Terug

2017_DRAN_00115 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Rijnkaai, district Antwerpen - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring

districtsraad Antwerpen
ma 19/06/2017 - 20:00 Raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Marco Laenens, voorzitter districtsraad; Chris Anseeuw, districtsraadslid; Anne Poppe, districtsraadslid; Lieve Stallaert, districtsschepen; Tatjana Scheck, districtsraadslid; Paula De Brie, districtsraadslid; Nick De Wilde, districtsraadslid; Christophe Wuyts, districtsraadslid; Dirk Vanlommel, districtsraadslid; Samuel Markowitz, districtsschepen; Nadine Peeters, districtsraadslid; Willem-Frederik Schiltz, districtsraadslid; Sener Ugurlu, districtsraadslid; Karima Amaliki, districtsraadslid; Marita Wuyts, districtsraadslid; Paul Cordy, voorzitter districtscollege; Jan van der Vloet, districtsraadslid; Cordula Van Winkel, districtsschepen; Tom Van den Borne, districtsschepen; Anton Geerts, districtsraadslid; Jan Kruyniers, districtsraadslid; Regina Verstraeten, districtsraadslid; Lutgardis van Craenenbroeck, districtsraadslid; Paul Struyf, districtsraadslid; Adrjen Boeckmans, districtsraadslid; Theo Beck, districtsraadslid; Filip Deckers, districtsraadslid; Frans-Pieter Germeys; Herald Claeys, districtssecretaris

Afwezig

Morad Ramachi, districtsraadslid; Sandy Neel, districtsraadslid; Nanouchka Nan Khoshki Langeroudi, districtsraadslid; Jan Braeckmans, districtsraadslid; RaphaĆ«l Vandecasteele, districtsraadslid

Verontschuldigd

Ilona Van Looy, districtsraadslid

Secretaris

Herald Claeys, districtssecretaris

Voorzitter

Marco Laenens, voorzitter districtsraad
2017_DRAN_00115 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Rijnkaai, district Antwerpen - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring 2017_DRAN_00115 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Rijnkaai, district Antwerpen - Proces- en richtnota. Advies - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 285 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de districtsraad een algemene adviesbevoegdheid heeft voor alle aangelegenheden die betrekking hebben op het district.

Aanleiding en context

Masterplan Scheldekaaien

In 2005 keurde de Vlaamse regering het geactualiseerde Sigmaplan goed, waarin bepaald wordt dat de waterkering ter hoogte van Antwerpen van 8,35 meter TAW (Tweede Algemene Waterpassing) tot 9,25 meter TAW wordt opgehoogd om de stad in de toekomst te blijven beschermen tegen overstromingen.
Op 9 juli 2010 (jaarnummer 8556) keurde het college het Masterplan Scheldekaaien goed. Het Masterplan Scheldekaaien vormt het richtinggevend document voor alle uitvoeringsprojecten bij de heraanleg van de Scheldekaaien. In het Masterplan Scheldekaaien wordt de zone van de Rijnkaai beschouwd als scharnierpunt en overgangszone tussen het noordelijke sluitstuk van de herinrichting van de Scheldekaaien mn. het Droogdokkenpark en het minerale deel van de Scheldekaaien met typische kaaimuur. Ook de directe link met de Schelde voor de stadswijk het Eilandje wordt vermeld.

Principeovereenkomst Scheldekaaien

Op 20 september 2010 (jaarnummer 1134) en op 20 december 2010 (jaarnummer 1713) keurde de gemeenteraad de principeovereenkomst Scheldekaaien goed. De principeovereenkomst regelt de samenwerking tussen de stad Antwerpen en Waterwegen en Zeekanaal nv ("W&Z") met het oog op de inrichting van de Scheldekaaien conform het Masterplan Scheldekaaien. De partijen maken onder meer afspraken met betrekking tot de verdeling van kosten en nieuwe opbrengsten.

Rijnkaai-site

De Rijnkaai is net als de volledige Scheldekaaien in eigendom van het Vlaams Gewest. Het Vlaams Gewest kende in 1997 aan de stad Antwerpen een concessie toe op de Scheldekaaien voor een periode van 100 jaar.
Deze concessie werd voor de Rijnkaai aangevuld met concessieovereenkomsten met private partijen ter hoogte van Hangar 26/27 en Kaai 29 in functie van een uitbating oorspronkelijk voor havengebonden activiteiten en op heden voor een meer diverse en publiekstrekkende exploitatie en invulling.
Ook werd een tijdelijke terbeschikkingstellingsovereenkomst afgesloten met het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf Antwerpen (GAPA) voor de inrichting van Kaai 28 als parking en als locatie voor evenementen en manifestaties.

Het college keurde op 19 mei 2017 (jaarnummer 4682) de proces- en richtnota van het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) goed.

Argumentatie

Algemeen

De ruimtelijke visie voor de herontwikkeling van de zone Rijnkaai is uitgezet in het strategisch Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen (s-RSA) en werd verder geconcretiseerd in het Masterplan Scheldekaaien en Masterplan Eilandje. Om een globale ontwikkeling van de Rijnkaai binnen deze krachtlijnen mogelijk te maken, is een herbestemming noodzakelijk en wordt een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) opgemaakt.

De proces- en richtnota is de eerste stap in de opmaak van dit RUP. In de proces- en richtnota wordt het gemeentelijk RUP gekaderd binnen de bestaande en juridische context. Deze nota bepaalt tevens de contour van het RUP en doet een voorstel voor de krachtlijnen van de ontwikkelingsvisie voor het RUP.

Momenteel is in het plangebied het gewestplan van kracht. De Rijnkaai-site wordt in het gewestplan bestemd als gebied voor gemeenschapsvoorziening- en dienstverleningsgebied.

Contour van het plangebied

Het plangebied voor het RUP Rijnkaai is gelegen tussen de Schelde aan de westzijde, Kattendijksluis en het toekomstige Droogdokkenpark aan de noordzijde (grens plangebied RUP Droogdokken), Bonapartesluis in het zuiden (grens plangebied RUP Loodswezen) en de Montevideowijk in het oosten (grens plangebied RUP Eilandje). Met het RUP Rijnkaai is de herbestemming van het noordelijke deel van de Scheldekaaien volledig afgedekt.

Het plangebied omvat twee voormalige havenloodsen, opgenomen in de vastgestelde inventarislijst voor onroerend erfgoed (Hangar 26/27 en Waagnatie) met ertussen een (evenementen)plein en autoparking ter hoogte van Kaai 28. De collectie beschermde historische havenkranen van het Museum aan de Stroom neemt een belangrijke centrale plaats in het plangebied in. De collectie vormt een expliciete verwijzing naar de vroegere havenactiviteiten en de opeenvolging van kranen is typerend en beeldbepalend voor het plangebied.

Globale ontwikkelingsvisie

Belangrijke algemene uitgangspunten uit het Masterplan Scheldekaaien zoals een versterking van de relatie tussen de kernstad en de Schelde, omvorming van de Scheldekaaien tot een continue publieke ruimte, de versterking van de cultuurhistorische betekenis en de beeldkwaliteit van de Scheldekaaien zijn in de ontwikkelingsvisie voor het plangebied overgenomen.

Het plangebied vormt een scharnierpunt tussen de kaaiprogramma’s voor de kaaizones met kaaimuur en meer versteend karakter en de Droogdokkensite met een meer natuurlijke inrichting. Het plangebied krijgt daardoor een entreefunctie die kan geaccentueerd worden door een kopgebouw met de uitstraling van een baken ter hoogte van de Kattendijksluis en het Limaplein.

De Rijnkaai is een belangrijke geheugenplek in de stad met een historische aanmeerkade, de directe verbinding met het Red Star Line museum, de collectie historische havenkranen en de cultuurhistorisch waardevolle havenloodsen. Het behoud van deze historisch waardevolle elementen staat centraal in de ruimtelijk ontwikkelingsvisie voor het plangebied.

De ontwikkelingsvisie stelt een gemengde invulling met private en publieke functies voor met twee afgebakende zones (bouwenveloppes). Door de menging van stedelijke functies en met het doorzetten van een stedelijke plint vindt het plangebied aansluiting op de Montevideowijk met culturele en publiekstrekkende functies. Alle bebouwing krijgt een eenvoudig bereikbaar en levendig gelijkvloers met publieke functies, maximale doorwaadbaarheid, toegankelijkheid en transparantie gericht op de interactie met stedelijk weefsel.

Volgende functies worden vooropgesteld in het plangebied: evenementen en congres, gemeenschapsvoorzieningen, vrijetijdsvoorzieningen, detailhandel en overige commerciële functies, diensten, kantoren en horeca.

De publieke ruimte neemt een belangrijke plaats in het plangebied. Tussen, langs en rond de bouwenveloppes wordt een bestemming als publieke ruimte voorgesteld. De publieke ruimte zal de gebouwen en programma’s in het plangebied met elkaar verbinden en daarnaast andere functies kunnen opnemen.

Het behoud van de historische havenloodsen leidt tot het behoud van Kaai 28 als groot centraal plein. Op dit plein worden een aantal pleinpaviljoenen voorzien voor ondersteunende functies die de open ruimte tot een aangename, veilige en aantrekkelijke plek op mensenmaat helpen maken. Het plein kan blijvend ingezet worden voor evenementen en behoudt tot slot een verkeersfunctie (zie verder).

