Terug

2018_CBS_05949 - Omgevingsvergunning - OMV_2018039696. Bredabaan 527. District Merksem - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/06/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_05949 - Omgevingsvergunning - OMV_2018039696. Bredabaan 527. District Merksem - Goedkeuring 2018_CBS_05949 - Omgevingsvergunning - OMV_2018039696. Bredabaan 527. District Merksem - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

Adviezen

Externe adviezen

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Digit - Vlaams gewest, Agentschap Wegen en Verkeer Antwerpen

15 mei 2018

18 mei 2018

Voorwaardelijk gunstig

Digit - Eandis / IMEA

15 mei 2018

23 mei 2018

Voorwaardelijk gunstig

Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie

15 mei 2018

15 juni 2018

Voorwaardelijk gunstig

Interne adviezen

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

stadsontwikkeling/ mobiliteit

15 mei 2018

25 mei 2018

DL adresbeheer (huisnummers)

15 mei 2018

15 mei 2018

Toetsing voorschriften

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.

Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)

Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Hemelwater: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (verder genoemd verordening hemelwater).
    (De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater)

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend punt: er wordt geen hemelwaterput voorzien.

  • Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
    (De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen)

De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

Algemene bouwverordeningen

  • Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
    (De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen)

De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Overwelven waterlopen: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het overwelven of inbuizen van niet geklasseerde waterlopen en waterlopen van 3de categorie (verder genoemd verordening overwelven waterlopen), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 26 januari 2009 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 4 juni 2009.
    (De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’)

De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
    (De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’)

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:

  • artikel 43: Septische putten: de septische put wordt met een te kleine inhoud voorzien (2700L) Deze moet een minimale inhoud hebben van 3750L.

Sectorale wetgeving

  • MER-screening: de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag, beslist of er een project-MER moet worden opgesteld. De betrokken overheid doet dat op het ogenblik van de beslissing over de ontvankelijk- en volledigheid van de vergunningsaanvraag of, bij gebreke daaraan, binnen 90 dagen na de datum van ontvankelijk- en volledigheid.

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

  • Watertoets: overeenkomstig artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets.

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.

  • Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.
    (De kwaliteitsnormen  voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op ‘kwaliteitsbesluit’)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.

Omgevingstoets

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag betreft de afbraak van een meergezinswoning met een handelsgelijkvloers en de nieuwbouw van een meergezinswoning. De nieuwe functie is in harmonie met de kenmerkende woonfuncties in de Bredabaan.

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen. 

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 4 parkeerplaatsen.

De parkeerbehoefte wordt bepaald op de nieuwbouw. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1. De parkeerbehoefte bedraagt hier dus 4. 

De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0 .

De aanvraag is voor advies opgestuurd naar het Agentschap Wegen en Verkeer

Het Agentschap adviseert voorwaardelijk gunstig met volgende beoordeling: “Om deze redenen adviseert het Agentschap Wegen en Verkeer gunstig onder volgende voorwaarden: Er moeten voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein voorzien worden. Er moet een plaatsbeschrijving opgemaakt worden voor de start der werken.”

Echt is dit niet mogelijk omwille van: ‘Voorliggende aanvraag heeft betrekking op een pand met een perceelsbreedte van minder dan of gelijk aan 8 m. Volgens art. 12, §3, 1° (Levendige plint) is een toegangspoort voor een autobergplaats niet toegelaten.’

Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 4 – 2 = 2 .

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4 – 0 = 4 . Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4 .

Echter kan de berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project worden verminderd met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is.

Bijgevolg kan de parkeerbehoefte van de vergunde toestand in mindering gebracht worden voor 2 parkeerplaatsen.

“Het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein is 2 doordat er 2 woningen aanwezig waren. Met de handelszaak wordt geen rekening gehouden door de beperkte oppervlakte hiervan.”

Het bijgestelde aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 4 – 2 = 2 .

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 2 plaatsen.

Fietsvoorzieningen:

De fietsparkeerbehoefte wordt bepaald op het aantal slaapkamers per woning vermeerderd met 1.

Dit project bestaat uit 4 woningen: 3 woningen met 1 slaapkamer en 1 woning met 2 slaapkamers. De fietsparkeerbehoefte wordt als volgt berekend: 3 x (1 + 1) + 1 x (2 + 1) = 8 .

Het project voorziet een fietsenstalling op de kelderverdieping met plaats voor 9 fietsen. Deze is bereikbaar via een trapgoot.

De fietsenkelder is moeilijk bereikbaar doordat er verschillende deuren opengedaan moeten worden. Het is wenselijk automatische deurmagneten te gebruiken om het makkelijker te maken voor fietsen om de stalling te bereiken, omdat door deze magneten de deuren open kunnen blijven staan en sluiten op het moment dat het brandalarm afgaat. Het voorzien van automatische deurmagneten wordt meegenomen naar de voorwaarden.

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De bouwdieptes en bouwhoogte van het project passen zich in in de dichte stedelijke bebouwing van de onmiddellijke omgeving. De schaal van de aanvraag is overeenstemmend met deze van de omgeving.

Visueel-vormelijke elementen

De gevels worden afgewerkt met arduinen natuursteen, lichtgrijze gevelsteen en zwart aluminium buitenschrijnwerk. Deze materialen passen binnen de omgeving waarop de aanvraag betrekking heeft en zijn dus aanvaardbaar.

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

De aanvraag voldoet aan de wetgeving op lichten en zichten en heeft niet meer impact op de belendende percelen dan dat normalerwijze kon verwacht worden.

