Terug

2017_CBS_03271 - Code van politiereglementen - Wijzigingen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 07/04/2017 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Rob Van de Velde, schepen; Fons Duchateau, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_03271 - Code van politiereglementen - Wijzigingen - Goedkeuring 2017_CBS_03271 - Code van politiereglementen - Wijzigingen - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 119 Nieuwe Gemeentewet: de gemeenteraad maakt de gemeentelijke reglementen van inwendig bestuur en de gemeentelijke politieverordeningen.

Artikel 119bis van de Nieuwe Gemeentewet werd gewijzigd door de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.  Deze wet trad in werking op 1 januari 2014.
Het gewijzigde artikel 119bis bepaalt: de gemeenteraad kan gemeentelijke administratieve straffen en sancties opleggen overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

Artikel 2 §1 van de wet van 24 juni 2013 bepaalt: de gemeenteraad kan straffen of administratieve sancties bepalen voor de inbreuken op zijn reglementen of verordeningen, tenzij voor dezelfde inbreuken door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie, straffen of administratieve sancties worden bepaald.

Artikel 6 §1 van deze wet bepaalt dat de administratieve geldboete wordt opgelegd door de sanctionerend ambtenaar.

Artikel 45 van deze wet bepaalt dat de schorsing, de intrekking en de sluiting worden opgelegd door het college van burgemeester en schepenen of het gemeentecollege.

Artikel 4 §5 van deze wet bepaalt: indien de gemeenteraad in zijn reglementen of verordeningen de mogelijkheid voorziet om de administratieve geldboete ten aanzien van minderjarigen op te leggen, wint hij vooraf het advies in betreffende dat reglement of die verordening van het orgaan of de organen die een adviesbevoegdheid hebben in jeugdzaken, voor zover het aanwezig is of zij aanwezig zijn in de gemeente.

Aanleiding en context

Op 17 mei 2005 (jaarnummer 1202) keurde de gemeenteraad de code van gemeentelijke politiereglementen van de stad Antwerpen goed. Inbreuken op de code van gemeentelijke politiereglementen kunnen sindsdien gesanctioneerd worden met administratieve sancties waaronder een administratieve geldboete.

Deze code van politiereglementen werd later nog verscheidene keren gewijzigd. De nieuwe gecoördineerde versie werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 16 december 2013 (jaarnummer 753). De laatste wijziging werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 september 2016 (jaarnummer 576).

Argumentatie

1. Openbare netheid en gezondheid: netheid van de openbare ruimte (Samen Leven).

De resultaten van het proefproject “sluikstort 2060” tonen aan dat sluikstort een knelpunt is in panden waarin ‘kortverblijvers’, maar ook bewoners voor langere duur, gehuisvest zijn zonder er ingeschreven te staan in de bevolkingsregisters. Er is weinig of geen opvolging van het sluikstort door de eigenaar en het informeren van de inwoners zelf is niet duurzaam. Processen-verbaal kunnen bij gebreke aan inschrijving niet vervolgd worden.

Het is contradictorisch dat de stad enorme bedragen investeert om sluikstort te verwijderen aan dergelijke panden, terwijl het verhuren aan kortverblijvers een enorme inkomstenbron is voor de eigenaar, die hieromtrent geen enkele verplichting op zich neemt. De stad haalt op jaarbasis ongeveer 8.500 ton sluikstort op, waar een operationele kostprijs van ruim drie miljoen euro per jaar en een geschatte inkomstenderving van 600.000,00 euro (handhavingskosten niet inbegrepen) tegenover staat.

In fase 1 van het proefproject 2060 werden er voorlopig 360 locaties aangeduid als zwaar problematisch op het gebied van sluikstort. Een derde van die panden werd aangeduid als een verblijfplaats voor kortverblijvers. De panden worden gekenmerkt door grote hoeveelheden sluikstort ten gevolge van het grote aantal bewoners per pand die niet werden geïnformeerd door de eigenaar.

