Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - Vlaams gewest, Agentschap Wegen en Verkeer Antwerpen |
15 mei 2018 |
18 mei 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - Eandis / IMEA |
15 mei 2018 |
23 mei 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
15 mei 2018 |
15 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
15 mei 2018 |
25 mei 2018 |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
15 mei 2018 |
15 mei 2018 |
Toetsing voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend punt: er wordt geen hemelwaterput voorzien.
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
Sectorale wetgeving
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag betreft de afbraak van een meergezinswoning met een handelsgelijkvloers en de nieuwbouw van een meergezinswoning. De nieuwe functie is in harmonie met de kenmerkende woonfuncties in de Bredabaan.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 4 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de nieuwbouw. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1. De parkeerbehoefte bedraagt hier dus 4. |
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0 . De aanvraag is voor advies opgestuurd naar het Agentschap Wegen en Verkeer Het Agentschap adviseert voorwaardelijk gunstig met volgende beoordeling: “Om deze redenen adviseert het Agentschap Wegen en Verkeer gunstig onder volgende voorwaarden: Er moeten voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein voorzien worden. Er moet een plaatsbeschrijving opgemaakt worden voor de start der werken.” Echt is dit niet mogelijk omwille van: ‘Voorliggende aanvraag heeft betrekking op een pand met een perceelsbreedte van minder dan of gelijk aan 8 m. Volgens art. 12, §3, 1° (Levendige plint) is een toegangspoort voor een autobergplaats niet toegelaten.’ |
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 4 – 2 = 2 . Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4 – 0 = 4 . Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4 . Echter kan de berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project worden verminderd met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is. Bijgevolg kan de parkeerbehoefte van de vergunde toestand in mindering gebracht worden voor 2 parkeerplaatsen. “Het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein is 2 doordat er 2 woningen aanwezig waren. Met de handelszaak wordt geen rekening gehouden door de beperkte oppervlakte hiervan.” Het bijgestelde aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 4 – 2 = 2 . Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 2 plaatsen. |
Fietsvoorzieningen:
De fietsparkeerbehoefte wordt bepaald op het aantal slaapkamers per woning vermeerderd met 1.
Dit project bestaat uit 4 woningen: 3 woningen met 1 slaapkamer en 1 woning met 2 slaapkamers. De fietsparkeerbehoefte wordt als volgt berekend: 3 x (1 + 1) + 1 x (2 + 1) = 8 .
Het project voorziet een fietsenstalling op de kelderverdieping met plaats voor 9 fietsen. Deze is bereikbaar via een trapgoot.
De fietsenkelder is moeilijk bereikbaar doordat er verschillende deuren opengedaan moeten worden. Het is wenselijk automatische deurmagneten te gebruiken om het makkelijker te maken voor fietsen om de stalling te bereiken, omdat door deze magneten de deuren open kunnen blijven staan en sluiten op het moment dat het brandalarm afgaat. Het voorzien van automatische deurmagneten wordt meegenomen naar de voorwaarden.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De bouwdieptes en bouwhoogte van het project passen zich in in de dichte stedelijke bebouwing van de onmiddellijke omgeving. De schaal van de aanvraag is overeenstemmend met deze van de omgeving.
Visueel-vormelijke elementen
De gevels worden afgewerkt met arduinen natuursteen, lichtgrijze gevelsteen en zwart aluminium buitenschrijnwerk. Deze materialen passen binnen de omgeving waarop de aanvraag betrekking heeft en zijn dus aanvaardbaar.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De aanvraag voldoet aan de wetgeving op lichten en zichten en heeft niet meer impact op de belendende percelen dan dat normalerwijze kon verwacht worden.
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
10 april 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
10 mei 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
8 juli 2018 |
|
Verslag GOA |
18 juni 2018 |
|
naam GOA |
Martijn Coppoolse |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Bevraging aanpalenden
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
0 |
0 |
0 |
0 |
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018039696 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
Black Creek Invest met als adres Ravenshout 3154 te 3980 Tessenderlo |
|
Ligging van het project: |
Bredabaan 527 te 2170 Merksem (Antwerpen) |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 40 sectie C nr. 209F7 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
slopen van de bestaande bebouwing en het bouwen van een meergezinswoning met 4 appartementen |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.