Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
25 april 2018 |
25 mei 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ monumentenzorg |
25 april 2018 |
4 mei 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit en verkeer |
25 april 2018 |
7 mei 2018 |
Toetsing aan de voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Eilandje, goedgekeurd op 1 september 2011. Volgens dit ruimtelijk uitvoeringsplan ligt het goed in een zone voor wonen-art. 1-bestaand weefsel.
Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Eilandje.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Algemene bouwverordeningen
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
Sectorale wetgeving
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
Strijdig met de bouwcode dient opgemerkt dat de dakkapellen vooraan zich op minder dan 60 cm van de perceelgrens bevinden. De drie dakkapellen werden met het oog op een logische gevelopbouw boven of in het verlengde van de onderliggende ramen geplaatst. Bovendien dient opgemerkt dat deze dakkapellen zich in een mansardedak bevinden en bijgevolg slechts zeer beperkt (maximaal 30 cm) uit het dakvlak komen. Hierdoor kan gesteld dat deze geen impact zullen hebben op de bezonning en lichttoetreding van de aanpalende percelen, noch de privacy hiervan beperken, de reden van dit voorschrift. Om deze reden kan op basis van artikel 3 van de bouwcode dan ook een afwijking worden toegestaan.
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag is in overeenstemming met de geldende bestemmingsvoorschriften
De bestemming van meergezinswoning blijft behouden waardoor de functionele inpasbaarheid gegarandeerd blijft.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaats. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding met 1 wooneenheid. Het gebouw wordt verbouwd van 4 naar 5 appartementen. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1. De werkelijke parkeerbehoefte is 1 (1 x 1 = 1) |
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0 Voorliggende aanvraag heeft betrekking op een pand met een perceelsbreedte van minder dan of gelijk aan 8 m. Volgens art. 12, §3, 1° (Levendige plint) is een toegangspoort voor een autobergplaats niet toegelaten. |
|
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 29 mei 2017. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 1 plaats. |
Fietsvoorzieningen:
Voor het bijkomend appartement met 1 slaapkamer moeten 2 fietsenstallingen voorzien worden.
Er wordt een fietsenberging ingericht in de kelder voor 12 fietsen, zodat voor alle appartementen voldoende fietsenstallingen beschikbaar zijn.
De fietsenstalling is bereikbaar via een trap met fietsgoot.
Schaal - ruimtegebruik – bouwdichtheid
De aanvraag omvat het optrekken van het pand waarbij de kroonlijst 217 cm hoger wordt voorzien en boven de kroonlijst een volwaardig mansardedak wordt voorzien.
Vanuit stedenbouwkundig oogpunt kan ingestemd worden met het volume en het programma zoals voorgesteld. Door het uitbreiden van het woonprogramma met 1 woonentiteit wordt de draagkracht van de site niet overschreden.
Het voorgestelde project komt inzake het aantal bouwlagen en hoogte overeen met de algemene configuratie van de aanwezige bebouwing in de straatwand die zich kenmerkt door een grote verscheidenheid van kroonlijsthoogtes, allen met 3 à 4 bouwlagen, al dan niet voorzien van een daklaag boven de kroonlijst. Het pand zal na verbouwing bij de hoogste in de straatwand zijn. Om deze hoogte enigszins te beperken wordt in voorwaarde opgelegd het dakvlak van de mansarde vooraan te verkleinen door de dakopstand vooraan te beperken tot het noodzakelijke minimum (+- 15 cm) . Deze aanpassing zal de verhouding van de mansarde ten opzichte van de gevel ten goede komen.
Visueel-vormelijke elementen
De bestaande voorgevel is heel onsamenhangend; de vormgeving en materialisatie van de gelijkvloerse verdieping verschilt sterk van deze van de bovenliggende verdiepingen.
De aanvraag voorziet er in de gevel terug samenhangend te maken, zowel in vormgeving als in materialisatie. Alle zichtbare en vrijblijvende delen van de gevels worden in architecturaal verantwoorde materialen afgewerkt. Als materiaal is gekozen voor een gevelpleister in een witte kleur met onderaan een hoge plint in arduin. Het schrijnwerk zal worden uitgevoerd in zwart aluminium. Het mansardedak zal worden afgewerkt in antracietkleurige vezelcementleien. Hierbij dient opgemerkt dat ook de gesloten geveldelen naast, onder en boven de ramen van de erkers waarin de ramen zich bevinden lijken te zullen afgewerkt met dezelfde vezelcementleien. Aangezien dit uitvoeringstechnisch niet mogelijk is, wordt in voorwaarde enerzijds opgelegd deze oppervlakte (gesloten voorvlak erkers) tot een minimum te beperken. Dit kan door het raam te vergroten; onderaan rechtstreeks te plaatsen op de kroonlijst, bovenaan te verhogen tot gelijk met de onderzijde van het plafond. Anderzijds wordt opgelegd deze geveldelen af te werken in aluminium in de kleur van het buitenschrijnwerk.
Algemeen kan gesteld dat de geplande aanpassingen zorgen voor een verbetering van het straatbeeld.
Cultuurhistorische aspecten
Dit gebouw vormt geen meerwaarde voor de straat of het gebied met CHE-waarde. Monumentenzorg adviseert deze aanvraag dan ook gunstig.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De woningen voldoen aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruikersgenot. De geplande verbouwingswerken zijn mits naleven van de voorwaarden niet storend voor de omgeving en in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening.
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
Voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
23 maart 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
21 april 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Verslag GOA |
1 juni 2018 |
|
naam GOA |
Brenda Dierckx |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
0 |
0 |
0 |
0 |
Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018034097 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
NV WINVEST Holding met als adres Plantinkaai 5 te 2000 Antwerpen |
|
Ligging van het project: |
Kattendijkdok-Oostkaai 15 te 2000 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 7 sectie G nr. 155Z |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag |
verbouwen en uitbreiden van een meergezinswoning |
Stedenbouwkundige handelingen
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.