Stedenbouwkundige handelingen
Bestaande toestand:
Inhoud van de aanvraag:
Interne adviezen
|
Adviesinstantie |
Datum advies gevraagd |
Datum advies ontvangen |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ monumentenzorg |
22 december 2017 |
30 januari 2018 |
|
stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie |
22 december 2017 |
26 januari 2018 |
|
stadsontwikkeling/ vergunningen/ milieuvergunningen) |
22 december 2017 |
10 januari 2018 |
|
stadsontwikkeling/ mobiliteit |
22 december 2017 |
16 januari 2018 |
|
ondernemen en stadsmarketing/ business en innovatie |
22 december 2017 |
19 januari 2018 |
|
ondernemen en stadsmarketing/ visit Antwerpen |
22 december 2017 |
04 januari 2018 |
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen', goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor gemeenschapsuitrusting en openbare nutsvoorziening.
Onder gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen dient te worden begrepen voorzieningen die gericht zijn op de bevordering van het algemeen belang en die ten dienste van de gemeenschap worden gesteld. De idee van dienstverlening (verzorgende sector) aan de gemeenschap is derhalve rechtstreeks aanwezig. Artikel 4.4.8.van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening schrijft voor dat in gebieden die op de gewestplannen zijn aangewezen als gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen, handelingen van algemeen belang en de daarmee verbonden activiteiten te allen tijde kunnen worden toegelaten, ongeacht het publiek of privaatrechtelijk statuut van de aanvrager of het al dan niet aanwezig zijn van enig winstoogmerk. Als gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen kunnen eveneens worden beschouwd een school, een voor het publiek toegankelijke toegangsweg tot een vergund gebouwencomplex in een gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen en neveninrichtingen naast een autosnelweg. Alhoewel in een gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen in principe geen gebouwen met een woonfunctie zijn toegelaten, heeft de Raad van State bovendien niettemin geoordeeld dat service-flats voor bejaarden kunnen worden vergund in dergelijk gebied. Ook een nomadenkamp werd door de Raad van State beschouwd als een gemeenschapsvoorziening en openbare nutsvoorziening. (Artikel 17 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een natuurgebied met wetenschappelijke waarde of natuurreservaat. Het gebied dat als oeverstrook met bijzondere bestemming is aangeduid, is bestemd voor de heraanleg van de kaaien: buurtrecreatie alsmede toeristische en havenactiviteiten kunnen er samengaan; alleen werken en handelingen die daarmee verband houden zijn er toegelaten.
De vergunningsaanvraag ligt niet in een verkaveling.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
De verordening overwelven waterlopen is niet van toepassing op de aanvraag.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van de bouwcode.
Sectorale wetgeving
Vlaamse Wooncode: het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse Wooncode.
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Het voorwerp van de aanvraag is de bouw van de watergebonden infrastructuur voor een cruiseterminal in de Schelde, rechteroever. Deze realisatie gebeurt in nauw overleg met stad en haven.Daar het cruisetoerisme een belangrijke project is binnen het bestuursakkoord en ook opgenomen is in het strategisch plan toerisme, is een degelijke structuur dan ook van groot belang.De dienst Ondernemen en Stadsmarketing/Visit Antwerpen is mede-initiatiefnemer en dus nauw betrokken bij de realisatie van de afmeerpontons in functie van het cruisetoerisme. Blijvende aandacht is wel nodig voor de interactie met de werf van het Steen die ook in de zone van de kaaimuurstabilisatie ligt. Indien er tijdelijke impact wordt verwacht op het Steenplein is er tijdig advies en toestemming van de stedelijke diensten nodig in functie van eventuele geplande evenementen op het Steenplein.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat elke bouwaanvraag een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, is het de bedoeling om parkeren maximaal op eigen terrein te voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De nieuwe cruiseterminal is een beperkte verplaatsing van de bestaande cruiseterminal ten zuiden van Het Steen met circa 200m. Na de realisatie en ingebruikname van de nieuwe cruiseterminal wordt de bestaande terminal buiten dienst gesteld.
Er zijn dus geen wijzigingen ten opzichte van de huidige toestand. Er is geen invloed voor mobiliteit , waardoor de parkeerparagraaf niet van toepassing is.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De renovatie van de Antwerpse Scheldekaaien maakt deel uit van het Sigmaplan, dat streeft naar een veilig, natuurlijk en economisch aantrekkelijk Scheldegebied.
