Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - Vg, Agentschap Onroerend Erfgoed Antwerpen monumenten en archeologie |
3 april 2018 |
10 april 2018 |
Geen advies vereist volgens wijzigingsdecreet van het onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
3 april 2018 |
Geen tijdig advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
3 april 2018 |
17 april 2018 |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie |
3 april 2018 |
25 april 2018 |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ monumentenzorg |
3 april 2018 |
5 april 2018 |
|
autonoom gemeentebedrijf vastgoed en stadsprojecten Antwerpen |
3 april 2018 |
Geen tijdig advies ontvangen |
Toetsing voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan op volgend punt:
Er wordt op het gelijkvloers geen open ruimte voorzien.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
Sectorale wetgeving
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op ‘kwaliteitsbesluit’
De archeologienota werd bekrachtigd door het agentschap Onroerend Erfgoed op 27/02/2018.
De nota toont gemotiveerd aan dat er geen verder archeologisch onderzoek moet plaatsvinden.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
Een gevelafwerking in grijskleurige zinkleien is niet in harmonie met het referentiekader en daarom strijdig met de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan. De lichte kleur en het natuurlijke, duurzame karakter van het vooropgestelde gevelmateriaal maakt dat de gevel zich wel inpast binnen de historische context. De welstandscommissie verleende een gunstig advies voor deze materiaalkeuze. Ook de stedelijke dienst monumentenzorg adviseert deze aanvraag gunstig. Rekening houdende met het bovenstaande, wordt een afwijking op de voorschriften toegestaan.
De gevelbreedte van 14,80m laat volgens artikel 12 van de bouwcode slechts 1 garagepoort toe. De aanvrager vraagt een afwijking op deze voorschriften en wenst 2 poorten te plaatsen in de gevel aan de Burchtgracht. De beperkte diepte van het perceel maakt dat er geen autostaanplaats met fietsenberging achter 1 poort kan voorzien worden. Aangezien de poorten volledig worden opgenomen in het gevelritme, is een toekomstige herbestemming van de garage mogelijk (bv. uitbreiding kantoor). Naast de poorten wordt de gelijkvloerse gevelpui maximaal opengewerkt, waardoor een regelmatig contact tussen de gebruikers van het gebouw en de straat gegarandeerd wordt. Rekening houdende met het bovenstaande en de motivatie opgenomen in de beschrijvende nota, wordt op basis van artikel 3 van de bouwcode een afwijking toegelaten.
Bij nieuwbouw moet minimaal percentage van de oppervlakte van het perceel op het niveau van het maaiveld onbebouwd zijn. Het ontwerp voorziet geen onbebouwde ruimte op het gelijkvloers. Op de tweede verdieping wordt een dakterras gecreëerd als buitenruimte voor de woning. Gezien de ligging van het perceel op de hoek en gezien de beperkte oppervlakte, laten de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan en de bouwcode een afwijking toe.
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag betreft de bouw van een eengezinswoning. Op het gelijkvloers bevindt zich een kantoorruimte als complementaire functie bij het wonen. Als voorwaarde wordt opgelegd dat het gebouw (inclusief) kantoor één en ondeelbaar moeten zijn in gebruik, verhuur en verkoop.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaatsen. Cfr. Advies stedelijke dienst mobiliteit: De aanvraag betreft de bouw van een eengezinswoning. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en of functiewijziging. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1 De werkelijke parkeerbehoefte is 1
|
|
De plannen voorzien in 1 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1. Dit aantal is toereikend.
|
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 0. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 0 plaatsen. |
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Visueel-vormelijke elementen
De huidige site betreft een braakliggend terrein. Vroeger stonden er 4 kleine woningen welke na een verleende bouwvergunning in 1994 werden gesloopt. De open ruimte omringd door wacht- of achtergevels zorgt voor een onafgewerkte bouwblok in het historische stadsweefsel.
Het nieuwe volume bestaat uit 3 bouwlagen en een zolderverdieping. De vormentaal van de aangrenzende bebouwing wordt overgenomen en de goot- en nokhoogte sluiten aan op deze van de naastliggende bebouwing. Om de lichtinval van de bestaande bebouwing zoveel mogelijk te vrijwaren, wordt het volume uitgehold. Dit creëert eveneens de mogelijkheid van een dakterras. Dit concept resulteert in een heldere en archetypische doch geïntegreerde verschijning binnen de historische stadskern.
Het project is met de Welstandscommissie besproken (24 11 2017 en 09 02 2018) en werd voorwaardelijk gunstig geadviseerd. De opmerkingen van de Welstandscommissie zijn verwerkt in de voorgelegde plannen.
Cultuurhistorische aspecten
Het braakliggend terrein is gesitueerd in een zone die volgens het ruimtelijk uitvoeringsplan –binnenstad- werd ingekleurd als een woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde. Aan de beschrijvende nota werd een cultuurhistorische motiveringsnota toegevoegd.
In 1994 werd een vergunning verleend om de bestaande bebouwing te slopen. Tot op heden is het terrein braakliggend. Dit werkt beeldverstorend voor de straat. Voorliggend ontwerp past zich op een correcte manier in de bestaande straatwand en in de perceelstructuur van de omgeving in. De architecturale verschijningsvorm werd beoordeeld en gunstig bevonden door de stedelijke welstandscommissie. De stedelijke dienst monumentenzorg adviseert deze aanvraag dan ook gunstig.
Het geplande bouwproject valt binnen de drempelwaarden voor de verplichte opmaak van een archeologienota volgens art. 5.4.1. van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013: het project is gedeeltelijk gelegen in de archeologisch beschermde burchtzone.
De archeologienota (nr.6666) werd op 27 februari 2018 ingediend door het bedrijf ABO en door het agentschap Onroerend Erfgoed bekrachtigd.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Mits voldaan aan de gestelde voorwaarden, voldoet de aanvraag aan de actuele eisen inzake veiligheid en woonkwaliteit.
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
28 februari 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
28 maart 2018 |
|
Start openbaar onderzoek |
9 april 2018 |
|
Einde openbaar onderzoek |
8 mei 2018 |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
11 juli 2018 |
|
Verslag GOA |
19 juni 2018 |
|
naam GOA |
Helia Dezhpoor |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Startdatum |
Einddatum |
Schriftelijke bezwaar-schriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaar-schriften |
Petitie-lijsten |
Digitale bezwaar-schriften |
|
9 april 2018 |
8 mei 2018 |
0 |
0 |
0 |
1 |
Bespreking van de bezwaren
Er werd 1 bezwaarschrift ingediend, voornamelijk handelend over
Beoordeling:
Het perceel waarop de nieuwbouwwoning wordt gerealiseerd betreft een bouwgrond. Het spreekt voor zich dat de aanvrager de werken moet uitvoeren volgens de regels van de kunst. De verantwoordelijkheid met betrekking tot de brandveiligheid van belendende eigendommen kan echter niet overgedragen worden op de eigenaar van betreffend perceel. Het bezwaar is niet van stedenbouwkundige aard en is dan ontvankelijk, maar ongegrond.
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018018041 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
NV Bermaso met als adres Wijnegemsteenweg 22 bus 1 te 2970 Schilde |
|
Ligging van het project: |
Burchtgracht ZN te 2000 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 1 sectie A nr. 1758A |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
bouwen van een eengezinswoning met garage |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag:
Het college sluit zich integraal aan bij:
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.