In 2013 sloot stad Antwerpen haar drie ‘openluchtverblijven’, infrastructuur die Antwerpse schoolkinderen een goedkope uitstap bood in de vorm van bos- en zeeklassen. Er werd een nieuw systeem van vouchers ingeroepen.
De openluchtverblijven staan voor veel Antwerpenaren symbool voor het apparaat van maatschappelijke voorzieningen dat door een traditie van socialistische gemeentebesturen is ontwikkeld. Het sluiten van de verblijven was een duidelijke breuk met het verleden, en volgens het huidige bestuur een grote verbetering. Een nieuw beleid dat orde op zaken stelt in een verouderd socialistisch systeem
Vorige week verschenen er berichten in de pers dat er hiaten zitten in het nieuwe systeem. De sluiting van de Antwerpse openluchtverblijven blikt niet zo ‘een sociale maatregel’ te zijn, eerder een bezuinigingsmaatregel.
Dat schepen Marinower uiterst creatief omspringt met cijfers, blijkt ook uit het financiële plaatje rond de verkoop van de openluchtverblijven. Het was de bedoeling dat de drie gebouwen verkocht werden, maar twee gebouwen bleven jarenlang leegstaan en leverden miljoenen euro’s minder op dan begroot. Een van de drie gebouwen mocht daarbij contractueel niet eens verkocht worden, zo bleek achteraf. Het geld dat tot nu toe verdiend werd met de verkoop van de gebouwen is niet opnieuw geïnvesteerd in onderwijs, maar gaat naar de algemene gemeentekas. Volgens de monitor van het Vlaams ministerie van Onderwijs dreigt er echter nog altijd een tekort van 2.404 onderwijsplaatsen in Antwerpen in 2020. Verder kampt het stedelijk onderwijs met een lerarentekort.
Vragen:
Raadslid De Coninck houdt haar interpellatie.
Schepen Marinower geeft antwoord op de vragen.
Raadslid De Coninck houdt nog een wederwoord.
Het volledige debat is opgenomen en raadpleegbaar via de website van de stad Antwerpen.