Cultuur, Sport, Jeugd en Onderwijs/ Onderwijsnetwerk Antwerpen werkt samen met onder andere Maatschappelijke Veiligheid, Lokale Politie Antwerpen en Sociale Dienstverlening onderstaand tweesporenbeleid in onderwijscontext uit en beschrijft gericht waar dit naar andere organisaties (bv. jeugdwerk en sportverenigingen) kan worden uitgebreid.
Spoor 1: informeren en sensibiliseren
Samen met de partners uit preventie en begeleiding (o.a. Vagga en jeugdinterventie …) zet Onderwijsnetwerk Antwerpen in op het informeren en sensibiliseren van leerkrachten, centra voor leerlingbegeleiding, jeugdwerkers en ouders van kinderen uit de 3de graad van het basisonderwijs en de eerste graad van het secundair onderwijs. Onderwijsnetwerk Antwerpen bouwt hiervoor een aanpak op maat uit samen met de verschillende scholen, jeugd- en ouderwerkingen. Het stelt vormingspakketten ter beschikking, biedt intervisiemogelijkheden en ontwikkelt infofolders voor ouders, leerkrachten en jeugdwerkers. Via hen zet het in de eerste plaats in op weerbaarheid van de individuele jongere door het verstrekken van goede en gerichte info over de aanpak van de ronselaars, de risico’s die jongeren lopen, de aanspreekpunten op school of daarbuiten, die ze kunnen gebruiken (cfr. aanpak radicalisering, cyberpreventie…).
Spoor 2: detecteren en remediëren
Detecteren (flow in bijlage): het Onderwijsnetwerk Antwerpen zet in op verhoogde waakzaamheid. Om ouders, leerkrachten en begeleiders te helpen om veranderend gedrag, signalen van de jongeren sneller op te merken, te bevragen en zo nodig gerichte ondersteuning in te schakelen, reikt het in de sensibiliseringsfase ook detectievaardigheden aan zodat volgende vragen beantwoord kunnen worden. Wat zijn mogelijke signalen? Hoe kunnen leerkrachten, begeleiders, ouders zelf verifiëren of hun bezorgdheid terecht is? Welke partner zoals CLB, centraal meldpunt voor risicojongeren, Vagga, jeugdinterventie, Kwadraat, … kan hen hierin ondersteunen?
Remediëren: leerkrachten, begeleiders en en ouders die signalen opvangen, kunnen met een hulpvraag naar hun Centrum voor leerbegeleiding (CLB). Voor kinderen die niet rechtstreeks via het CLB geholpen kunnen worden, zal het Centraal Meldpunt (CMP) in het jeugdhulpverleningslandschap op zoek gaan naar de best aangepaste vorm van hulp. Over de doorverwijzing worden tussen CMP en CLB's heldere afspraken gemaakt. Ook de partners uit het netwerk uitvalpreventie kunnen hier aangepaste ondersteuning leveren. Doordat een vraag wordt opgenomen binnen het CMP wordt een opvolgtraject geganrandeerd.
Waar er sprake is van ernstige verontrusting kan het CLB melden bij het OndersteuningsCentrum Jeugdzorg (OCJ) of in gevaarssituaties meteen bij het parket. Zo kunnen er snel beschermende maatregelen genomen worden en / of kan er ook niet rechtstreeks toegankelijke hulpverlening ingeschakeld worden.
Om dit alles te realiseren, bouwt Onderwijsnetwerk Antwerpen samen met Maatschappelijke Veiligheid, Lokale Politie Antwerpen en Sociale Dienstverlening en met de partners uit preventie en hulpverlening, binnen ons huidige zorg- en ondersteuningsnetwerk aan een specifiek luik gericht op sensibilisering en detectievaardigheden van leerkrachten, CLB en ouders. Op de schooloverlegstructuren (Onderwijsraad Antwerpen, het lokaal overlegplatform basis- en secundair onderwijs, de wijkoverleggen onderwijs) en in de individuele contacten met scholen en CLB licht het Onderwijsnetwerk Antwerpen de aanpak toe en verspreiden zij informatie. Voor de ouders sensibiliseert het via de scholen in samenwerking met De Schoolbrug en de ouderkoepels. Via het CMP worden de aanmeldingsflow en de specifieke ondersteuningsmogelijkheden toegelicht.
In grootstedelijke omgevingen worden signalen opgevangen dat kinderen gebruikt worden om hand- en spandiensten te verlenen binnen het drugsnetwerk. Momenteel is het onduidelijk hoeveel kinderen in Antwerpen betrokken zijn bij deze praktijken. Vanuit onderwijs is het essentieel om in het kader van een stadsbreed drugsbeleid deze signalen ernstig te nemen en bij te dragen aan het onderkennen van de kwantiteit en complexiteit van de problematiek. Vandaar dat de stad via de werking van het Centraal Meldpunt voor Risicojongeren samen met het onderwijsveld in kaart wil brengen hoe groot de problematiek is en stappen zet naar remediëring en doorverwijzing.
In de grootstedelijke context worden ook scholen en andere organisaties soms geconfronteerd met erg jonge minderjarigen, vanaf 10 jaar, die geëngageerd worden binnen criminele drugsnetwerken. Ze brengen drugs naar klanten en/of spreken potentiële klanten aan die ze dan de weg wijzen naar verkopers. Deze ‘drugsrunners’ zijn dikwijls erg kwetsbare kinderen en jongeren die zich relatief gemakkelijk laten verleiden om mee te doen om snel geld te verdienen, of om erbij te horen of ze worden onder zachte druk verleid. Vroeg of laat worden ze echter zelf slachtoffer van hun ‘handel’. Ze verdienen aanvankelijk veel geld, kunnen zich dure spullen permitteren, geven geschenken en financiële ondersteuning aan familieleden en verwerven hierdoor aanzien in de groep. Door de gemakkelijke toegang tot drugs raken ze mogelijk ook zelf verslaafd. Ook het ‘runnen’ zelf is gevaarlijk. Runners kunnen worden beroofd van hun lading door de eigen of rivaliserende bendes. Ze moeten dan hoge bedragen terugbetalen aan hun opdrachtgevers waardoor ze geen kant meer uit kunnen en ze vatbaar worden voor meer en andere vormen van criminaliteit en uitbuiting.
Het is zaak ieder van deze kinderen en jongeren tegen deze ronselpraktijken te beschermen maar ook snel signalen op te vangen van jongeren die als runner aan de slag zijn. Geen evidentie omdat ervaring o.a. uit Nederland leert dat jongeren die geronseld werden soms langere tijd onopgemerkt blijven.
Het college keurt het principe goed waarbij werking van het Centraal Meldpunt voor Risicojongeren wordt gebruikt in het kader van sensibilisering, detectie en remediëring van de inzet van jongeren in drugsnetwerken.
Het college geeft opdracht aan
| Dienst | Taak |
| CS/onderwijs |
|
|
Maatschappelijke Veiligheid Sociale Dienstverlening |
engageren zich door het koppelen van hun netwerken aan het onderwijsnetwerk |
|
Cultuur, Sport, Jeugd en Onderwijs |
bekijken of, en waar het tweesporenbeleid nog kan worden toegepast binnen andere domeinen van het bedrijf |