Terug

2018_CBS_02252 - Omgevingsvergunning - OMV_2018003282. Shurgard Belgium. Blancefloerlaan 176 district Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 30/03/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef; Glenn Verspeet, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_02252 - Omgevingsvergunning - OMV_2018003282. Shurgard Belgium. Blancefloerlaan 176 district Antwerpen - Goedkeuring 2018_CBS_02252 - Omgevingsvergunning - OMV_2018003282. Shurgard Belgium. Blancefloerlaan 176 district Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

Toetsing van de voorschriften

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.  

Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor ambachtelijke bedrijven of gebieden voor kleine en middelgrote ondernemingen. Deze gebieden zijn mede bestemd voor kleine opslagplaatsen van goederen, gebruikte voertuigen en schroot, met uitzondering van afvalproducten van schadelijke aard. (Artikel 8 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)

Het goed is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het goed ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een natuurgebied. De natuurgebieden omvatten de bossen, wouden, venen, heiden, moerassen, duinen, rotsen, aanslibbingen, stranden en andere dergelijke gebieden. In deze gebieden mogen jagers- en vissershutten worden gebouwd voor zover deze niet kunnen gebruikt worden als woonverblijf, al ware het maar tijdelijk.

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor ambachtelijke bedrijven of gebieden voor kleine en middelgrote ondernemingen. Deze gebieden zijn mede bestemd voor kleine opslagplaatsen van goederen, gebruikte voertuigen en schroot, met uitzondering van afvalproducten van schadelijke aard. (Artikel 8 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)

Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Hemelwater: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (verder genoemd verordening hemelwater).

De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid). 

De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

Algemene bouwverordeningen

Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.

De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Overwelven waterlopen: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het overwelven of inbuizen van niet geklasseerde waterlopen en waterlopen van 3de categorie (verder genoemd verordening overwelven waterlopen), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 26 januari 2009 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 4 juni 2009.

De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • artikel 33 Zaak-gebonden publiciteit

§1 Algemene principes: steigerdoeken niet in verhouding met maat van het gebouw;

§5 Totems: onduidelijk of hoogte totem ongewijzigd blijft.

Sectorale wetgeving

  • MER-screening: de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag, beslist of er een project-MER moet worden opgesteld. De betrokken overheid doet dat op het ogenblik van de beslissing over de ontvankelijk- en volledigheid van de vergunningsaanvraag of, bij gebreke daaraan, binnen 90 dagen na de datum van ontvankelijk- en volledigheid. 

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt

geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

  • Watertoets: overeenkomstig artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets.

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt. 

  • Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.

Omgevingstoets

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften:

Er is geen aanleiding om het college te adviseren beargumenteerd af te wijken van de geldende voorschriften. 

Functionele inpasbaarheid:

De aanvraag heeft geen invloed op de huidige bestemming en blijft inpasbaar.

Mobiliteitsimpact (o.a. toetsing parkeerbehoefte):

Het algemene principe is dat elke bouwaanvraag een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, is het de bedoeling om parkeren maximaal op eigen terrein te voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

De parkeerparagraaf is niet van toepassing omdat deze aanvraag betrekking heeft op zaakgebonden publiciteit.

Visueel-vormelijke elementen:

Er dient opgemerkt dat de logopanelen uit spandoek niet in verhouding staan tot de maat van het gebouw, althans niet tot de maat het vanop de straat zichtbare deel van de gevel. Hier kan geen afwijking op worden toegestaan. In voorwaarde zal worden opgelegd de dimensionering te beperken; de langste maat moet beperkt worden tot 4 meter i.p.v. de voorziene 6 meter.

Het is verder onduidelijk op de plannen aangegeven of de dimensionering en of hoogte van de totem ongewijzigd blijft. In voorwaarde wordt opgelegd de totale hoogte van de totem ongewijzigd te laten.

Verder wordt opgemerkt dat ook het “shop paneel” (3500 mm x 500 mm) niet in verhouding staat tot de maat, noch in relatie staat tot de vorm van het geveldeel waartegen het bevestigd wordt.

In voorwaarde wordt opgelegd dit paneel te reduceren tot maximum 1500mm x 500 mm, centraal te positioneren met de onderzijde gelijk met de onderzijde van het plafond.

Advies aan het college

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

  • De dimensionering van de logopanelen uit spandoek dienen te worden aangepast, de langste zijde dient beperkt te worden tot 4 meter i.p.v. de voorziene 6 meter.
  • De totale hoogte van de totem dient ongewijzigd te blijven;
  • De dimensionering van het “Shop” paneel dient beperkt te worden tot 1500 mm x 500 mm, en dient centraal geplaatst te worden met de onderzijde gelijk met de onderzijde van het plafond.

Standpunt van het college

Het college sluit zicht gedeeltelijk aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en voert inzake omgevingstoets volgende eigen motivatie op:

Het betreft een aanvraag tot het plaatsen van zaak-gebonden publiciteit rechtstreeks op de gevel van het gebouw. In zijn beoordeling spreekt de gemeentelijke omgevingsambtenaar over steigerdoeken die niet in verhouding staan tot de maat van het gebouw. Het gaat niet over steigerdoeken maar over publiciteit die op de gevel bevestigd wordt. In artikel 33 §2 ‘Zaak-gebonden publiciteit’ van de bouwcode wordt aangegeven dat dergelijke publiciteit steeds in verhouding dient te staan met de maat van het gebouw. Het college is van oordeel dat het voorgestelde beantwoordt aan de voorschriften van dit artikel. De vorm en de afmetingen van de panelen zijn decoratief verantwoord. Ze nemen ongeveer 1/10 van het totale geveloppervlak in. Inkorten van de panelen zal het uitzicht drastisch veranderen en minder esthetisch aanvoelen. Het gegeven of de inhoud op de panelen zelf zijn verhoudingsgewijs afgestemd op de grootte van deze panelen, aanpassen van de dimensies zal deze beeldvorming sterk verstoren. Deze argumentatie geldt ook voor het ‘shop paneel’.

Fasering

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

12 januari 2018

Volledig- en ontvankelijk

12 februari 2018

Opening openbaar onderzoek

geen

Afsluiten openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Verslag GOA

9 maart 2018

naam GOA

Brenda Dierckx

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Onderzoek

Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet. 

Projectnummer :

OMV_2018003282

Gegevens van de aanvrager:

SHURGARD BELGIUM met als adres Zuiderlaan 14 te 1731 Zellik

Ligging van het project:

Blancefloerlaan 179 te 2050 Antwerpen

Kadastrale gegevens:

afdeling 13 sectie N nr. 324K

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag

plaatsen van reclame en een lichttotem

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

  • de gemeentelijke projecten;
  • andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich gedeeltelijk aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar. 

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:

  • De totale hoogte van de totem dient ongewijzigd te blijven;

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.