Terug

2018_CBS_04543 - Stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' - Herziening. Ontwerp - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 25/05/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Glenn Verspeet, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_04543 - Stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' - Herziening. Ontwerp - Goedkeuring 2018_CBS_04543 - Stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' - Herziening. Ontwerp - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Art. 2.3.2. §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) dat zegt dat het college van burgemeester en schepenen belast is met het opmaken van gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen en de nodige maatregelen tot opmaak neemt.

Aanleiding en context

Op 14 februari 2014 (jaarnummer 1616) nam het college kennis van het ontwerp van de stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' en voorzag ze dat deze na twee jaar zou onderworpen worden aan een evaluatie, dit omwille van de voortdurende veranderende ruimtelijke en maatschappelijke context.
De gemeenteraad stelde vervolgens op 28 april 2014 (jaarnummer 377) de Bouwcode definitief vast waarna op 9 oktober 2014 de deputatie van de Provincie Antwerpen deze verordening goedkeurde. De goedkeuringsbeslissing van de verordening werd bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad op 15 oktober 2014 en trad in werking op 25 oktober 2014.

De herziening van artikel 30 “Autostalplaatsen en autoparkeerplaatsen” en artikel 27 “Open ruimte” kunnen beschouwd worden als een eerste fase binnen deze evaluatieronde, waarbij de bouwcode werd aangepast op basis van de “beleidsrichtlijn parkeren”.

Op 25 september 2017 (jaarnummer 556) stelde de gemeenteraad de herziening van de artikels 30 en 27 van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' definitief vast. Beide artikels traden op 1 maart 2018 in werking.

Op 30 maart 2018 (jaarnummer 2698) keurde het college het voorontwerp van herziening van de stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' goed en gaf de opdracht om de adviezen in te winnen van het Departement Omgeving, de deputatie en de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening (GECORO).

Argumentatie

De partiële herziening van de bouwcode is gebeurd op basis van twee uitgangspunten. Ten eerste werden doorheen de bouwcode artikels gewijzigd op basis van juridische en/of technische aanpassingen. Ten tweede werden bepaalde artikels grondig gewijzigd in afstemming van beleidsvisies. Dit zijn thematische wijzigingen.

Juridische en/of technische aanpassingen
:

Aanpassingen die gebeurden ten behoeve van handhaafbaarheid, duidelijkheid en leesbaarheid. Voorbeelden: aanpassen nummering doorheen de bouwcode omwille van geschrapte, samengevoegde of verplaatste artikels. Aanpassingen op basis van wijziging van regelgeving op Vlaams niveau, zoals wijziging van vrijstelling vergunningsplichtige handelingen (overeenkomstig Vrijstellingsbesluit), verduidelijkingen in definitielijst, toevoeging van nieuwe begrippen in functie van gewijzigde artikels en wegwerken van tegenstrijdigheden.

Thematische wijzigingen:

Artikel 6 “Harmonie” voor wat betreft het toelichtende gedeelte over uitzonderingen op harmonie en artikel 8 “Gebouwen hoger dan 50 meter” voor wat betreft het toepassingsgebied.
Beide artikels worden aangepast vertrekkende vanuit de beleidsnota 2016-2021 van de stadsbouwmeester waarin het begrip “harmonie en dissonantie” werd verankerd en de nood aan een nieuw “harmoniebegrip” wordt gesteld, met een bescheiden dissonantie. Om harmonie niet enkel in functie van bouwhoogte te beschouwen maar te verruimen tot het volledige volume van het gebouw, wordt het toepassingsgebied van artikel 8 verruimd van gebouwen hoger dan 50 meter tot “gebouwen die afwijken omwille van hun volumetrie ten opzichte van de omliggende stedenbouwkundige context”. De criteria waaraan deze gebouwen getoetst moeten worden blijven behouden.

Artikel 8 “beschermen van capaciteit onderwijs”
De aanwezigheid van voldoende onderwijs is belangrijk om de stad aantrekkelijk te houden voor jonge gezinnen. De stad zet zich daarom in om het capaciteitspeil van onderwijs te behouden en daar waar mogelijk en nodig te verhogen. Om te voorkomen dat bestaande schoolgebouwen, vaak strategisch goed gelegen, in de toekomst nog ongehinderd omgevormd kunnen worden tot andere functies en zo de onderwijscapaciteit wordt verlaagd, zullen met dit artikel scholen in functie van capaciteit worden beschermd. Indien de capaciteit elders wordt gecompenseerd kan hiervan worden afgeweken.

