Terug

2018_CBS_04624 - Omgevingsvergunning - OMV_2018000766. Blancefloerlaan 185. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 25/05/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Glenn Verspeet, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_04624 - Omgevingsvergunning - OMV_2018000766. Blancefloerlaan 185. District Antwerpen - Goedkeuring 2018_CBS_04624 - Omgevingsvergunning - OMV_2018000766. Blancefloerlaan 185. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

Adviezen

Externe adviezen

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie

5 maart 2018

13 maart 2018

Voorwaardelijk gunstig

lokale politie/ centrale preventie (LP/CP)

5 maart 2018

3 april 2018

Gunstig

 Interne adviezen

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie

5 maart 2018

31 maart 2018

stadsontwikkeling/ ontwerp en uitvoering/ ontwerpers

5 maart 2018

6 maart 2018

stadsbeheer/ groen en begraafplaatsen

5 maart 2018

12 maart 2018

stadsontwikkeling/ mobiliteit

5 maart 2018

8 maart 2018

Toetsing voorschriften

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen 

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Galgenweel Oost, goedgekeurd op 9 augustus 2012. Volgens dit ruimtelijk uitvoeringsplan ligt het goed in een artikel 4 zone voor gemengde functies - (ge). 

Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’ 

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. 

Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’ 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor ambachtelijke bedrijven of gebieden voor kleine en middelgrote ondernemingen. Deze gebieden zijn mede bestemd voor kleine opslagplaatsen van goederen, gebruikte voertuigen en schroot, met uitzondering van afvalproducten van schadelijke aard. (Artikel 8 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.) 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor stedelijke ontwikkeling. Dit gebied is bestemd voor industriële, ambachtelijke en agrarische activiteiten, kantoren, kleinhandel, dienstverlening, recreatie, wonen, verkeer en vervoer, openbaar nut en gemeenschapsvoorzieningen, en dit voor zover deze functies verenigbaar zijn met hun onmiddellijke multifunctionele stedelijke omgeving. De stedenbouwkundige aanleg van het gebied, de bijhorende voorschriften betreffende terreinbezetting, vloeroppervlakte, hoogte, aard en inplanting van de gebouwen met bijhorende voorzieningen, en de verkeersorganisatie in relatie met de omringende gebieden, worden vastgesteld in een bijzonder plan van aanleg vooraleer het gebied kan ontwikkeld worden. Ook het wijzigen van de functie van bestaande gebouwen kan pas na goedkeuring van een bijzonder plan van aanleg. 

Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan 

Het goed is gelegen binnen de grenzen van het bijzonder plan van aanleg BPA Galgenweel-Borgerweert, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 2 mei 2007.

Volgens dit bijzonder plan van aanleg ligt het goed in een zone voor recreatie en gemeenschapsvoorzieningen r/gm (bestemmingszone rand combori). 

Bijzondere plannen van aanleg kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’

 De aanvraag ligt niet in een verkaveling. 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het bijzonder plan van aanleg. 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Hemelwater: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (verder genoemd verordening hemelwater). 

De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag. 

  • Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid). 

De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag. 

Algemene bouwverordeningen

Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer. 

De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag. 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Overwelven waterlopen: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het overwelven of inbuizen van niet geklasseerde waterlopen en waterlopen van 3de categorie (verder genoemd verordening overwelven waterlopen), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 26 januari 2009 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 4 juni 2009. 

De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag. 

  • Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014. 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van de bouwcode. 

Sectorale wetgeving

  • MER-screening: de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag, beslist of er een project-MER moet worden opgesteld. De betrokken overheid doet dat op het ogenblik van de beslissing over de ontvankelijk- en volledigheid van de vergunningsaanvraag of, bij gebreke daaraan, binnen 90 dagen na de datum van ontvankelijk- en volledigheid. 

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt

geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

  • Watertoets: overeenkomstig artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. 

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt. 

  • Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode. 

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode. 

  • Archeologienota: overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 moet aan bepaalde aanvragen een bekrachtigde archeologienota worden toegevoegd

    De archeologienota werd bekrachtigd door het Agentschap Onroerend Erfgoed.
    De nota toont gemotiveerd aan dat er geen verder archeologisch onderzoek moet plaatsvinden. 

Omgevingstoets

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening 

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften

Er is geen aanleiding om het college te adviseren beargumenteerd af te wijken van de geldende voorschriften. 

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag is in overeenstemming met de geldende bestemmingsvoorschriften 

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat elke bouwaanvraag een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, is het de bedoeling om parkeren maximaal op eigen terrein te voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

De parkeerparagraaf is niet van toepassing gezien de aanvraag de aanleg van een sport en speelterrein betreft.  

