Terug

2017_CBS_09991 - Business en innovatie - Omvorming vzw PWA tot EVA vzw wijk-werken Antwerpen. Motiveringsverslag. Statuten. Prijszetting - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
di 14/11/2017 - 13:00 Digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_09991 - Business en innovatie - Omvorming vzw PWA tot EVA vzw wijk-werken Antwerpen. Motiveringsverslag. Statuten. Prijszetting - Goedkeuring 2017_CBS_09991 - Business en innovatie - Omvorming vzw PWA tot EVA vzw wijk-werken Antwerpen. Motiveringsverslag. Statuten. Prijszetting - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

Het Wijk-werkendecreet van 7 juli 2017 betreft een hervorming van het huidige Plaatselijk WerkgelegenheidsAgentschapstelsel (PWA). De lokale verankering, het uitvoeren van maatschappelijk relevante taken en de laagdrempelige opstap naar werk voor de werkzoekende zijn belangrijke kenmerken van Wijk-werken. Werkzoekenden (inclusief leefloongerechtigden) die nood hebben aan een zeer laagdrempelige opstap bij aanvang van een traject naar werk, zullen in de toekomst die opstap kunnen nemen via gebruik van het nieuwe activeringsinstrument “Wijk-werken”. Er is een sterke link voorzien tussen Wijk-werken en "Tijdelijke Werkervaring (TWE)" dat als doelstelling heeft om competenties en werkervaring op te bouwen binnen een reële arbeidsmarktomgeving, met het oog op het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt en doorstroom naar het Normaal Economisch Circuit (NEC).

Op 7 juli 2017, werd het ontwerp van uitvoeringsbesluit "Wijk-werken" principieel goedgekeurd door de Vlaamse Regering.

Zowel het decreet als het uitvoeringsbesluit “Wijk-werken” treden in werking op 1 januari 2018.

Op 7 augustus 2017 richtte VDAB een schrijven aan het college met de vraag welke rol de stad Antwerpen zal opnemen in de organisatie van Wijk-werken via een principebeslissing voor 30 september 2017.

In zitting van 16 oktober 2017 (jaarnummer 00633), keurde de gemeenteraad de beslissing om Wijk-werken zelf te organiseren principieel goed. In het zelfde besluit werd door de gemeenteraad ook goedgekeurd om de huidige vzw PWA om te vormen naar EVA Wijk-werken vzw.

Argumentatie

Motiveringsverslag omvorming vzw PWA naar EVA Wijk-werken vzw
Het uitgangspunt bij verzelfstandiging is dat het beheer binnen de gemeentelijke diensten de regel is en men pas kan overgaan naar een vorm van externe verzelfstandiging als daar goede motieven voor zijn. Deze motieven worden diepgaander besproken in het motiveringsverslag, bijgevoegd bij dit besluit. Het motiveringsverslag bevestigt de beslissing van de gemeenteraad om Wijk-werken zelf te organiseren en dit niet over te laten aan VDAB noch te organiseren via een intergemeentelijke samenwerking. Het decreet Wijk-werken laat in dat geval geen keuze en stelt dat er gekozen dient te worden voor een  extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm, met name een vzw.

Statuten EVA Wijk-werken vzw

De statuten voor de EVA Wijk-werken vzw werden opgenomen bij dit besluit. Deze statuten werden reeds digitaal goedgekeurd door de raad van bestuur van PWA Antwerpen vzw op 13 november 2017.

Prijszetting Wijk-werkencheques
Het uitvoeringsbesluit Wijk-werken voorziet dat de gemeente zelf de prijs van de Wijk-werkcheque binnen zijn grondgebied mag bepalen. De aanschafprijs bedraagt minimaal 5,95 euro. Elke gemeente kan beslissen om een hogere aanschafprijs te vragen aan de gebruiker, op voorwaarde dat de aanschafprijs wordt verhoogd met een veelvoud van 0,50 euro en dat de aanschafprijs ten hoogste 7,45 euro bedraagt.

De stad opteert ervoor om prijs van de Wijk-werkcheque vast te leggen op 7,45 euro. Dit om een maximale omkadering te kunnen bieden aan de wijk-werkers. Daarnaast wordt ervoor gekozen de prijs te aligneren met de huidige prijs van de PWA-cheques alsook met de prijszetting van de omliggende gemeentes. 

Juridische grond

In het Wijk-werkendecreet van 7 juli 2017 wordt in artikel 14 dieper in gegaan op de keuzes die een lokaal bestuur heeft met betrekking tot de oprichting van een “organisator Wijk-werken”:
Art. 14. §1. De gemeente heeft de volgende taak inzake de organisatie van het Wijk-werken:
1° hetzij het oprichten van een organisator als het een gemeente betreft die minstens zestigduizend inwoners heeft;
2° hetzij het vormen van een samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid als vermeld in Hoofdstuk III van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, dat als organisator zal optreden of een organisator zal oprichten, op voorwaarde dat het samenwerkingsverband een grondgebied van zestigduizend inwoners omvat, of een OCMW-vereniging als vermeld in titel VIII, hoofdstuk I, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, oprichten, dat als organisator zal optreden of een organisator zal oprichten, op voorwaarde dat die OCMW-vereniging een grondgebied van zestigduizend inwoners omvat;
3° hetzij de organisatie van Wijk-werken over te laten aan de VDAB.
Voor de taak, vermeld in het eerste lid, 2°, kan de gemeente ervoor kiezen om een bestaand samenwerkingsverband of een bestaande vereniging als vermeld in het voormelde punt 2°, te belasten met de organisatie van Wijk-werken.
Voor de taken, vermeld in het eerste lid, 1° en 2°, wordt verstaan onder oprichten van een organisator: het oprichten van een rechtspersoon of het aanduiden van een bestaande rechtspersoon die als organisator zal optreden. De Vlaamse regering bepaalt welke vormen van rechtspersoonlijkheid in aanmerking komen als organisator.

§3. Er kan worden afgeweken van de vereiste van zestigduizend inwoners vermeld in paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2° als de gemeente daartoe een gemotiveerde aanvraag indient en voldoet aan de voorwaarden. De Vlaamse regering bepaalt voor de toepassing van deze paragraaf aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe een gemotiveerde aanvraag moet worden ingediend.

In het ontwerp van uitvoeringsbesluit “Wijk-werken” van 7 juli 2017 worden bovenstaande bepalingen verder geconcretiseerd in artikel 17 tot en met artikel 19:

Art. 17. De organisatoren die opgericht zijn met toepassing van artikel 14, §1, eerste lid, 1°, van het Wijk-werkendecreet van (datum), zijn gemeentelijke extern verzelfstandigde agentschappen als vermeld in titel VII, hoofdstuk II, afdeling III, van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005. Ze hebben de vorm van een vzw.
Art. 18. De organisatoren die opgericht zijn met toepassing van artikel 14, §1, eerste lid, 2°, van het Wijk-werkendecreet van (datum), hebben een van de volgende vormen:
1° een projectvereniging als vermeld in hoofdstuk III, afdeling 2, van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking;
2° een dienstverlenende vereniging als vermeld in hoofdstuk III, afdeling 3, van het voormelde decreet van 6 juli 2001;
3° een opdrachthoudende vereniging als vermeld in hoofdstuk III, afdeling 3, van het voormelde decreet van 6 juli 2001;
4° een samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid als vermeld in hoofdstuk II van het voormelde decreet van 6 juli 2001, als de overeenkomst bepaalt dat een van de deelnemende gemeenten aangesteld wordt als beherende gemeente;
5° een OCMW-vereniging als vermeld in titel VIII, hoofdstuk I, van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Art. 19. De gemeente richt een organisator op door een beslissing van de gemeenteraad, of door een beslissing van het intergemeentelijk samenwerkingsverband of de OCMW-vereniging, vermeld in artikel 14 van het Wijk-werkendecreet van (datum). De VDAB wordt van die beslissing met een aangetekende brief op hoogte gebracht.

Art. 245§1 van het Gemeentedecreet dat bepaalt dat de gemeente gemachtigd is om onder voorwaarden deel te nemen aan een vennootschap in de zin van het Wetboek van Vennootschappen, of een vereniging of stichting in de zin van de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen, of om deze op te richten en te belasten met het verwezenlijken van welbepaalde beleidsuitvoerende taken van gemeentelijk belang.

Art. 245§ 2 van het Gemeentedecreet dat bepaalt dat de gemeenteraad beslist over de oprichting of deelname op grond van een door het college opgemaakt verslag.  In dat verslag worden de voor- en de nadelen van externe verzelfstandiging in de gekozen vorm afgewogen en wordt aangetoond dat het beheer binnen de rechtspersoonlijkheid van de gemeente of in de vorm van een autonoom gemeentebedrijf niet de vereiste voordelen kan bieden.

Beleidsdoelstellingen

4 - Lerende en werkende stad
1SLW06 - De Antwerpse arbeidsmarktparadox is structureel aangepakt
1SLW0601 - De stad zorgt voor een betere afstemming van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt met extra aandacht voor kansengroepen en jeugd
1SLW060101 - Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt zijn in de verschillende sectoren optimaal op elkaar afgestemd

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt het motiveringsverslag met betrekking tot de omvorming van de vzw PWA tot de EVA vzw wijk-werken Antwerpen goed.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:
De gemeenteraad beslist op grond van het motiveringsverslag om de vzw PWA om te vormen tot de EVA vzw wijk-werken.

Artikel 3

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:
De gemeenteraad keurt de statuten voor het 'Extern verzelfstandigd Agentschap' (EVA) Wijk-werken goed.

Artikel 4

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:
De gemeenteraad keurt de prijszetting van 7,45 euro per Wijk-werkcheque goed.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen