Mijnheer de voorzitter,
Collega Faes, u hebt over dit onderwerp in het verleden reeds twee mondelinge vragen gesteld, meer bepaald op 18 februari 2016 en 26 mei 2016 en een interpellatie gehouden op 15 december 2016.
Telkenmale heb ik u geantwoord dat de werking van De Lijn geen districtsbevoegdheid en zelfs geen stedelijke bevoegdheid is. De stad Antwerpen is wel bevoegd voor mobiliteit en heeft als directe partner van De Lijn geregeld overleg met deze diensten. Het zou dan ook aangewezen zijn dat u uw vragen rechtstreeks stelt via uw fractie in de gemeenteraad.
Daarenboven wil ik u zeggen dat het niet de stad is maar wel het Vlaams Gewest die eigenaar is van de parkeerplaats aan de Keizershoek. Dit stuk grond werd destijds op kosten van De Lijn ingericht tot een park & ride zone.
De huidige P&R zal nu plaatsmaken voor een parkeertoren, Bouwheer is de BAM (Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel) die ook ressorteert onder de bevoegdheid van de Vlaamse regering.
En ik wil u daarenboven ook zeggen dat ik, indien u dat nog niet zou weten , ik geen operationeel manager ben, noch van De Lijn noch van de BAM.
De huidige parkeertorens staan buiten de stad, aan de rand van de stad. Andere experts o.a. van internationale studiebureau’s geven dan weer aan dat naast deze P&R’s aan de stadsrand, op een OV-knoop, er bijkomend overstapmogelijkheden moeten komen verder landinwaarts, daar waar de files beginnen. Het is een en/en- verhaal want u en ik weten dat een parkeertoren van 600 wagens aan de stadsrand OF in de Kempen niet het probleem oplost alleen. We dienen meer overstapmogelijkheden te krijgen.
De P&R Merksem is dus een onderdeel van fase één, de parkeertorens op onze Metro/tramlijnen. In een 2de fase gaan de stad en de buurgemeentes inzetten op extra parking aan treinstations. De experts roepen dus op om meer te investeren in overstapmogelijkheden, niet om de huidige inspanning louter te verzetten. Laten we nu stap 1 uitvoeren, en al deze wagens niet meer door Merksem naar de stad laten rijden, maar de mensen op de nieuwe grote capaciteitstrams laten opstappen;
Ik heb u niets verzekerd. Ik heb gezegd in mijn vorig antwoord ‘De Lijn verzekert’. De Lijn zelf kwam met de oplossing om te experimenteren met gekoppelde hermelijntrams.
Vooreerst wil ik u zeggen dat over dit onderwerp door Vlaams Volksvertegenwoordiger Orry Van de Wauwer op 29 januari ll. een schriftelijke parlementaire vraag werd gesteld aan Vlaams Minister Ben Weyts. En die meneer Van de Wauwer weet dus blijkbaar wel wie bevoegd is, maar ik zal u gelet op het feit dat uw partij geen vertegenwoordiging heeft in het Vlaams Parlement u de vraag en het antwoord bezorgen.
Ik heb mij daarover nog verder geïnformeerd bij De Lijn. En ik citeer nu letterlijk het antwoord:
“De levering van de nieuwe trams verloopt zoals voorzien. Tegen half 2018 zullen alle trams in Antwerpen beschikbaar zijn. Op dat ogenblik beschikt De Lijn over 50 gekoppelde PCC-trams (xl-tram 30m – 150 plaatsen, 83 Hermelijn (xl-tram 30m – 175 plaatsen), 38 Albatros (xl-tram 30m – 175 plaatsen) 24 Albatros (xxl-tram 45m – 250 plaatsen).
Zoals voorzien in het decreet basis bereikbaarheid wordt het OV-aanbod bepaald volgens de vraag. Bijgevolg zal het tram-wagenpark ingezet worden volgens de behoefte. Van zodra de P+R uitgebreid is zal De Lijn haar aanbod afstemmen op het succes van deze parking.
De eerste vaststellingen van het rijden met de gekoppelde hermelijn-tram zijn bevredigend. Tot op heden hebben wij geen opmerkingen en/of klachten ontvangen van het personeel of de reizigers. Wat de ervaringen zijn van de andere verkeersdeelnemers met het inzetten van dit soort tramstellen moeten wij op dit ogenblik het antwoord schuldig blijven. Wij informeren geregeld bij de collega’s van de stad Antwerpen maar ook zij hebben tot op heden hierover geen opmerkingen en/of klachten ontvangen. In de nabije toekomst zal na evaluatie van de testritten met de gekoppelde hermelijn-tram beslist worden of meerdere hermelijn-trams aangepast zullen worden om gekoppeld te worden ingezet.
BAM heeft voor het parkeergebouw Merksem op 03/01/2018 een positief verslag ontvangen van de projectvergadering. Hierdoor is het vergunningstraject terug in gang gezet. Tegen 15/03 verwacht men de vergunning ingediend te hebben. Zodoende kunnen we tegen augustus 2018 een uitvoerbare vergunning bekomen. Ondertussen tracht men het aanbestedingstraject parallel te doorlopen. Verwacht wordt dus dat we eind 2018 kunnen aanvangen met de bouwwerken, om zo begin 2020 een functioneel gebouw te hebben.
Bijgevolg zijn vóór begin 2020 geen gekoppelde xl-trams (2x30m) nodig op de tramlijn die in Merksem rijdt.”
Er zal geen extra parkeerdruk zijn want de parkeertoren zal geplaatst worden op de huidige P&R dus buiten de bebouwde kom. Er zal geen bijkomend groen worden aangesneden. De omliggende weides en bosjes blijven onaangeroerd. De stad en De Lijn werken aan een gecombineerde prijs voor het parkeren in het parkeergebouw en het aanschaffen van een tramticket en/of abonnement. En, in het worst case scenario, indien zou blijken dat na de ingebruikname van de parkeertoren in 2020 de parkeerdruk in het centrum van Merksem zou toenemen kunnen wij dan aan de stad nog altijd vragen een parkeeronderzoek te doen met het oog op de invoering van betalend parkeren en/of de invoering van schijfparkeren.
Als trouwe tramgebruiker - zoals u hetzelf zegt- heb ik nog geen last gehad van overvolle trams, maar dat komt misschien omdat ik de tram neem om half zes ’s morgens waar ik trouwens nog niet het genoegen heb gehad om u daar op dit vroege uur te mogen ontmoeten.
Raadslid Tristan Faes: Ik dank u voor uw uitgebreide monoloog, u zegt graag de dingen zoals ze u best uitkomen.
wo 07/03/2018 - 10:16