In het voorstel worden 17 bijkomende parkeerplaatsen voorzien waarvan één voor mindervaliden. Het BPA laat parkeerplaatsen op het terrein toe als er sprake is van voorzieningen die een parkeervraag genereren. Ondanks dat de aanleg uitdrukkelijk buurtgericht is, heeft de geplande, weliswaar niet in deze aanvraag voorziene, horecavoorziening echter mogelijk een buurtoverschrijdende aantrekkingskracht, wat deze voorziene extra parkeerplaatsen verantwoordt. 

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De bestaande situatie betreft een braakliggend terrein dat wordt aangelegd tot een multifunctionele sport-, spel-  en verblijfsruimte. 

Visueel-vormelijke elementen

Alle voorziene materialen, beplanting en straatmeubilair voldoen aan het draaiboek van de stad

Antwerpen. Alle materialen zijn waterdoorlatend, met uitzondering van het asfalt. Voor de

wieltjespiste en het sportveld wordt prioriteit gegeven aan het gebruikscomfort, de ondergrond

dient hier zo vlak mogelijk te zijn. Ter compensatie zijn voldoende wadi’s op het terrein

voorzien om het regenwater ter plaatse te kunnen laten infiltreren. 

Aspecten m.b.t. groen

Het terrein krijgt een groen karakter met veel bomen. Er worden 21 bestaande bomen geveld, en 34 nieuwe bomen geplant. De aanvraag werd hierom  ter advies voorgelegd aan de groendienst die een voorwaardelijk gunstig advies geven. 

Archeologische aspecten

Het geplande bouwproject valt binnen de drempelwaarden voor de verplichte opmaak van een archeologienota volgens art. 5.4.1. van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013: de perceelsoppervlakte bedraagt meer dan 3000m² en de ingreep in de bodem meer dan 1000m².

De archeologienota (nr.5755) werd op 11 december 2017 ingediend door de stedelijke dienst archeologie en door het agentschap Onroerend Erfgoed bekrachtigd. De bouwheer voegde bij de aanvraag stedenbouwkundige vergunning de bekrachtigde archeologienota toe.

Uit het Programma van maatregelen blijkt dat vanwege opgehoogde gronden geen verder onderzoek is vereist. 

Bodemreliëf

Om het terrein interessanter te maken voor sport en spel, worden enkele heuvels voorzien. 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

De verblijfskwaliteit van het terrein wordt verhoogd door de aanleg van het sport- en spelterrein, ook deze van de Hughes C. Pernatlaan langsheen het terrein wordt verbeterd. De plant- en parkeervakken en de voetgangersvoorzieningen verhogen de veiligheid, het gebruik, en de zichtbaarheid van gebruikers. 

Advies aan het college

Stedenbouwkundige handelingen 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen 

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden. 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden 

Voorwaarden

  1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen dienen strikt te worden nageleefd.
  2. Bij een te behouden boom moeten volgende zaken in acht genomen worden:

-       In het ontwerp van de gebouwen en de volledige infrastructuur errond, mag er niets voorzien worden waardoor de wortels of kroon van de boom  onaanvaardbaar moeten  beschadigd worden, noch nu, noch in de  toekomst. Praktisch gezien wil dit zeggen dat het ontwerp niet mag leiden tot noodzaak om:

  • het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
  • graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale  wortelpakket moet verwijderd worden;
  • de boom drastisch te snoeien. ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).

-       Als er werken (zowel  bouwwerken, als werken aan de infrastructuur errond) worden uitgevoerd, moet de te behouden boom beschermd worden. Zowel wortels als kroon moeten beschermd worden.

-       De wortelzone van de boom moet beschermd worden om verdichting van de bodem en/of oppervlakkige beschadiging van de wortels te voorkomen. Op vlak van bescherming voor de wortelzone zijn er twee mogelijkheden:

-       Er is voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er werfhekkens geplaatst die aan elkaar vast gemaakt zijn, zodat ze niet, of in ieder geval moeilijk, te verplaatsen zijn. De grootte van de wortelzone wordt idealiter bepaald door onderzoek; als onderzoek om een of ander reden niet kan, moet men er vanuit gaan dat de wortelzone even groot is als de diameter van de kroonprojectie  + 2m.

-       In die volledig afgebakende zone mag niets gebeuren. (niet graven,  niet stockeren, geen afvalwater of spoelwater lozen, ….)

