Terug

2018_CBS_06667 - Omgevingsvergunning - OMV_2018056045. Ridder van Parijsstraat 52. District Merksem - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/07/2018 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2018_CBS_06667 - Omgevingsvergunning - OMV_2018056045. Ridder van Parijsstraat 52. District Merksem - Goedkeuring 2018_CBS_06667 - Omgevingsvergunning - OMV_2018056045. Ridder van Parijsstraat 52. District Merksem - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.

Adviezen

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

brandweer/ risicobeheer/ preventie

9 juni 2018

20 juni 2018

Voorwaardelijk gunstig

Fluvius

9 juni 2018

11 juni 2018

Geen bezwaar

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

stadsontwikkeling/ mobiliteit

7 juni 2018

19 juni 2018

ondernemen en stadsmarketing/ business en innovatie

7 juni 2018

21 juni 2018

DL adresbeheer (huisnummers)

7 juni 2018

7 juni 2018

 

Toetsing voorschriften

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.

Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied in de stedelijke agglomeratie van Antwerpen, dit is het gedeelte van de stad gelegen tussen de Kleine Ring en respectievelijk de reservatiestrook voor de aanleg van lijninfrastructuur (de A102) tussen Merksem en Wommelgem, de R11 tussen Wommelgem en Mortsel, de oostelijke grens van Mortsel en Hove en de reservatiestrook voor pijpleidingen tussen Hove/Kontich en Hemiksem.

In dit gebied wordt de maximale bouwhoogte afgestemd op de volgende criteria:

- de in de onmiddellijke omgeving aanwezige bouwhoogten;

- de eigen aard van het betrokken gebied;

- de breedte van het voor het gebouw gelegen openbaar domein.

Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Hemelwater: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater (verder genoemd verordening hemelwater).
    (De verordening hemelwater kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Hemelwater)

De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
    (De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen > Toegankelijkheid publieke gebouwen)

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid op volgend punt:

  • afdeling 4 artikel 22 Bepalingen met betrekking tot toegangen en deuropeningen:
    Toegangsdeuren tot wooneenheden bij handelingen aan meergezinswoningen dienen een ruwbouwbreedte van minimum 100 cm te hebben, zodat een vrije en vlakke doorgangsbreedte van minstens 85 cm kan gegarandeerd worden. De toegangsdeuren tot appartement 0.02 voldoet hier niet aan;
  • afdeling 4 artikel 24 Bepalingen met betrekking tot toegangen en deuropeningen:
    Vóór en achter elke toegang of deur waarop dit besluit van toepassing is, met uitsluiting van toegangen tot of deuren naar gesloten trappenhallen, moet voor een vrije en vlakke draairuimte worden gezorgd, die maximaal twee procent in één richting mag hellen met het oog op de afwatering. Vóór de toegangsdeuren tot het nieuwe appartement 0.02 werd geen vrije en vlakke draairuimte voorzien;
  • afdeling 4 artikel 25 Bepalingen met betrekking tot toegangen en deuropeningen:
    Bij een manueel te bedienen deur, met uitsluiting van toegangen tot of deuren naar gesloten trappenhallen, moet naast de krukzijde voor een vrije en vlakke wand- en vloerbreedte worden gezorgd, met een ruwbouwmaat van minstens 45 cm, zodat na de afwerking een vrije en vlakke wand- en vloerbreedte van minstens 50 cm gegarandeerd wordt. De toegang tot het nieuwe appartement 0.02 voldoet hier niet aan.

 

Algemene bouwverordeningen

  • Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
    (De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar WETGEVING > Verordeningen)

De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

  • Overwelven waterlopen: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening inzake het overwelven of inbuizen van niet geklasseerde waterlopen en waterlopen van 3de categorie (verder genoemd verordening overwelven waterlopen), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 26 januari 2009 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 4 juni 2009.
    (De verordening overwelven waterlopen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘overwelven waterlopen’)

De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.

  • Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
    (De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘bouwcode’)

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • artikel 27 Open ruimte:
    Bij functiewijziging moet minimaal 20% van de oppervlakte van het perceel op het niveau van het maaiveld buitenruimte zijn. Deze 20% dient zich te bevinden in de zone voor achtertuinen en binnenplaatsen. De oppervlakte van de voortuin wordt niet in rekening gebracht. De aanvraag voldoet hier net niet aan; de oppervlakte van de voorziene stadstuin is ca. 30m², de bebouwde oppervlakte is ca. 140m², wat neerkomt op een open ruimte van 17,65%;
  • artikel 28 Minimale oppervlakte buitenruimte:
    Bij vermeerdering van het aantal woongelegenheden en functiewijziging naar wonen dient elke zelfstandige woning over een buitenruimte te beschikken. Appartement 0.02 beschikt niet over een buitenruimte;
  • artikel 29 Fietsenstalplaatsen en fietsparkeerplaatsen:
    §2 Inrichtingsprincipe: Bij de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag dienen op het grondplan de fietsenstalplaatsen met maatlijnen aangeduid te zijn, alsook het voorziene aantal. De aanvraag voorziet een fietsenstalplaats van 6 m² voor 4 fietsen, maar zet geen maatlijnen bij de opstelling. Op basis van de afmetingen van het lokaal kan vermoedelijk wel aan de inrichtingsprincipes conform de bouwcode worden voldaan;
  • artikel 30: Autostalplaatsen en autoparkeerplaatsen:
    Indien de aanvraag bij een woonfunctie een vermeerdering van het aantal woongelegenheden ten opzichte van de vergunde situatie betreft dient er in dit geval één autostalplaats per bijkomende woongelegenheid voorzien te worden. De aanvraag voorziet geen autostalplaatsen. Per niet-gerealiseerde autostalplaats kan een financiële compensatie betaald worden.

 

Sectorale wetgeving

  • Watertoets: overeenkomstig artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het algemeen waterbeleid dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets.

Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.

  • Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.
    (De kwaliteitsnormen  voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse Wooncode zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op ‘kwaliteitsbesluit’)

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.

Omgevingstoets

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften

De aanvraag wijkt af van artikel 27 van de bouwcode. Bij een functiewijziging moet er 20% open ruimte worden voorzien. De aanvraag voorziet maar ca. 30m² oftewel 17,65%. Door de bovenliggende verdiepingen wordt er maximaal afgebroken waar het mogelijk is op de gelijkvloerse verdieping. Enkel de bestaande bergingen achteraan worden afgebroken. Door de afbraak past het gebouw zich in de bestaande straatwand en het gabarit van de woningen uit zijn omgeving. De schaal van de aanvraag is overeenstemmend met deze van de omgeving. De afwijking is aanvaardbaar.

De aanvraag wijkt af van artikel 28 van de bouwcode. Er wordt geen buitenruimte voorzien voor één bijkomende wooneenheid op de gelijkvloerse verdieping. Het betreft een hoekperceel waar de realisatie van buitenruimte niet mogelijk is. Echter ligt de bijkomende wooneenheid aan de straatzijde waar een groene voortuin is voorzien, waardoor toch open ruimte wordt aangeboden. De afwijking is aanvaardbaar.

Functionele inpasbaarheid

Voorliggende aanvraag omvat een functiewijziging. De bestaande functie van reca-zaak wordt omgevormd naar wonen en is daarmee in harmonie met de kenmerkende woonfuncties in de Ridder van Parijsstraat en Trammezandlei.

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaats.

De parkeerbehoefte wordt bepaald op de functiewijziging.

Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1 per woning. De parkeerbehoefte voor dit project, bestaande uit 1 nieuwe woning is 1.

De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0 .

‘Dit perceel betreft een hoekperceel. De grootte en/of vorm van het perceel laten het bouwen van het aantal te realiseren plaatsen niet toe.’

Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 1 .

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1 – 0 = 1. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen van 15 december 2014. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 1 plaats.


Fietsvoorzieningen

De fietsparkeerbehoefte wordt bepaald op het aantal slaapkamers per woning vermeerderd met 1. Voor een woning met 2 slaapkamers bedraagt de fietsparkeerbehoefte 3.

Het project voorziet een berging op het gelijkvloers met plaats voor 4 fietsen. De afmetingen hiervan zijn conform het draaiboek.