Exemplarisch zijn de bevindingen voor één van die panden met kortverblijvers, waar aan de hand van camerabeelden 13 overtredingen met evenveel verschillende overtreders werden vastgesteld. Wekelijks werd er ongeveer drie m³ sluikstort geproduceerd. In het pand zouden zo’n 30 personen verblijven, waarvan slechts één inwoner ingeschreven stond in het bevolkingsregister. Wel beschikten zij over een toegangsbadge van een groot bedrijf in de haven. Een aantal verklaarden dat zij hier slechts drie maanden verblijven en werken, om daarna terug te keren naar hun thuisland.

Het komt dan ook gepast voor om de verplichtingen die rusten op eigenaars van kamerwoningen uit te breiden naar eigenaars van panden die deze geheel of gedeeltelijk ter beschikking stellen van personen die er niet gedomicilieerd zijn. Het gaat om personen die op deze plaats geen hoofdverblijfplaats of wettelijk verblijf hebben en derhalve er meestal slechts tijdelijk een verblijfplaats hebben.

2. Openbare netheid en gezondheid: netheid van de openbare ruimte. Redactionele aanpassing.

Betreft enkel een redactionele aanpassing: toevoeging van bis in §5. 

3. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: bedelen op de openbare weg (Samen Leven en Lokale Politie Antwerpen).

De stad kent een problematiek van agressieve bedelaars die actief zijn op haar grondgebied. Het betreft bepaalde categorieën van bedelaars die een ernstige bedreiging vormen voor de rust en veiligheid van de inwoners. Te denken valt aan bedelaars die deel uitmaken van een georganiseerd netwerk, bedelaars die gekend zijn voor ernstige strafbare feiten, bedelaars die zich herhaaldelijk schuldig maken aan vormen van agressief bedelen zoals het tonen van verminkingen, aanklampend gedrag of verbale agressie, die gebruik maken van aliassen, petitielijsten, enzovoort.

De bestuurlijke inbeslagname van de inkomsten afkomstig uit de bedelactiviteiten is een bijkomend middel in de reeds bestaande politionele aanpak om de openbare rust en veiligheid te garanderen. Indien geraakt wordt aan de inkomsten die voortvloeien uit de bedelactiviteit zal dit niet langer lucratief zijn voor de bedelaar en bijgevolg zijn nut verliezen. De bedelgelden zullen in bewaring genomen worden, waarna de bedelaar ze kan komen ophalen na een hem kenbaar gemaakte termijn die nodig geacht wordt voor de handhaving van de openbare rust. De bedelaar wordt op die manier gesensibiliseerd en hij kan in de richting van de hulpverlening verwezen worden. Niet afgehaalde gelden worden toegewezen aan een sociaal doel bij het O.C.M.W.

4. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: algemene veiligheids- en gedragsregels. Ongeadresseerd reclamedrukwerk (Samen Leven, Ecohuis).

OVAM besliste recent om de klachten over het niet respecteren van de anti-reclame stickers niet langer op te volgen aangezien zij van oordeel is dat de lokale besturen een meer sturend instrument ter beschikking hebben, met name de gemeentelijke administratieve sancties. OVAM raadde de lokale besturen daarom aan hiervan gebruik te maken. Hierdoor zullen de overtreders een sterker signaal krijgen dan een aanmaningsbrief die in het verleden door OVAM werd gestuurd. Daarom is het noodzakelijk om te voorzien in een regeling over de wijze waarop overtredingen vastgesteld kunnen worden.

5. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: Algemene veiligheids- en gedragsregels. Gebruik van drones (Samen Leven, Rampenplanning). 

Overeenkomstig het Koninklijk Besluit van 10 april 2016 met betrekking tot het gebruik van op afstand bestuurde luchtvaartuigen in het Belgische luchtruim (publicatie BS 15/04/2016), worden vluchtuitvoeringen met drones (RPA en RPAS zoals bepaald in het K.B.) opgedeeld in vluchtuitvoeringen klasse 1 (1a en 1b) en klasse 2. Vluchtuitvoeringen klasse 2 kunnen enkel uitgevoerd worden met een toestel van minder dan vijf kilogram dat wordt gebruikt voor activiteiten, zoals luchtfotografie, landmeetkunde en observatie en houden een laag risico in voor de luchtvaarveiligheid, de veiligheid van personen en goederen op de grond. Vluchtuitvoeringen klasse 1 vormen een matig (klasse 1b) of verhoogd (klasse 1a) risico voor de luchtvaartveiligheid en/of de veiligheid van personen en goederen op de grond omdat ze worden uitgevoerd in een gebied waar de veiligheid van derden op de grond bij een noodgeval in gevaar gebracht zou kunnen worden of die door haar specifieke aard en de plaatselijke omgeving waar ze plaatsvindt een ernstig risico doet ontstaan.

Het Koninklijk Besluit stelt voor beide klassen vluchtuitvoeringen een aantal voorwaarden voorop. Specifiek inzake klasse 1 dient de exploitant voor het begin van elke vlucht een risico-analyse uit te voeren van de geplande luchtuitvoering en de veiligheid van personen en goederen op de grond. Indien de vluchtuitvoering een verhoogd risico inhoudt voor de luchtvaartveiligheid en/of de veiligheid van personen en goederen op de grond (en dus een klasse 1a betreft), onder meer wanneer ze plaatsvindt boven of in de nabijheid van een verzameling van personen of het overvliegen van personen tot gevolg heeft, dient een toelating aangevraagd te worden aan het Directoraat-generaal Luchtvaart van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer (DGLV). Indien de vluchtuitvoering een matig risico inhoudt (en dus een klasse 1b betreft), is een voorafgaande verklaring aan DGLV vereist.

Vluchten boven het grondgebied van stad Antwerpen zullen in de praktijk bijna altijd een verhoogd risico met zich meebrengen, vermits in een grootstedelijk gebied steeds een groot aantal mensen aanwezig zijn en dit bijgevolg bijna altijd het overvliegen van personen tot gevolg heeft. Voor deze gevallen zal dus vermoedelijk telkens een toelating gevraagd moeten worden aan DGLV.

De stad is echter niet op de hoogte van de informatie omtrent de voorafgaande verklaringen of toelatingen die aan DGLV meegedeeld of gevraagd worden. De stad wordt evenmin betrokken in de procedure tot toelating en kan derhalve geen bijkomend advies of inlichtingen verschaffen omtrent eventueel geplande evenementen of bijeenkomsten. Elke vorm van automatische informatie-uitwisseling omtrent de vluchten die gepland zijn boven het grondgebied van de stad Antwerpen ontbreekt momenteel.  

Niettemin behoort het tot de verplichtingen van de burgemeester om de openbare veiligheid te waarborgen. Om hieraan te kunnen voldoen is het noodzakelijk om kennis te hebben van de vluchten die boven de stad zullen worden uitgevoerd. Vluchten boven of in de nabijheid van een verzameling van personen houden immers veiligheidsrisico’s in. Deze veiligheidsrisico’s verhogen aanzienlijk naarmate de hoeveelheid personen groter wordt. De stad is dienaangaande het best geplaatst om de samenkomst van groepen personen in te schatten, temeer daar de kennis van bepaalde groeperingen of evenementen vaak uitsluitend bij het eigen bestuur ligt en occasioneel plaats vinden. DGLV zal bij het afleveren van een toelating voor klasse 1a de evenementen, markten of andere bijeenkomst binnen een bepaald gebied slechts in rekening brengen indien zij hiervan op de hoogte zijn. Bij gebreke aan wettelijk voorziene uitwisseling van informatie kan zij echter onmogelijk op de hoogte zijn van de bijeenkomsten, zoals markten, evenementen, sportactiviteiten, manifestaties, e.a., die binnen elk gebied plaatsvinden. Het gebruik van drones houdt verder een gevaar in voor het adequate optreden van controle- en/of hulpdiensten. DGLV zal wellicht niet op de hoogte zijn van bijvoorbeeld tussenkomsten van orde-en hulpdiensten bij manifestaties, incidenten, rampen, e.a. die plaatsvinden binnen de stad. Het gebruik van een drone houdt het gevaar in dat de uitvoerder kennis zal vergaren omtrent de positionering van de orde- en hulpdiensten en de veiligheidsmaatregelen die dienaangaande getroffen worden. Het misbruik van deze informatie kan het optreden van de orde- en hulpdiensten dwarsbomen zodat de openbare veiligheid ernstig in het gedrang komt. Bovendien dient rekening gehouden te worden met de specifieke veiligheidsrisico’s die zich stellen ingevolge de nabijheid van de luchthaven te Deurne en de haven. In het havengebied is een specifieke regeling voorzien in de havenpolitieverordening.