-       Er is niet voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden, zodat de ruimte onder de boom toch geheel of gedeeltelijk kan gebruikt worden zonder dat er schade berokkend wordt.

-       Om uitdroging van de wortelzone te voorkomen tijdens een droogzuiging van de werf, moet water worden gegeven aan de boom, tenzij bodemonderzoek zou uitwijzen dat dit niet nodig is.

  1. Naast de wortelzone moeten ook de stam en de  kroon beschermd worden. Als de wortelzone volledig kan afgeschermd worden, zijn de stam en het onderste deel van de kroon uiteraard ook ineens afgeschermd. Kan de wortelzone niet volledig afgeschermd worden, dan moeten voor het beschermen van de stam en onderste deel van de kroon ook beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden.
  2. Om schade aan het bovenste deel van de kroon te voorkomen moet de  aannemer, als hij een kraan gaat gebruiken,  een voldoende hoge kraan voorzien.  Als de kraan rond draait met een last eraan, mag niets de top van de boom raken. De aannemer mag ook geen snoeiwerken uitvoeren om ruimte te krijgen voor een kraan of voor om het even welke machine of stelling of … .
  3. Het is aangewezen om voor de nodige onderzoeken en voor het opstellen van beschermingsmaatregelen op maat, een gecertificeerd boomverzorger te raadplegen. 
  4. Bij het aanplanten van een nieuwe boom moeten volgende zaken in acht genomen worden
  5. Het aspect duurzaamheid moet nagestreefd worden. Duurzaam aanplanten wil o.a. zeggen dat voor de nieuwe boom een groeiplaats moet voorzien worden die ondergronds voldoende geschikt doorwortelbaar volume heeft om zijn natuurlijke grootte en leeftijd te kunnen halen, en waar  er ook bovengronds voldoende ruimte is voor zijn natuurlijke grootte.

Fasering

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

25 januari 2018

Volledig- en ontvankelijk

23 februari 2018

Opening openbaar onderzoek

12 maart 2018

Afsluiten openbaar onderzoek

10 april 2018

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Uiterste beslissingsdatum

8 juni 2018

Verslag GOA

17 mei 2018

naam GOA

Brenda Dierckx

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Onderzoek

De vergunningsaanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. 

Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten 

Startdatum

Einddatum

Schriftelijke bezwaarschriften

Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften

Petitielijsten

Digitale bezwaarschriften

12 maart 2018

10 april 2018

0

0

0

0

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet. 

Projectnummer :

OMV_2018000766

Gegevens van de aanvrager:

 stad Antwerpen met als adres Grote Markt 1 te 2000 Antwerpen en Gemeente Antwerpen met als adres Grote Markt 1 te 2000 Antwerpen

Ligging van het project:

Blancefloerlaan 185 te 2050 Antwerpen

Kadastrale gegevens:

afdeling 13 sectie N nrs. 174N, 204D5, 204E5, 204C5 en 204V16

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

aanleggen van een sport- en speelterrein

Omschrijving aanvraag

 

Stedenbouwkundige handelingen 

Relevante voorgeschiedenis

  • 23/10/2015: verkavelingsvergunning (201511) voor het verkavelen van gronden in 171 kavels voor woningbouw; 

Laatst vergunde toestand

  • geen laatst vergunde toestand. 

Bestaande toestand

  • het terrein is braakliggend;
  • de bestratingswerken zijn in uitvoering;
  • in de wijk Regatta zijn al verschillende projecten uitgevoerd of in uitvoering. 

Inhoud van de aanvraag:

  • het terrein wordt multifunctioneel en geschikt voor alle leeftijden;
  • formele sport- en speelvoorzieningen worden gecombineerd met speel-, skate- en zitaanleidingen;
  • de hekken rond de sporthal worden verwijderd en er wordt een verbinding naar de ingang van de sporthal voorzien;
  • op het terrein worden enkele heuvels voorzien;
  • de wadi wordt plaatselijk verbreed om de speelmogelijkheden hiervan te vergroten;
  • de verbindingen met de omgeving worden gerealiseerd door een stelsel van wandelpaden en
  • enkele bruggen over de bestaande wadi;
  • er komt een piste voor iedereen op wieltjes,  deze piste volgt de hoogteverschillen in het terrein en langs de piste worden blokken, rails en andere skate-aanleidingen voorzien;
  • de footprint voor de school wordt voorlopig ingericht als trapveldje met enkele
  • speelaanleidingen;
  • een structuur wordt in een lineair patroon over de lengte van het terrein geplaatst, binnen
  • deze structuur bevinden zich sportveldjes, calisthenicstoestellen en lage muren;
  • er wordt een kleine formele speeltuin voorzien voor kinderen jonger dan 6 jaar;
  • er worden 21 bestaande bomen geveld, voornamelijk zaailingen en populieren die aan het eind van hun levensduur zijn;
  • er worden 34 nieuwe bomen geplant (16 Alnus incana en 18 Acer campestre);
  • ook worden enkele bosjes met heestermengeling voorzien;
  • langs de Hugues C. Pernathlaan worden 17 bijkomende parkeerplaatsen aangelegd, 16 gewone en één voor mindervaliden;
  • er wordt verlichting voorzien volgens het lichtplan van stad Antwerpen;
  • de voetpaden worden aangelegd in porfiersplit;
  • de piste voor wieltjes en het sportveld worden aangelegd in zwarte bitumineuze verharding;
  • de parkeerstroken worden aangelegd in antracietkleurige betonstraatstenen van 0.22 x 0.11 m;
  • de valdempende vloer wordt aangelegd in gebonden rubbergranulaat;
  • de ondergrond voor de speeltuin wordt aangelegd wit speelzand.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

  • de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;
  • het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:

    • de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken, strikt na te leven;
    • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen dienen strikt te worden nageleefd.
    • bij een te behouden boom moeten volgende zaken in acht genomen worden;
    • in het ontwerp van de gebouwen en de volledige infrastructuur errond, mag er niets voorzien worden waardoor de wortels of kroon van de boom  onaanvaardbaar moeten  beschadigd worden, noch nu, noch in de  toekomst. Praktisch gezien wil dit zeggen dat het ontwerp niet mag leiden tot noodzaak om:
    • het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
    • graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale  wortelpakket moet verwijderd worden;
    • de boom drastisch te snoeien. ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).
    • als er werken (zowel  bouwwerken, als werken aan de infrastructuur errond) worden uitgevoerd, moet de te behouden boom beschermd worden. Zowel wortels als kroon moeten beschermd worden.
    • de wortelzone van de boom moet beschermd worden om verdichting van de bodem en/of oppervlakkige beschadiging van de wortels te voorkomen. Op vlak van bescherming voor de wortelzone zijn er twee mogelijkheden;
    • er is voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er werfhekkens geplaatst die aan elkaar vast gemaakt zijn, zodat ze niet, of in ieder geval moeilijk, te verplaatsen zijn. De grootte van de wortelzone wordt idealiter bepaald door onderzoek; als onderzoek om een of ander reden niet kan, moet men er vanuit gaan dat de wortelzone even groot is als de diameter van de kroonprojectie  + 2m;
    • in die volledig afgebakende zone mag niets gebeuren. (niet graven,  niet stockeren, geen afvalwater of spoelwater lozen, ….)
    • er is niet voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden, zodat de ruimte onder de boom toch geheel of gedeeltelijk kan gebruikt worden zonder dat er schade berokkend wordt.
    • om uitdroging van de wortelzone te voorkomen tijdens een droogzuiging van de werf, moet water worden gegeven aan de boom, tenzij bodemonderzoek zou uitwijzen dat dit niet nodig is;
    • naast de wortelzone moeten ook de stam en de  kroon beschermd worden. Als de wortelzone volledig kan afgeschermd worden, zijn de stam en het onderste deel van de kroon uiteraard ook ineens afgeschermd. Kan de wortelzone niet volledig afgeschermd worden, dan moeten voor het beschermen van de stam en onderste deel van de kroon ook beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden;
    • om schade aan het bovenste deel van de kroon te voorkomen moet de  aannemer, als hij een kraan gaat gebruiken,  een voldoende hoge kraan voorzien.  Als de kraan rond draait met een last eraan, mag niets de top van de boom raken. De aannemer mag ook geen snoeiwerken uitvoeren om ruimte te krijgen voor een kraan of voor om het even welke machine of stelling of … ;
    • het is aangewezen om voor de nodige onderzoeken en voor het opstellen van beschermingsmaatregelen op maat, een gecertificeerd boomverzorger te raadplegen.;
    • bij het aanplanten van een nieuwe boom moeten volgende zaken in acht genomen worden;
    • het aspect duurzaamheid moet nagestreefd worden. Duurzaam aanplanten wil o.a. zeggen dat voor de nieuwe boom een groeiplaats moet voorzien worden die ondergronds voldoende geschikt doorwortelbaar volume heeft om zijn natuurlijke grootte en leeftijd te kunnen halen, en waar  er ook bovengronds voldoende ruimte is voor zijn natuurlijke grootte.

 

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.