Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
24 mei 2018 |
12 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - Vlaams gewest, Agentschap Wegen en Verkeer Antwerpen |
24 mei 2018 |
13 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
ondernemen en stadsmarketing/ business en innovatie |
24 mei 2018 |
6 juni 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
24 mei 2018 |
25 mei 2018 |
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018038776 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
THOMAS TISSON met als adres Mechelsesteenweg 51 te 2018 Antwerpen |
|
Ligging van het project: |
Mechelsesteenweg 49 te 2018 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 6 sectie F nr. 1487A2 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
wijzigen van de voorgevel en regulariseren van een zomerterras |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Digit - brandweer/ risicobeheer/ preventie |
24 mei 2018 |
12 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
|
Digit - Vlaams gewest, Agentschap Wegen en Verkeer Antwerpen |
24 mei 2018 |
13 juni 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
ondernemen en stadsmarketing/ business en innovatie |
24 mei 2018 |
6 juni 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
24 mei 2018 |
25 mei 2018 |
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Algemene bouwverordeningen
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
Gevelafwerking (open houtstructuur) is niet in harmonie
Inplanting, bouwhoogte en bouwdiepte zijn niet in harmonie
De gebruikte materialen zijn niet kwalitatief
Sectorale wetgeving
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag betreft de vaste inrichting - voor 9 jaar- van een onbebouwd perceel tussen twee panden in rijbebouwing met een gesloten horecaterras. De straatwand wordt uitgevoerd als poort (met doorkijk) maar geeft uit op een kleine lege buitenruimte die eindigt in een tweede wand. Pas daarachter voorziet men de zomerbar
Het bouwvolume is atypisch; volgens artikels 6 en 10 van de bouwcode moet immers aangesloten worden op de kenmerkende bouwdiepte van de aanpalende bebouwing.
De aanvraag wijkt af van deze artikels door visueel niet aan te sluiten op de straatwand met het eigenlijke ‘gebouw’, maar in 2de orde te bouwen. Een vrijstaande voorzetgevel met poort wordt gecreëerd aan de straat. Ook wordt er niet aangesloten op de gelijkvloerse bouwdiepte en wordt de kleine achtertuinzone deels ingenomen door de aangevraagde constructie.
Door de geldigheidsduur van de vergunning te beperken tot een periode van drie jaar, kan deze constructie beschouwd worden als een tijdelijke pop-up bar, waardoor een afwijking kan worden toegestaan middels artikel 3 van de bouwcode.
Verder wijkt de aanvraag af van artikel 12 van de bouwcode; met het oog op het creëren van levendige straten is het belangrijk dat de gebouwgebruikers contact hebben met de straat en vice versa. Het achteruitbouwen bewerkstelligt net het tegenovergestelde.
Voor voorliggende aanvraag kan geen afwijking toegestaan worden, gezien het een quasi-permanente inrichting betreft, en geen tijdelijke pop-up bar. Mits een paar kleine ingrepen qua inrichting kan voldoende contact tussen de straat en de achterliggende verblijfsruimtes worden gecreëerd.
Er zal als voorwaarde worden opgelegd dat rechtstreekse zichten (ramen en deur) naar de straat gecreëerd dienen te worden om op die manier een rechtstreeks contact met de straat te kunnen garanderen.
Visueel-vormelijke elementen
De afwerking van de voorzetgevel (straatgevel) heeft niet voldoende kwaliteit om een kroonlijsthoge gevelinvulling te verantwoorden. De aanvraag wijkt daarmee af van artikel 11 van de bouwcode. De gebruikte materialen zijn niet kenmerkend voor de stad, noch kwalitatief. Zowel de afsluiting van de straatwand als de scheidingswanden worden uitgevoerd in tijdelijke houten constructies van steigerhout (gebruikt bij stellingen, hout met lage duurzaamheidsklasse). Dit zijn gerycleerde ruwhouten balken en planken met verfresten edm. De overkapping van het terras zelf, wordt uitgevoerd in prominent zichtbare polycarbonaatplaten die zich niet op een esthetische manier inpassen in de stedelijke omgeving. Er wordt voorgesteld om de afsluiting langs de straatwand van de terrasconstructie op te trekken zodat de overkapping niet meer direct zichtbaar is van de straat (zoals aangeduid op het gevelplan in rood). Dit zal als voorwaarde worden opgelegd in de vergunning. Verder dient de afsluiting langs de straatwand te worden afgewerkt in een gevelmateriaal (steenstrips in rode of bruine kleurstelling). Dit zal als voorwaarde worden gekoppeld aan de vergunning.
