Terug

2018_CBS_03478 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure. stedenbouwkundige lasten - 20173293 - district Antwerpen - Maurits Sabbelaan 22-44 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 04/05/2018 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Caroline Bastiaens, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_03478 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure. stedenbouwkundige lasten - 20173293 - district Antwerpen - Maurits Sabbelaan 22-44 - Goedkeuring 2018_CBS_03478 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure. stedenbouwkundige lasten - 20173293 - district Antwerpen - Maurits Sabbelaan 22-44 - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Artikel 4.2.20§1, eerste tot derde lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening: het college is bevoegd om aan een vergunning lasten te verbinden.

Artikel 2, §2 van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening van 28 april 2014 (bouwcode), goedgekeurd bij besluit van de deputatie van 9 oktober 2014: het college toetst een project aan de sociale en economische gevolgen en verbindt desnoods de gepaste stedenbouwkundige lasten aan de stedenbouwkundige vergunning.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Het principebesluit Stedenbouwkundige lasten van 8 juli 2016 is niet van toepassing op het aandeel  sociale woningen binnen een project. Gelet op het uitgangspunt van dit besluit, meer bepaald de vernietiging van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid  en het implementeren van dit besluit als belangrijk instrument om een degelijk sociaal woningaanbod te kunnen realiseren, werden dergelijke projecten met  betrekking tot de stedelijke ontwikkelingskosten voor het aandeel sociale woningen vrijgesteld.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Artikel 4.2.20§1, eerste tot derde lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening: het college is bevoegd om aan een vergunning lasten te verbinden.

Artikel 2, §2 van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening van 28 april 2014 (bouwcode), goedgekeurd bij besluit van de deputatie van 9 oktober 2014: het college toetst een project aan de sociale en economische gevolgen en verbindt desnoods de gepaste stedenbouwkundige lasten aan de stedenbouwkundige vergunning.

Onderzoek

Ja

Aanleiding en context

Aanvragers: WOONHAVEN ANTWERPEN
De aanvraag omvat: slopen van een appartementsgebouw en het bouwen van 119 wooneenheden en een ondergrondse parkeergarage
Dossiernummer: AN6/B/digitaal/SOK/20173293

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is volgende voorwaarden strikt na te leven:
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van 1e ingebruikname/exploitatie strikt na te leven;
  • het voorzien van gemeenschappelijke afvalberging conform artikel 26 van de bouwcode;
  • 75 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen te realiseren conform aanvraag;
  • het voorzien van terrassen voor de woonentiteiten van verdieping +4 conform artikel 28 van de bouwcode;
  • een breekpaal te plaatsen ter hoogte van de vier toegangen voor fietsers en voetgangers, indien de toegangspoorten tot het binnenterrein geheel geopend zullen zijn;
  • het uitvoeren van de ingediende collectieve ruimtes;
  • het uitvoeren van het aantal ingediende auto- en fietsstalplaatsen
  • de voorwaarden met betrekking het beschermen van een boom te volgen:
    • bij een te behouden boom moeten volgende zaken in acht genomen worden:
    • in het ontwerp van de gebouwen en de volledige infrastructuur errond, mag er niets voorzien worden waardoor de wortels of kroon van de boom  onaanvaardbaar moeten  beschadigd worden, noch nu, noch in de toekomst. Praktisch gezien wil dit zeggen dat het ontwerp niet mag leiden tot noodzaak om:
      • het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
      • graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale wortelpakket moet verwijderd worden;
      • de boom drastisch te snoeien. ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).
      • Als er werken (zowel bouwwerken, als werken aan de infrastructuur errond) worden uitgevoerd, moet de te behouden boom beschermd worden. Zowel wortels als kroon moeten beschermd worden.
    • De wortelzone van de boom moet beschermd worden om verdichting van de bodem en/of oppervlakkige beschadiging van de wortels te voorkomen. Op vlak van bescherming voor de wortelzone zijn er twee mogelijkheden:
      • er is voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er werfhekkens geplaatst die aan elkaar vast gemaakt zijn, zodat ze niet, of in ieder geval moeilijk, te verplaatsen zijn. De grootte van de wortelzone wordt idealiter bepaald door onderzoek; als onderzoek om een of ander reden niet kan, moet men er vanuit gaan dat de wortelzone even groot is als de diameter van de kroonprojectie + 2m;In die volledig afgebakende zone mag niets gebeuren. (niet graven,  niet stockeren, geen afvalwater of spoelwater lozen, ….);
      • er is niet voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden, zodat de ruimte onder de boom toch geheel of gedeeltelijk kan gebruikt worden zonder dat er schade berokkend wordt.
    • Om uitdroging van de wortelzone te voorkomen tijdens een droogzuiging van de werf, moet water worden gegeven aan de boom, tenzij bodemonderzoek zou uitwijzen dat dit niet nodig is;
    • Naast de wortelzone moeten ook de stam en de  kroon beschermd worden. Als de wortelzone volledig kan afgeschermd worden, zijn de stam en het onderste deel van de kroon uiteraard ook ineens afgeschermd. Kan de wortelzone niet volledig afgeschermd worden, dan moeten voor het beschermen van de stam en onderste deel van de kroon ook beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden;
    • Om schade aan het bovenste deel van de kroon te voorkomen moet de aannemer, als hij een kraan gaat gebruiken, een voldoende hoge kraan voorzien.  Als de kraan rond draait met een last eraan, mag niets de top van de boom raken. De aannemer mag ook geen snoeiwerken uitvoeren om ruimte te krijgen voor een kraan of voor om het even welke machine of stelling of … ;
    • Het is aangewezen om voor de nodige onderzoeken en voor het opstellen van beschermingsmaatregelen op maat, een gecertificeerd boomverzorger te raadplegen;
    • Bij het aanplanten van een nieuwe boom moeten volgende zaken in acht genomen worden:
      • Het aspect duurzaamheid moet nagestreefd worden.
      •  Duurzaam aanplanten wil o.a. zeggen dat voor de nieuwe boom een groeiplaats moet voorzien worden die ondergronds voldoende geschikt doorwortelbaar volume heeft om zijn natuurlijke grootte en leeftijd te kunnen halen, en waar  er ook bovengronds voldoende ruimte is voor zijn natuurlijke grootte;
  • een hydraulische verantwoording voor te leggen bij aansluiting van 400mm of aansluiting gebruik maken van 200mm;
  • het regenwatervolume aan te passen naar een maximale inhoud van 10.000l
  • een debietsbeperking te voorzien;
  • RWA en DWA volledig gescheiden tot op de rooilijn brengen;
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen. 

Uitsluitingen

Geen vergunning wordt verleend voor de voorziene woonentiteiten op verdieping +5 die met rood zijn aangeduid op de plannen enkel te gebruiken als berging en niet als verblijfsruimte omdat geen buitenruimtes zijn voorzien.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.