Terug

2016_GR_00735 - Politiereglement - Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen. Wijziging - Goedkeuring

gemeenteraad
di 22/11/2016 - 19:30 Raadszaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Filip Dewinter, raadslid; Philip Heylen, raadslid; Freya Piryns, raadslid; André Gantman, raadslid; Robert Voorhamme, raadslid; Anke Van dermeersch, raadslid; Karim Bachar, raadslid; Monica De Coninck, raadslid; Fauzaya Talhaoui, raadslid; Fatma Akbas, raadslid; Greet van Gool, raadslid; Bruno Valkeniers, raadslid; Toon Wassenberg, raadslid; Wim Van Osselaer, raadslid; Patrick Janssen, raadslid; Peter Mertens, raadslid; Annemie Turtelboom, raadslid; Liesbeth Homans, raadslid; Mohamed Chebaa Amimou, raadslid; Wouter Vanbesien, raadslid; Mie Branders, raadslid; Galina Matushina, raadslid; Carine Leys, raadslid; Lisa Geets, raadslid; Leyla Aydemir, raadslid; Johan Klaps, raadslid; Vic Van Aelst, raadslid; Danielle Meirsman, raadslid; Dirk Rochtus, raadslid; Anne Giveron, raadslid; Martine Vrints, raadslid; Koen Laenens, raadslid; Martijn Van Esbroeck, raadslid; Franky Loveniers, raadslid; Danny Feyen, raadslid; Jean Goedtkindt, raadslid; Joris Giebens, raadslid; Kevin Vereecken, raadslid; Fatima Talhaoui, raadslid; Dirk Van Duppen, raadslid; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Kathleen Van Brempt, raadslid; Güler Turan, raadslid; Leen Verbist, raadslid; Maya Detiège, raadslid; Yasmine Kherbache, raadslid; Serge Muyters, korpschef; Glenn Verspeet

Verontschuldigd

Gerolf Annemans, raadslid; Ikrame Kastit, raadslid; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter
2016_GR_00735 - Politiereglement - Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen. Wijziging - Goedkeuring 2016_GR_00735 - Politiereglement - Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen. Wijziging - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 119 Nieuwe Gemeentewet: de gemeenteraad maakt de gemeentelijke reglementen van inwendig bestuur en de gemeentelijke politieverordeningen.

Artikel 119bis van de Nieuwe Gemeentewet werd gewijzigd door de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties. Deze wet treedt in werking op 1 januari 2014.

Het gewijzigde artikel 119bis bepaalt: de gemeenteraad kan gemeentelijke administratieve straffen en sancties opleggen overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

Artikel 2 §1 van de wet van 24 juni 2013 bepaalt: de gemeenteraad kan straffen of administratieve sancties bepalen voor de inbreuken op zijn reglementen of verordeningen, tenzij voor dezelfde inbreuken door of krachtens een wet, een decreet of een ordonnantie, straffen of administratieve sancties worden bepaald.

Artikel 4 §5 van deze wet bepaalt: indien de gemeenteraad in zijn reglementen of verordeningen de mogelijkheid voorziet om de administratieve geldboete ten aanzien van minderjarigen, wint hij vooraf het advies in betreffende dat reglement of die verordening van het orgaan of de organen die een adviesbevoegdheid hebben in jeugdzaken, voor zover het aanwezig is of zij aanwezig zijn in de gemeente.

Artikel 6 §1 van deze wet bepaalt dat de administratieve geldboete wordt opgelegd door de sanctionerend ambtenaar.

Artikel 45 van deze wet bepaalt dat de schorsing, de intrekking en de sluiting worden opgelegd door het college van burgemeester en schepenen of het gemeentecollege.

Aanleiding en context

Het politiereglement 'Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen' werd door de gemeenteraad op 26 juni 2006 (jaarnummer 1528) initiëel goedgekeurd. Dit reglement werd later diverse keren gewijzigd, zoals hieronder aangegeven:

  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 23 april 2007 (jaarnummer 996);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 22 oktober 2007 (jaarnummer 2219);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 26 mei 2008 (jaarnummer 1030 en 1079);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 23 maart 2009 (jaarnummer 512);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 oktober 2010 ,(jaarnummer 1342);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 20 december 2010,( jaarnummer 1739);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011 (jaarnummer 368);       
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 27 juni 2011 (jaarnummer 933);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 24 september 2012 (jaarnummer 1055);
  • gewijzigd en hernummerd bij gemeenteraadsbesluit van 16 december 2013 (jaarnummer 755);
  • gewijzigd bij gemeenteraadsbeluit van 22 september 2014 (jaarnummer 709).

