In samenspraak met de stad heeft rio-link een hemelwaterplan opgemaakt. Dit plan detailleert de zone waar een uitzondering op gescheiden rioleringsstelsels mogelijk is. De begrenzing van deze zone is verder verfijnd op basis van de specifieke afwaterings- en zuiveringszones. Vanuit de Vlaamse Milieumaatschappij kwamen geen opmerkingen op de aanpak en de aangepaste begrenzing.
De hoofdconclusie van het hemelwaterplan is dat investeren in afvoersystemen die afgestemd zijn op piekbuien duur is en dat vanuit ecologisch oogpunt de focus vooral moet liggen op niet of sterk vertraagd afvoeren. De keuze voor een gemengd of gescheiden stelsel is een pragmatische keuze die wordt gemotiveerd door het bestaande capaciteitsgebrek, de beschikbare ruimte en de nabijheid of bereikbaarheid van oppervlakte water.
Waar opportuniteiten zich nu of in de toekomst voordoen door het ontstaan van nieuw oppervlaktewater dient steeds gekeken te worden of een gescheiden stelsel alsnog interessanter is. Het hemelwaterplan moet gezien worden als een dynamisch plan, dat bij nieuwe kansen voor water herbekeken wordt.
Investeringen die in deze zone wegvallen door geen aparte rioleringsbuis voor RWA te plaatsen zullen maximaal in de bovenbouw geïnvesteerd worden, met extra aandacht voor infiltratie, buffering en vertraagd afvoeren. De operationele kostenverdeling die hiermee gepaard gaat wordt verder verfijnd in een werkgroep en ter goedkeuring voorgelegd op de stuurgroep WATER-LINK.
Vanaf februari 2018 wordt door de stad gewerkt aan een waterplan. Dit waterplan zet in op de integratie van water in de stad, met een nadruk op de bovengrondse publieke ruimte. Het hemelwaterplan vormt hier een belangrijke basis voor. Het waterplan zal de concrete doorvertaling zijn van de infiltratie, buffering en vertraagde afvoer in de bovenbouw. In het waterplan zullen lokale wijkplannen opgemaakt worden om deze bovengrondse integratie van water verder te onderzoeken en ontwerpen.
Overeenkomst over het rioolbeheer van de stad Antwerpen en de gemeentelijke saneringsverplichting van WATER-LINK zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van 15 december 2014 (jaarnummer 1015).
Artikel 57 §1 van het Gemeentedecreet bepaalt dat het college bevoegd is voor het uitvoeren van de besluiten van de Gemeenteraad.
Besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne: Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning (VLAREM II) en het Gebiedsdekkend Uitvoeringsplan (GUP).
| Fase | Actie | Datum | Jaarnummer |
| Overeenkomst rioolbeheer | college | 21 november 2014 | 11960 |
| Overeenkomst rioolbeheer | gemeenteraad | 15 december 2014 | 1015 |
In zitting van 15 december 2014 (jaarnummer 1015) keurde de gemeenteraad een overeenkomst tussen de stad Antwerpen en WATER-LINK goed betreffende de stedelijke saneringsopdracht. In deze samenwerkingsovereenkomst werd opgenomen dat water-link dient te voorzien in de nodige infrastructuur om zijn saneringsactiviteiten te kunnen uitvoeren en contractuele verplichtingen te kunnen naleven. WATER-LINK dient deze infrastructuur in stand te houden, te beheren, exploiteren, onderhouden en uit te breiden indien nodig. Volgens artikel 2.1.2 van de overeenkomst is het voorzien dat rio-link hiervoor een hemelwaterplan opmaakt. Dit alles in nauw overleg met de stad en rekening houdend met het opgemaakte financieel plan.
Het Vlaams Gewest vraagt via VLAREM II om riolering die nieuw wordt aangelegd optimaal af te koppelen, tenzij anders bepaald binnen het Gebiedsdekkend Uitvoeringsplan. Optimaal afkoppelen wil zeggen: een gescheiden afvoer aanleggen voor afvalwater (DWA of droogweerafvoer) en hemelwater (RWA of regenwaterafvoer). Het afvalwater kan dan richting een zuiveringsstation gebracht worden. Het hemelwater wordt indien mogelijk richting een open wateroppervlak gebracht, bij voorkeur via open waterstructuren zoals grachten en beken.
In het Gebiedsdekkend Uitvoeringsplan heeft de Vlaamse regering aangeduid waar een uitzondering op de aanleg van een gescheiden stelsel kan gelden. Deze zonering is gebaseerd op een ecologisch-economisch model, waarbij de impact van alle deelstromen wordt beschouwd. De uitzonderingen kunnen enkel worden toegepast wanneer dit in een hemelwaterplan verder gedetailleerd wordt.
Een aanzienlijk deel van de Antwerpse binnenstad wordt door de Vlaamse regering ingekleurd als zone waarbinnen een uitzondering op de heraanleg van riolering via een optimaal gescheiden stelsel kan toegestaan worden.
Het college keurt het hemelwaterplan van rio-link goed.