Het voorwerp
De aanvraag betreft de vraag tot opname in het vergunningenregister van een constructie met twee woonentiteiten.
De bewijsvoering
Volgens de kadastrale gegevens dateert de ingebruikneming van het gebouw van voor 1900 met de laatste wijzigingen in 2004.
Het gebruik van dit pand werd in de loop der jaren gewijzigd van eengezinswoning naar meergezinswoning.
Uit de bevolkingsgegevens blijkt dat, voor de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962), twee gezinnen tegelijkertijd waren ingeschreven.
In het archief werden bouwplannen teruggevonden van 1937. Hieruit blijkt dat de aanbouw op de eerste verdieping werd vergund.
Uit het fotomateriaal is op te maken dat de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak een latere toevoeging betreffen. Voor deze toevoeging werd niet voldoende aangetoond dat deze dateren van voor het van kracht zijnde gewestplan (9 november 1979).
Voorgaande bewijst voldoende dat de constructie, inclusief de twee woonentiteiten, dateert van voor de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962) met uitzondering van de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak.
Voorgaande bewijst onvoldoende dat de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak dateert van voor de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962) ofwel van voor het van kracht zijnde gewestplan (9 november 1979) en na de inwerkingtreding van de Wet op de Stedenbouw (22 april 1962). De badkamer en het afdak komen bijgevolg niet in aanmerking voor een vermoeden van vergunning.
Conclusie
Uit de bijgevoegde bewijsmaterialen blijkt dat de constructie, inclusief de twee woonentiteiten, in aanmerking komen voor opname in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, met uitzondering van de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak.
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om, gelet op de aangehaalde argumenten, de constructie, inclusief de twee woonentiteiten, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning met uitsluiting van de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak.
Iedere constructie waarvan aangetoond is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 ofwel tussen deze en voor de eerste invoering van het gewestplan (3 oktober 1979, van kracht 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister als “vergund geacht” in toepassing van artikel 5.1.3. §1 en §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Op datum van 5 april 2017 vraagt Sükrü Polat, Van Campenhoutstraat 22, 2600 Berchem, om het pand, gelegen Arthur Sterckstraat 30, district Berchem, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning. Hierbij worden de volgende documenten ter staving toegevoegd:
1. Bestaande juridische toestand
Geldende bestemmingsplannen:
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)
Kadastrale gegevens:
Het pand, Arthur Sterckstraat 30 district Berchem, met kadastrale ligging 21ste afdeling, sectie A, nummer 140/c/2, is kadastraal gekend als 'HUIS' met één woongelegenheid .
Voor dit pand werden de volgende relevante vergunningen / toelatingen verleend:
2. Bestaande feitelijke toestand
Omschrijving van de bestaande toestand:
Het pand betreft een rijwoning met twee bouwlagen en een zolderverdieping onder een zadeldak en bestaat momenteel uit een appartement op het gelijkvloers en een appartement op verdieping 1 (+ zolderverdieping).
3. Overtredingen
De datum van overtreding is niet gekend.
Het pand gecontroleerd op 2 juli 2014 en een proces-verbaal van overtreding opgemaakt met nummer BE/2014NPV/0179 voor: het vermeerderen van het aantal woongelegenheden.
Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht in toepassing van artikel 5.1.3 §1 en §2, en artikel 7.6.2. §1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Het college beslist om de opname van de constructie Arthur Sterckstraat 30, district Berchem, inclusief de twee woonentiteiten, in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, goed te keuren met uitsluiting van de badkamer achteraan op het gelijkvloers en het naastliggende afdak (zoals in het rood aangeduid op de plannen).
Het college geeft opdracht aan:
|
Dienst |
Taak |
| SW/V/SV |
een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan het kadaster voor eventuele aanpassing van de kadastrale gegevens. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan SL/ST/PT voor eventueel verder gevolg. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan DL/huisnummering voor eventuele aanpassing van de gegevens. |