Ja
Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
| Aanvragers: | ESTATEGROUP |
| De aanvraag omvat: | verbouwen en wijzigen van de functie van een kantoorgebouw met woning |
| Dossiernummer: | AN1/B/digitaal/20173087 |
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
In de inventaris van het bouwkundig erfgoed wordt de Schuttershofstraat 45 niet afzonderlijk aangehaald, in de algemene beschrijving van de straat geeft men aan : “Op nummer 45, een burgerhuis in gematigde art-nouveaustijl, in 1910 in opdracht van J. Hoeben ontworpen door Jules Hofman als huisarchitect van de bouwmaatschappij Vooruitzicht. Oorspronkelijk paneeldecor in glasmozaïek verwijderd, verbouwde inkompartij en erker uit 1937.” De erfgoedwaarde van dit pand is reeds verdwenen.
Het pand ligt in een zone die volgens het RUP Binnenstad ingekleurd is als een woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde. Voor gebouwen in deze zone wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan de wenselijkheid van behoud. Weliswaar het behoud van de elementen met historische, stedenbouwkundige, architecturale, bouwhistorische en/of esthetische waarde. Zoals hoger aangegeven zijn er geen elementen die in aanmerking komen voor de wenselijkheid van behoud.
Wat de gevelopbouw en de gevelgeleding betreft leunt het voorgestelde dicht aan van wat er reeds gerealiseerd werd in het linker buurpand, een referentie is reeds aanwezig. Stedenbouw heeft hierover geadviseerd dat de omvorming van de ramen op het gelijkvloers en de eerste verdieping tot vitrines bespreekbaar is mits de gevelopbouw van drie bouwlagen onder de kroonlijst zichtbaar blijft. Hiervoor wordt er een balk geplaatst ter hoogte van de verdeelde gevelband om de historische verdeling van de bouwlagen te benadrukken. Naast deze horizontale geleding zal in de voorwaarden ook opgenomen worden om tevens een verticale geleding in te brengen voor de vitrine op de verdieping door deze in 4 delen in plaats vanuit één vlak te voorzien. De herkenbaarheid, geleding en ritmiek van het gevelvlak wordt hierdoor terug geëvoceerd.
De strijdigheid met artikel 2.2.5. van het RUP Binnenstad in verband met onbebouwde ruimte en tuinen waarbij aangegeven wordt de voormalige koer op het gelijkvloers wordt dicht gebouwd is niet
duidelijk. Deze buitenruimte werd reeds verwijderd in kader van een stedenbouwkundige vergunning uitgereikt voor de Jodenstraat 42, beide panden hoorden toe aan dezelfde eigenaar. Beslissing op datum van 21/10/1999 door het college van burgemeester en schepenen in verband met de aanvraag
AN1/1999/B/0278. Het gaat over een koer voor toilet-voorzieningen waarbij uit de plannen niet duidelijk af te leiden is indien deze koer al dan niet overdekt is. Van deze bepaling uit het RUP kan verder afgeweken worden aangezien er een openbaar onderzoek gehouden werd waarbij geen bezwaren ingediend werden, verder heeft deze open ruimte geen functioneel verband met de winkelruimte op het gelijkvloers, dient er zuinig omgesprongen te worden met de beschikbare ruimte (parcimonie) en is
deze ruimte quasi verwaarloosbaar ten opzichte van het totale beschikbare vloeroppervlak van het gelijkvloers, benadert 1/20 ervan. Om te voldoen aan artikel 28 van de bouwcode ‘minimale
oppervlakte buitenruimte’, zal opgelegd worden om compartiment 1.5 op de derde verdieping als een buitenruimte te voorzien.
De aanvraag omvat het herinrichten van een gelijkvloers notariaat met bovenliggende woonruimte tot een gelijkvloers handelsruimte met vide (1e verdieping) en een woonruimte van 110m² op de tweede en derde verdieping. De woonruimte is toegankelijk via de handelsruimte. Gelet op de strategische locatie in het kernwinkelgebied Centrum Antwerpen (Schuttershofstraat) is dit te verantwoorden vanuit ruimtelijk-economisch oogpunt. Het opgeven van een deel van de façade voor de toegang tot slechts
één woonruimte boven de handelsruimte onderbreekt het winkellint sterk en maakt de handelsruimte minder commercieel aantrekkelijk. Ondernemen & Stadsmarketing / Business & Innovation adviseerde daarom gunstig voor de voorliggende bouwaanvraag.
In toepassing van artikel 25 van de bouwcode ‘toegankelijkheid van de functie’ wordt er geen aparte toegang voorzien naar de bovengelegen woning, waar dit vereist is op percelen met een gemengde functie. Echter, gezien het advies van OS/BI in verband met het opofferen van een deel van de façade
in functie van een afzonderlijke ingang voor de enige woongelegenheid, kan via artikel 3 van de bouwcode ‘afwijkingsmogelijkheid’ van artikel 25 afgeweken worden.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is volgende voorwaarden strikt na te leven: