Terug

2018_CBS_05931 - Omgevingsvergunning - OMV_2018044179. Heidestraat 203. District Hoboken - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/06/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_05931 - Omgevingsvergunning - OMV_2018044179. Heidestraat 203. District Hoboken - Goedkeuring 2018_CBS_05931 - Omgevingsvergunning - OMV_2018044179. Heidestraat 203. District Hoboken - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

Adviezen

Er werden geen adviezen gevraagd.

Toetsing aan de voorschriften

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.

Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)

Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Hemelwater: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (verder genoemd verordening hemelwater).
    (De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater)

De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
    (De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen)

De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

Algemene bouwverordeningen

  • Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
    (De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen)

De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Overwelven waterlopen: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het overwelven of inbuizen van niet geklasseerde waterlopen en waterlopen van 3de categorie (verder genoemd verordening overwelven waterlopen), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 26 januari 2009 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 4 juni 2009.
    (De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’)

De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
    (De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’)

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend punt:

  • artikel 12 Levendige plint:
    op het gelijkvloers is aan de straatkant een fietsenberging in plaats van een verblijfsruimte ingepland.

Sectorale wetgeving

  • MER-screening: de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag, beslist of er een project-MER moet worden opgesteld. De betrokken overheid doet dat op het ogenblik van de beslissing over de ontvankelijk- en volledigheid van de vergunningsaanvraag of, bij gebreke daaraan, binnen 90 dagen na de datum van ontvankelijk- en volledigheid.

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

  • Watertoets: overeenkomstig artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets.

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.

  • Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.
    (De kwaliteitsnormen  voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op ‘kwaliteitsbesluit’)

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.

Omgevingstoets

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag heeft betrekking op een eengezinswoning in gesloten bebouwing. De omgeving van de Heidestraat wordt gekenmerkt door een mix van aaneengesloten één- en meergezinswoningen. De functie van eengezinswoning wijzigt niet. Bijgevolg is de functie inpasbaar in zijn omgeving.

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De aanvrager wenst de eengezinswoning achteraan uit te breiden en tevens een extra bouwlaag toe te voegen. De woningen in de Heidstraat worden gekenmerkt door twee bouwlagen met een zolderverdieping onder een schuin dak. Het toevoegen van een volwaarde eerste verdieping met een zolderverdieping onder het schuine dak is dus in harmonie met de bebouwde omgeving. De totale nokhoogte komt op 11,08 meter in plaats van 8,32 meter. Het gabarit sluit aan bij de aanpalende panden.

Op het gelijkvloers wordt een nieuwe aanbouw voorzien over de volledige perceelbreedte tot een bouwdiepte van 17 meter, in plaats van 14,61 meter met aan de rechter zijde een overdekte koer. De eerste verdieping komt tot een bouwdiepte van 13 meter en de dakverdieping tot 8,30 meter. Het voorgestelde bouwvolume is veel voorkomend, typerend in de omgeving en dus vanuit stedenbouwkundig aanvaardbaar.

Visueel-vormelijke elementen

De nieuwe voorgevel wordt afgewerkt in een lichtbeige gevelsteen met een lichtbeige rockpanel bakgoot, lichtbeige pvc buitenschrijnwerk en een plint in blauwe steen. De nieuwe achtergevel krijgt een gelijkaardige vormgeving: lichtbeige gevelsteen, lichtbeige rockpanel ter hoogte van de kroonlijst en lichtbeige pvc buitenschrijnwerk. Het nieuwe dak wordt bekleed met antracietgrijze dakpannen. De uitvoering en gebruikte materialen zijn in harmonie met de gebouwde omgeving en stedenbouwkundig aanvaardbaar.

Het isoleren van gevels wordt positief beoordeeld. Rekening houdend met het rooilijndecreet enerzijds en de beoogde verduurzaming van de woning anderzijds, wordt opgelegd om het gevelpakket (isolatie en bekleding) maximaal te voorzien, met een totale dikte van 14cm ten opzichte van de gevellijn. De uitstekende delen van een gevel (plint, raamdorpel, kroonlijst, …) zorgen voor een detaillering van de gevel. Daarnaast hebben deze details ook een functie. Zo beschermt de plint tegen beschadigingen, vervuiling, ... Het toepassen van buitengevelisolatie leidt tot een vervlakking van het straatbeeld door een verlies aan detaillering. Om een verarming van het gevelbeeld tegen te gaan, wordt opgelegd dat de raamdorpels, kroonlijst, … voldoende uitsteken.

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

De nieuwe gelijkvloerse achterbouw voorziet dubbele glazen schuifdeuren naar de aangrenzende stadstuin. Hierdoor wordt het contact tussen de verblijfsruimte (keuken) en de buitenruimte versterkt, wat de woonkwaliteit ten goede komt. Op het platte dak van de gelijkvloerse uitbouw wordt een lichtkoepel geplaats, wat zorgt voor extra lichtinval in de keuken.

