Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - Eandis / IMEA |
10 april 2018 |
10 april 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
10 april 2018 |
11 mei 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ monumentenzorg |
10 april 2018 |
24 april 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
10 april 2018 |
26 april 2018 |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
10 april 2018 |
10 april 2018 |
Toetsing voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan "Binnenstad", goedgekeurd op 26 april 2012. Volgens dit ruimtelijk uitvoeringsplan ligt het goed in een artikel 1: zone voor wonen - (wo1).
Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater
De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.
De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
Sectorale wetgeving
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op ‘kwaliteitsbesluit’
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag omvat het verbouwen van een eengezinswoning naar een meergezinswoning met vier woonentiteiten waarbij de voorgevel wordt terug gebracht naar een vergunning uit 1914 en een garage zal worden verwijderd. Het opsplitsen van de eengezinswoning, met een bestaande bruto-vloeroppervlakte van 643,33 m², in vier wooneenheden is mogelijk en overschrijdt de draagkracht en die van de omgeving niet. De woonfunctie van het pand wijzigt niet en blijft daardoor functioneel inpasbaar.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Het bouwvolume van de aanvraag wijzigt nauwelijks tegenover de bestaande toestand. Op het gelijkvloers wordt de keuken gesupprimeerd en gewijzigd naar een koer met aanliggend een bureau. De beperkte wijziging inzake schaal en ruimtegebruik is aanvaardbaar en stedenbouwkundig verantwoord.
De beperkte aanpassingen aan het volume brengen het pand terug meer naar oorspronkelijke staat.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De appartementen voldoen op enkele op te lossen knelpunten na aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.
Woonkwaliteit handelt echter niet enkel over de indeling en inrichting van appartementen. Een correcte, veilige en gebruiksvriendelijke fietsenstalling maakt onlosmakelijk onderdeel uit van het gebruiksgenot van de woonfunctie. De dienst mobiliteit geeft volgende advies voor de voorziene fietsenstalling:
“…Voor de 3 bijkomende appartementen met 1 slaapkamer moeten 6 fietsenstallingen voorzien worden (3 x 2 = 6)
Er wordt een fietsenberging voor 11 fietsen ingericht in de kelder.
Deze is te bereiken met een trap met fietsgoot.
Onderaan de trap moet je 90° draaien om de fietsenberging te bereiken. Dit is niet mogelijk met de fiets, aangezien deze nog met zijn achterwiel in de fietsgoot zit.
De toegang naar de kelder moet vlot mogelijk zijn met de fiets. Indien dit niet mogelijk is moet de fietsenberging op het gelijkvloers ingericht worden…
De dienst mobiliteit geeft advies met volgende voorwaarden:
* Indien mogelijk moeten bestaande parkeerplaatsen behouden blijven.
* De toegang naar de kelder moet vlot mogelijk zijn met de fiets. Indien dit niet mogelijk is moet de fietsenberging op het gelijkvloers ingericht worden.”
Het klopt dat de fietsstalling in de kelder niet (vlot) toegankelijk is voor de fietsgebruiker. Je kan de fietsenberging niet indraaien. Binnen de huidige inrichting is geen mogelijkheid om de fietsenstalling op de gelijkvloerse verdieping te voorzien. Indien de nieuwe koer hiervoor gebruikt wordt, wordt de inkomzone van appartement 1 verhinderd en wordt de privacy van appartement 1 negatief beïnvloed.
Het raam in de achtergevel op de 2de verdieping is niet voorzien van een valbeveiliging waardoor de veiligheid niet gegarandeerd kan worden. Volgens de norm NBN B 03-004 dient een borstwering voorzien te worden van zodra de valhoogte groter is of gelijk is aan 1 m, zodanig dat de personen die rondstappen of stilstaan in de nabijheid van de opening niet onverwachts in het ijle zouden vallen. Een valbeveiliging dient voorzien te worden.
De aanvraag voorziet niet in een septische put, waardoor de voorliggende aanvraag strijdig is met artikel 43 van de bouwcode. Het artikel stelt dat het verplicht is om een septische put te voorzien indien het afvoerstelsel van afval- en hemelwater aangepast wordt en het aantal wooneenheden vermeerderd.
Visueel-vormelijke elementen en cultuurhistorische aspecten
De werken zijn gesitueerd in een zone die volgens het gewestplan werd ingekleurd als een woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde. Bovendien is het pand opgenomen in de vastgestelde inventaris van onroerend erfgoed sinds 14/09/2009. In CHE-gebied en voor panden opgenomen in de inventaris wordt de wijziging van de bestaande toestand van elk gebouw en/of constructie onderworpen aan de wenselijkheid van behoud. De wijziging van de bestaande toestand van elk gebouw en/of constructie wordt onderworpen aan de wenselijkheid van behoud. Het behoud van de elementen met historische, stedenbouwkundige, architecturale, bouwhistorische en/of esthetische waarde primeert boven de andere voorschriften. Dit geldt zowel voor het exterieur, als het interieur.