Advies aan het college

Stedenbouwkundige handelingen

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van 1e ingebruikname/exploitatie strikt na te leven;
  • een septische put met minimum inhoud van 3750 liter plaatsen, conform artikel 43 van de bouwcode;
  • automatische deurmagneten plaatsen in de fietsenkelder zodat de fietsenstalling gemakkelijk bereikbaar is, maar de deuren automatisch sluiten indien het brandalarm afgaat;
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Fasering

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

10 april 2018

Volledig- en ontvankelijk

10 mei 2018

Opening openbaar onderzoek

geen

Afsluiten openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Uiterste beslissingsdatum

8 juli 2018

Verslag GOA

18 juni 2018

naam GOA

Martijn Coppoolse

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Onderzoek

Bevraging aanpalenden

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.

Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten

Schriftelijke bezwaarschriften

Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften

Petitielijsten

Digitale bezwaarschriften

0

0

0

0

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet. 

Projectnummer :

OMV_2018039696

Gegevens van de aanvrager:

Black Creek Invest met als adres Ravenshout 3154 te 3980 Tessenderlo

Ligging van het project:

Bredabaan 527 te 2170 Merksem (Antwerpen)

Kadastrale gegevens:

afdeling 40 sectie C nr. 209F7

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

slopen van de bestaande bebouwing en het bouwen van een meergezinswoning met 4 appartementen

Omschrijving aanvraag

Stedenbouwkundige handelingen

Relevante voorgeschiedenis

  • 31/03/1977: vergunning (103#2436) voor een voorgevelverbouwing;
  • 24/05/2005: overtreding (2002918) voor binnenverbouwingswerken met constructiewijzigingen;
  • xx/xx/2007: overtreding (2007811) voor het wijzigen van het aantal woongelegenheden van 1 naar 2;
  • 23/05/2008: vergunning (NME/2008/B/0195) voor het regulariseren van de verbouwing van een eengezinswoning naar meergezinswoning met handelsgelijkvloers;
  • 20/07/2012: overtreding (20102947) voor het vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 1 naar 5;
  • 10/02/2014: overtreding (2014872) voor een niet zichtbare etalage of gebruiksruimte vanaf de openbare weg en geen geldige uitbatingsvergunning;
  • 18/02/2014: overtreding (2014338) voor het plaatsen van rookgasafvoeren en afvoeren van shisha, op het plat dak van de gelijkvloerse verdieping achteraan het pand;
  • 19/06/2014: overtreding (20132124) voor een nieuwe inbreuk, werken uitvoeren niet conform vergunning 20081361, een mezzanine maken op de 2de verdieping, geen brandweervoorzieningen;
  • 24/04/2015: vergunning (NME/B/2015407) voor het afbreken van een woning en nieuwbouwen van 4 appartementen. Verval van vergunning opgesteld op 9/06/2018.

Laatst vergunde toestand

  • meergezinswoning met handelsgelijkvloers in gesloten bebouwing;
  • maximale bouwdiepte bevindt zich op ongeveer 4 meter van de achterste perceelsgrens;
  • kroonlijsthoogte wordt op ongeveer 10,43m gerealiseerd;
  • nokhoogte bedraagt ongeveer 12,30m;
  • op het gelijkvloers is er een handelszaak geïnstalleerd met achterliggend bureel;
  • op de koer achteraan wordt er een septische put voorzien;
  • vooraan op de eerste verdieping wordt er een studio gerealiseerd;
  • aan de rechterachterzijde van verdieping 1.5 wordt er een bureau voorzien;
  • op de 2de verdieping wordt er onder het zadeldak nog een studio ingeplant.

Bestaande toestand

  • meergezinswoning in gesloten bebouwing.

Inhoud van de aanvraag

  • slopen van de bestaande bebouwing;
  • bouwen van een meergezinswoning met 5 bovengrondse en 1 ondergrondse bouwlaag waarin  4 appartementen worden voorzien;
  • maximale bouwdiepte wordt op 12,80m gerealiseerd;
  • maximale bouwhoogte bedraagt 16,10m;
  • de kelder wordt half bovengronds voorzien heeft een bouwdiepte van 12,80m en hierin zullen de fietsenstalling, de afvalberging, afzonderlijke bergingen, de technische ruimte en de septische put geïnstalleerd worden;
  • de fietsenkelder is toegankelijk via een trap met fietsgoot;
  • op het gelijkvloers wordt er een appartement gerealiseerd met een terras voorzien in waterdoorlatende klinkers en tuin met een gezamenlijke diepte van 10,55m;
  • het appartement op de eerste verdieping en tweede verdieping worden voorzien van een inpandig terras achteraan aan de linkerzijde en is toegankelijk via de leefruimte;
  • het duplexappartement dat zich over de derde en vierde verdieping verdeelt heeft op de derde verdieping achteraan aan de rechtse zijde een uitpandig terras. Het resterende dakoppervlak wordt ingericht als groendak;
  • op de vierde verdieping wordt er achteraan nog een inpandig terras voorzien;
  • het dak wordt als extensief groendak aangelegd;
  • de voorgevel wordt opgetrokken in een natuurstenen plint en geel/beige baksteen met een zwart aluminium buitenschrijnwerk;
  • de achtergevel wordt gerealiseerd in dezelfde geel/beige baksteen als de voorgevel met een zwart aluminium buitenschrijnwerk.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:

  • de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken, zijn strikt na te leven;
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van 1e ingebruikname/exploitatie strikt na te leven;
  • een septische put met minimum inhoud van 3750 liter plaatsen, conform artikel 43 van de bouwcode;
  • automatische deurmagneten plaatsen in de fietsenkelder zodat de fietsenstalling gemakkelijk bereikbaar is, maar de deuren automatisch sluiten indien het brandalarm afgaat;
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.