De nieuwe waterkering verschuift richting kaairand waardoor een intiemere buitendijkse strook ontstaat waarvan het karakter sterk bepaald wordt door het industrieel erfgoed zoals de havenkranen en de kraansporen en – na sloop van de bestaande waterkering – de kaaivlakte eenvoudiger toegankelijk zal zijn aan stadszijde.
De verbinding tussen binnen- en buitendijkse delen van de kaaizone wordt verzekerd via door- en toegangen over en langs de waterkering met trappen, hellingen en/of verschillende secties nieuwe mobiele waterkering. De waterkering wordt in de bestaande bebouwing geïntegreerd aan de waterzijde van de gebouwen en de kwalitatieve integratie van de waterkering zal een belangrijke uitdaging vormen bij de aanpassing van de bestaande loodsen. Ook de integratie van de waterkering in de publieke ruimte wordt aan randvoorwaarden zoals een maximale maaiveldhoogte gekoppeld om kwaliteit van de publieke ruimte en de integratie met en aansluiting op omliggende bebouwing en straten te verzekeren.

De gedempte Bonapartesluis valt binnen het plangebied van het RUP Rijnkaai en kan voorzien worden voor nautische activiteiten.

Het gewenste ontsluitingsconcept voor gemotoriseerd verkeer stelt een centrale, gebundelde en bovengrondse toegang voor via nieuwe aantakking op het verkeerslichtengeregeld kruispunt Rijnkaai x London-Amsterdamstraat. Deze bundeling moet de verkeersveiligheid en –doorstroming verbeteren, conflicten ten gevolge van het kruisen van de trambedding en kaaifietspad beperken en de kwaliteit en bruikbaarheid van de publieke ruimte versterken. Behoud van de ontsluitingen in noorden en zuiden van het plangebied zijn mogelijk voor hulpdiensten en laden en lossen. De noordelijke ontsluiting kan als erfontsluiting opgewaardeerd worden.

Lopend onderzoek: Mobiliteitsonderzoek en planMER-screening

Parallel met de opmaak van het RUP gebeurt een planMER-screening en een mobiliteitsonderzoek.

Krachtlijnen voor het toekomstig RUP

Voor het toekomstige grafisch plan en de bijhorende stedenbouwkundige voorschriften zullen onderstaande elementen verder uitgewerkt worden :

1. Algemene bepalingen: algemene kwaliteitseisen; bepalingen aangaande waterkering; aspecten aangaande toegankelijkheid, ontsluiting en autoparkeren.
2. Publieke ruimte: afbakening van de zone te ontwikkelen als publieke ruimte met bijhorende kwantitatieve en kwalitatieve bepalingen.
3. Ruimtelijk kader voor bebouwing: beperking van toegelaten bestemmingen, behoud van bestaande havenloodsen wordt opgelegd en randvoorwaarden worden opgenomen voor aanpassing van de bestaande volumes en uitbreidingsmogelijkheden. Een bouwkader voor een nieuwbouwvolume in noorden van plangebied ter hoogte van Kattendijksluis wordt vastgelegd.
4. Onroerend erfgoed: aanduiding van de te behouden waardevolle erfgoedelementen en bepalingen voor behoud van erfgoedwaarde worden opgelegd.
5. Duurzaamheid: bepalingen in verband met klimaatmitigatie (in het bijzonder toekomstige mogelijkheden warmtenet en de nodige ruimte voor wachtleidingen) en ivm klimaatadaptatie worden verder onderzocht en opgelegd.

In de volgende fase worden deze krachtlijnen vertaald in een bestemmingsplan met voorschriften, het voorontwerp-RUP.

Juridische grond

Art. 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) die de procedure vastleggen voor de opmaak van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP).

Besluit

De districtsraad Antwerpen keurt eenparig het volgende besluit goed.

De districtsraad antwerpen beslist:

Artikel 1

De districtsraad geeft positief advies op de proces- en richtnota voor het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Rijnkaai mits:

  1. Wat hangar 26/27 betreft dienen de zichtlijnen vanuit het MAS gevrijwaard te worden, zeker wat betreft het zuidelijk volume. Het geheel mag geen massief blok worden, de noordelijke en zuidelijke bouwvolumes krijgen een beperkte footprint.
  2. Voor Hangar 29 (Waagnatie) wordt het nieuwe noordelijke bouwvolume beperkt tot een footprint van 900 m² en een hoogte van maximaal: 22 meter.
  3. Parkeren ter hoogte van de pleinruimte kan ondergronds of halfondergronds (geïntegreerd in het dijklichaam) worden voorzien, een gelijkgronds parkeergebouw kan niet.
  4. De pleinruimte een goede landschappelijke inpassing krijgt (onder de vorm van een dijklichaam of geleidelijke hellingen) waarbij een gedeeltelijke en robuuste groene invulling wordt mogelijk gemaakt door voldoende gronddekking (1,5 m).

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • 20170519_RUP_Rijnkaai_proces_richtnota_def.pdf