Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Inzake de fietskelder stelt het college vast dat de toegangshelling breed genoeg is, een zwakke helling heeft. De trap heeft een centrale wandelzone en langs beide kanten een vlakke zone voor de fietswielen. Hierdoor is deze trap zeer comfortabel en een voorbeeld hoe een fietsenberging in een rijhuis goed toegankelijk kan gemaakt worden. Hoe beter de toegankelijkheid hoe groter het gebruik van de fiets zal zijn.
De fietsenberging zelf heeft een grotere afmeting dan opgelegd door de bouwcode. Ook hier is er dus een hoger comfort voorzien dan dat de stad voorschrijft.
Om deze reden volgt het college de visie van de GSA niet en acht deze fietsvoorziening beter dan vooropgesteld in de bouwcode.
Voor het vlot openen van de deur dient men twee mogelijke aanpassingen door te voeren. De bouwheer kan kiezen:
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Ja
| Aanvragers: | Lia Dieltjens, Wouter Joosen |
| De aanvraag omvat: | bouwen van 2 wooneenheden volgens de BEN-norm (slopen en herbouwen) |
| Dossiernummer: | NEK/B/digitaal/ 20173384 |