Het districtscollege drong er in een brief aan het college op aan dat de toepassing van het retributiereglement houdende ondermeer de opkuis na evenementen zou gekoppeld worden aan een meer klantgerichte aanpak, waarbij met de verenigingen vooraf duidelijke afspraken worden gemaakt over het tijdstip van opkuis en waarbij een tegensprekelijke vaststelling gebeurt van de feitelijke toestand op/van het terrein alvorens tot een betalende interventie van een veegploeg over te gaan.
Het college heeft met brief nummer 18-B016 antwoord gegeven op de vraag van het districtscollege.
Het districtscollege werd benaderd door de gansrijdersverenigingen uit Berendrecht en Zandvliet over de facturen die zij hebben ontvangen voor de opkuis na het gansrijden in het weekend van 10 en 11 februari 2018.
De verenigingen hebben aangegeven dat zij de kwestieuze facturen zullen protesteren vermits de aangerekende interventie door de veegploeg van de stad Antwerpen niet door de verenigingen werd aangevraagd vermits de verenigingen zelf zouden instaan voor de opkuis bij afbraak van het evenement op 12 februari 2018, overeenkomstig de toelating van de burgemeester.
Evenmin werden de verenigingen vooraf ingelicht over de geplande interventies en werden er geen tegensprekelijke vaststellingen gedaan van de plaatselijke situatie.
Het districtscollege begrijpt dat het principe van 'de vervuiler betaalt' wordt gehanteerd voor de toepassing van het retributiereglement voor logistieke ondersteuning van evenementen, maar betreurt het dat de verenigingen in casu de mogelijkheid werd ontnomen om zelf de opkuis te doen en zo deze kosten te vermijden.
Het districtscollege Berendrecht Zandvliet Lillo neemt kennis van het volgende besluit.
Het districtscollege neemt kennis van de brief van het college in verband met de kosten voor opkuis na evenementen.