De stad Antwerpen heeft zichzelf enerzijds in haar klimaatplan en anderzijds met de ondertekening van de Covenant of Mayors duidelijke klimaatdoelstellingen gesteld.
Warmtenetten vormen hierbij belangrijke netwerkinfrastructuur om de beoogde klimaatdoelstellingen van 2020 (ondermeer 20% daling CO2 -uitstoot stedelijk grondgebied) en 2050 (CO2-neutrale stad) te bereiken. Ze laten toe om duurzame warmtebronnen te koppelen aan de aanwezige warmtevraag van de bebouwde omgeving. Vanuit ecologisch oogpunt biedt de aanleg van een warmtenet (gevoed door een duurzame bron) tal van voordelen.
De beslissing van de gemeente/stad om, in uitvoering van haar beleid en binnen haar autonome bevoegdheid, te beslissen tot de aanleg van warmtenetten op haar grondgebied is een taak van gemeentelijk belang.
De gemeente kan ten allen tijde haar beheersoverdracht in de activiteit warmte herroepen. Zij heeft het recht om de installaties van het filiaal over te nemen op basis van de uitoefening van een recht van voorkeur.
Optie 2: de ontwikkeling, de aanleg en de exploitatie van de warmtenetten toevertrouwen aan IMEA
|
Optie 1 |
Optie 2 |
|
De gemeente/stad zal één aandeel warmte (Aw) moeten volstorten. |
Er worden geen warmte-aandelen (Aw) verworven. |
|
Indien de gemeente/stad een warmteproject wil uitvoeren/of aan meewerken, zal dit automatisch door IMEA gebeuren: de installaties worden opgenomen in de activa van IMEA en het filiaal en niet bij de gemeente/stad. |
Indien de gemeente/stad een warmteproject wil uitvoeren, gebeurt de uitvoering door IMEA, maar de installaties worden opgenomen in de activa van de deelnemer. Na uitvoering door IMEA zal de aanleg ervan gefactureerd worden aan de gemeente/stad. |
|
Er wordt geen kapitaalinbreng gevraagd, vermits de financiering zal gebeuren op basis van leningen die aangegaan worden door de DNB |
Er gebeurt geen kapitaalinbreng. |
|
De gemeente/stad dient geen investeringen en onderhoudskosten te voorzien in haar eigen begroting. |
De gemeente/stad is zelf de warmtenetbeheerder en moet dus de investeringen en nadien de kosten voor het onderhoud ervan voorzien in haar (eigen) begroting. |
|
De kosten zullen worden gerealiseerd via het gezamenlijke filiaal van de werkmaatschappijen Eandis System Operator en Infrax. Het gedeelte van de kosten en opbrengsten waarvoor de Eandis-groep (50%) verantwoordelijk is, zal ten laste genomen worden door de 6 distributienetbeheerders (DNB's) en verdeeld worden binnen de groep van de toegetreden gemeenten via hun aandeel in de activiteit warmte. De activiteit warmte zal zich ontwikkelen buiten het gereguleerde netbeheer. De aanloopkosten uit het filiaal zullen tijdens de eerste jaren principieel niet worden aangerekend aan de deelnemers, maar worden aangehouden in een speciale DNB-rekening voor de activiteit warmte. De DNB beschikt over een buffercapaciteit en kan desgevallend fiscale optimalisatie aanwenden. |
De gemeente/stad is zelf de warmtenetbeheerder en moet dus de investeringen en nadien de kosten voor het onderhoud ervan voorzien in haar (eigen) begroting. |
|
De gemeenten/steden die tot de activiteit warmte toetreden, maar zelf geen warmtenetten op hun grondgebied hebben, zullen in de winst/het verlies mee participeren tot belope van hun EAN’s voor aardgas in de DNB waartoe ze behoren. |
De gemeente/stad participeert niet in de winst/het verlies. |
|
De DNB kan geen subsidies ontvangen voor deze projecten. |
De gemeente kan als eigenaar eventueel (Vlaamse en/of Europese) subsidies ontvangen voor deze projecten en dient die zelf aan te vragen. |
|
Ook al is de gemeente/stad aangesloten voor de activiteit warmte bij DNB, is zij steeds vrij om een domeintoelating verstrekken aan een ‘derde’ voor een project waarin zij niet participeert. |
De gemeente/stad is steeds vrij om een domeintoelating verstrekken aan een ‘derde’ voor een project. |
Artikel 12 van het decreet van 6 juli 2001 betreffende de intergemeentelijke samenwerking stelt dat de gemeenten beslissen over de beheersoverdracht overeenkomstig de statuten van het samenwerkingsverband. Onder beheersoverdracht wordt verstaan het toevertrouwen door de deelnemende gemeenten aan het samenwerkingsverband van de uitvoering van door hen genomen beslissingen in het kader van zijn doelstellingen, in die zin dat de deelnemende gemeenten zich het recht ontzeggen zelfstandig of samen met derden dezelfde opdracht uit te voeren.
De stad is deelnemer in de opdrachthoudende intercommunale maatschappij voor energievoorziening Antwerpen (IMEA).
In de statutenwijziging die voorligt op de algemene vergadering van IMEA van 22 juni 2017 wordt in de doelsomschrijving expliciet vermeld dat het distributienetbeheer ook de ontwikkeling, het aanleggen en de exploitatie van warmtenetten en de levering van al dan niet zelf geproduceerde warmte inhoudt.
Indien de stad kiest voor optie 1 zal er 1 warmteaandeel (Aw) volstort moeten worden. Het is momenteel nog niet geweten wat de waarde van een warmteaandeel zal zijn. Er werd hiervoor nog geen budget voorzien.
Op het moment van de vraag tot volstorting van het aandeel zullen de financiële gevolgen aan het college worden voorgelegd. De nodige budgetten zullen op dat moment gecompenseerd voorzien worden.
Artikel 43 §2,5° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de beslissingen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in instellingen, vereningen en ondernemingen.
Bij dit besluit werd een amendement ingediend: 2017_AM_00066 - Amendement van raadslid Toon Wassenberg: Wijziging beslissing overdracht activiteit warmte aan IMEA.
De gemeenteraad keurde dit amendement niet goed.
De gemeenteraad keurt bij monde van de fractievoorzitters volgend besluit goed.
Stemden ja: N-VA, CD&V en Open VLD.
Stemden nee: sp.a, PVDA+ en Groen.
Hebben zich onthouden: Vlaams Belang.
De gemeenteraad beslist om de inbreng die de stad gedaan heeft overeenkomstig artikel 9 van de statuten van IMEA uit te breiden tot de activiteit warmte en om in dit kader een volledige beheersoverdracht voor deze activiteit te doen.
De gemeenteraad beslist akkoord te gaan dat de netbeheerder IMEA voor de aanleg van het warmtenet en de distributie van de warmte tot bij de verbruikers door middel van haar exploitatiemaatschappij Eandis System Operator cvba een beroep zal doen op haar filiaal Warmte@Vlaanderen onder opschortende voorwaarde van de eventueel te nemen beslissing van de Belgische Mededingingsautoriteit inzake aanmelding van Warmte@Vlaanderen.