Het college beslist het gunstige advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren onder volgende bijzondere voorwaarden:
1. De werf voor het bodemsaneringsproject moeten ontoegankelijk zijn voor onbevoegden.
2. Indien buiten de bodemsaneringszone abnormale hinderlijke geuren worden waargenomen, worden onmiddellijk corrigerende maatregelen getroffen om de emissies te beperken.
3. De uitvoerder van de saneringswerken is verantwoordelijk voor het reinigen van de openbare weg indien deze door transporten afkomstig van de werf vervuild is.
4. Het bedrijfsafvalwater moet voldoen aan de algemene lozingsvoorwaarden voor de lozing van bedrijfsafvalwater in oppervlaktewater en de bijzondere lozingsvoorwaarden opgenomen in het besluit over OMV_2023021692 VA2 Bypass R1-Noord.
5. Het college stelt voor deze te laten uitvoeren volgens volgende frequentie, zodat een snel ingegrepen kan worden bij een eventuele overschrijding:
6. De controle van het effluent van de WZI vindt plaats na eerste opstart en bij elke nieuwe fase (aansluiting nieuwe afvalwaterstroom) volgens volgende frequentie:
a) bij opstart WZI;
b) week 1-4: wekelijks;
c) vanaf week 4 bij gunstige resultaten: maandelijks bij gunstige resultaten;
d) bij één ongunstige analyse (niet voldaan aan lozingsnorm), valt de analysefrequentie terug op minstens wekelijkse analyses voor die parameter(s).
7. De plaatsing van een interceptieput stroomafwaarts van de gedempte zone wordt opgenomen als back-up in dit BSP, eerder dan de maatregelen te laten afhangen van een nieuw op te maken BSP wanneer zou blijken dat er toch grondwater verontreinigd wordt wordt ten westen van de diepwand. Daarnaast dienen ten minste de eerste zes maanden maandelijks staalnames te gebeuren om de verspreiding op te volgen. Enkel indien een status quo optreedt kan de controlefrequentie afnemen.
8. Er kan afgeweken worden op artikel 5.2.1.5§1 en 5.2.1.5§5 met betrekking tot het uithangbord en het groenscherm.
9. Er kan afgeweken worden van artikel 5.2.1.6§4 m.b.t. het uitvoeren van hinderlijke activiteiten (geluid, trillingen) op werkdagen vóór 7.00 uur en na 19.00 uur en op zon- en feestdagen. De exploitant beperkt deze werken tot een absoluut minimum en brengt potentieel gehinderden minstens twee weken op voorhand hierover op de hoogte.