Visueel-vormelijke elementen

In de voorgevel worden de bestaande raampartijen van het voormalige café verkleind. De nieuwe gevel wordt afgewerkt met rode steenstrips, accenten in witte steen en wit PVC buitenschrijnwerk. Deze materialen passen binnen de omgeving waarop de aanvraag betrekking heeft en zijn dus aanvaardbaar.

Advies aan het college

Stedenbouwkundige handelingen

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

  1. de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van 1e ingebruikname/exploitatie strikt na te leven;
  2. de doorgangsbreedte van toegangsdeur tot appartement 0.02 moet minstens 85 cm bedragen, conform artikel 22 van de verordening toegankelijkheid;
  3. een vrije en vlakke draairuimte voorzien bij de toegangsdeur voor het appartement 0.02, conform artikel 24 van de verordening toegankelijkheid;
  4. een vrije en vlakke wand- en vloerbreedte van minstens 50 cm voorzien bij de toegangsdeur voor het appartement 0.02, conform artikel 25 van de verordening toegankelijkheid;
  5. na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen;

 

 

Fasering

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

9 mei 2018

Volledig- en ontvankelijk

7 juni 2018

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor wegenwerken

geen

Uiterste beslissingsdatum

6 augustus 2018

Verslag GOA

10 juli 2018

naam GOA

Martijn Coppoolse

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Onderzoek

Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.

 

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer :

OMV_2018056045

Gegevens van de aanvrager:

de heer Chanoch Tabak met als adres Lamorinièrestraat 133 te 2018 Antwerpen

Ligging van het project:

Ridder van Parijsstraat 52 te 2170 Merksem  (Antwerpen)

Kadastrale gegevens:

afdeling 40 sectie C nr. 413W7

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

omvormen van een café op het gelijkvloers tot een appartement

 

Omschrijving aanvraag

Stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

  • 18/1/1957: vergunning (103#6059) voor het bouwen van appartementsgebouw op hoek.

 

Laatst vergunde toestand

  • gelijkvloerse woonentiteit met café in het hoekgedeelte.

 

Bestaande toestand

  • gelijkvloerse woonentiteit met café in het hoekgedeelte;
  • de oorspronkelijke open koer werd in het verleden zonder vergunning overdekt als berging.

 

Inhoud van de aanvraag

  • het omvormen van een café op het gelijkvloers tot een appartement;
  • de kelder en de eerste –en tweede verdieping met telkens twee appartementen blijven ongewijzigd;
  • de overkapping van de koer en het vergunde bijgebouw met de toiletten van het café worden afgebroken zodat er een spievormige stadstuin van 30,10 m² ontstaat;
  • de gelijkvloerse verdieping wordt intern verbouwd en er worden twee één-slaapkamer appartementen ingericht. De stadstuin sluit aan bij het appartement 0.01 (54,33 m²), appartement 0.02 (54,61 m²) beschikt niet over een private buitenruimte;
  • aansluitend op de oorspronkelijke inkomhal wordt een nieuwe fietsenberging van 6 m² voorzien;
  • een bestaande berging van 4 m² in de kelder wordt herbestemd als gemeenschappelijk afvallokaal;
  • de grote raampartijen van het voormalige café worden verkleind door ze tot op heuphoogte op te metsen, de breedtes ervan blijven ongewijzigd. Het nieuwe schrijnwerk is uit witte pvc;
  • de oorspronkelijke gevelbekleding van het gelijkvloers uit grijze natuursteen wordt verwijderd en vervangen door rode steenstrips die aansluiten bij het rode metselwerk van de bovenbouw;
  • in de achtergevel wordt een nieuwe raamopening voorzien en het volledige gelijkvloers wordt afgewerkt met een witte bepleistering.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:

  • de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken, strikt na te leven;
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van 1e ingebruikname/exploitatie strikt na te leven;
  • de doorgangsbreedte van toegangsdeur tot appartement 0.02 moet minstens 85 cm bedragen, conform artikel 22 van de verordening toegankelijkheid;
  • een vrije en vlakke draairuimte voorzien bij de toegangsdeur voor het appartement 0.02, conform artikel 24 van de verordening toegankelijkheid;
  • een vrije en vlakke wand- en vloerbreedte van minstens 50 cm voorzien bij de toegangsdeur voor het appartement 0.02, conform artikel 25 van de verordening toegankelijkheid;
  • na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.