Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
20 maart 2018 |
17 april 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - Eandis / IMEA |
20 maart 2018 |
21 maart 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - FOD Mobiliteit en Vervoer - Dienst Luchtvaart |
20 maart 2018 |
Geen tijdig advies ontvangen |
Geen tijdig advies ontvangen waardoor aan de adviesvereiste kan worden voorbijgegaan |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ ontwerp en uitvoering/ ontwerpers |
20 maart 2018 |
6 april 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
20 maart 2018 |
5 april 2018 |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
20 maart 2018 |
21 maart 2018 |
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
Sectorale wetgeving
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag omvat het bouwen van een meergezinswoning met drie woongelegenheden. De woonfunctie is in harmonie met de kenmerkende functie van meergezinswoningen in de Esdoorndreef. De naburige eenheidsbebouwing wordt verder gezet. Er wordt geoordeeld dat de draagkracht van het pand noch van de omgeving met deze vermeerdering van het aantal woongelegenheden wordt overschreden.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
In voorliggende aanvraag wordt een nieuwbouw meergezinswoning van drie bouwlagen met een bouwdiepte van 15,00m opgericht. De voorgestelde bouwdiepte is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening. Er blijft voldoende ruimte over op het gelijkvloers voor een kwalitatieve tuinzone.
In de tuinzone wordt achteraan een fietsen- en tuinberging voorzien die kleiner is dan 40m² en op 1 m van de perceelsgrens geplaatst.
De bouwhoogte van de aanvraag is 20cm hoger dan de aanliggende bebouwing. Dit verschil is aanvaardbaar vanwege het beperkte verschil en de toegepaste vrije hoogtes die opgelegd worden door de bouwcode. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt kan ingestemd worden met het volume zoals voorgesteld.
Visueel-vormelijke elementen
Zowel de meergezinswoning als de tuinberging/autostalplaats worden opgetrokken uit lichtgrijs gevelparement met grijs PVC schrijnwerk. De geveluitsprong wordt gerealiseerd in een donkergrijze kleur. De materialen van de nieuwe gevels zijn in overeenstemming met de stedelijke context van het perceel. De lichte kleurstelling van de gevels is gunstig te adviseren omwille van de stedelijke opwarming, de beeldkwaliteit en de inpassing in het straatbeeld.
De geveluitsprong die aan de voorgevel wordt voorzien is strijdig met artikel 13 van de Bouwcode. Een afwijking op de strijdigheid is aanvaardbaar gelet op de kenmerken van de panden aan deze zijde van de straat.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Het perceel onderdeel van voorliggende aanvraag voor het bouwen van een meergezinswoning deelt de Esdoorndreef in twee delen. Het is wenselijk om deze twee delen met mekaar te verbinden, in te richten conform de rest van de straat en over te dragen als openbaar domein.
Op het inplantingsplan zijn echter geen nutsvoorzieningen of geen inrichting voorzien. Hierdoor is het nieuwe perceel met de voorziene bebouwing niet gelegen aan een voldoende uitgeruste weg.
Volgens artikel 4.3.5 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan een vergunning voor het bouwen van een gebouw met als hoofdfunctie wonen slechts worden verleend op een stuk grond, gelegen aan een voldoende uitgerust weg, die op het ogenblik van de aanvraag reeds bestaat. Een voldoende uitgerust weg is minstens met duurzame materialen verhard en voorzien van een elektriciteitsnet. Dat is in de voorliggende aanvraag niet het geval. Alvorens een bouwvergunning te kunnen verkrijgen, dient bijgevolg eerst een voldoende uitgeruste weg aangelegd te worden.
De voorgaande aanvraag (20171100) werd geweigerd om dezelfde reden.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 3 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en of functiewijziging. Er worden 3 wooneenheden gerealiseerd. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1 De werkelijke parkeerbehoefte is 3.
|
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0. Voorliggende aanvraag heeft betrekking op een pand met een perceelsbreedte van minder dan of gelijk aan 8 m. Volgens art. 12, §3, 1° (Levendige plint) is een toegangspoort voor een autobergplaats niet toegelaten.
|
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 3. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 3. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 3 plaatsen.
|
Fietsvoorzieningen:
Inzake fietsvoorzieningen geeft de dienst mobiliteit het volgend advies: ‘Het appartement op het gelijkvloers beschikt over 3 slaapkamers en een bureau op de plannen. Echter voldoet de oppervlakte van de bureau aan de afmetingen van een volwaardige slaapkamer. Dit appartement wordt bijgevolg beschouwd als een 4 slaapkamer appartement. Op het eerste verdiep komt er een appartement met 1 slaapkamer en op het 2de verdiep een met 3 slaapkamers. Er moeten in totaal 11 fietsstalplaatsen voorzien worden. Deze worden volgens de plannen voorzien in de berging achteraan in de tuin. De fietsstalplaatsen moeten ingericht worden zoals de richtlijnen in de bouwcode en de fietsenberging moet toegankelijk zijn voor alle bewoners van het gebouw.’ De fietsenberging beschikt over voldoende fietsparkeerplaatsen maar is enkel voorzien van een ophangsysteem. Om het comfort van de fietser te garanderen worden er bij voorkeur enkele normale staanplaatsen voorzien zodat ouderen en zieken hun fiets comfortabel kunnen stallen. De voorwaarde om de fietsenberging in te richten zoals artikel 30 van de bouwcode en de fietsenberging toegankelijk te maken voor alle bewoners wordt als voorwaarde opgenomen bij een gunstig advies.
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te weigeren, hoofdzakelijk omwille van het ontbreken van een voldoende uitgeruste weg aan het perceel.
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
16 februari 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
16 maart 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
15 mei 2018 |
|
Verslag GOA |
24 april 2018 |
|
naam GOA |
Wim Van Roosendael |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
0 |
0 |
0 |
0 |
Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018017571 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
de heer Belhadj Lahouari met als adres Jan Welterslaan 13 te 2100 Deurne (Antwerpen) |
|
Ligging van het project: |
Esdoorndreef ZN te 2100 Deurne (Antwerpen) |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 31 sectie B nrs. 234C2 en 234A3 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
bouwen van een meergezinswoning met 3 appartementen |
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag:
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist om de omgevingsvergunning te weigeren.