Het “Summary Integrated Action Plan” geeft een beschrijving van de 20ste eeuwse gordel, het pilootproject Lageweg, de relatie tussen het IAP en de vernieuwing van het s-RSA en formuleert een visie voor stadsvernieuwing in de 20ste-eeuwse gordel. Twee acties die deze vernieuwing mee moeten concretiseren krijgen specifieke aandacht in het “Summary IAP”:
Kansenkaart
Het randstedelijke weefsel dat ontstond door de sterke groei die zich voordeed na WO II stopt niet aan de administratieve en bestuurlijke grenzen van de stad Antwerpen. Ook in de gemeenten in de zuidoostelijke rand rond Antwerpen is het naoorlogse weefsel aan vernieuwing toe. Tegelijkertijd is er nog steeds een grote druk op de onbebouwde ruimte in de rand door ruimte-verslindende woningtypologieën.
Met de kansenkaart wordt een gedeelde visie ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen naar voor geschoven om de stad van morgen samen met de randgemeenten uit te werken. Deze visie vertrekt vanuit het ontwikkelingsprincipe dat verdere suburbanisatie moet worden tegengegaan en dat het bestaande ruimtebeslag beter moet worden benut door het ruimtelijke rendement te verhogen. Niet alle locaties zijn even geschikt voor een rendementsverhoging. Twee parameters liggen aan de basis van de kansenkaart. De nabijheid van openbaar vervoer en de nabijheid van basisvoorzieningen. Nabijheid wordt gedefinieerd door de afstand van maximaal 1.000 m wat overeenkomt met 10 minuten wandelen of 5 minuten fietsen. Vanuit knooppunten van openbaar vervoer (treinstations, tramhaltes en bushaltes: verfijning in onderzoek op basis van verknoping en reistijd) en vanuit plekken waar een concentratie aan basisvoorzieningen aanwezig is worden perimeters uitgezet met een maximale straal van 1.000 m. Waar beide perimeters elkaar overlappen ontstaan A-locaties, bij uitstek interessant om in te zetten op rendementsverhoging. Op plekken die enkel binnen één perimeter vallen is rendementsverhoging mogelijk onder voorwaarde. Op locaties die enkel goed scoren op basis van nabijheid van openbaar vervoer, dient het aanbod aan basisvoorzieningen opgekrikt te worden (B-locaties). Op locaties die enkel goed scoren op basis van nabijheid van basisvoorzieningen (C-locaties), dient het aanbod aan openbaar vervoer verbeterd te worden. De D-locaties zijn alle locaties binnen woongebied volgens gewestplan, maar buiten één van beide perimeters. Op D-locaties zijn geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk.
Ontwikkelingsstrategieën voor de twintigste-eeuwse gordel
De 20ste-eeuwse gordel op het grondgebied van de stad Antwerpen is op de kansenkaart grotendeels gelegen binnen A-locaties. De stad wenst echter geen ongebreidelde groei van de stadsrand. Ontwikkelingsstrategieën voor stadsvernieuwing moeten de groei sturen vanuit drie invalshoeken: vanuit het wonen zelf, vanuit het weefsel en vanuit de grotere maat.
De 20ste-eeuwse gordel bevindt zich op de drempel om door te groeien tot een (voor)stedelijke omgeving. Het biedt de kwaliteiten als nabijheid van voorzieningen en hoge bereikbaarheid met openbaar vervoer en fiets, gecombineerd met een meer open, rustig en groene woonomgeving.
Het momentum van vandaag rond mobiliteit – met nieuwe ambities en technische innovaties – en rond klimaatadaptatie – met zorg voor groen-blauwe structuren en ruimteneutraliteit – wordt ten volle benut om dit stadsdeel een tweede start te geven naar een eigen stedelijkheid. Dit vergt aandacht en investering voor de familiewoning zowel in klassieke typologie (rijwoning) als in een alternatieve woningproductie die bijdraagt tot een evenwichtigere en robuuste bevolkingssamenstelling. De herwaardering van de straat als verblijfsruimte maakt er een aangename en kwalitatieve uitbreiding op de individuele woning van. Door de ruime dimensies van publiek ruimte te benutten als kader voor verdere verdichting – bredere straten laten hogere bebouwing toe – wordt marge gecreëerd voor verdere groei. De 20ste-eeuwse gordel vormt een aantrekkelijke vestigingslocatie die ruimte biedt voor de groeiende binnenstad en een volwaardig alternatief is voor de suburbane verkaveling. Door het actief creëren van een nieuw woningaanbod en de verbetering van de woonomgeving in te schrijven in strategische projecten van (middel)grote, publieke voorzieningen creëren we hefbomen om de twintigste-eeuwse gordel stapsgewijs de drempel te laten nemen naar een doorstart, en van daaruit ook naar de rest van stad.
