Terug

2017_GR_00303 - Binnengemeentelijke decentralisatie - Financiële middelen - Goedkeuring

gemeenteraad
ma 29/05/2017 - 19:30 Raadzaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Filip Dewinter, raadslid; Philip Heylen, raadslid; Freya Piryns, raadslid; Gerolf Annemans, raadslid; André Gantman, raadslid; Güler Turan, raadslid; Robert Voorhamme, raadslid; Anke Van dermeersch, raadslid; Karim Bachar, raadslid; Monica De Coninck, raadslid; Maya Detiège, raadslid; Fauzaya Talhaoui, raadslid; Fatma Akbas, raadslid; Greet van Gool, raadslid; Bruno Valkeniers, raadslid; Toon Wassenberg, raadslid; Wim Van Osselaer, raadslid; Patrick Janssen, raadslid; Peter Mertens, raadslid; Yasmine Kherbache, raadslid; Annemie Turtelboom, raadslid; Mohamed Chebaa Amimou, raadslid; Wouter Vanbesien, raadslid; Mie Branders, raadslid; Galina Matushina, raadslid; Carine Leys, raadslid; Lisa Geets, raadslid; Leyla Aydemir, raadslid; Johan Klaps, raadslid; Vic Van Aelst, raadslid; Danielle Meirsman, raadslid; Dirk Rochtus, raadslid; Anne Giveron, raadslid; Martine Vrints, raadslid; Koen Laenens, raadslid; Martijn Van Esbroeck, raadslid; Franky Loveniers, raadslid; Danny Feyen, raadslid; Jean Goedtkindt, raadslid; Joris Giebens, raadslid; Kevin Vereecken, raadslid; Fatima Talhaoui, raadslid; Dirk Van Duppen, raadslid; Ikrame Kastit, raadslid; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Vera Drozdik, raadslid; Serge Muyters, korpschef; Glenn Verspeet, korpschef ad interim

Verontschuldigd

Kathleen Van Brempt, raadslid; Liesbeth Homans, raadslid

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter
2017_GR_00303 - Binnengemeentelijke decentralisatie - Financiële middelen - Goedkeuring 2017_GR_00303 - Binnengemeentelijke decentralisatie - Financiële middelen - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Argumentatie

 1. Uitgangspunten

De beleids-en beheerscyclus als basis voor de financiering: de regelgeving met betrekking tot de beleids- en beheerscyclus bepaalt dat in het eerste jaar van de legislatuur een geïntegreerd meerjarenplan opgemaakt wordt. Ook de negen districten van de stad Antwerpen maken elk een meerjarenplan op in functie van de uitvoering van de respectievelijke districtsbestuursakkoorden.

Financieel-strategisch management: districtsbesturen bepalen prioriteiten bij de opmaak van het meerjarenplan. Deze prioriteiten worden vertaald in doelstellingen, doelstellingen vormen de basis voor financiering.

2. Verdeling van de dotaties

Op basis van een analyse van de aanrekeningen 2011-2016 komt men tot volgende verdeling van de exploitatie- en investeringsdotatie.

De exploitatiedotatie (25% van totale dotatie) is als volgt samengesteld:
- 65% volgens parameter aantal inwoners
- 25% volgens parameter lokaal grijs
     o 25% daarvan wordt herverdeeld volgens de factor bevolkingsdichtheid
     o 75% daarvan behoudt de verdeling volgens parameter lokaal grijs
- 10% volgens parameter lokaal groen

De investeringsdotatie (75% van totale dotatie) is als volgt samengesteld:
- 10% volgens parameter aantal inwoners
- 85% volgens parameter lokaal grijs
     o 25% daarvan wordt herverdeeld volgens de factor bevolkingsdichtheid
     o 75% daarvan behoudt de verdeling volgens parameter lokaal grijs
- 5% volgens parameter lokaal groen

3. Parameters

3.1. Aantal inwoners
De parameter aantal inwoners bedraagt het aantal inwoners per district, vastgelegd op 1 januari van het jaar van de nieuwe legislatuur.

3.2. Lokaal grijs
De parameter lokaal grijs houdt in: het aantal kilometer lokale straten en pleinen per district, vastgelegd op 1 januari van het jaar van de nieuwe legislatuur. Onder lokale straten en pleinen vallen alle straten en pleinen, met uitzondering van de steenwegen, stadswegen, wijkwegen en die straten die expliciet als bovenlokaal benoemd zijn. Het havengebied is hiervan uitgesloten.

3.3. Lokaal groen
De parameter lokaal groen wordt berekend op 1 januari van het jaar van de nieuwe legislatuur. Deze parameter wordt uitgedrukt in de werklastverdeling per district. Hierin zijn inbegrepen de bomen buiten parken in aanslag of jeugdfase, de lokale plantsoenvakken, de lokale parken en de lokale begraafplaatsen.

4. Factor bevolkingsdichtheid

Districten met een hoge bevolkingsdichtheid zien zich geconfronteerd met meer inwoners op hun lokale straten en pleinen dan districten met een lage bevolkingsdichtheid, en dus een grotere druk op het openbaar domein. Districten moeten op een kleinere oppervlakte meer/vaker investeren in hun straten, pleinen, sportinfrastructuur, speelterreinen en dergelijke. Daarom wordt een correctiefactor bevolkingsdichtheid ingevoegd op de parameter lokaal grijs.

Deze factor houdt het aantal inwoners per kilometer lokale straten en pleinen in, vergeleken met het gemiddelde voor alle districten.
Deze factor wordt toegepast op 25% van het bedrag dat aan de parameter lokaal grijs dient gegeven te worden. Op de overige 75% van dit bedrag wordt de procentuele verdeling van de parameter lokaal grijs toegepast.

5. Ontvangsten van districten

De districten kunnen zelf ontvangsten registreren, binnen het wettelijk vastgelegd kader. 

Als men wenst gebruik te maken van specifieke dotaties wordt dit met een afzonderlijk besluit geregeld.

De antwoorden op de adviezen van de districtsraden en stedelijke adviesorganen zijn geclusterd opgenomen in bijlage.

Juridische grond

Artikel 282, §6 van het Gemeentedecreet bepaalt § 6 dat bij de toewijzing van de bevoegdheden alle districten op een gelijke wijze moeten behandeld worden. De gemeentelijke overheden zorgen ervoor dat het personeel en de financiële middelen die aan de districten op grond van artikelen 287 en 288 van deze wet ter beschikking gesteld worden, in overeenstemming zijn met de bevoegdheden die hen toevertrouwd worden.

Aanleiding en context

Op 20 december 1999 besliste de gemeenteraad de binnengemeentelijke decentralisatie naar wettelijk model in te voeren (jaarnummer 3128). Overeenkomstig artikel 340 van de Nieuwe Gemeentewet, op 15 juli 2005 vervangen door artikel 282 van het Gemeentedecreet, zorgden, het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad ervoor dat de financiële middelen die aan de districten op grond van artikelen 287 en 288 van deze wet ter beschikking gesteld werden, in overeenstemming waren met de bevoegdheden die hen toevertrouwd werden.

Het college gunde op 5 december 2014 (jaarnummer 12362) een onderzoek naar de mogelijkheden en opportuniteiten tot bijsturing van het binnengemeentelijk samenwerkingsmodel.

Dit leidde tot een voorstel van decentralisatiebesluiten vanuit volgende uitganspunten:

  • de districten responsabiliseren, op het vlak van bevoegdheden, financiële en personele middelen;
  • transparantie en duidelijkheid verbeteren;
  • samenwerking versterken;
  • lokale binding verstevigen.

De voorliggende voorstellen van financiële middelen binnengemeentelijke decentralisatie werden voorgelegd aan de districtscolleges tijdens een werkoverleg op 1 december 2016. Het ontwerp werd besproken op een gemeenschappelijke raadscommissie stad-districten op 15 maart 2017.

Het voorstel van decentralisatiebesluiten werd voor advies voorgelegd aan de districtsraden en aan de conferenties van districtsadviesraden cultuur, jeugd, sport en senioren. De besluiten worden ter goedkeuring voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad.

