Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar dat bij dit besluit is gevoegd.
De aanvraag handelt over het uitbreiden van een bestaand schoolgebouw. De gemeentelijk omgevingsambtenaar stelt het doortrekken van de staande naad van het zink op de onderlinge verdiepingen van de zuidgevel in vraag wat realisatie en duurzaamheid betreft. De aanvrager opteert om de gevels af te werken met een zinken bekleding met een regelmatige stijlenstructuur om de nodige diepte aan de gevelvlakken te geven. Deze stijlen worden uitgelijnd met de bestaande raamopeningen. Door te werken met een roodbruinkleurig zink wordt een harmonieus geheel gecreëerd met het bestaande gevel metselwerk. Deze strips accentueren ook de naam “Parkschool Ieperman” op de gevel bevestigd.
Zink is een duurzaam bouwmateriaal, dat van oudsher wordt toegepast in hemelwater- afvoersystemen en in dak- en gevelbekledingen, en is daarnaast ook nog volledig recyclebaar zonder kwaliteitsverlies. Het geeft een speciale uitstraling aan gebouwen. Zink wordt gewaardeerd als bouwmateriaal door de vele toepassingsmogelijkheden, de lage onderhoudskosten en de toegevoegde waarde aan gebouwen. Op het zink zal zich na verloop van tijd als gevolg van een natuurlijk corrosieproces een zilverkleurige patineerlaag gaan vormen. Deze natuurlijke beschermlaag zorgt ervoor dat het zink goed beschermd is tegen vocht en dat het niet verder gaat corroderen. Het voorgestelde hoogwaardige zink heeft reeds een prepatine-oppervlaktebehandeling ondergaan zodat het beantwoord aan de strengste Europese kwaliteitsnormen ook wat duurzaamheid betreft, een laagje zinkfosfaat maakt het materiaal bestendig tegen o.a. invloed van UV-straling.
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
14 mei 2018 |
24 mei 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - FOD Mobiliteit en Vervoer - Dienst Luchtvaart |
14 mei 2018 |
Geen tijdig advies ontvangen |
Geen tijdig advies ontvangen waardoor aan de adviesvereiste kan worden voorbijgegaan |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
14 mei 2018 |
29 mei 2018 |
|
stadsbeheer/ groen en begraafplaatsen |
14 mei 2018 |
15 mei 2018 |
Toetsing voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.) In gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud. (Artikel 6 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
Het goed is gelegen binnen de grenzen van het bijzonder plan van aanleg BPA nr. 1-2 Sint-Bavostraat-Dr Donnyplein en omgeving, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 23 februari 1993.
Volgens dit bijzonder plan van aanleg ligt het goed in een zone c voor woningen, in een zone d voor woningen, in een zone voor gemeenschapsuitrusting, in een zone voor privaat groen en in een openbare weg.
Bijzondere plannen van aanleg kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het bijzonder plan van aanleg.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Algemene bouwverordeningen
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
Sectorale wetgeving
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende uitbreiding van het schoolgebouw is in overeenstemming met de bestemming van het perceel volgens het geldende bijzonder plan van aanleg. Dergelijke functie is ook niet vreemd ten opzichte van de omliggende woonfuncties.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Door voorliggende uitbreiding wordt het bouwvolume op een logische manier vervolledigd.
Gelet op de vrijstaande ligging is de impact op de omgeving minimaal.
De nieuwe klassen worden voorzien van voldoende raamopeningen en voldoende hoge plafonds.
Het voorstel is bijgevolg ruimtelijk aanvaardbaar.
Visueel-vormelijke elementen
De gevelafwerking van de uitbreiding sluit qua kleur aan bij de bestaande gevel van het gebouw. Door te werken met een roodbruinkleurige zink wordt er een harmonieus geheel met het bestaande gevelmetselwerk gecreëerd.
Het materiaal is aanvaardbaar in de groene omgeving waar het gebouw zich bevindt en doet geen afbreuk aan het straatbeeld.
De zinken bekleding met een regelmatige stijlenstructuur om de nodige diepte aan de gevelvlakken te kunnen geven wordt als positief ervaren.
Het doortrekken van de staande naad van het zink, op de onderliggende verdiepingen verstoord echter de bekomen samenhang en is op vlak realisatie niet duurzaam. Om een kwalitatieve afwerking en gevelbeeld te garanderen in de toekomst wordt het doortrekken van de staande naad op de onderliggende verdiepingen op de zuidelijke gevel, gericht naar de Kerkelei uitgesloten uit de vergunning.
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
Bij het verlenen van de vergunning zal in voorwaarden worden opgenomen dat ook de deuropeningen naar het toilet meisjes, toilet jongens en de berging op de bijkomende verdieping 90 cm breed moet zijn;
De inplanting van de bijkomende fietsenstalplaatsen werd verduidelijkt op de bijkomend aangeleverde plannen. Deze fietsenstalling heeft de vereiste oppervlakte. In voorwaarden zal er worden opgelegd dat de fietsenstalplaatsen ook moeten voldoen aan de overige inrichtingsprincipes van artikel 29.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De bijkomende parkeerplaatsen worden ingetekend in een groenstrook. Het is niet duidelijk hoe deze parkeerplaatsen zullen worden aangelegd. Om de groenstrook maximaal te behouden zal worden opgelegd in voorwaarden dat deze moeten worden aangelegd in grasdals.
De aanvraag voorziet ook in het vellen van een aantal coniferen en het aanplanten van nieuwe bomen. Er werd advies gevraagd aan de dienst stadsbeheer/groen en begraafplaatsen. Zij brachten volgend advies uit: “Gunstig advies voor het vellen van de coniferen en de aanplant van inheemse loofbomen. De bestaande bomen in de directe omgeving van het gebouw dienen optimaal te worden beschermd volgens de richtlijnen onder de voorwaarden.”
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 2 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en of functiewijziging. De bijkomende bouwlaag voorziet in 3 bijkomende klaslokalen. De parkeernorm voor lagers school is 0,75 parkeerplaats per klaslokaal. 3 x 0,75 = 2,25 à 2 parkeerplaatsen. De werkelijke parkeerbehoefte is 2 parkeerplaatsen. |
|
De plannen voorzien in 3 bijkomende nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 3. Dit aantal is toereikend.
|
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 0. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus niet van toepassing. |
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
o het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
o graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale wortelpakket moet verwijderd worden;
o de boom drastisch te snoeien. ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).
Uitsluitingen
Het doortrekken van de staande naad over de bestaande onderliggende zuidgevel, gericht naar de Kerkelei.
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
6 april 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
5 mei 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
4 juli 2018 |
|
Verslag GOA |
13 juni 2018 |
|
naam GOA |
Wim Van Roosendael |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Bevraging aanpalenden
Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018038443 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
Autonome Raad van het Gemeenschapsonderwijs - Administratieve Diensten met als adres Willebroekkaai 36 te 1000 Brussel |
|
Ligging van het project: |
Kerkelei 43 te 2610 Wilrijk (Antwerpen) |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 42 sectie C nr. 1K |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
uitbreiden van een bestaand schoolgebouw |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag
Het college sluit zich gedeeltelijk aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.