Ontwikkelingsstrategie 1: Stimuleren van alternatieve en collectieve woning typologieën op maat van een diverse en evenwichtige stedelijke bevolking.
Ontwikkelingsstrategie 2: Morfologie van het weefsel inzetten als ruimtelijk kader voor groei. De inrichting publieke ruimte is de sleutel voor kwalitatieve transformatie: water, groen en parkeren (POET, autodelen, buurtparkeren).
Ontwikkelingsstrategie 3: Strategische publieke en private projecten omvatten steeds de opwaardering van de publieke ruimte om zo de leefbaarheid en aantrekkelijkheid te vergroten, en de actieve realisatie van een nieuw woningaanbod.
Medio 2013 werd een aanvraagdossier ingediend in kader van de vijfde oproep van de Vlaamse overheid voor subsidiëring van de projectcoördinatie van strategische projecten in uitvoering van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Het aanvraagdossier werd ingediend door de stad Antwerpen en onderschreven door de randgemeenten en de provincie Antwerpen. Het doel van het aanvraagdossier bestond erin om de ruimtelijke uitdagingen die gepaard gaan met de bevolkingsgroei in stadsregionaal verband aan te pakken.
Op 17 december 2013 werd het aanvraagdossier door de Vlaamse minister bevoegd voor Ruimtelijke Ordening goedgekeurd.
Op 18 juli 2014 (jaarnummer 7571) nam het college kennis van de resultaten van het ontwerpend onderzoek Labo XX en gaf hiermee de start van de bespreking van de resultaten, het college keurde ook het vervolgtraject van Labo XX goed.
Op 1 oktober 2015 werd door Ruimte Vlaanderen het officieel startsein gegeven voor het strategisch project ‘stadsregionale samenwerking’. De subsidieperiode loopt over 3 jaar.
Op 19 februari 2016 (jaarnummer 1402) nam het college kennis van de startnota voor het strategisch project 'stadsregionale samenwerking slim vernieuwen' en keurde de stadsafvaardiging voor het interbestuurlijk overleg goed.
Het strategisch project werd aangevat met Aartselaar, Antwerpen, Boechout, Borsbeek, Edegem, Hemiksem, Hove, Kontich, Lint, Mortsel, Niel, Schelle, Wijnegem en Wommelgem en de provincie Antwerpen.
Op het interbestuurlijk stadsregionaal overleg worden de inhoudelijke voorstellen aan de beleidsafgevaardigden van de lokale besturen voorgesteld. Het volgende interbestuurlijk stadsregionaal overleg zal doorgaan op 27 februari 2018. Tijdens dit overleg wordt de kansenkaart gepresenteerd en wordt opgeroepen om deze kaart te laten valideren door de verschillende colleges van burgemeester en schepenen van de verschillende partners. De kaart kan op lokaal niveau verder verfijnd worden in de herziening van de gemeentelijke structuurplannen.
Sinds september 2015 is de stad hoofdpartner van het Europese URBACT-project sub>urban. Reinventing the fringe. Doelstelling van het project is een lokaal actieplan te ontwikkelen om stedelijke versnippering tegen te gaan. De strategie daartoe is het opvangen van de verwachte bevolkingsgroei via stadsverdichting in de wijken die vooral gebouwd zijn na de Tweede Wereldoorlog, door het complexe weefsel van de periferie, attractiever en kwalitatiever te maken.
De partners in het project zijn de Metropolitane regio van Barcelona (Spanje) en de steden Düsseldorf (Duitsland), Wenen (Oostenrijk), Solin (Kroatië), Casoria (Italië), Baia Mare (Roemenië), Brno (Tsjechië) en Oslo (Noorwegen).
Op 24 oktober 2016 (jaarnummer 681) keurde de gemeenteraad de deelname aan het URBACT-subsidieproject sub>urban. Reinventing the fringe goed en ondertekende daartoe het partnerschapsakkoord.
Het URBACT-project loopt af in mei 2018. Tijdens een laatste bijeenkomst in Barcelona van 25-27 april 2018 zullen alle partners een samenvatting in het Engels van hun lokale actieplannen presenteren: het “Summary Integrated Action Plan (IAP)”.
Het college neemt kennis van de “Summary IAP (URBACT)” waarin het onderzoek voor een kansenkaart voor de stadsregio en ‘de ontwikkelingsstrategieën voor de 20ste-eeuwse gordel’ voor de stad Antwerpen als input voor de verdere uitwerking van de vernieuwing van het s-RSA als belangrijke actiepunten worden vermeld.
Het college keurt de kansenkaart goed voor verder overleg op het interbestuurlijk overleg van de stadsregionale samenwerking.
Het college keurt de eerste aanzet van de ontwikkelingsstrategieën voor doorstart van de 20ste-eeuwse gordel goed voor verdere uitwerking.