ISF-oproep (Internal Security Fund) inzake mensenhandel en -smokkel. Eén van de prioriteiten van deze oproep is de versterking van operationale samenwerking inzake financiële onderzoeken naar malafide personen en/of praktijken gelinkt aan mensenhandel en -smokkel. In overeenstemming met deze prioriteit focust CONFINE op financiële screening door lokale besturen van verdachte personen en/of praktijken.
In juli 2016 werd de stad Genk (coördinator van het projectvoorstel) door de Europese Commissie ingelicht dat CONFINE weerhouden wordt voor subsidiëring. Op 26 augustus 2016 (jaarnummer 7454) keurde het college een mandaat goed, op basis waarvan coördinator Genk de onderhandeling van een subsidieovereenkomst met de Europese Commissie kon opstarten.
Naast de steden Genk en Antwerpen neemt aan Vlaamse zijde ook KULeuven (Onderzoekseenheid Strafrecht en Criminologie) deel aan het project. Aan Nederlandse zijde vervoegt het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum (RIEC) van Brabant het consortium.
Het project is erop gericht volgende vragen te beantwoorden:
1. Welke financiële informatie is relevant voor de detectie van mensenhandel?
2. Wie beschikt over deze informatie?
3. Welke financiële informatie kan de lege lata met de lokale overheid uitgewisseld worden?
4. Welke financiële informatie zou de lege ferenda met de lokale overheid moeten uitgewisseld?
Omdat de doelstelling van CONFINE erin bestaat de operationele samenwerking (tussen overheidsdiensten en netwerken) te versterken, zullen volgende organisaties het project mee te ondersteunen: Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten, provincie Antwerpen, de provincie Limburg, de lokale politie Antwerpen, de lokale politiezone MidLim, de federale politie (cel mensenhandel), de procureurs-generaal Antwerpen-Limburg (via Parketgeneraal), de federale overheidsdienst Financiën, de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken, en het Nederlands Ministerie van Veiligheid en Justitie. Door middel van workshops en seminaries zullen deze ondersteunende organisaties bij de projectactiviteiten betrokken worden.
De lokale en vooral de stedelijke overheden worden op hun grondgebied geconfronteerd met aanwijzingen van mensenhandel en -smokkel, zowel wat betreft seksuele uitbuiting (in horecasectoren, massagesalons, seksinrichtingen, panden voor raamprostitutie), economische uitbuiting (in carwashes, nachtwinkels, wedkantoren, panden voor huisvesting van vreemde werkkrachten) als bedelarij (op de openbare weg). Deze aanwijzingen komen van buurtwerkers, politie, burgers en stadsdiensten, en vloeien voort uit meldingen van verstoring van openbare orde met inbegrip van overlast ten gevolge van overbewoning, matrassenverhuur, vaststellingen van tewerkstelling van illegale werknemers, al dan niet verdoken vormen van prostitutie, enzovoort.
Sommige van deze exploitaties worden door de lokale overheden onderworpen aan een verplichte exploitatievergunning, waaraan onderzoeken zoals brandveiligheid van het pand, moraliteit van de exploitant en financieel onderzoek voorafgaan. Het financieel onderzoek blijft echter veelal beperkt tot het nazicht van alle verschuldigde niet-betwiste vorderingen bij de lokale overheden zelf, wat niet steeds leidt tot detectie van criminele activiteiten en mogelijke weigering van de exploitatievergunning. Overlastpanden worden onderworpen aan een kadastraal onderzoek en onderzoek naar de woonkwaliteit. Ook hier blijft het financieel onderzoek beperkt tot nazicht van ander vastgoed van de eigenaar volgens de lokaal beschikbare kadastergegevens. Mensenhandelaars kunnen op die manier gebruik maken van legale economie voor de verderzetting van hun illegale activiteiten.
Zowel in de fase van het verlenen van de vergunning, als tijdens de uitoefening van voormelde activiteiten kan een diepgaande administratieve screening van financiële gegevens, met inbegrip van onderzoek naar juridische vennootschapsconstructies, onderzoek naar vermogens, geldstromen op bankrekeningen, de aanwijzingen van mensenhandel blootleggen. Immers, overlastmeldingen, huisjesmelkerij en dergelijke praktijken zijn niet altijd gerelateerd met mensenhandel, maar kunnen dit na diepgaander onderzoek wel zijn.
Het is de ambitie van CONFINE om de voormelde sectoren administratief te kunnen screenen op financiële criteria die indicatief zijn voor mensenhandel, zodat mensenhandelaars niet de kans krijgen hun illegale praktijken te ontwikkelen of zodat mensenhandel minstens in een vroeg stadium kan gedetecteerd en/of gestopt worden. In België kan de burgemeester immers bij ernstige aanwijzingen van mensenhandel in een inrichting, na voorafgaand overleg met de gerechtelijke instanties en na betrokkenen te hebben gehoord, deze inrichting sluiten.
De totale projectkost voor CONFINE bedraagt 493.264,52 euro, waarvan 443.938,67 euro gesubsidieerd wordt. Voor de stad Antwerpen bedraagt de projectkost 85.984,56 euro (personeel, deelname aan projectmeetings, organisatie van slotconferentie, en overheadkosten), waarvan 72.673,17 euro subsidie. De cofinanciering vanuit de stad Antwerpen bedraagt aldus 13.311,39 euro, en wordt voorzien door de inzet van bestaand personeel (inclusief forfaitaire overhead).
De deelname aan het project sluit aan bij de stedelijke doelstelling om de openbare orde te waarborgen en overlast te voorkomen, verminderen of bestrijden. De dienst Samen Leven/Bestuurlijke Handhaving staat in voor de opvolging van het project. De stedelijke Eurodesk zorgt voor de nodige ondersteuning bij de verwerving van de subsidie en de opstart van het project.
De looptijd van het project is 2 jaar. Om deelname aan het project te formaliseren, vraagt de stad Genk een samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen. Door middel van deze overeenkomst worden afpraken gemaakt over - onder meer - het takenpakket van de stad Antwerpen, het projectbudget, en de financiële rapportering. De overeenkomst gaat als bijlage bij dit besluit en wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad bekrachtigt de samenwerkingsovereenkomst voor het Europese ISF-project CONFINE.