Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Gelet op de specifieke vormgeving van het perceel en de bestaande bebouwing zal een ondergrondse parkingtoegang de bereikbaarheid naar het achterliggende gebouw belemmerd worden. Tevens geeft de bouwcode aan dat het wenselijk is eerst ondergronds/inpandig parkeren te voorzien, maar dat het bovengronds, in open lucht ook een mogelijkheid is. In deze geest kan er afgeweken worden van de beperking kantoren aangezien een andere haalbare oplossing, zonder sloop van de bestaande bebouwing, niet mogelijk is. Tevens is het pand aan de voorgevel een oud herenhuis wat beeldbepalend is voor de straat. Dit afbreken in functie van een nieuwbouw met ondergrondse parking zou vanuit straatbeeld een verlies zijn.
Om deze reden is het naar ruimtelijke ordening, en het beperken van de parkeerdruk op het openbaar domein, aangewezen het parkeren te vergunnen. Echter dient de aanleg conform de aanlegvereisten te zijn van de bouwcode. Zo dienen de parkeervakken/stroken in kunststof grasdals, ingezaaid met gras, uitgevoerd te zijn. Het wandelpad naar de inkom van het kantoorgebouw kan behouden blijven in niet-waterdoorlatende verharding als deze afwatert in het omliggende maaiveld, en niet op de riolering aangesloten wordt.
Om deze reden wordt er op het plan aangeduid welke zones in kunststofgrasdals aangelegd moeten worden.
De verharding rondom de boom dient maximaal beperkt te worden en beschermd te worden van betreding door wagens. Dit om verlichting van de grond te voorkomen aangezien dit nadelig is voor de beluchting en waterinfiltratie rondom de wortels van de boom.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Nee
| Aanvragers: | ARCHITECTENBUREAU JOHAN D'HAEN |
| De aanvraag omvat: | regulariseren van extra parkeerplaatsen in open lucht |
| Dossiernummer: | AN8/B/digitaal/20172876 |
Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
Het college sluit zich gedeeltelijk aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar. Inzake het maaiveldparkeren voert ze een bijkomende argumentatie op.