Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht (artikel 5.1.3 §§1 en 2, en artikel 7.6.2. §1, 5de en 6de lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Op datum van 19 oktober 2016 vraagt Pieter Ooms, Rode Dreef 20, 2110 Wijnegem, om het pand, gelegen Merksemsestraat 47 district Antwerpen, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning. Hierbij worden de volgende documenten ter staving toegevoegd:
1. Bestaande juridische toestand
Het pand, Merksemsestraat 47 district Antwerpen, is kadastraal gekend als 'HUIS' met drie woongelegenheden en kadastrale ligging 7de afdeling, sectie G, nummer 642R4.
Het is onduidelijk of voor dit pand ooit een vergunning werd verleend.
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor ambachtelijke bedrijven en kmo’s. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
2. Bestaande feitelijke toestand
Het pand bestaat momenteel uit een studentenkamer, fietsenstalling, gemeenschappelijke keuken, berging en douchekamer op het gelijkvloers, en op de eerste, tweede en derde verdieping telkens twee studentenkamers, berging en douchekamer.
3. Overtredingen
Er werd geen proces-verbaal van overtreding teruggevonden.
Het voorwerp
De aanvraag betreft de vraag tot opname in het vergunningenregister van een constructie met zeven woningen.
De bewijsvoering
Volgens de kadastrale gegevens dateert de ingebruikneming van het gebouw van voor 1918.
Het gebruik van dit pand werd in de loop der jaren gewijzigd van een meergezinswoning met drie woningen naar een meergezinswoning met zeven woningen zonder voorafgaande vergunning.
Uit de bevolkingsgegevens blijkt dat, voor de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962), zes gezinnen tegelijkertijd waren ingeschreven.
Voorgaande bewijst voldoende dat de constructie dateert van voor de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962).
Voorgaande bewijst onvoldoende dat de huidige toestand met zeven woningen dateert van voor de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962) of wel van voor het van kracht zijnde gewestplan (9 november 1979) en na de inwerkingtreding van de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962).
Conclusie
Uit de bijgevoegde bewijsmaterialen blijkt dat de huidige constructie van het gebouw en de zeven woningen in het geheel niet in aanmerking komen voor opname in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning.
Uit de bijgevoegde bewijsmaterialen blijkt dat de huidige constructie van het gebouw en zes woningen in aanmerking komen voor opname als geacht vergund. De aanvrager dient één van de woningen te supprimeren.
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om, gelet op de aangehaalde argumenten, het gebouw inclusief zes woongelegenheden op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning. Voor de huidige toestand dient een regularisatieaanvraag ingediend te worden.
Iedere constructie waarvan bewezen is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 ofwel tussen deze en voor de eerste invoering van het gewestplan (3 oktober 1979, van kracht 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister met een vermoeden van vergunning in toepassing van artikel 5.1.3. §1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Het college neemt kennis van het feit dat het pand Merksemsestraat 47 district Antwerpen, inclusief zes woongelegenheden, wordt opgenomen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, als gebouwd voor 1962.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Taak |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan het kadaster voor eventuele aanpassing van de kadastrale gegevens. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan SL/ST/PT voor eventueel verder gevolg. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan DL/huisnummering voor eventuele aanpassing van de gegevens. |