In navolging van dit schrijven onderzocht de stad Antwerpen opnieuw dit dossier en kwam zij tot volgende vaststellingen.
Uit het bestek, de evaluatie van de kandidatuurstellingen, de evaluatie van de inschrijving van Sportoase en de financiële analyse van de exploitatie blijkt nergens dat de stad Antwerpen de opdracht gegund heeft aan Sportoase omwille van de samenwerking met BV OSR. De loutere vermelding van BV OSR in de offerte vormde allerminst een doorslaggevend element voor de stad Antwerpen. Zelfs al zou deze vermelding door de stad Antwerpen mee in de beoordeling zijn opgenomen, dan nog kan de stad Antwerpen niet verweten worden dat BV OSR deze overeenkomst met Sportoase niet heeft kunnen doen aanhouden. BV OSR heeft de betreffende offerte niet mee ingediend, noch is zij aandeelhouder van Sportoase (Sportavan Veldstraat NV).
De stad Antwerpen heeft géén rechtstreeks contract met BV OSR. Ook aan de bepalingen van het groepscontract tussen Groep Sportoase NV en Sportoase Veldstraat Antwerpen NV is de stad Antwerpen op geen enkele manier gebonden. Dit groepscontract vormt geen deel van de door de gemeenteraad goedgekeurde overeenkomsten met Sportoase NV in januari 2006. De stad Antwerpen is dan ook in geen geval gebonden aan wat haar contractspartij onderling verder overeenkomt met derde partijen.
De stad Antwerpen heeft een jaarlijks overleg met de directeur van Sportoase en de manager van Sportoase Veldstraat waarbij de jaarcijfers en de inhoudelijke resultaten besproken worden. De jaarrekening van Sportoase Veldstraat wordt steeds overgemaakt, de winstdeelname wordt verrekend via de maandelijkse bijdrage. Tenslotte heeft de stad Antwerpen regulier overleg met de manager van Sportoase Veldstraat doorheen het jaar afhankelijk van de noden/behoeften. Tot op heden heeft zij geen inbreuken ten opzichte van het contract kunnen vaststellen.
Het exploiteren van een brasserie is geen contractuele verplichting geweest van Sportoase.
De stad Antwerpen heeft een audit laten uitvoeren in 2009. In deze audit werden geen onwettigheden vastgesteld.
De overige voorgehouden veronderstellingen kunnen in geen geval juridisch onderbouwd worden. Het college ziet dan ook geen enkele reden om verdere stappen te ondernemen tegen Sportoase.
Op 25 april 2017 vond een onderhoud plaats tussen de dienst Cultuur, Sport, Jeugd en Onderwijs/Sport en Recreatie en de dienst Bestuurszaken/Juridische Dienst van de stad Antwerpen met de vertegenwoordigers van LMLaw in functie van hun cliënte BV OSR.
Tijdens dit onderhoud en in het daaropvolgend schrijven van 15 mei 2017 werd de historiek van de samenwerking van NV Sportoase met BV OSR toegelicht. Het gaat over het dossier van de renovatie en exploitatie van het zwembad in de Veldstraat. Hierbij werden door de vertegenwoordigers van BV OSR volgende zaken voorgehouden:
Op 20 oktober 2017 verzond het college een antwoordschrijven waarin zij meedeelde geen onregelmatigheden te hebben teruggevonden in het dossier.
Op 15 januari 2018 richtte de raadsman een nieuw schrijven aan het college, ditmaal met het verzoek om een onderbouwd antwoord te verzenden gezien het grote belang voor zijn cliënte.
Het college keurt de collegiale brief goed, gericht aan LMLaw BVBA, waarin de door hun cliënte BV OSR voorgehouden zaken worden beantwoord.