Algemene financiële opmerkingen

Telkens bij de opmaak van het meerjarenplan wordt het totale bedrag voor dotaties, zowel voor de exploitatiedotaties als investeringsdotaties, vastgelegd. De dotaties worden elke bestuursperiode geüpdatet en verdeeld over de districten, volgens de vastgelegde verdeelsleutel. Bij de opmaak van het meerjarenplan wordt ook bepaald of de dotaties geïndexeerd worden en hoe de dotaties worden uitbetaald.

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 288 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad de criteria bepaalt op grond waarvan jaarlijks een algemene dotatie of specifieke dotaties uit de gemeentebegroting worden verstrekt aan de districten.

Artikel 289 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de districtsraden steeds vooraf advies moeten uitbrengen over de manier waarop de financiering van de districten moet verlopen.

Adviezen

Conferentie van districtsadviesraden jeugd Gunstig onder voorwaarden

Het advies van de conferentie van districtsadviesraden jeugd en het antwoord hierop is terug te vinden in de bijlage.

Conferentie van districtsadviesraden sport Gunstig onder voorwaarden

Het advies van de “Sportraad Stad Antwerpen”  en het antwoord hierop is terug te vinden in de bijlage.

Conferentie van districtsadviesraden cultuur Gunstig onder voorwaarden

Het advies van de “Cultuurraad Stad Antwerpen”  en het antwoord hierop is terug te vinden in de bijlage.

Conferentie van districtsadviesraden senioren Gunstig advies

Het advies van de “Seniorenraad Stad Antwerpen”  en het antwoord hierop is terug te vinden in de bijlage.

Districtsraad Antwerpen Gunstig onder voorwaarden
  • Algemeen: Alle overdrachten van bevoegdheden van de stad naar de districten houden ook in dat de nodige middelen hiervoor worden overgedragen aan de districten. De bijkomende taken mogen niet ondergefinancierd worden bij overdracht;
  • Om als politiek niveau dat dichtst bij de burgers staat deze rol maximaal te kunnen vervullen is een verhoging van de middelen nodig om op die manier meer ademruimte te kunnen creëren;
  • Verdeelsleutel voor de middelen onder de districten blijft zo transparant en eenvoudig mogelijk;
  • De omvang van het publiek domein dat in rekening wordt genomen voor het verdelen van de middelen wordt berekend op basis van een GIS-laag zodat iedere vierkante meter in aanmerking kan worden genomen. Deze GIS-laag helpt ook om snel helderheid te krijgen over de bevoegdheid bij onderhoud of aanleg van publiek domein.
Districtsraad Berchem Gunstig onder voorwaarden
  • De verdeelsleutel voor de middelen onder de districten blijft zo transparant en eenvoudig mogelijk.
  • Het district vindt het een positieve zaak dat de bevolkingsdichtheid in aanmerking werd genomen als parameter om tot een verdeelsleutel te komen.
Districtsraad Berendrecht-Zandvliet-Lillo Gunstig onder voorwaarden
  • Bij de overdracht van bevoegdheden van de stad naar het district dienen tevens de nodige middelen hiervoor overgedragen te worden naar het district. De overgedragen middelen mogen niet ondergewaardeerd zijn; 
  • De verdeling van de dotaties of beschikbare budgetten aan de hand van een (gewijzigde) verdeelsleutel mag nooit aanleiding geven tot een vermindering van de financiële middelen ten nadele van het district of van zijn inwoners en verenigingen. Er moeten garanties zijn tot minstens het behoud van de huidige budgetten met betrekking tot de huidige bevoegdheden en een uitbreiding van de middelen in functie van de overgedragen bevoegdheden (Hfst.II, 2, 2.1); 
  • Alvorens in het kader van de decretale adviesplicht een gefundeerd advies te kunnen uitbrengen over de wijzigingen in de criteria voor de berekening van de dotaties en over de voorgestelde wijze waarop de financiering gebeurt, moet er een accurate cijfermatige simulatie worden voorgelegd van de te verwachten dotaties (Hfst.II,2, 2.1.1. e.v.).
Districtsraad Borgerhout Ongunstig advies
  • Wat betreft de verdeling van de dotaties vindt de districtsraad dat het aantal inwoners en de bevolkingsdichtheid te weinig doorwegen en dat er geen rekening gehouden wordt met de sociale noden van een district. Daarom adviseert de districtsraad:
    - schrap het onderscheid tussen exploitatie- en investeringsdotatie;
    - om het aantal inwoners als parameter voor de berekening van de dotaties voor 75% te laten doorwegen en bovendien een correctie toe te passen in functie van de verkeersintensiteit;
    - om de factor bevolkingsdichtheid zwaarder te laten doorwegen dan in het huidige voorstel;
    - om ook de kansarmoede-index (zoals opgemaakt door de studiedienst van de Stad Antwerpen) van een district te laten doorwegen in de verdeling van de dotaties;
    - de huidige paramater ‘lokaal groen’ moet worden aangepast, zodat districten met het minste groen per inwoner minstens evenveel krijgen per inwoner als districten waar het meeste groen aanwezig is.
     
