Voor de realisatie van de wijkactieplannen zijn middelen voorzien in het stedelijk meerjarenbudget 2014-2019.
Exploitatiebudget
Voor het exploitatiebudget is voor 2017 een bedrag voorzien van 420.858,00 euro op budgetadres 1SHM080105PA1974-5131500000-6141. Mits goedkeuring van de budgetwijziging 2017 door college, gemeenteraad en hogere overheid.
Voor de financiering van de concrete acties per wijk kan het exploitatiebudget via IKA_Light naar de correcte budgetposities verschoven worden.
Indien het wijkactieplan voorziet in exploitatietoelages aan verengingen of organisaties, zal de nominatieve toewijzing ervan ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd worden.
Investeringsbudget
Voor het investeringsbudget is voor 2017 een bedrag voorzien van 90.000,00 euro op budgetadres 1SHM080105PA1974-5131500000-225 en een bedrag van 80.000,00 euro op budgetadres 1SHM080105PA1974-5131500000-664800. Mits goedkeuring van de budgetwijziging 2017 door college, gemeenteraad en hogere overheid.
De nominatieve toewijzing van de investeringstoelagen worden ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd.
Er wordt geen extra personeelsbudget voorzien voor het project Wijkwerking op maat.
Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.
Naarmate de wijkactieplannen gerealiseerd worden, zullen de financiële gevolgen in aparte besluiten aan het college voorgelegd worden.
Op 22 april 2016 (jaarnummer 3558) keurde het college het project Wijkwerking op maat goed, een wijkgerichte en integrale aanpak in geselecteerde pilootwijken.
Op 17 juni 2016 (jaarnummer 5475) selecteerde het college op basis van een stadsbrede wijkanalyse drie pilootwijken voor het project Wijkwerking op maat: Kiel, Deurne-Noord en Oosterveld-Elsdonk.
Op 7 september 2016 (jaarnummer 490) nam het managementteam kennis van de aanwerving van de drie wijkmanagers. Sinds het najaar van 2016 coördineren drie wijkmanagers de geïntegreerde aanpak in de pilootwijken. In de wijk Kiel is er een gedeelde netwerkregie met Antwerp Children’s Zone.
Op 2 december 2016 (jaarnummer 10262) nam het college kennis van de startplannen voor de drie pilootwijken. In deze startplannen worden doelstellingen en (actie)voorstellen geformuleerd onder een vijftal wijkthema’s:
Op 17 februari 2017 (jaarnummer 980) keurde het college de doelstellingen goed van Wijkwerking op maat voor de drie pilootwijken, in het kader van de budgetwijziging 2017. Drie actieplannen zijn ondergebracht in de beleidsdoelstelling 1SHM08.
De startplannen zijn in de voorbije periode geconcretiseerd tot volwaardige wijkplannen voor de drie wijken en dit in nauwe samenwerking met de betrokken stedelijke- en niet stedelijke partners. In de pilootwijk Kiel zijn initiatieven rond het thema Jong in de wijk maximaal afgestemd met Antwerp Children’s Zone.
De wijkplannen bevatten per thema doelstellingen, geplande acties en initiatieven, beoogde realisaties en effecten, afspraken over coördinatie en samenwerking, timing en budgetten. De acties uit de wijkplannen bouwen voort op de resultaten van de wijkanalyse en een uitgewerkte projectstrategie. De wijkplannen hebben betrekking op de uitvoering in het jaar 2017.