De stabilisatie van de oude kaaimuren is één van drie grote uitdagingen die het masterplan van de Scheldekaaien omvat, naast het verhogen van de waterkering en de ontwikkeling van een mooi en bloeiend openbaar domein.
Binnen dit deelproject wordt, aanvullend op het Masterplan Scheldekaaien ook de bouw van een nieuwe cruiseterminal voorzien voor cruiseschepen. De onthaalfaciliteiten voor de nieuwe terminal worden ondergebracht in het Steen. De vernieuwing van de cruiseterminal heeft als doel het onthaal van de cruiseschepen en de afmeermogelijkheden van het schip te verbeteren.
De aanpassingen van het Steen naar toeristisch onthaal maken geen onderdeel van deze aanvraag tot omgevingsvergunning. Hiervoor wordt verwezen naar het dossiernummer 2017030518 binnen het omgevingsloket. Beide projecten werden wel op elkaar afgestemd.
Cultuurhistorische aspecten - Monumentenzorg
De aangevraagde werken hebben betrekking op een object dat is opgenomen op de inventaris van het bouwkundig erfgoed, vastgesteld bij besluit van de administrateur-generaal van 28 november 2014.
Binnen het projectgebied bevinden zich tevens twee havenkranen die beschermd zijn als monument, inclusief de sporen waarop ze staan opgesteld en de daarbij horende ondergrondse infrastructuur.
De aanvraag heeft enerzijds betrekking op de bouw van een aanmeerponton in de Schelde en anderzijds de stabilisatie van de kademuur ten Noorden van het Steen. Tussen 1877 en 1883 werd de Scheldeoever rechtgetrokken en een nieuwe kademuur gebouwd. Daarachter werd een strook van 80 m breed ingericht met kades, havenkranen, treinsporen en opslagplaatsen. De kademuur is opgebouwd uit zinkkisten (caissons) van 25 m lang, 9 m breed en 2,5 tot 5 m hoog. Deze zijn aangevuld met zand- en hardsteenconstructies en ondersteund door houten kadepalen.
Van bij het begin moesten grote stabiliteitsproblemen met bijkomende restauratie- en ondersteuningswerken worden opgevangen. Langs de kade is op de hardstenen boordsteen een ononderbroken rij gietijzeren meerpalen aangebracht. De honderden meerpalen variëren in type en in ouderdom, waardoor ze een staalkaart zijn van de evolutie van dit havenelement. Op het kadeplateau bevinden zich infrastructurele voorzieningen die de havenactiviteit moesten mogelijk maken: bovengronds zijn dit onder meer de treinsporen, ondergronds bevindt zich de noodzakelijke infrastructuur waarop waterperskranen konden aangesloten worden.
Voor de zone van het Masterplan ‘Scheldekaaien’ vanaf de D’ Herbouvillekaai tot en met de Droogdokkenweg te Antwerpen werd een erfgoedconvenant afgesloten tussen de stad Antwerpen, AG Vespa, AG Havenbedrijf Antwerpen, Waterwegen en Zeekanaal NV en het Agentschap Onroerend Erfgoed. Daarbij werden volgende uitgangspunten geformaliseerd.
Voor de zone van Noorderterras tot Zuiderterras dienen volgens de erfgoedconvenant verder volgende algemene principes gehanteerd te worden.
Voor de kaaimuur en daarmee gerelateerde infrastructuur stelt de erfgoedconvenant het maximaal behoud/renovatie voorop van de kaai-infrastructuur voor aanmeermogelijkheden, visueel behoud, niet noodzakelijk functioneel behoud, tenminste in een bedieningszone langsheen de kaaimuur en waar mogelijk ook in grotere deelgebieden, met mogelijkheid tot aanpassingen in functie van comfort en toegankelijkheid.
Voor het onderdeel van het project dat de bouw van het aanmeerponton betreft zijn er vanuit de dienst monumentenzorg geen specifieke aandachtspunten.
Bij de voorgenomen stabilisatie en herstellingswerken wordt een belangrijk deel van de kademuur, inclusief de oorspronkelijke boordsteen en de achterliggende bolders en andere infrastructuur, afgebroken. Het oorspronkelijke parement in blauwe hardsteen zal maximaal gerecupereerd worden en hergebruikt bij de nieuwe afwerking. Een deel van het parement zal echter uitgevoerd worden in beton met daarop een natuursteenprint. Dit is een evenwichtige keuze waardoor behoud van de waardevolle constructie, technische randvoorwaarden en financiële haalbaarheid gecombineerd werden.