Aan de straatzijde worden op het gelijkvloers een fietsenberging voorzien. Dit is niet in overeenstemming met artikel 12 van de Bouwcode, waarbij aan de straatzijde een levendige functie voorzien dient te worden. In de vergunning zal als voorwaarde worden opgelegd de fietsenberging in te richten met een levendige functie, zodat het contact met de straat gegarandeerd wordt.

Volgens het dakplan worden de nieuwe platte daken uitgevoerd als een groendak. Op de detailleringsplannen staat dit echter niet meer weergegeven. Vanuit duurzaamheid heeft een groendak een aantal belangrijke voordelen ten opzichte van een gewoon dak. Ze zorgen voor een kleinere hoeveelheid afgevoerd regenwater en beperken gelijktijdig het piekdebiet bij stortbuien. Ook verminderen ze het “urban heat island” effect en werken ze als (extra) dakisolatie tegen oververhitting. Ze capteren fijn stof, en zorgen voor meer biodiversiteit in de stad. Omwille van dit positief effect is het verplicht om alle nieuwe platte daken ten minste als extensief groendak aan te leggen. Dit zal dus eveneens als voorwaarde in de vergunning worden opgelegd.

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Parkeerparagraaf niet van toepassing

Het algemene principe is dat elke bouwaanvraag een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, is het de bedoeling om parkeren maximaal op eigen terrein te voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

De parkeerparagraaf is niet van toepassing aangezien de aanvraag betrekking heeft op de verbouwing van een eengezinswoning waarbij de functie en het aantal woongelegenheden ten opzichte van het bestaande ongewijzigd blijven.

Advies aan het college

Stedenbouwkundige handelingen

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

  1. De fietsenberging in te richten met een levendige functie, conform artikel 12 van de Bouwcode;
  2. de nieuwe platte daken effectief uit te voeren als een groendak, conform artikel 38 van de Bouwcode;
  3. het gevelpakket (isolatie en bekleding) maximaal te voorzien met een totale dikte van 14cm ten opzichte van de gevellijn;
  4. de raamdorpels, kroonlijst, … voldoende te laten uitsteken om vervlakking van de gevel tegen te gaan bij het isoleren;
  5. na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Fasering

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

12 april 2018

Volledig- en ontvankelijk

11 mei 2018

Opening openbaar onderzoek

geen

Afsluiten openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Verslag GOA

21 juni 2018

naam GOA

Martijn Coppoolse

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Onderzoek

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.

Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten

Schriftelijke bezwaarschriften

Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften

Petitielijsten

Digitale bezwaarschriften

0

0

0

0

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

Projectnummer :

OMV_2018044179

Gegevens van de aanvrager:

de heer Abdelhalim Boudouft Kadda met als adres Heidestraat 203 te 2660 Hoboken (Antwerpen)

Ligging van het project:

Heidestraat 203 te 2660 Hoboken (Antwerpen)

Kadastrale gegevens:

afdeling 36 sectie B nr. 224M2

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag

verbouwen van een eengezinswoning


Stedenbouwkundige handelingen

Relevante voorgeschiedenis

  • geen voorgeschiedenis beschikbaar.

Laatst vergunde toestand

  • geen laatst vergunde toestand beschikbaar.

Bestaande toestand

  • het pand bestaat uit een bouwlaag en een dakverdieping;
  • het gebouw is ingericht als eengezinswoning;
  • de bouwdiepte bedraagt 14,61 meter op het gelijkvloers en 8,20 meter op de eerste verdieping;
  • op de benedenverdieping is een living, zithoek, eetplaats en keuken voorzien;
  • op de eerste verdieping zijn twee slaapkamers ingericht;
  • de voorgevel is afgewerkt in een lichte bezetting en groen geschilderd houten schrijnwerk.

Inhoud van de aanvraag

  • uitbreiden van een eengezinswoning door het toevoegen van een extra bouwlaag;
  • de bouwdiepte op het gelijkvloers bedraagt in de nieuwe toestand 17 meter;
  • de bouwdiepte op de eerste verdieping wordt uitgebreid naar 13 meter;
  • de dakverdieping komt op een diepte van 8,30 meter;
  • op de benedenverdieping wordt vooraan een fietsenberging voorzien, achteraan komt er leefruimte en keuken;
  • op de eerste en tweede verdieping worden vijf slaapkamers en twee badkamers ingericht;
  • de voorgevel wordt afgewerkt in een lichtbeige gevelsteen en een plint in blauwe steen;
  • het schrijnwerk zal bestaan uit lichtbeige pvc.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:

  • de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken, strikt na te leven;
  • de fietsenberging in te richten met een levendige functie, conform artikel 12 van de Bouwcode;
  • de nieuwe platte daken effectief uit te voeren als een groendak, conform artikel 38 van de Bouwcode;
  • het gevelpakket (isolatie en bekleding) maximaal te voorzien met een totale dikte van 14cm ten opzichte van de gevellijn;
  • de raamdorpels, kroonlijst, … voldoende te laten uitsteken om vervlakking van de gevel tegen te gaan bij het isoleren;
  • na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.
 

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.