Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
brandweer/ risicobeheer/ preventie |
4 juni 2018 |
15 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Fluvius |
4 juni 2018 |
13 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
4 juni 2018 |
12 juni 2018 |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
4 juni 2018 |
4 juni 2018 |
|
ondernemen en stadsmarketing/ business en innovatie |
4 juni 2018 |
18 juni 2018 |
Toetsing aan de voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP 2060, goedgekeurd op 20 december 2012. Volgens dit ruimtelijk uitvoeringsplan ligt het goed in een artikel 2 zone voor detailhandel - (de).
Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is niet in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan 2060 op volgend punt:
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Algemene bouwverordeningen
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
Sectorale wetgeving
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De functies (handel en wonen) wijzigen niet. Bijgevolg blijven de functies inpasbaar in de omgeving van de Vondelstraat.
Gezien de locatie van het pand in het kernwinkelgebied, werd advies gevraagd aan de dienst Ondernemen en Stadsmarketing – Business en Innovatie. Dit advies is gunstig:
“De aanvraag omvat het herinrichten van een commercieel gelijkvloers met behoud van functie. Gelet op de locatie in afgebakend kernwinkelgebied Sint-Jansplein-Vondelstraat (Antwerpen-Noord) en de voorschriften RUP Antwerpen 2060 is behoud en optimalisatie van de commerciële ruimte gunstig te beoordelen. Uit de plannen is af te leiden dat er zal worden gekozen voor een buurtwinkel die focust op de dagelijkse boodschappen, wat in de lijn ligt van de commerciële mix in de omgeving.”
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De bestaande dakconstructie (zadeldak) wordt verwijderd en het pand wordt verhoogd met een bijkomend niveau. De bijkomende verdieping en de nieuwe kroonlijsthoogte zijn inpasbaar met de bebouwde omgeving. In de Vondelstraat komen verschillende panden voor met vier bouwlagen onder een plat dak.
Het volledige gelijkvloers blijft volledig bebouwd. Op de bestaande verdiepingen wordt de bouwdiepte verkleind. Deze bouwdiepte is aanvaardbaar.
Visueel-vormelijke elementen
Wanneer buitengevelisolatie een onderdeel is van verschillende maatregelen, bijvoorbeeld in combinatie met dakisolatie en het plaatsen van HR++ beglazing heeft het zeker zijn meerwaarde. Het combineren van deze maatregelen is niet alleen een meerwaarde voor energiebesparing maar ook op bouwfysisch vlak naar bijvoorbeeld het oplossen van bouwknopen. Bij doorgedreven energetische renovaties naar lage energie of passiefstandaard, zal gevelisolatie in veel gevallen essentieel zijn om de beoogde ambities te behalen.
Wanneer er een aanvraag wordt ingediend voor minder dan 14cm en deze is voor vergunning vatbaar moet dit als voorwaarde worden opgenomen bij het gunstig advies. Waarbij het duidelijk moet zijn dat de extra opgelegde centimeters moeten bekomen worden door middel van een dikker isolatiepakket om op die manier maximaal bij te dragen aan de energiebesparing.
De arrière corps is een veel voorkomend detail bij aaneengesloten bebouwing. Ter hoogte van de perceelsgrens springt het gevelvlak terug, en dit over de volledige gevelhoogte. Dit levert een verticale ritmering op die percelering in het straatbeeld nuanceert. Het is wenselijk om dit detail eigen aan de stedelijke context te behouden.
Het toepassen van buitengevelisolatie leidt tot een vervlakking van het straatbeeld door een verlies aan detaillering. Om een verarming van het materiaal tegen te gaan, wordt er bij een gunstig advies opgelegd dat bestaande elementen in natuursteen (raamdorpel, plint, …) behouden blijven of worden vervangen door nieuwe elementen in natuursteen.
De uitstekende delen van een gevel (plint, raamdorpel, kroonlijst, …) zorgen voor een detaillering van de gevel. Daarnaast hebben deze details ook een functie. Zo beschermt de plint tegen beschadigingen, vervuiling, ...
Indien er voor het uitvoeren van de werken een plint aanwezig is, moet deze behouden blijven. Dit kan door de bestaande plint naar voren te plaatsen (en er achter isolatie aan te brengen) of de bestaande plint te vervangen door een nieuwe plint.
Bij materialen die schadegevoelig zijn zoals bijvoorbeeld pleisterwerk of sommige plaatmaterialen, kan het aan te bevelen zijn om een plint te plaatsen, ook al is deze niet aanwezig in de bestaande toestand.
Wanneer er zich in de bestaande toestand openbare verlichtingsarmaturen (of andere elementen van nutsvoorzieningen) bevinden aan de gevel moeten deze na het uitvoeren van de werken opnieuw gemonteerd worden aan de gevel op een duurzame manier (eventueel met een achterliggende constructie).
Deze elementen moeten ten allen tijde kunnen hersteld worden of weggenomen worden. Indien nodig wordt hiervoor contact opgenomen met de dienst openbaar domein.
Wanneer er pleisterwerk is voorzien als gevelmateriaal, worden de randen van bijvoorbeeld raamopeningen voorzien van hoekprofielen. Dergelijke hoekprofielen moeten onzichtbaar worden uitgevoerd.