Artikel 9 “Gebruik van een gebouw”
Dit artikel is een bijkomende ondersteuning om te kunnen handhaven op het juiste gebruik van gebouwen. De stad wil immers de leefbaarheid, duurzaamheid, beeldkwaliteit en veiligheid van gebouwen en hun omgeving maximaal bewaken door het illegaal in gebruik nemen van gebouwen te verbieden. Dit artikel benadrukt dat het gebruik van een gebouw pas mogelijk is als het gebouw aan de kwaliteitsnormen voldoet die gekoppeld zijn aan een stedenbouwkundige- of omgevingsvergunning. Door te waken over het specifieke gebruik van het gebouw, oa. met behulp van dit artikel, kan de stad de gezondheid, instandhouding, fraaiheid, mobiliteit en veiligheid, … van bouwwerken en hun omgeving beter garanderen.

Artikel 15, §2 en §3 In- en uitsprongen aan daken en dakterrassen
Op voorwaarde dat er geen constructieve werken noodzakelijk zijn, zijn dakterrassen vandaag vrijgesteld van vergunning. Omwille van de mogelijke kwaliteitsverhoging van de woning dat een dakterras kan hebben, staat het Antwerpse beleid niet weigerachtig tegenover de creatie ervan. Echter kunnen dakterrassen wel een invloed hebben op de naastliggende woningen en woonkwaliteit en op het straatbeeld. Om een beter zicht te krijgen waar er nieuwe dakterrassen bijkomen, maakt de stad via dit artikel de dakterrassen meldingsplichtig, indien ze voldoen aan een aantal bepalingen die in dit artikel worden beschreven.

Artikel 22 minimale oppervlakte van een woongelegenheid en artikel 23 Beschermen van eengezinswoning
Het bestuursakkoord 2013-2018 benadrukt het belang van een aantrekkelijke woonstad, die jonge gezinnen doet kiezen voor de stad en in de stad houdt. Een kwalitatief woningaanbod van voldoende grote woningen en appartementen is hierbij cruciaal. Deze beleidswens werd nogmaals bekrachtigd in de beleidsrichtlijn over wonen waar de aandacht werd gevestigd op het beschermen van eengezinswoningen. Omwille van de aantrekkelijkheid van deze woningen voor gezinnen is het wenselijk dat deze in de toekomst niet meer opgedeeld worden in kleinere woningen of ingenomen worden door een andere functie. Anderzijds moet een halt toegeroepen worden aan de tendens om steeds kleinere woningen te bouwen. In de bouwcode worden nu minimale groottes vastgelegd voor studio's, 1-2 - en 3 slaapkamerappartementen. Voorzien in collectieve ruimtes wordt aangemoedigd. Tot slot zal de bouwcode het locatiebeleid voor studentenkamers en kamers verder verankeren.

Volgende (delen van) artikels werden aangepast in functie van meer ruimte voor water en groen: Artikel 13, §1 Ondergrondse en bovengrondse uitsprongen; Artikel 18, §2 Groenbescherming bij de uitvoering van werken; Artikel 38, §1, §3, §4, §5 Groendaken; Artikel 39, §1 Infiltratie- en buffervoorzieningen; Artikel 40, §1, §2, §4 Privaat gescheiden rioolstelsel en afvoerleidingen; Artikel 41, §1, §4 Kenmerken aansluiting van de leidingen met het openbaar rioolstelsel; Artikel 42, §1, §2 Drainageleidingen en bemalingen; Artikel 43, §1, §2, §3, §5 Septische putten; Artikel 46 Private zuivering en lozing door gebouwen gelegen in individueel te optimaliseren buitengebied.
Wateroverlast in stedelijk gebied wordt vaak veroorzaakt doordat de riolering de plotse en massale toevloed van regenwater tijdens een felle regenbui niet kan verwerken. Met de huidige vaststellingen en verwachtingen voor klimaatverandering zal de intensiteit van deze regens alleen maar toenemen. Het algemeen uitgangspunt van de gewestelijke verordening voor hemelwater is dat regenwater zoveel mogelijk hergebruikt moet worden. Het resterende gedeelte van het hemelwater moet worden geïnfiltreerd of gebufferd. Het overige water wordt vertraagd afgevoerd , zodat in laatste instantie slechts een beperkte hoeveelheid water met een vertraging wordt afgevoerd naar de openbare riolering. Ook om verdroging tegen te gaan, geniet infiltratie de voorkeur boven de onmiddellijke opvang en afvoer van afstromend hemelwater naar de riolering en open waterlopen, om zo de grondwaterreserves aan te vullen. De bouwcode past op basis van deze principes de hierboven opgesomde artikels aan.