Deze straatgevel (poort) blijft best beperkt tot de gelijkvloerse plint om een eerlijke vertaling te vormen van de achterliggende tijdelijke functie. Dit zal als voorwaarde worden gekoppeld aan de vergunning.Deze achterliggende ‘schuur’ moet dan wel een kwalitatievere uitstraling krijgen.
Functionele inpasbaarheid
De aangevraagde functie is stedenbouwkundig aanvaardbaar op deze locatie, maar genereert door zijn specifieke inplanting potentieel overlastproblemen. Volgend advies werd gegeven door de stedelijke dienst ‘ondernemen en stadsmarketing /business en innovatie’:
“De horecazaak en de perceel waarvan sprake in dit dossier zijn gelegen in afgebakend kernwinkelgebied Mechelsesteenweg. Ruimtelijke initiatieven die de commerciële aantrekkingskracht van het gebied versterken worden gunstig beoordeeld. In deze betreft het een "gesloten horecaconstructie" op privaat terrein, die enkele op zomerdagen wordt gebruikt. De horecazaak heeft immers ook een gewoon terras op de voorliggende parkeerstrook die zonniger en open is. Het voorzien van een bijkomend overdekt terras op het aanpalend perceel biedt bijkomende zitruimte en versterkt de handelszaak. Er wordt ook een toegang voorzien tussen de horecazaak en het bijkomende gesloten terras. OS/BI geeft voor deze aanvraag een gunstig advies op voorwaarde dat er ruimtelijk een kwalitatiever ontwerp wordt gemaakt dat aansluit op de gevel (geen achterliggende insprong meer) en dat het met meer duurzame materialen wordt gebouwd. Op deze manier kan ook de geluidshinder, zeker voor de zij- en achterburen, worden geminimaliseerd.”
Milderende maatregelen kunnen overlast beperken: aangepaste openingsuren, akoestische demping (massieve materialen),…Daarom wordt als voorwaarde aan de vergunning gekoppeld dat de open ruimte tussen de poort en de overdekte constructie niet als terraszone mag worden gebruikt.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 0 parkeerplaatsen.
Uit het advies van de stedelijke dienst Mobiliteit: “De parkeerbehoefte wordt bepaald op de inrichting van een zomerterras behorend bij een naastgelegen brasserie. Voor horeca wordt de parkeerbehoefte op maat bepaald. Gezien de beperkte oppervlakte en de ligging nabij het centrum moeten er geen parkeerplaatsen voorzien worden. De werkelijke parkeerbehoefte is 0.”
|
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0. Dit aantal is toereikend. |
In het advies van de dienst mobiliteit wordt ook gesteld dat er geen fietsstalplaatsen moeten voorzien worden omdat het enkel om een uitbreiding van een zomerterras gaat.
Het Vlaams Agentschap Wegen en Verkeer stelt dat er in functie van de verkeersveiligheid een maximale toegang van 4,5 meter breedte toegelaten wordt vanaf de straat.
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Voorwaarden
Geldigheidsduur vergunning
Er wordt een tijdelijke vergunning voor drie jaar afgeleverd.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
22 april 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
21 mei 2018 |
|
Start openbaar onderzoek |
geen |
|
Einde openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
20 juli 2018 |
|
Verslag GOA |
6 juli 2018 |
|
naam GOA |
Karel Bauwens |
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist om de omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Geldigheidsduur vergunning
Er wordt een tijdelijke vergunning voor drie jaar afgeleverd.
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.