Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018049099 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
Sarah en Miguel Janssens - Santiago Carou met als adres Neptunusstraat 61 te 2600 Berchem (Antwerpen) |
|
Ligging van het project: |
Neptunusstraat 61 te 2600 Berchem (Antwerpen) |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 22 sectie A nr. 32A8 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag |
regulariseren van een veranda |
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Er werden geen adviezen gevraagd.
Toetsing aan de voorschriften
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Algemene bouwverordeningen
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
Sectorale wetgeving
geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag heeft betrekking op een ééngezinswoning in gesloten bebouwing. De omgeving van de Neptunusstraat wordt gekenmerkt door een mix van één- en meergezinswoningen. De functie van ééngezinswoning wijzigt niet. Bijgevolg blijft de functie inpasbaar in zijn omgeving.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvrager wenst een veranda op de eerste verdieping ter hoogte van de achtergevel. De bouwdiepte komt op de eerste verdieping hierdoor op 14,20 meter. De scheidingsmuren dienen hiervoor niet aangepast te worden, dus op zich in het volume vanuit stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar.
Visueel-vormelijke elementen
Het buitenschrijnwerk van de voorgevel, die is afgewerkt met leisteen op het gelijkvloers en roodbruin gevelmetselwerk ter hoogte van de verdiepingen, werd vervangen door nieuw grijs buitenschrijnwerk. De indeling van de raamopeningen werd hierbij licht gewijzigd. Dit is vanuit stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar. De achtergevel, afgewerkt met een rode gevelsteen die op het gelijkvloers is witgeschilderd, wijzigt enkel ter hoogte van de toegevoegde veranda op de eerste verdieping. De veranda is opgebouwd uit bruin aluminium. De achtergevel is niet storend voor de omgeving die wordt gekenmerkt door heterogene achtergevels.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De hoogte van het bordes van de trap tot de scheidingsmuur is slechts ongeveer 1,25 meter. Hierdoor is er rechtstreeks zicht mogelijk bij de linker aanpalende buur.
Gezien het uitdrukkelijke akkoord van de linker aanpalende buur werd bijgevoegd aan de aanvraag, wordt inzake het nemen van een rechtstreeks zicht geen onredelijke hinder verwacht.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, is het de bedoeling om parkeren maximaal op eigen terrein te voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeerparagraaf is niet van toepassing omdat de in deze aanvraag vervatte werken geen aanleiding geven tot de vermeerdering van het aantal woongelegenheden.
Advies aan het college
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
3 mei 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
2 juni 2018 |
|
Opening openbaar onderzoek |
geen |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Verslag GOA |
3 juli 2018 |
|
naam GOA |
Brenda Dierckx |
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.