Artikel 32 niet-zaakgebonden publiciteit
Antwerpen zet zich op de wereldkaart met haar meerlagige historische binnenstad, haar Unesco Erfgoed en de grandeur van het Centraal Station. Binnenkort zal de stedelijke wand aan het Kievitplein, langsheen het Centraal Station, worden gerealiseerd. De omgeving van het Centraal Station en het begin van de Meir draagt dus bij aan de externe marketing van de stad, dankzij haar architectuur en de mobiliteitsverknoping. Deze omgeving, waar grote voetgangersstromen aanwezig zijn, is ook aantrekkelijk voor aanbieders van reclameruimte, die meer en meer digitaliseert en inzet op nieuwe technologieën zoals bijvoorbeeld LED-schermen. Om deze evolutie kwalitatief en onder voorwaarden te kunnen sturen, wordt de bouwcode aangepast.

Openbaar onderzoek

De gedeeltelijke herziening van de bouwcode wordt onderworpen aan een openbaar onderzoek gedurende 30 dagen. Om de transparantie en leesbaarheid van het openbaar onderzoek optimaal te garanderen, wordt de volledige bouwcode mét track changes ter inzage gelegd. Enkel de gewijzigde, gemarkeerde tekstdelen zijn het voorwerp van het openbaar onderzoek. De ongewijzigde tekst maakt hier geen deel van uit.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), in het bijzonder de artikelen 2.3.2, 2.3.2. §2/1 en 2.3.2 § 2/2 leggen de procedure vast voor de opmaak van gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen.

Fasering

Stap

Datum

collegebeslissing: goedkeuring voorontwerp herziening Bouwcode

30 maart 2018 (jaarnummer 2698)

Departement Omgeving-Deputatie: aanvraag adviezen voorontwerp herziening

3 april 2018

GECORO: advies voorontwerp herziening

18 april 2018

collegebeslissing: goedkeuring ontwerp herziening Bouwcode

25 mei 2018

openbaar onderzoek ontwerp (30 dagen)

1 juni 2018 – 30 juni 2018

collegebesluit: sluiting openbaar onderzoek

juli 2018

GECORO advies ontwerp

september 2018

collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om herziening stedenbouwkundige verordening definitief vast te stellen

28 september 2018

gemeenteraad: definitieve vaststelling herziening stedenbouwkundige verordening

22 oktober 2018

schorsingstermijn Vlaamse regering/deputatie (45 dagen)

 

publicatie Belgisch Staatsblad

 

Data in vet cursief zijn raming

Adviezen

Departement Omgeving Advies uitgebracht

Het departement Omgeving van de Vlaamse overheid bracht op 27 april 2018 advies uit over de Bouwcode. Zij adviseerde om artikel 9 (gebruik van een gebouw) te verduidelijken zodat dit artikel niet in strijd is met VCRO artikel 4.2.5 dat bepaalt dat een gemeentelijke verordening voor meldingsplichtige handelingen een vergunningsplicht kan invoeren en voor vrijgestelde handelingen een meldingsplicht kan invoeren. Dit wordt geenszins beoogt met dit artikel. Daarom wordt het hierover verduidelijkt.

Het departement Omgeving suggereert verder om in artikel 4, punt 14 het begrip “CHE-gebied” voldoende eenduidig en rechtszeker te formuleren. De nieuwe definitie lijkt het toepassingsgebied van een aanzienlijk aantal belangrijke bepalingen niet duidelijk genoeg te bepalen. Op basis van deze opmerking is de definitie aangepast.

Deputatie Advies uitgebracht

De deputatie van de provincie Antwerpen bracht op 19 april 2018 advies uit over de Bouwcode. In functie van de verenigbaarheid met VCRO artikel 2.3.1 en 4.2.5 dient artikel 8 (te beschermen onderwijscapaciteit) aangepast te worden. In artikel 8 wordt daarom “nieuwbouw” en andere geschrapt. Op die manier wordt de twijfel weggenomen dat er via dit artikel een functiewijziging zou geregeld worden via de procedure van een verordening.

Enkele overige artikels worden geadviseerd om aan te passen in functie van de praktische werking van zowel de bouwcode als bij een mogelijk omgevingsberoep. Voor artikel 10 (inplanting, bouwhoogte en bouwdiepte), artikel 21 (maximale hoogtes van ruimtes) wordt “verbouw” geschrapt omdat dit verworven rechten via de bestaande vergunningstoestand zou teniet doen of niet in verhouding zouden staan met de beoogde werken.

De deputatie wijst erop dat de twee paragrafen van artikel 20 (afsluitingen op onbebouwde percelen) onsamenhangend zijn geschreven. De eerste paragraaf wordt daarop aangepast, waarbij de verplichting van een levende afsluiting vervalt en bijgevolg de voorwaarden uit §2 wel relevant zijn.

Op advies van de deputatie wordt in artikel 22 §4 (minimale oppervlakte van een woongelegenheid) het woord “college” vervangen door “vergunningverlenende overheid”.