Op het ogenblik dat een drone een gevaar vormt of kan vormen voor de openbare veiligheid, is het noodzakelijk dat de burgemeester beschikt over de informatie om de veiligheid te vrijwaren. Informatie over de vluchten die boven het grondgebied zullen plaatsvinden is onontbeerlijk om aan deze verplichting te voldoen. De burgemeester dient te allen tijde op de hoogte te zijn van de vluchten die boven het grondgebied zullen worden uitgevoerd. Een gebrek aan informatie hieromtrent verhindert noodzakelijke veiligheidsmaatregelen. Het is dan ook noodzakelijk dat alle niet-recreatieve vluchten vooraf gemeld worden aan de burgemeester, die voorwaarden aan geplande vlucht kan koppelen of deze kan verbieden.

6. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: evenmenten (Ondernemen en Stadsmarketing).

De benaming Opsinjoren werd aangepast naar Stadsmakers.

7. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: evenmenten. Redactionele aanpassing.

Betreft enkele een redactionele aanpassing: §5 wordt §4.

8. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: ambulante handel. Redactionele aanpassing.

Betreft enkel een redactionele aanpassing: ... en schepenen, wordt toegevoegd.

9. Openbare veiligheid en vlotte doorgang:  Privatieve ingebruikneming van de openbare ruimte (Samen Leven, Stadsontwikkeling, Ecohuis)

De stad wil zoveel mogelijk vergroenen. Omdat niet iedereen de tegels van de stoep tegen zijn gevel verwijderen (omwille van fysieke of bouwtechnische redenen) en dus een geveltuin kan aanleggen, is het noodzakelijk om ook beplantingen in recipiënten tegen de gevel toe te laten, binnen dezelfde strook als de geveltuin. Op deze manier kan een groter aantal inwoners hun gevel vergroenen en zo een bijdrage leveren aan een groenere stad met minder fijn stof, meer mogelijkheid tot waterinfiltratie. Ook het plaatsen van een zitgelegenheid voor de gevel en binnen dezelfde ruimte dient toegelaten te worden om de sociale cohesie in de buurt te vergroten. Door het vergroten van het gemeenschapsgevoel neemt ook het gevoel van veiligheid en welbehagen toe in de buurt.

Verder is vastgesteld dat vele planten en zitbanken niet passen binnen de huidig toegelaten strook van dertig centimeter. Daarom dient de toegelaten omvang van de strook uitgebreid te worden tot een strook van zestig centimeter, opdat afdoende ruimte gecreëerd wordt om de planten en zitbanken te kunnen plaatsen. Ook deze verbreding van de toegelaten oppervlakte draagt bij aan meer groen, meer waterinfiltratie en minder fijn stof. De vrije doorgang blijft hierbij ongewijzigd. Een bredere geveltuin kan immers enkel waar de stoep voldoende breed is.

Sinds 2014 mogen handelaars objecten op de stoep voor hun gevel plaatsen. Derhalve is het aangewezen dat ook particulieren voorwerpen voor en tegen hun gevel plaatsen met het oog op een verfraaiing van de stad en vergroting van de sociale cohesie.

10. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: privatieve ingebruikneming van de openbare ruimte. Werken met beperkte impact (Stadsontwikkeling).

Het is nodig om de verantwoordelijkheid van de aanvrager voor de plaats van de verkeersborden E1 en E3 te verduidelijken. Hij staat in voor de correcte plaatsing van de borden volgens de grafische aanduiding in de toelating.

11. Openbare veiligheid en vlotte doorgang: Fietsen en bromfietsen (Buurtregie, Lokale Politie Antwerpen).

Het Koninklijk Besluit van 21 juli 2016 tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg en van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs wijzigde onder andere de definities van rijwielen en bromfietsen.

De verwijdering en bewaring van fietsen en bromfietsen kent een afzonderlijke regeling. De stadsdiensten zijn verantwoordelijk voor de verwijdering en bewaring van fietsen, terwijl de politiediensten dit doen voor bromfietsen. Beide procedures kennen enkele afwijkende bepalingen. Het is daarom noodzakelijk om te voorzien in een onderscheiden regeling voor fietsen en bromfietsen en deze begrippen ook afzonderlijk te definiëren.

Bijkomend wordt voorzien in een regeling omtrent het verwijderen bij evenementen en openbare werken. Hiermee wordt een eerder bestaande lacune ingevuld. De regeling voor het ontruimen van fietsenbergplaatsen was enkel van toepassing in de zones met extra fietsenbergplaatsen.

Tot slot wordt de zone met extra fietsenbergplaatsen in de omgeving van het station Antwerpen-Centraal uitgebreid met de Pelikaanstraat, de Vestingstraat, de Rijfstraat, de Hoveniersstraat en de Schupstraat, gelet op de komst van extra fietsenbergplaatsen die voorzien zijn voor einde mei 2017.

12. Inrichtingen toegankelijk voor publiek: Brandveiligheid (Ondernemen en stadsmarketing, Samen Leven).

De bepalingen rond brandveiligheid zoals voorzien in titel 5, hoofdstuk 1 van de code van politiereglementen gelden niet voor tijdelijke inrichtingen zoals tenten en kermisinrichtingen. Het is noodzakelijk om deze bepaling te concretiseren in de zin dat enkel de tijdelijke inrichtingen zoals bedoeld in de richtlijnen van december 1967 voor tijdelijke inrichtingen onder deze uitzonderingen vallen. Tijdelijke inrichtingen zoals pop-up’s die voor meerdere maanden een publiek toegankelijke inrichting (bv. handelszaak of horecazaak) openen in een pand of op het openbaar domein dienen uiteraard wel te voldoen aan de brandveiligheidsvoorwaarden.

13. Specifieke regelgevingen. Dieren. Honden (Samen Leven).

Het laten blaffen van honden tijdens de nacht kan al gekwalificeerd worden als gemengde inbreuk van nachtlawaai zoals voorzien in artikel 711, §1 van de code van politiereglementen. Deze inbreuk nogmaals beschrijven in artikel 503 is overbodig en verwarrend. Het woord nachtrust wordt daarom vervangen door het woord rust.

14. Specifieke regelgevingen: Dieren. Roofvogels en uilen (Recherche Leefmilieu).

Het houden van opvoeringen met roofvogels en uilen kent een enorme groei. Het ongeziene succes en de groei van het verhandelen van roofvogels is te verklaren ingevolge vertoningen van films als Harry Potter en aanverwanten, evenals de talrijke roofvogelshows waarin valkeniers, woestijnbuizerds, gieren, adelaars, havikken, valken, oehoes en andere grote roofvogels gepresenteerd worden aan het publiek. Dergelijke roofvogelshows worden via online reclame zelfs gepromoot voor onder andere tuinfeesten, buurtfeesten, schoolactiviteiten, huwelijken, …

Deze opvoeringen houden echter gevaren in. Roofvogels en uilen zijn immers wilde dieren. De opvoeringen bestaan erin dat het dier hongerig gehouden wordt om kunstjes uit te voeren tegen beloning. Het gedrag van een roofvogel is echter onvoorspelbaar. Zeker wanneer de houder ervan het dier onvoldoende onder controle heeft.

