Terug

2018_CBS_04512 - Principes Rechtspositieregeling. - Vereenvoudiging. Optimalisaties. - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 18/05/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Marc Van Peel, schepen; Glenn Verspeet, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_04512 - Principes Rechtspositieregeling. - Vereenvoudiging. Optimalisaties. - Goedkeuring 2018_CBS_04512 - Principes Rechtspositieregeling. - Vereenvoudiging. Optimalisaties. - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 43 § 1 en artikel 57 § 2 van het Gemeentedecreet.

Argumentatie

Momenteel wordt de leesbaarheid van de rechtspositieregeling door het personeel als zwaar ervaren en is de huidige rechtspositieregeling, gelet op het snel vernieuwde HR-beleid, vaak niet voldoende aangepast of in de huidige vorm van de rechtspositieregeling moeilijk aanpasbaar. In het kader van een meer modern HR-beleid is een vereenvoudiging van de rechtspositieregeling aangewezen, die meer is opgesteld vanuit verschillende principes dan vanuit regulering van alle mogelijke situaties die zich zouden kunnen voordoen. Bij de komende wijzigingen aan de rechtspositieregeling zal daarom steeds vertrokken worden van onderstaande principes:

  • Principe 1: De burger verdient de beste overheid die een realistische weerspiegeling is van de samenleving. Alle hinderpalen die dit verhinderen worden weggewerkt.
  • Principe 2: De grootstedelijke organisatie is een dynamische en open netwerkorganisatie: vlak, slank en zonder te veel hiërarchische lagen.
  • Principe 3: De grootstedelijke organisatie wordt op democratische wijze aangestuurd. Elke medewerker gedraagt zich volgens de stadswaarden en straalt ze uit.
  • Principe 4: Onze organisatie is gebaseerd op wederzijds vertrouwen. Dit kan resulteren in minder regels, procedures en controles. Als medewerkers dit vertrouwen beschamen nemen we gepaste maatregelen.
  • Principe 5: De medewerkers zijn flexibel inzetbaar in de grootstedelijke organisatie in functie van de beleidsdoelstellingen.
  • Principe 6: De stad is een motiverende werkgever voor gemotiveerde werknemers.
  • Principe 7: Er worden afspraken gemaakt tussen de hogere leidinggevende namens de werkgever en de medewerker, in functie van de opdracht die er ligt.
  • Principe 8: Medewerkers staan zelf in voor hun ontwikkeling en volgen vorming in functie van hun eigen loopbaanambities.
  • Principe 9: Medewerkers zijn digitaal beschikbaar en bereikbaar in functie van het werk.
  • Principe 10: Het bestuur streeft er naar om de onrechtvaardige verschillen in arbeidsvoorwaarden tussen statutairen en contractuelen op te heffen.
  • Principe 11: In de grootstedelijke organisatie wordt gewerkt volgens het principe “loon naar werken”.

Ook zullen de aanpassingen aan rechtspositieregeling, in navolging van de mogelijkheid tot afwijkingen op het BVR RPR, op maat van de grootstad Antwerpen gebeuren.

Juridische grond

  • Artikel 41 van de Grondwet; dit artikel is de basis voor de lokale autonomie;
  • Artikel 116 van het Gemeentedecreet;
  • Artikel 195 van het Decreet Lokaal Bestuur; dit artikel treedt inwerking op 1 januari 2019 en is een letterlijke overname van artikel 116 van het Gemeentedecreet.

Aanleiding en context

In het regeerakkoord van de Vlaamse regering 2014- 2019 van 23 juni 2014 is onder het hoofdstuk 1 met betrekking tot binnenlands bestuur en stedenbeleid het volgende bepaald: "We geven de steden en gemeenten meer autonomie met betrekking tot hun interne organisatie. Op het vlak van het personeelsbeleid geven we de gemeenten en in het bijzonder de grootste steden meer vrijheidsgraden om hun plaatselijke rechtspositieregeling vorm te geven. We erkennen de rol van de gemeenten in het syndicaal overleg. We maken mogelijk dat lokale besturen op flexibele manier een beroep kunnen doen op uitzendarbeid. We waken erover dat dienstverlening van de lokale besturen aan de burgers neutraal is en als neutraal ervaren wordt."

Bij decreet van 3 juni 2016 tot wijziging van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 (…) werd het artikel 116 van het Gemeentedecreet gewijzigd. Het artikel 116 van het Gemeentedecreet voorziet de mogelijkheid voor grootsteden met een inwonersaantal gelijk aan of hoger dan 200.000 inwoners gemotiveerd te kunnen afwijken van het BVR RPR voor wat betreft de bezoldigingsregeling, de salarisschalen, de toelagen, vergoedingen, het verlof en de afwezigheden.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt goed dat bij wijzigingen aan de rechtspositieregeling de vereenvoudiging, de leesbaarheid van de rechtspositieregeling en het schrijven op maat van de stad Antwerpen voorop staat, vertrekkende uit de principes zoals opgenomen in de argumentatie.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Artikel 3

Het college geeft opdracht aan:

Het managementteam om in de werking en in de uitwerking van de RPR vanuit deze principes te vertrekken.
Strategische coördinatie om hier ook rekening mee te houden in de uitwerking van de organisatiestructuur.
Personeelsmanagement om een plan van aanpak op te stellen in het kader van de vereenvoudiging van de rechtspositieregeling.