Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar.
Adviezen
Externe adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
Advies |
|
Provincie Antwerpen |
5 juni 2018 |
5 juli 2018 |
Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
5 juni 2018 |
19 juni 2018 |
|
DL adresbeheer (huisnummers) |
5 juni 2018 |
5 juni 2018 |
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s’
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het gewestplan kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be, ga naar PLANNING > Plannen > Bestemmingsplan > Gewestplan
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend punt:
Sectorale wetgeving
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Het voorliggende project heeft een beperkte oppervlakte en ligt niet in een overstromingsgevoelig gebied, zodat in alle redelijkheid dient geoordeeld dat geen schadelijk effect wordt veroorzaakt.
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
De aanvraag vertoont een afwijking ten aanzien van de geldende voorschriften in die mate dat de voorziene stalplaats voor fietsen in feite niet voldoet aan de vereiste maatvoering die in de bouwcode wordt opgegeven maar gelet op de aanwezige ruimte en het feit dat er voldoende mogelijkheid bestaat de fietsen op een andere en correcte manier te stallen en te gebruiken, kan gefundeerd worden afgeweken van vermelde specificaties. Er wordt dan ook geadviseerd aan vermeld artikel voorbij te gaan.
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag beoogt de nieuwbouw van een eengezinswoning en gelet op de ligging van het perceel in een ontwikkeld woongebied is er in deze effectief sprake van een correcte functionele inpasbaarheid.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
|
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaats. De aanvraag betreft het bouwen van een eengezinswoning. De parkeerbehoefte wordt bepaald op de nieuwbouw. Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1. Dit project, bestaande uit 1 woning heeft als parkeerbehoefte 1. |
|
De plannen voorzien in 1 nuttige autostal- en autoparkeerplaats. |
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1. Dit aantal is toereikend. |
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 1 – 1 = 0. Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1 – 1 = 0. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen. |
Schaal - ruimtegebruik – bouwdichtheid
De aanvraag vertoont qua bouwvolume een diepte van 16,50 m op het gelijkvloers en 9 m op de eerste verdieping en zolderverdieping. Wat de bovengelegen verdiepingen betreft, wordt perfect aangesloten op het naastliggende pand en de gelijkvloerse diepte bedraagt minder dan het veelvuldig als richtlijn gehanteerde maximum van 17 m. Bovendien blijft voldoende onbebouwde tuinruimte over. Bijkomend sluit het garagevolume aan de rechterzijde aan op het garagevolume en de zone voor bijgebouwen op de aanpalende percelen. Het advies inzake schaal en ruimtegebruik is gunstig.
Visueel-vormelijke elementen
Een combinatie van blauw hardstenen dorpels, afvoeren in zink, roodbruine gevelsteen, donkere dakpannen en PVC schrijnwerk is een ruimtelijk aanvaardbare combinatie en is geheel ingepast in het bestaande straatbeeld. Het advies voor dit deelaspect van de aanvraag is gunstig.
Stedenbouwkundige handelingen
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Indiening aanvraag |
4 juni 2018 |
|
Volledig- en ontvankelijk |
5 juni 2018 |
|
Start openbaar onderzoek |
geen |
|
Einde openbaar onderzoek |
geen |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
|
Uiterste beslissingsdatum |
4 augustus 2018 |
|
Verslag GOA |
10 juli 2018 |
|
naam GOA |
Martijn Coppoolse |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
0 |
0 |
0 |
1 |
Bespreking van de bezwaren
Er is tijdens de duur van de bevraging van de buren één bezwaarschrift ingediend dat handelt over de volgende bezwaren:
Beoordeling:
De totaal voorziene bouwdiepte van de nieuw op te trekken woning bedraagt gelijkvloers 16,50 m, hetgeen een algemeen aanvaarde maatvoering is voor dit type van bebouwing. Gelet op het feit dat er bovendien voldoende open tuinruimte resteert, is de bouwdiepte acceptabel. Op de verdiepingen sluit de nieuwe woning qua diepte aan op het buurgebouw.
Het bezwaar is ongegrond.
Beoordeling:
Het plan werd door de bezwaarindiener fout gelezen aangezien de nieuwe dragende muur en een luchtspouw geheel op eigen terrein worden opgetrokken en slechts de helft van de afwerking in gevelsteen op het naburige terrein staat, dit aangezien deze muur te paard op de perceelgrens wordt opgetrokken en er dus slechts sprake is van een inname van 4,5 cm en niet van 25 cm. Bovendien is de afwerking van de scheidsmuur en de exacte plaatsing ervan een burgerrechtelijke aangelegenheid die niet onderhevig is aan een stedenbouwkundige beoordeling. Het bezwaar is ongegrond.
Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
|
Projectnummer : |
OMV_2018067848 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
ALLODIUM met als adres Handelslei 254 te 2980 Zoersel |
|
Ligging van het project: |
Vorsterslaan 20 te 2180 Ekeren (Antwerpen) |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 34 sectie E nr. 83M2 |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
bouwen van een eengezinswoning |
Omschrijving aanvraag
Stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Laatst vergunde toestand
Bestaande toestand
Inhoud van de aanvraag:
Het college sluit zich integraal aan bij:
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en de vergunning af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
Het college beslist de plannen waarvan overzicht als bijlage bij dit besluit gevoegd, goed te keuren.