De stad Antwerpen is deelnemer in FINEG nv.
De gemeenteraad besliste op 25 februari 2019 (jaarnummer 85) om de heer Bart Martens voor te dragen voor een mandaat als bestuurder in de raad van bestuur van FINEG nv.
De gemeenteraad besliste op 29 april 2024 (jaarnummer 285) om de heer Koen Kennis voor te dragen voor een mandaat als voorzitter/bestuurder in de raad van bestuur van FINEG nv.
Artikel 386 §1, eerste lid van het decreet over het lokaal bestuur voorziet dat gemeenten verenigingen, stichtingen en sociale ondernemingen kunnen oprichten, erin deelnemen of zich erin laten vertegenwoordigen als die verenigingen, stichtingen en sociale ondernemingen niet belast worden met de verwezenlijking van welbepaalde taken van gemeentelijk belang.
Artikel 41, tweede lid, 4° van het decreet over het lokaal bestuur stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de beslissingen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen.
Er wordt voorgesteld de heer Koen Kennis te vervangen als lid van de raad van bestuur en als voorzitter van FINEG nv door (NAAM NOG IN TE VULLEN).
Er wordt voorgesteld om de heer Bart Martens te vervangen als lid van de raad van bestuur van FINEG nv door (NAAM NOG IN TE VULLEN).
De gemeenteraad keurt goed om voor de legislatuur 2019 – 2024 de heer / mevrouw (NAAM IN TE VULLEN) af te vaardigen als bestuurder in de raad van bestuur van FINEG nv ter vervanging van de heer Koen Kennis.
De gemeenteraad keurt goed om voor de legislatuur 2019 – 2024 de heer / mevrouw (NAAM IN TE VULLEN) af te vaardigen als voorzitter van de raad van bestuur van FINEG nv ter vervanging van de heer Koen Kennis.
De gemeenteraad keurt goed om voor de legislatuur 2019 – 2024 de heer / mevrouw (NAAM IN TE VULLEN) af te vaardigen als bestuurder in de raad van bestuur van FINEG nv ter vervanging van de heer Bart Martens.
De gemeenteraad beslist dat de afgevaardigde, bij het uitoefenen van de verplichtingen verbonden aan de afvaardiging, steeds het bestuursakkoord als uitgangspunt moet nemen en waar nodig dient te overleggen met het college.