Alhoewel vanuit erfgoedzorg de aantasting en afbraak van de oorspronkelijke constructie te betreuren valt zal het eindresultaat naar uitzicht sterk refereren aan de oorspronkelijke toestand. De ingediende bouwaanvraag komt hiermee tegemoet aan de voorwaarden die in de erfgoedconvenant vooropgesteld werden.
De bescherming van de havenkranen en aanhorige infrastructuur (sporen en aansluitpunten voor hydraulische aandrijving) noodzaakt dat deze in de toekomstige situatie opnieuw geïntegreerd worden en voor wat betreft de mogelijkheid om de havenkranen opnieuw operationeel te maken opnieuw aangelegd te worden. Documentatie van de oorspronkelijke toestand tijdens de bouwwerken en de daarmee gepaard gaande afbraakwerken is essentieel.
De begeleidende motivatienota onroerend erfgoed geeft een duidelijk beeld van de noodzakelijke werken en de genomen opties naar het behoud van de verschillende erfgoedobjecten. Deze uitgangspunten dienen integraal nageleefd te worden bij de uitvoering van het project.
Cultuurhistorische aspecten - Archeologie
Het geplande bouwproject valt binnen de drempelwaarden voor de verplichte opmaak van een archeologienota volgens art. 5.4.1. van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013: de perceelsoppervlakte bedraagt meer dan 300m² en de ingreep in de bodem meer dan 100m².
De archeologienota (nr.4140) werd op 23 juni 2017 ingediend door de stedelijke dienst archeologie en door het agentschap Onroerend Erfgoed bekrachtigd.
De bouwheer voegde bij de aanvraag stedenbouwkundige vergunning de bekrachtigde archeologienota toe. Uit het Programma van maatregelen blijkt dat geen verder archeologisch onderzoek vereist is.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Vanuit milieutechnisch oogpunt zijn er geen bezwaren tegen de voorgenomen werken.
Het is wel vreemd dat de aanvraag geen gewag maakt van IIOA aspecten vermits in de beschrijvende nota (zie pagina 19) sprake is van bronbemalingen. Bronbemalingen zijn ingedeelde activiteiten onder rubriek 53 van de Vlarem-indelingslijst en zijn meldings- of vergunningsplichtig.
Advies aan het college
Gunstig advies verlenen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
|
Procedurestap |
Datum |
|
Ontvangst adviesvraag |
20 december 2017 |
|
Opening openbaar onderzoek |
25 december 2017 |
|
Afsluiten openbaar onderzoek |
24 januari 2018 |
|
Gemeenteraad voor wegenwerken |
geen |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
De vergunningsaanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek.
Ingediende bezwaarschriften en petitielijsten
|
Startdatum |
Einddatum |
Schriftelijke bezwaarschriften |
Schriftelijke gebundelde bezwaarschriften |
Petitielijsten |
Digitale bezwaarschriften |
|
25/12/2017 |
24/01/2018 |
0 |
0 |
0 |
0 |
Er werd een aanvraag tot omgevingsvergunning ingediend bij de Vlaamse Regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
De Vlaamse Regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar verzoekt het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar om:
|
Projectnummer : |
OMV_2017008944 |
|
Gegevens van de aanvrager: |
WATERWEGEN EN ZEEKANAAL met als adres Oostdijk 110 te 2830 Willebroek |
|
Ligging van het project: |
Jordaenskaai 27 2000 Antwerpen |
|
Kadastrale gegevens: |
afdeling 1 sectie A nrs. 0, 1636/3 B, 1636/2 B, 1636/6 , 1636C, 1636/2 C en 2440B |
|
Vergunningsplichten: |
stedenbouwkundige handelingen |
|
Voorwerp van de aanvraag: |
realiseren van een reeks afmeerpontons voor (zee)cruises en de stabilisatie van de instabiele oude kaaimuur ter hoogte van de Orteliuskaai en de Jordaenskaai |
Conform artikel 24 en 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet heeft het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar de bevoegdheid advies uit te brengen voor de vergunningsaanvragen op haar grondgebied waarvoor de deputatie, de Vlaamse regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de bevoegde overheid is, tenzij:
Het college heeft op 17 november 2017 (jaarnummer 2017_CBS_08858) beslist om de adviesbevoegdheid op te nemen.
Het college beslist een voorwaardelijk gunstig advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, te geven op de vergunningsaanvraag.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Taak |
| SW/V | Het advies college te bezorgen aan de instantie die advies gevraagd heeft. |