  • Momenteel zijn de districtsbudgetten beperkt tot 2% van de totale stadsbegroting. Dat is bitter weinig in verhouding tot de bevoegdheden (waaronder de grote kostenpost voor aanleg openbaar domein). De districtsraad vraagt om het totale districtsbudget minstens te verdubbelen;
     
  • Daarbovenop adviseert de districtsraad om ook de middelen, van de bevoegdheden die overgedragen worden van stads- naar districtsniveau, mee over te dragen naar districtsniveau.
Districtsraad Deurne Gunstig onder voorwaarden
  • Algemeen: Alle overdrachten van bevoegdheden van de stad naar de districten houden ook in dat de nodige middelen hiervoor worden overgedragen aan de districten. De bijkomende taken mogen niet ondergefinancierd worden bij overdracht;
  • Om als politiek niveau dat dichtst bij de burgers staat deze rol maximaal te kunnen vervullen is een verhoging van de middelen nodig om op die manier meer ademruimte te kunnen creëren;
  • Verdeelsleutel voor de middelen onder de districten blijft zo transparant en eenvoudig mogelijk;
  • De omvang van het publiek domein dat in rekening wordt genomen voor het verdelen van de middelen wordt berekend op basis van een GIS-laag zodat iedere vierkante meter in aanmerking kan worden genomen. Deze GIS-laag helpt ook om snel helderheid te krijgen over de bevoegdheid bij onderhoud of aanleg van publiek domein.
Districtsraad Ekeren Gunstig advies
  • Bij overdrachten van bevoegdheden van de stad naar de districten verwachten we ook dat alle huidige middelen hiervoor worden overgedragen aan de districten. De bijkomende taken mogen niet ondergefinancierd worden bij overdracht. Aan de districtsraad dient voorafgaandelijk aan de overdracht een duidelijk becijferd en onderbouwd voorstel voorgelegd te worden;
  • Om als politiek niveau dat dichtst bij de burgers staat deze rol maximaal te kunnen vervullen is een verhoging van de middelen nodig om op die manier meer ademruimte te kunnen creëren;
  • Garanties dienen bekomen te worden inzake behoud van huidig budget met betrekking tot de huidige bevoegdheden, dit uitgebreid met de middelen gerelateerd aan de toename van het openbaar domein in de voorbije en huidige legislaturen;
  • De verdeelsleutel voor de middelen onder de districten blijft zo transparant en eenvoudig mogelijk;
  • De correctiefactor bevolkingsdichtheid weegt te zwaar door. Deze factor is ook niet onderbouwd door studies of statistieken.
Districtsraad Hoboken Gunstig advies

Geen opmerkingen.

Districtsraad Merksem Gunstig advies

Geen opmerkingen.

