Terug

2017_CBS_04796 - Onderwijsbeleid. Onderwijsmonitor - Opvolging van indicatoren met relatie tot ongekwalificeerde uitstroom schooljaar 2015-2016 - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
wo 24/05/2017 - 09:30 digitaal
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Ludo Van Campenhout, schepen; Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_04796 - Onderwijsbeleid. Onderwijsmonitor - Opvolging van indicatoren met relatie tot ongekwalificeerde uitstroom schooljaar 2015-2016 - Kennisneming 2017_CBS_04796 - Onderwijsbeleid. Onderwijsmonitor - Opvolging van indicatoren met relatie tot ongekwalificeerde uitstroom schooljaar 2015-2016 - Kennisneming

Motivering

Gekoppelde besluiten

Argumentatie

Dit rapport schetst de evolutie van de ongekwalificeerde uitstroom in Antwerpen en vergelijkt deze met de Vlaamse cijfers (de laatst beschikbare cijfers dateren van schooljaar 2014-2015). Alle acties van Onderwijsbeleid zijn er in eerste instantie op gericht om het aantal leerlingen te reduceren dat zonder diploma het secundair onderwijs verlaat. De kansen van deze jongeren op de arbeidsmarkt en hun toekomstkansen zijn immers sterk gecompromitteerd. 

Aanleiding en context

Dit rapport is het logische vervolg op wat voorheen bekend was als het spijbelrapport.  Het integreert en verdiept een aantal extra indicatoren die bepalend zijn voor het welslagen van de onderwijsloopbaan van onze leerlingen. Spijbelgedrag is immers slechts één van de signalen als risico tot vroegtijdig schoolverlaten en waarop Antwerpse scholen in samenwerking met hun partners een antwoord proberen te geven.

Reeds in het begin van de onderwijsloopbaan van jongeren zijn er signalen. Kleuters die niet of  onregelmatig aan het kleuteronderwijs participeren, starten hun leerloopbaan al met een achterstand. Kleuters zijn voor de leeftijd van zes jaar niet leerplichtig, maar een structurele participatie in het kleuteronderwijs geeft kinderen reeds vanaf het begin de grootste troeven mee. Op een speelse manier zorgen kleuterjuffen- en meesters ervoor dat kinderen een sterke basis hebben om het leerplichtonderwijs aan te vatten. Kleuters die door omstandigheden niet deelnemen aan het kleuteronderwijs, starten reeds met een zekere achterstand in het lager onderwijs.

Ook zittenblijven en schoolse vertraging hebben een grote impact op de verdere leerloopbaan van kinderen en jongeren, zelfs wanneer de schoolse vertraging vroeg in de onderwijsloopbaan opgelopen wordt. In de derde kleuterklas of het eerste en tweede leerjaar worden kinderen soms tegengehouden omdat ze nog niet schoolrijp zijn of omdat ze zich onvoldoende basisvaardigheden hebben eigen gemaakt om het volgende jaar aan te vatten. Later in de leerloopbaan kan deze vertraging meer ernstige gevolgen hebben, en leiden tot een laag schools welbevinden, schoolmoeheid, spijbelgedrag en/of grensoverschrijdend gedrag. Aangezien voorkomen beter is dan genezen, is het cruciaal zoveel mogelijk preventief in te zetten op een kwaliteitsvolle leerloopbaan voor alle jongeren.

Antwerpen staat model voor een preventieve, geïntegreerde en integrale aanpak met een indrukwekkend netwerk van lokale partners in samenwerking met de Vlaamse en de federale overheid. De thema’s die het succes of falen van de leerloopbanen van kinderen en jongeren bepalen, zijn dan ook erg complex en onderling verweven. Kansarmoede is bijvoorbeeld een thema met een grote impact vanaf de start. Uit onderzoek blijkt immers dat jongeren met een lagere socio-economische status (of anders gezegd indicator-leerlingen) minder participeren aan het kleuteronderwijs, meer risico hebben om achterop te raken en schoolse vertraging op te lopen, verstrikt te raken in het watervalsysteem, uiteindelijk vaker probleemgedrag vertonen op school en zelfs vroegtijdig de schoolbanken verlaten.

Onderwijsbeleid Antwerpen slaat de brug met andere stadsdiensten, coördineert de aanpak en voert de regie over een aantal projecten, zoveel mogelijk gericht op preventie, maar daar waar nodig ook op de opvolging en remediëring van risicojongeren. We zien immers dat in dossiers, waar het bij bepaalde jongeren stevig misloopt in hun onderwijsloopbaan, spijbelgedrag of ander grensoverschrijdend gedrag bijna altijd voorkwam. Samen met partners uit onderwijs, de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB), welzijn, politie en justitie zet de stad dan ook sterk in op de vroege detectie en opvolging van spijbelaars en jongeren met een problematische schoolloopbaan. De begeleiding en ondersteuning op het niveau van de school, de jongere en de ouders kan enkel vruchten afwerpen mits er duidelijke afspraken worden gemaakt en mits een goede coördinatie.

In deze jaarlijkse Onderwijsmonitor maakt Onderwijsbeleid in samenwerking met de Studiedienst Stadsobservatie een analyse van enkele cruciale leerloopbaan-indicatoren voor Antwerpen. Waar mogelijk wordt ook een benchmark met Vlaanderen meegeven. Het merendeel van de cijfers in dit rapport betreffen het schooljaar 2015-2016.

Beleidsdoelstellingen

4 - Lerende en werkende stad
1SLW02 - Alle scholen werken samen met de stad opdat kinderen, tieners en jongeren de kans krijgen en grijpen om competenties te ontwikkelen en kwalificaties te behalen die leiden tot brede persoonsvorming en toegang tot hoger onderwijs en/of de arbeidsmarkt

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de Antwerpse onderwijsmonitor schooljaar 2015-2016.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.