Het college besliste op 28 oktober 2016 (jaarnummer 9539) om de wijziging aan het politiereglement - Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen, ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.

Argumentatie

Het uitbatingsreglement bestaat sedert 2006 en onderwerpt een aantal inrichtingen aan een uitbatingsvergunning: te weten belwinkels, nachtwinkels, club-vzw’s, wedkantoren, seksinrichtingen en shishabars (jaarnummer 1528). In het kader van de uitbatingsvergunning worden deze inrichtingen gecontroleerd op brandveiligheid, moraliteit, financiële toestand en conformiteit met de stedenbouwkundige bepalingen. Momenteel zijn er een 400-tal inrichtingen in het bezit van een uitbatingsvergunning. Vanaf 1 januari 2015 betalen de inrichtingen die een uitbatingsvergunning krijgen of hebben een belasting, respectievelijk een éénmalige belasting op de afgifte van een uitbatingsvergunning en een jaarlijkse belasting op de uitbating zelf (gemeenteraadsbesluit van 20 oktober 2014, jaarnummer 824).

Er werd vastgesteld dat voor sommige inrichtingen een uitbatingsvergunning niet meer opportuun is. Dit is het geval bij bepaalde club-vzw’s. Het gaat om organisaties zoals sportclubs, jeugdorganisaties, theatergezelschappen,… die door middel van subsidies ondersteund worden en via deze subsidies aan bepaalde voorwaarden worden onderworpen. Een uitbatingsvergunning opleggen en belasting heffen op deze organisaties ondermijnt de ondersteuning die deze organisaties verdienen. Hetzelfde geldt voor een aantal organisaties die inspelen op nieuwe tendensen en economische activiteiten in de stedelijke omgeving, zoals pop-ups of die kaderen in projecten of activiteiten, verenigingen, goedgekeurd door de stad Antwerpen of gehuisvest zijn in gebouwen van de stad Antwerpen of van erkende onderwijsinstellingen. Daarom wordt een vrijstelling voorzien voor club-vzw’s die een drankgelegenheid uitbaten, die kadert in projecten/events goedgekeurd door de stad Antwerpen of ondergebracht in gebouwen van de stad of in gebouwen van onderwijsinstellingen. Ook drankgelegenheden uitgebaat door studentenverenigingen die het doop- en feestcharter hebben ondertekend van het lopend academiejaar of door jeugdverenigingen die worden gesubsidieerd volgens het subsidiereglement voor de jeugd of door de stad erkende sportverenigingen, zijn niet vergunningsplichtig. Sommige initiatieven kunnen een afwijking vragen: het gaat om gesubsidieerde club-vzw’s, club-vzw’s die een pop-up drankgelegenheid uitbaten en videotheken die meer dan 80% van hun jaarlijks zakencijfer genereren uit hun hoofdactiviteit.

Anderzijds wordt vastgesteld dat bepaalde inrichtingen, zoals de shishabars, zich clusteren in bepaalde gebieden zoals de Stationsbuurt, Turnhoutsebaan, ’t Zuid. Van de 19 vergunde shishabars bevinden zich er vijf in de Stationsbuurt (Anneessensstraat, Appelmansstraat, Van Stralenstraat), vijf op de Turnhoutsebaan en drie in de Verschansingstraat. Overlast voor de buurt en regelmatige vaststellingen van ordeverstoring zijn hiervan het gevolg. Zoals voor de nachtwinkels en belwinkels wordt ook voor shishabars een vestigingsvergunning opgelegd, waardoor nieuwe shishabars enkel in winkelstraten kunnen gevestigd worden en op een afstand van 250 meter van een vergunde shishabar, vermeerderd met 50 meter als er in de betrokken winkelstraat al een shishabar is gevestigd.