Wanneer de nieuwe constructie tot op het openbaar domein komt moet er rekening mee worden gehouden dat het voetpad in de toekomst hersteld kan worden zonder dat er aan de voorgevel ingrepen moeten gebeuren. Dit kan door de bestaande stoeptegel voor de werken weg te nemen en na de werken terug te plaatsen.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Op het gelijkvloers wordt een aparte inkom naar de bovenliggende wooneenheden voorzien, wat positief wordt beoordeeld. De platte daken worden uitgevoerd als groendak.
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
De aanvraag wijkt af van artikel 28 van de Bouwcode met betrekking tot de minimale oppervlakte buitenruimte: de studio op de eerste verdieping wordt namelijk niet voorzien van een eigen buitenruimte. De aanvrager voorziet hier ‘portes-fenêtres’.
Aangezien de studio zich aan de straatkant bevindt en een uitpandig terras op de eerste verdieping aan de straatzijde hier niet kwalitatief is, kan worden toegelaten de buitenruimte te voorzien langs de straatzijde door middel van ‘portes-fenêtres’.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 6 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en of functiewijziging. De bestaande winkel op het gelijkvloers wordt enkel intern verbouwd. Deze functie blijft hetzelfde. De bovenliggende woning wordt verbouwd tot 7 appartementen. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding met 6 wooneenheden. 5 bijkomende appartementen < 60m² met parkeernorm 1.05 à 5 x 1.05 = 5.25 1 bijkomend appartement tussen 60m² en 90m² met parkeernorm 1.2 à 1 x 1.2 = 1.2 De werkelijke parkeerbehoefte is 6 (5.25 + 1.2 = 6.45 à 6) |
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 6. Gezien het commercieel gelijkvloers behouden blijft, laat het perceel het bouwen van het aantal te realiseren plaatsen (in de vorm van een garage) niet toe. Daarenboven is het pand gelegen in kernwinkelgebied waar het toevoegen van een garage het behoud en optimalisatie van de commerciële ruimte niet toelaat. |
|
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 6. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 6. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 6 plaatsen. |
Fietsvoorzieningen:
Voor de bijkomende appartementen moeten voldoende fietsnetstallingen voorzien worden.
3 bijkomende appartementen met 1 slaapkamer à 3 x 2 = 6
3 bijkomende appartementen met 2 slaapkamers à 3 x 3 = 9
Er moeten 15 fietsenstallingen voorzien worden.
In de kelder wordt een fietsenberging ingericht. Er worden enkel haken voorzien om fietsen aan te hangen. Niet alle fietsen kunnen van dit systeem gebruik maken. Minimum de helft van de fietsenstallingen moeten gewone stallingen zijn zodat alle fietsen ( fietsen met manden en zakken, kinderstoeltjes, zware (elektrische) fietsen,…) gestald kunnen worden.
De inrichtingsprincipes uit de bouwcode moeten gevolgd worden.
De fietsenstalling is bereikbaar met een lift.
Laden en lossen:
Laden en lossen moet gebeuren op bestaande laad- en loszones in de omgeving.
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
30 april 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
30 mei 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Verslag GOA |
10 juli 2018 |
|
naam GOA |
Wim Van Roosendael |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
0 |
0 |
0 |
1 |
Bespreking van de bezwaren
Bezwaar: De bezwaarindiener is van oordeel dat de geplande uitbouw aan de achtergevel een aanzienlijke inboeting op de levenskwaliteit voor de inwoners van het pand Italiëlei 147 – 149 veroorzaakt door:
- vermindering lichtinval
- beklemd gevoel door de aanzienlijke en hoge uitbouwkolom
- beperking van vrij uitzicht op terrassen
- grote inlevering van de bestaande open ruimte aan de achterzijde van het gebouw in de Italiëlei
Evaluatie: De afstand tussen de bestaande ‘uitbouw’ op de eerste verdieping en het perceel van het pand Italiëlei 147 – 149 bedraagt circa 5m. De afstand tussen de geplande uitbouw op de eerste verdieping en het perceel van het pand Italiëlei 147 – 149 bedraagt circa 10m. Dit betreft dus een vergroting (verdubbeling) van de afstand en kan bezwaarlijk hierdoor een ‘inboeting op de levenskwaliteit’ voor de bewoners van het pand Italiëlei 147 – 149 worden genoemd. Het ‘vrij zicht’ vanop de terrassen van het pand Italiëlei 147 – 149 zal hierdoor juist vergroten.
De voorziene hoogte van de ‘uitbouw’ is hoger dan de bestaande, maar is niet hoger dan het pand waartegen de uitbouw wordt geplaatst. De voorziene hoogte is kenmerkend en brengt de bewoonbaarheid van het pand Italiëlei 147 – 149, door eventuele vermindering van lichtinval en het genoemde ‘beklemd gevoel’, niet in het gedrang.
De aanvraag betreft geen verkleining van open ruimte op het perceel van Italiëlei 147 – 149.
Het bezwaar is ongegrond.
Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018051065 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
de heer Rosen Tenchen met als adres Sint-Aldegondiskaai 10 bus 37 te 2000 Antwerpen |
|
Ligging van het project: |
Vondelstraat 12 te 2060 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 5 sectie E nrs. 1286X5 en 1286P5 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag |
verbouwen van een handelspand met bovenliggende woning en magazijnruimte tot supermarkt met 7 woonentiteiten |
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst uitgevoerde vergunning
Inhoud van de aanvraag:
Het college sluit zich integraal aan bij:
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.