Districtsraad Wilrijk Gunstig onder voorwaarden
  • Met betrekking tot de verdeelsleutel/parameters van de dotatie:
    - Uitsluitsel verstrekken of naast de bevoegdheden ook alle daarbij horende middelen wel worden overgedragen. De districtsraad een duidelijk becijferd voorstel voorafgaandelijk laten geworden;
    - Uitsluitsel verstrekken vanwaar de middelen exact komen (budget(posten)). Immers enkel aan de hand van duidelijke en overzichtelijke bedragen/cijfers kan immers een grondige beslissing in deze genomen worden;
    - De oppervlakte van het desbetreffende district een meer bepalende rol te laten spelen met betrekking tot het voorzien van voldoende/afdoende middelen hiervoor;
    - Extra budgettaire inspanningen met betrekking tot het openbaar domein te garanderen. Garanties dienen bekomen te worden inzake behoud van huidige budget met betrekking tot de huidige bevoegdheden, dit uitgebreid met de middelen gerelateerd aan de toename van het openbare domein in de voorbije legislatuur(en). Extra middelen moeten alleszins met de nieuwe bevoegdheden volledig worden overgedragen.
     
  • Met betrekking tot financiën:
    - Mogelijkheid bekijken/laten onderzoeken of retributiereglementen soms niet beter kunnen worden opgesteld door het district.

Beleidsdoelstellingen

7 - Sterk bestuurde stad
1TSB09 - Het binnengemeentelijk samenwerkingsmodel brengt het beleid dichter bij de burger
1TSB0901 - De 9 districtsbesturen worden ondersteund door de groep stad Antwerpen met het oog op een maximale realisatie van hun doelstellingen
1TSB090101 - We faciliteren, coördineren en bewaken het binnengemeentelijk samenwerkingsmodel

Besluit

Bij dit besluit werd een amendement ingediend: 2017_AM_00079 Amendement van raadslid Wouter Vanbesien: AMENDEMENT 1: aanpassen verdeling financiële middelen.
De gemeenteraad keurde dit amendement niet goed.

De gemeenteraad keurt bij monde van de fractievoorzitters volgend besluit goed.
Stemden ja: N-VA, CD&V en Open VLD.
Hebben zich onthouden: sp.a, Vlaams Belang, PVDA+ en Groen.

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad heft met ingang van 1 januari 2020 volgende beslissingen op:

  • Binnengemeentelijke decentralisatie. Financiën. Criteria voor dotaties (Gemeenteraad 20 december 1999, jaarnummer 3127);
  • Binnengemeentelijke decentralisatie. Financiën. Criteria voor dotaties. Aanpassing (Gemeenteraad 20 maart 2000, jaarnummer 618);
  • Binnengemeentelijke decentralisatie. Aanpassing dotaties districten (Gemeenteraad 15 december 2003, jaarnummer 2516);
  • Jeugd. Binnengemeentelijke decentralisatie. Dotatie aan districten voor Ravotkoten (Gemeenteraad 18 april 2005, jaarnummer 564);
  • Binnengemeentelijke decentralisatie. Vaststelling dotaties districten (Gemeenteraad 27 juni 2005, jaarnummer 1457);
  • Binnengemeentelijk samenwerkingsmodel - Meerjarenplannen districten 2014-2019. Financiële krijtlijnen (Gemeenteraad 20 september 2013, jaarnummer 7286).

Artikel 2

De gemeenteraad keurt de verdeelsleutel van de algemene dotaties met ingang van 1 januari 2020 goed.

Artikel 3

De exploitatiedotatie bedraagt 25% van totale dotatie aan de districten en is als volgt samengesteld:

- 65% volgens parameter aantal inwoners
- 25% volgens parameter lokaal grijs
     o 25% daarvan wordt herverdeeld volgens de factor bevolkingsdichtheid 
     o 75% daarvan behoudt de verdeling volgens parameter lokaal grijs
- 10% volgens parameter lokaal groen

Artikel 4

De investeringsdotatie bedraagt 75% van totale dotatie aan de districten en is als volgt samengesteld:
- 10% volgens parameter aantal inwoners
- 85% volgens parameter lokaal grijs
     o 25% daarvan wordt herverdeeld volgens de factor bevolkingsdichtheid
     o 75% daarvan behoudt de verdeling volgens parameter lokaal grijs
- 5% volgens parameter lokaal groen

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.

Bijlagen

  • 20170508_antwoorden_adviezen_KF_fin_midd.pdf