Van wijkanalyse naar wijkplan
Analyse, strategie, uitvoering en evaluatie zijn nauw verbonden in de wijkaanpak(ken) van Wijkwerking op maat:
In de wijkplannen zijn de doelstellingen, acties en initiatieven per wijk geclusterd onder de vijf wijkthema’s. Vanwege de omvang van de wijkplannen en gerelateerde materialen (analyse, strategie, mandaten wijkmanagers), is een drietal bijlagen opgenomen bij dit besluit:
Van wijkplan naar wijkaanpak
Profiel wijkmanager
De aanpak in de drie wijken wordt gecoördineerd door de drie wijkmanagers. Deze werken vanuit volgende mandaatopdracht:
Als wijkmanager ben je de initiator, dirigent en verbinder in de wijk. Je initieert nieuwe acties, je dirigeert verschillende samenwerkingen tussen de betrokken partners en zorgt voor draagvlak binnen de wijk. Als programmaleider sta je garant voor de realisatie van de doelstellingen van Wijkwerking op maat tegen 31 december 2018. Als programmaleider geef je deze doelstellingen inhoudelijk vorm. De wijkmanagers hebben volgende hoofdopdrachten (het volledige profiel is opgenomen in bijlage 3):
Communicatie
Communicatie is belangrijk voor het realiseren van de wijkaanpak en het informeren en betrekken van diverse stakeholders. Lokale campagnes in de drie wijken en stadsbrede communicatie worden ontwikkeld vanuit volgende strategische uitgangspunten en overwegingen:
Wijkwerking op maat is een methodiek die door het stadsbestuur wordt ontwikkeld om op wijkniveau en op een aantal domeinen positieve veranderingen te brengen. De ontwikkelde expertise bij de huidige pilootwijken zal mogelijks ingezet worden bij de uitbreiding van het project naar andere wijken. Wijkwerking op maat dient dus zowel op vlak van communicatie als inhoudelijk één geheel te worden. De baseline Wijkwerking op maat wordt gevoerd met de naam van de pilootwijk erbij. Dit versterkt de herkenbaarheid van de geïntegreerde aanpak in de pilootwijk, zonder afbreuk te doen aan de bestaande communicatie over acties en initiatieven in de wijk. Deze uitgangspunten worden vertaald in operationele afspraken op vlak van communicatie.
Op korte termijn worden communicatieplannen opgemaakt voor de drie pilootwijken en stadsbrede communicatie door de bedrijfseenheid Ondernemen en Stadsmarketing, de wijkmanagers en de communicatieverantwoordelijken van de bedrijfseenheden Samen Leven en Districts- en Loketwerking. Het communicatieplan voor Oosterveld-Elsdonk is gereed tegen het tweede kwartaal van 2017 (onder voorbehoud). De communicatieplannen voor Deurne-Noord en Kiel en de stadsbrede communicatie zijn gereed tegen het derde kwartaal van 2017.
Evaluatie en monitoring
Wijkwerking op maat wil zoveel mogelijk evidence based te werk gaan. Dit is ook relevant in verband met bredere toepassingen van de ontwikkelde aanpak(ken) voor wijkgericht werken (bijvoorbeeld in andere wijken en/of gelinkt aan andere stadsbrede verbeteringen en vernieuwingen in gebieden). Een meetbaarheidsplan wordt opgemaakt voor het meten van de effecten van de aanpak in drie wijken op fenomenen op wijkniveau. Het opstellen van een meetbaarheidsplan voor de effectmeting van de werkwijze van Wijkwerking op maat op afstemming- en samenwerking met diverse stakeholders, wordt onderzocht.
Effectmeting wijkfenomenen: dit plan onderzoekt de effecten van de aanpak in drie wijken op fenomenen op wijkniveau (bijvoorbeeld: in hoeverre zorgen acties uit het wijkplan voor een verandering in de indicatoren op domein x, y, enzovoort). Metingen gebeuren op vastgestelde momenten. Daar waar mogelijk zal gezocht worden naar bijkomende gegevens en metingen om effect en impact meting mogelijk te maken. Daarbij wordt realistisch uitgegaan van het gegeven dat voor bepaalde acties en ingrepen het niet zomaar mogelijk is om een zuiver effect of impact meting te kunnen isoleren. Daarbij dient de kostprijs die nodig is om fijner te meten blijvend in verhouding te staan tot het globale budget en scope van elke actie.