De deputatie vraagt zich af of in artikel 22 §5 ook detailhandel als vervanging van de verplichte zelfstandige woning wordt bedoeld. Dit is inderdaad het geval en wordt in de toelichting verduidelijkt.

Tot slot raadt de provincie aan om de bepalingen met betrekking tot publiciteit reeds af te stemmen met de ontwerp verordening van Vlaanderen inzake publiciteit. Voor zover wenselijk en mogelijk zijn de huidige artikels hierop reeds getoetst. Aangezien de Vlaamse verordening nog niet is goedgekeurd worden er echter nog geen garanties geboden op dit moment dat de verordening publiciteit al dan niet nog zal wijzigen.

GECORO Advies uitgebracht

Op 18 april 2018, werd het voorontwerp van de stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode’- voorgesteld aan GECORO Antwerpen.

Wat betreft artikel 6 (harmonie en draagkracht) vraagt de GECORO verduidelijking over hoe het beslissingsproces zal verlopen om al dan niet advies te vragen aan de GECORO. De GECORO vraagt tevens om aan de kwalitatieve omschrijving van het begrip “dissonantie” ook enkele objectieve parameters toe te voegen, niet alleen rekening houdend met de schaal of hoogte van een gebouw maar ook met de functie en de stedenbouwkundige impact ervan. Het artikel is op basis van dit advies verduidelijkt.

De GECORO acht het zinvol dat de bouwcode bij artikel 8 (te beschermen onderwijscapaciteit) beschrijft op welke manier aangetoond moet worden dat de capaciteit van het onderwijs gegarandeerd blijft. Op basis van dit advies wordt het toelichtende luik van het betreffende artikel aangepast.

De GECORO vindt artikel 9 (gebruik van een gebouw) onduidelijk en misleidend. Daarom zal dit artikel verduidelijkt worden.

In artikel 15, §2 en §3 (in- en uitsprongen aan daken en dakterrassen) stelt GECORO dat “blijven” moet vervangen worden in “moeten”. De bouwcode past “blijven” aan in “zijn”, zodat duidelijk wordt uitgegaan dat dit gaat over de huidige toestand.

De GECORO onderschrijft de doelstellingen die hebben geleid tot aanpassingen van artikel 22 (minimale oppervlakte van een woongelegenheid) en artikel 23 (beschermen van een eengezinswoning) maar vraagt om een uitzondering te voorzien voor sociale huisvestingsprojecten wat betreft de woninggrootte aangezien dit tot conflict of onduidelijkheid kan leiden met de door hun gehanteerde oppervlaktenormen. §3 wordt in die zin aangepast.

De GECORO vraagt zich af op welke manier gegarandeerd kan worden dat een waterdak effectief gerealiseerd kan worden zoals voorzien in artikel 38 (groendaken). De bouwcode is echter regelgevend. Handhaving zal moeten waken over een correcte uitvoering van de werken.

De GECORO heeft vragen bij de weerhouding van vier locaties in de hele stad waar niet-zaakgebonden, verlichte, niet-zaakgebonden publiciteit zou toegelaten kunnen worden, door aanpassing van artikel 32 (niet-zaakgebonden publiciteit). De gebouwen liggen daarenboven in één van de meeste opmerkelijke en historisch waardevolle locaties van de stad, wat de onwenselijkheid ervan bijkomend motiveert. De locaties zijn het resultaat van een uitvoerige locatiestudie waarbij rekening is gehouden met de erfgoedwaarde van de gebouwen en de verkeersveiligheid. Er wordt dan ook geen rekening gehouden met dit advies.

De bouwcode wordt voor zover mogelijk en wenselijk aangepast op basis van de technische opmerkingen die als bijlage in het advies van de GECORO worden opgenomen.

Tot slot wenst de GECORO nogmaals het advies te benadrukken dat het heeft uitgebracht in zitting van 14 juni 2017 over de herziening van de bouwcode met betrekking tot artikel 30. De GECORO is van mening dat de parkeernormen aangepast moeten worden in functie van de realisatie van een modalshift van 50/50. 

Beleidsdoelstellingen

1 - Woonstad
1SWN02 - Wonen, economische functies en publieke voorzieningen zijn gevarieerd, nabij en bereikbaar in elk buurt- en districtscentrum
1SWN0201 - De ruimtelijke structuur, identiteit en kwaliteit op het niveau van de stad en de stadsregio zijn versterkt
1SWN020103 - Stadsbrede ruimtelijke kaders zijn gemaakt voor langetermijnvisie
1SWN020103P04388 - Herziening bouwcode

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt het ontwerp van herziening van de stedenbouwkundige verordening 'Bouwcode' goed.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • Bouwcode_20180525.pdf