Het is tevens nodig om de winkelstraten aan te passen aan de actuele meting van de winkelstraten: ze dienen als meetinstrument voor de spreiding.

Tenslotte worden alle inrichtingen die vallen onder het uitbatingsreglement onderworpen aan de algemene hygiënenorm en niet alleen de drankgelegenheden. De redactie van een aantal definities werd verfijnd.

Juridische grond

Artikel 135 §2 Nieuwe Gemeentewet:
De gemeenten hebben ook tot taak het voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen.
Meer bepaald en voor zover de aangelegenheid niet buiten de bevoegdheid van de gemeenten is gehouden, worden volgende zaken van politie aan de waakzaamheid en het gezag van de gemeenten toevertrouwd:

  1. alles wat verband houdt met een veilig en vlot verkeer op openbare wegen, straten, kaden en pleinen, hetgeen omvat de reiniging, de verlichting, de opruiming van hindernissen, het slopen of herstellen van bouwvallige gebouwen, het verbod om aan ramen of andere delen van gebouwen enig voorwerp te plaatsen dat door zijn val schade kan berokkenen of om wat dan ook te werpen dat voorbijgangers verwondingen of schade kan toebrengen of dat schadelijke uitwasemingen kan veroorzaken, voor zover de politie over het wegverkeer betrekking heeft op blijvende of periodieke toestanden, valt zij niet onder de toepassing van dit artikel;
  2. het tegengaan van inbreuken op de openbare rust, zoals vechtpartijen en twisten met volksoploop op straat, tumult verwekt in plaatsen van openbare vergadering, nachtgerucht en nachtelijke samenscholingen die de rust van de inwoners verstoren;
  3. het handhaven van de orde op plaatsen waar veel mensen samenkomen, zoals op jaarmarkten en markten, bij openbare vermakelijkheden en plechtigheden, vertoningen en spelen, in drankgelegenheden, kerken en openbare plaatsen;
  4. het toezicht op een juiste toemeting bij het slijten van waren (waarvoor meeteenheden of meetwerktuigen gebruikt worden) en op de hygiëne van openbaar te koop gestelde eetwaren;
  5. het nemen van passende maatregelen om rampen en plagen, zoals brand, epidemieën en epizoötieën te voorkomen en het verstrekken van de nodige hulp om ze te doen ophouden;
  6. het verhelpen van hinderlijk voorvallen waartoe rondzwervende kwaadaardige of woeste dieren aanleiding kunnen geven;
  7. het nemen van de nodige maatregelen, inclusief politieverordeningen, voor het tegengaan van alle vormen van openbare overlast.

Beleidsdoelstellingen

2 - Veilige stad
De zonale veiligheidspartners maken maximaal gebruik van hun bevoegdheden om, samen met andere partners, de openbare orde te waarborgen en overlast te voorkomen, te verminderen of te bestrijden
De zonale veiligheidspartners zetten repressieve acties op om overlast te beheersen
Het plegen van inbreuken op de openbare orde en het veroorzaken van overlast wordt ontraden door snel en systematisch te bestraffen

Besluit

Bij dit besluit werd een amendement ingediend: 2016_AM_00107 - Amendement van raadslid Mie Branders: Belasting op het hebben van een uitbatingsvergunning.
De gemeenteraad keurde dit amendement niet goed.

De gemeenteraad keurt bij monde van de fractievoorzitters volgend besluit goed.
Stemden ja: N-VA, Vlaams Belang, CD&V, PVDA+ en Open VLD.
Stemden nee: sp.a.
Hebben zich onthouden: Groen.

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad beslist om het politiereglement 'Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen', zoals in de bijlage vermeld, goed te keuren.

Artikel 2

De gemeenteraad beslist om goed te keuren dat het nieuwe politiereglement 'Uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen' van kracht wordt op 1 januari 2017.

Artikel 3

De gemeenteraad beslist om goed te keuren dat het politiereglement 'uitbatingsreglement voor bepaalde inrichtingen' zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 16 december 2013 (jaarnummer 755) en de daarop volgende wijzigingen worden opgeheven vanaf 1 januari 2017.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.