Naast een nul-meting met het opzet om vooruitgang te meten wordt in dit plan ook bekeken in welke mate daarbij ook gelijkaardige wijken als controle kunnen worden opgenomen. Dit om de problematiek van spill-over effect van verschillende acties die tegelijkertijd plaats vinden enigszins te kunnen oplossen. Bij voorkeur wordt gewerkt met hergebruik van bestaande gegevens en monitoren (bijvoorbeeld Antwerpse monitor). Het opzetten van nieuwe meetmethoden en metingen en veldwerk zal steeds bekeken worden in het licht van een goede verhouding tot het globale budget en scope van elke actie.
Dit meetbaarheidsplan wordt op korte termijn opgemaakt door de studiedienst stadsobservatie (bedrijfseenheid Strategische Coördinatie) in samenwerking met de stafdienst van de bedrijfseenheid Samen Leven en de drie wijkmanagers. De wijkplannen voor de drie pilootwijken dienen als basis voor deze oefening. Op basis van het meetbaarheidsplan en te maken afspraken rond de uitvoering, worden nul-metingen verricht voor de drie pilootwijken. Afspraken rond effectmetingen in de wijk Kiel worden maximaal afgestemd met Antwerp Children’s Zone, waarvoor tevens effectmetingen in ontwikkeling zijn (collegebesluit 25 november 2016).
Effectmeting werkwijze: Wijkwerking op maat werkt met een vernieuwende methodiek om integrale samenwerking op wijkniveau te realiseren, met zowel stedelijke- als niet stedelijke partners. ‘Lessen uit de wijkaanpak’ (wat werkt goed, wat minder, opportuniteiten en risico's) zijn zowel relevant voor het (bij)sturen van de aanpak in de pilootwijken, als ook voor andere toepassingen van geïntegreerde (wijk)samenwerking vanuit de stad. Zodoende is het zinvol de effecten van de werkwijze te onderzoeken, zoals ervaren door de betrokken stakeholders en doelgroepen in de wijken en het bredere netwerk van diensten/organisaties (bijvoorbeeld stad, districten, convenantpartners, enzovoort). Een vergelijkbare evaluatie van de Talentenhuizen, verricht door een externe partij, liet onder meer zien dat successen door de diverse betrokken partners verschillend werden beoordeeld, onder meer met betrekking tot output, outcome en impact van het project.
De mogelijkheden voor de opmaak van dit plan worden onderzocht. Dit gebeurt door de stafdienst van de bedrijfseenheid Samen Leven. Deze zal verder advies inwinnen bij- en verdere afspraken maken met de bedrijfseenheid Strategische Coördinatie (beleids- & beheerscyclus en de studiedienst).
Horizontale samenwerking stad/wijken
Een wijkaanpak realiseren gebeurt nooit in een vacuüm: wijk en (stads)organisatie zijn immers continu in beweging. Andere huidige- en geplande gebiedsgerichte initiatieven en transities vanuit de stad en in wijken kunnen relevant zijn voor Wijkwerking op maat en vice versa. Wijkwerking op maat legt proactief contact met initiatieven om (vroegtijdig) de linken, meerwaarde en opportuniteiten voor afstemming en samenwerking te onderzoeken. Wijkwerking op maat stelt kennis rond wijkgericht werken breed beschikbaar, zodat inzichten en lessen maximaal worden benut en dubbel werk wordt voorkomen. Wijkwerking op maat volgt stadsbrede evoluties op en positioneert zich als strategische partner om mee te denken over huidige en toekomstige antwoorden en oplossingen van de stad in gebieden/wijken (projecten, samenwerkingen, modellen, enzovoort): geïntegreerd, resultaatgericht en duurzaam.
Centrale opvolging
Wijkwerking op maat krijgt niet enkel vorm in- of vanuit de pilootwijken. Naast de overkoepelende coördinatie van het project en aansturing van de wijkmanagers door de projectleider, is er een intensieve opvolging en ondersteuning op centraal niveau door de stafdienst van de bedrijfseenheid Samen Leven, onder andere inzake:
Artikel 2
De districtsraad geeft gunstig advies op het startplan voor de pilootwijk Kiel van het project Wijkwerking op maat, op voorwaarde dat:
- het district Antwerpen intensief betrokken wordt, gezien veel elementen districtsbevoegdheid zijn.