De regelgeving omtrent het houden en opvoeren van roofvogels is uitermate beperkt.  Een officiële registratie van roofvogelhouders ontbreekt. Huidige registers catalogeren enkel beschermde soorten (CITES en soortenbesluit), zodat aantallen bij hobbyisten niet consequent worden opgevolgd.

15. Specifieke regelgeving: sluitingsuur voor bepaalde publiek toegankelijke inrichtingen (Samen Leven).

Indien een toelating tot afwijking van het sluitingsuur geweigerd  of ingetrokken wordt, kan ten vroegste een jaar na de datum van de weigerings- of intrekkingsbeslissing een nieuwe aanvraag ingediend worden. Om onduidelijkheden omtrent de nieuwe aanvraag te vermijden en de rechtsonderhorige meer rechtszekerheid te bieden, dient gestipuleerd te worden dat de nieuwe aanvraag betrekking heeft op dezelfde uitbater/uitbaatster voor dezelfde plaats. Indien toch een aanvraag ingediend wordt binnen de periode van een jaar volgend op de weigerings- of intrekkingsbeslissing, is deze aanvraag onontvankelijk. Dit wordt nu ook uitdrukkelijk ingeschreven. 

Verder dienen de gronden van verval van rechtswege van de toelating om af te wijken van het sluitingsuur geactualiseerd te worden. Het verval van rechtswege in geval van een gerechtelijk beroepsverbod wordt ingevoerd. De omschrijving van de overige gronden van verval worden geuniformiseerd met gelijkaardige reglementen zoals het uitbatingsreglement en het reglement op de massagesalons.

16. Specifieke regelgevingen – Begraafplaatsen  (Ondernemen en Stadsmarketing, Samen Leven).

Ingevolge de aanpassing van de verboden zones voor ambulante handel dient het verbod tot ‘leuren’ geherformuleerd te worden naar een verbod om ‘ambulante activiteiten uit te oefenen, zoals is bepaald in artikel 184’.

17. Strafbepalingen: toezicht (Samen Leven).

Sommige uitbaters van drankgelegenheden of andere publiek toegankelijke inrichtingen weigeren een drankvergunning of enige andere vergunning of toelating te tonen op verzoek van de toezichthoudende instantie zoals stadsdiensten of politie, omdat bepaalde regelgeving deze verplichting niet expliciet vermeldt. Het komt gepast voor een algemene verplichting tot het voorleggen van door de stad of één van haar organen verstrekte vergunningen en/of toelatingen op verzoek van de bevoegde personen in te schrijven in de code van politiereglementen. De stad volgt hierbij het voorbeeld van andere steden (bijvoorbeeld Leuven, Gent, Dilbeek).

18. Bijlagen - Sorteerstraat-zones (Stadsbeheer).

Voor de afbakening van de zones voor verplicht gebruik van ondergrondse sorteerstraten werden twee straatdelen die sedert 1 januari 2017 verplicht gebruik maken nog niet vernoemd. De naam van deze sorteerstraat-zone dient dan ook uitgebreid te worden tot ‘Sorteerstraat-zone Woonhaven Jan De Voslei, Silvertop en Tentoonstelling’.

Tevens werden nieuwe kaarten toegevoegd voor de sorteerstraat-zones wijk Linkeroever.

19. Bijlagen - doop-en feestcharter studenten (Samen Leven, Gate 15).

Ingevolge de heraanleg van de Scheldekaaien zal voor de doopperiode oktober 2017 nog slechts één van de vier voorziene doopsites, met name de cruiseterminal, beschikbaar zijn als locatie om een studentendoop te organiseren. Bovendien kan thans onvoldoende ingeschat worden of de locaties die voorzien worden in de code van politiereglementen na de heraanleg van de Scheldekaaien nog een geschikte plaats zullen zijn om een studentendoop te organiseren.