De dienst monumentenzorg adviseert het volgende:
“ De geplande werken werden voorbesproken met de stedelijke dienst monumentenzorg. De aanvraag voldoet aan artikel 5§1 en 5§2 van de stedelijke bouwcode. Er werd een CHE-rapport opgemaakt dat ons meer inzicht geeft in de bouwhistoriek, de erfgoedwaarde van de nog aanwezige elementen kon worden geëvalueerd en de impact van de geplande werken op de erfgoedwaarde kon worden afgetoetst. De elementen met historische, stedenbouwkundige, architecturale, bouwhistorische en/of esthetische waarde blijven behouden. Het pand heeft een stadslandschappelijke waarde. Enerzijds wordt er ingezet op het behoud van volume, schaal, korrel en interne erfgoedelementen. Anderzijds is bijzondere aandacht voor de gevel. De voorgevel wordt hersteld naar ontwerp van 1914. Het nieuwe buitenschrijnwerk (gelijkvloers en bovenliggende verdiepingen) moet worden uitgevoerd in hout en conform typedetail T-raam naar historisch model midden 19e-begin 20ste eeuw (makelaar en kalf met halfrond profiel en bandje + vergaring in verstek). Typedetail op te vragen bij de stedelijke dienst monumentenzorg. Ook de voordeur moet in hout worden uitgevoerd. Al het buitenschrijnwerk (ramen en deur) moet in dezelfde neutrale kleur worden geschilderd.”
Ook vanuit stedenbouwkundig oogpunt kan het advies van monumentenzorg bijgetreden worden. Door het terugbrengen van de voorgevel uit het jaartal 1914 wordt de garage gesupprimeerd waardoor de voorgevel opnieuw een uitstraling en waarde krijgt dat het straatbeeld positief beïnvloed. De invulling van dit nieuwe oorspronkelijke raamopeningen gebeurt echter op een manier die de algemene beeldkwaliteit van het pand negatief beïnvloed. De gevel wordt nu in twee opgedeeld door het houten schrijnwerk in de bestaande bovengevel te bewaren, maar het nieuwe schrijnwerk te voorzien in zwart aluminium. Ook in de gevelpui dient houten schrijnwerk voorzien te worden om de beeldwaarde te herstellen. De voorwaarden die monumentenzorg worden gevolgd vanuit stedenbouwkundig oogpunt.
Ondanks het feit dat het concept van de gevel erop vooruit gaat door het terug te herstellen naar de oorspronkelijke toestand, is het niet aanvaardbaar dat een vergunde garage verdwijnt bij een gevelbreedte van 8,08 meter. Het verdwijnen van de garage zou nog gecompenseerd kunnen worden door het toevoegen van een kwaliteitsvolle fietsenberging. Momenteel omvat de aanvraag het verdwijnen van een autostaanplaats en het niet toevoegen van een toegankelijke fietsenberging. Met als gevolg dat de aanvraag niet voor vergunning in aanmerking komt.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 4 parkeerplaatsen. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1 3 bijkomende wooneenheden à 3 x 1 = 3 Er verdwijnt door de verbouwing 1 parkeerplaatsen. Deze wordt bijgeteld bij de parkeerbehoefte. Bestaande parkeerplaatsen moeten maximaal behouden worden. De werkelijke parkeerbehoefte is 4 (3 + 1 = 4) |
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen. Er worden geen parkeerplaatsen op eigen terrein voorzien. De bestaande parkeerplaats verdwijnt. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1. Het plan voorziet niet in (minstens) het aantal te realiseren plaatsen. Vanuit oogpunt goede ruimtelijke ordening is dit onaanvaardbaar. Er dient gezocht naar een oplossing op eigen terrein. Niet vatbaar voor vergunning. De gevelbreedte bedraagt meer dan 8 m, de bestaande parkeergarage moet behouden blijven. |
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 4 – 0 = 4. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4. Echter kan de berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project worden verminderd met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is. Bijgevolg kan de parkeerbehoefte van de vergunde toestand in mindering gebracht worden voor 0 parkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 4 plaatsen. |
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te weigeren omwille van het verdwijnen van een garage en het ontbreken van een toegankelijke fietsenberging.
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
9 maart 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
9 april 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
6 juni 2018 |
|
Verslag GOA |
18 mei 2018 |
|
naam GOA |
Helia Dezhpoor |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018027651 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
WINVEST Holding met als adres Plantinkaai 5 te 2000 Antwerpen |
|
Ligging van het project: |
Blindestraat 10 te 2000 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 2 sectie B nr. 805A |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
verbouwen van een woning tot een apartementgebouw met 4 woonentiteiten |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag:
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist om de omgevingsvergunning te weigeren.