Hiermee wordt rekening gehouden in het wijkplan en bij de verdere concretisering van initiatieven in de pilootwijk Kiel.
Artikel 2
De districtsraad geeft gunstig advies over het startplan voor de pilootwijk Oosterveld-Elsdonk van het project Wijkwerking op maat met volgende opmerkingen:
- mits er bij budgetwijzing 2017 en budgetopmaak 2018 voldoende middelen ter beschikking worden gesteld in de stadsbegroting om de beoogde doelstellingen te verwezenlijken;
- om op korte termijn resultaten te kunnen boeken en acties van de stad, het district en haar partners zichtbaar te kunnen maken, is het noodzakelijk dat de wijkmanager snel moet kunnen handelen. Bevoegde diensten/partners moeten kunnen worden aangezet tot tijdige, specifieke acties in de wijk op basis van een wijkplan opgesteld door de wijkmanager. Mogelijke knelpunten bij de uitvoering van het wijkplan moeten worden aangekaart door de wijkmanager en worden aangepakt. De wijkmanager moet kunnen beschikken over een “eigen” werkbudget om acties te ondersteunen die bijdragen aan de leef- en woonomstandigheden in de wijk.
Hiermee wordt rekening gehouden in het wijkplan en bij de verdere concretisering van initiatieven in de pilootwijk Oosterveld-Elsdonk.
Artikel 2
De districtsraad geeft gunstig advies over het startplan voor de pilootwijk Deurne-Noord van het project Wijkwerking op maat met volgende opmerkingen:
- de districtsraad vraagt dat de uitbaters van het Sportpaleis (meer) betrokken worden bij de uitwerking van het project Wijkwerking op maat in Deurne-Noord;
- de districtsraad vraagt om de ruimtelijke ordening in Deurne-Noord in het kader van het project Wijkwerking op maat aan te pakken met aandacht voor extra groen en een park;
- de districtsraad vraagt extra aandacht om de continuïteit van het project te verzekeren naar de volgende legislatuur;
- de districtsraad vraagt om de bewonersparticipatie te verhogen bij de verdere uitwerking van het project Wijkwerking op maat;
- de districtsraad vraagt extra aandacht voor de mobiliteit bij de verdere uitwerking van het startplan Wijkwerking op maat;
- de districtsraad vraagt extra aandacht voor de verbetering van de woonkwaliteit;
- de districtsraad vraagt dat er zeker een fundamentele aanpak voor Deurne Noord wordt uitgewerkt.
Hiermee wordt rekening gehouden in het wijkplan en bij de verdere concretisering van initiatieven in de pilootwijk Deurne-Noord.
Het college keurt de wijkplannen 2017 goed voor drie pilootwijken:
Het college keurt de mandaatopdracht van de wijkmanagers goed.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Taak |
|
OS |
Opmaak communicatieplannen voor de drie pilootwijken en stadsbrede communicatie:
|
|
SSO |
Opmaak meetbaarheidsplan ‘effectmeting wijkfenomenen’ voor de drie pilootwijken door de studiedienst. Dit gebeurt in samenwerking met de stafdienst van de bedrijfseenheid Samen Leven en de drie wijkmanagers. Afspraken rond effectmetingen in de wijk Kiel worden maximaal afgestemd met Antwerp Children’s Zone. Op basis van het meetbaarheidsplan en te maken afspraken rond de uitvoering, worden nul-metingen verricht in de drie pilootwijken. |
|
SL-Staf |
Onderzoek opmaak meetbaarheidsplan ‘effectmeting werkwijze’ door de stafdienst van de bedrijfseenheid Samen Leven. Advies wordt ingewonnen bij- en verdere afspraken gemaakt met de bedrijfseenheid Strategische Coördinatie. |