Bovendien is het ook steeds mogelijk dat een dooplocatie op het laatste ogenblik niet meer ter beschikking staat voor de doopactiviteit en deze moet wijken voor een prioritaire tijdelijke bestemming, zoals een filmopname die in het verleden reeds voorrang kreeg op een studentendoop.

Om te vermijden dat de dooplocaties jaarlijks geëvalueerd en mogelijks gewijzigd moeten worden of aan de studenten niet tijdig een alternatief geboden kan worden, wordt ervoor geopteerd dat het college van burgemeester en schepenen de doopsites jaarlijks bepaalt. Ook de drilplaatsen zullen jaarlijks aangewezen worden door het college van burgemeester en schepenen.

De locaties in district Wilrijk waar activiteiten kunnen plaatsvinden werden tevens beperkt tot het grasveld tegenover Fort VI-straat nr 276, naast het standbeeld. Deze beperking is aangewezen omdat het gehele gebied van Fort VI zeer ruim is en enkele onveilige plaatsen omvat. In de praktijk worden activiteiten voornamelijk georganiseerd op het grasveld, zodat het aangewezen is dit als dusdanig te verankeren.

Juridische grond

Artikel 135 §2 Nieuwe Gemeentewet

  1. de gemeenten hebben ook tot taak het voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen;
  2. meer bepaald en voor zover de aangelegenheid niet buiten de bevoegdheid van de gemeenten is gehouden, worden de volgende zaken van politie aan de waakzaamheid en het gezag van de gemeenten toevertrouwd:
       1) alles wat verband houdt met een veilig en vlot verkeer op openbare wegen, straten, kaden en pleinen, hetgeen omvat de reiniging, de verlichting, de opruiming van hindernissen, het slopen of herstellen van bouwvallige gebouwen, het verbod om aan ramen of andere delen van gebouwen enig voorwerp te plaatsen dat door zijn val schade kan berokkenen, of om wat dan ook te werpen dat voorbijgangers verwondingen of schade kan toebrengen of dat schadelijke uitwasemingen kan veroorzaken; voor zover de politie over het wegverkeer betrekking heeft op blijvende of periodieke toestanden, valt zij niet onder de toepassing van dit artikel;
       2) het tegengaan van inbreuken op de openbare rust, zoals vechtpartijen en twisten met volksoploop op straat, tumult verwekt in plaatsen van openbare vergadering, nachtgerucht en nachtelijke samenscholingen die de rust van de inwoners verstoren;
       3) het handhaven van de orde op plaatsen waar veel mensen samenkomen, zoals op jaarmarkten en markten, bij openbare vermakelijkheden en plechtigheden, vertoningen en spelen, in drankgelegenheden, kerken en openbare plaatsen;
       4) het toezicht op een juiste toemeting bij het slijten van waren (waarvoor meeteenheden of meetwerktuigen gebruikt worden) en op de hygiëne van openbaar te koop gestelde eetwaren;
       5) het nemen van passende maatregelen om rampen en plagen, zoals brand, epidemieën en epizoötieën te voorkomen en het verstrekken van de nodige hulp om ze te doen ophouden;
       6) het nemen van de nodige maatregelen, inclusief politieverordeningen, voor het tegengaan van alle vormen van openbare overlast.

Adviezen

jeugdraad Geen advies ontvangen

Beleidsdoelstellingen

2 - Veilige stad
1SVG06 - De zonale veiligheidspartners maken maximaal gebruik van hun bevoegdheden om, samen met andere partners, de openbare orde te waarborgen en overlast te voorkomen, te verminderen of te bestrijden
2 - Veilige stad
1SHO02 - De zonale veiligheidspartners maken maximaal gebruik van hun bevoegdheden om, samen met andere partners, de openbare orde te waarborgen en overlast te voorkomen, verminderen of bestrijden

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad beslist de wijzigingen aan de code van politiereglementen goed te keuren.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.