Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2023120315 |
Gegevens van de aanvrager: | de heer Mordechai Stauber met als adres Lamorinièrestraat 26 te 2018 Antwerpen |
Gegevens van de exploitant: | VZW Bais Rachel (0415241459) met als adres Lamorinièrestraat 26-28 te 2018 Antwerpen |
Ligging van het project: | Lamorinièrestraat 26-28 te 2018 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 6 sectie F nr. 1235P2 |
waarvan: |
|
- 20230915-0037 | afdeling 6 sectie F nr. 1235P2 (Bais Rachel) |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten |
Voorwerp van de aanvraag: | het uitbreiden en verbouwen van een schoolgebouw |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 04/12/1989: vergunning (86#890273) voor het oprichten van een kleuter- en lagere meisjesschool.
Vergunde toestand
- meisjesschool;
- schoolgebouw van 1 tot 5 bouwlagen onder plat dak;
- speelplaats met 17 autoparkeerplaatsen grotendeels verhard, deels vergroend en beplant;
- dakterras en speelplaats boven de refter en turnzaal;
- teruggetrokken straatgevel in betongevelsteen met een stalen schuifpoort.
Nieuwe toestand
- meisjesschool;
- uitbreiding met 2 extra bouwlagen onder een plat groendak;
- interne herinrichting;
- behoud van het dakterras en speelplaats boven de polyvalente zaal;
- herinrichting van de speelplaats vooraan met:
- straatgevel met poort naar voor geschoven;
- straatgevel in lichtgrijze betongevelsteen, grijze gevelpanelen in beton en buitenschrijnwerk in antracietkleurig aluminium.
Inhoud van de aanvraag
- uitbreiden van het volume;
- wijzigen van de scheimuren;
- wijzigen van de voorgevel.
Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten
Inhoud van de aanvraag
Het project omvat de uitbreiding van een meisjesschool.
Aangevraagde rubriek(en)
Aangevraagde rubriek(en) Bais Rachel
Rubriek | Omschrijving | Gevraagd voor |
3.2.2°a) | het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan; | 1.750,00 m³/jaar |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; | 85,00 kW |
32.2.2° | schouwburgen, variététheaters, andere zalen voor sportmanifestaties dan de zalen, vermeld in punt 3°, polyvalente zalen en feestzalen met een speelruimte; | 1 polyvalente zaal |
43.1.1°b) | het stoken in installaties, met uitzondering van stationaire motoren en gasturbines, met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 2.000 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk gelegen is in een ander gebied dan industriegebied en gestookt wordt met aardgas; | 630,00 kW |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 16 januari 2024 | 1 maart 2024 | Ongunstig |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 16 april 2024 | 15 mei 2024 | Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Sociale Dienstverlening/ Gemeenschapsvorming/ Ontmoeting/ Levensbeschouwingen | 16 januari 2024 | 25 januari 2024 |
Stadsontwikkeling/ Klimaat en Leefmilieu/ luchtkwaliteit en geluid | 16 januari 2024 | 18 januari 2024 |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 16 januari 2024 | 18 januari 2024 |
Stadsontwikkeling/ Publieke Ruimte | 16 april 2024 | 17 april 2024 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gemengd woongebied en industriegebied. De gebieden die als gemengd woon- en industriegebied zijn aangeduid, zijn bestemd voor wonen en voor de andere in artikel 5.1.0. van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen. Bedoelde functies alsmede voor de instandhouding en de gerechtvaardigde uitbreiding van de bedrijven die er gevestigd zijn. Wanneer die bedrijven hun huidige bedrijfsactiviteit niet meer voortzetten en geen andere activiteiten die tot dezelfde bedrijfssector behoren, uitoefenen, krijgt het betrokken gebied uitsluitend en definitief de bestemming van woongebied.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied in de binnenstad van Antwerpen, dit is het gedeelte van de stad gelegen tussen de Leien en de Kleine Ring.
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving, (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
In dit gebied wordt de maximale bouwhoogte afgestemd op de volgende criteria:
- de in de onmiddellijke omgeving aanwezige bouwhoogten;
- de eigen aard van het betrokken gebied;
- de breedte van het voor het gebouw gelegen openbaar domein.
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van de verordening toegankelijkheid.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend punt:
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving besluit de toegevoegde project-MER-screeningsnota dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing. De berekende impactscore is kleiner dan of gelijk aan 1%. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).
Het project is gelegen in een zone met een kleine fluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
(Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse
woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag voorziet de uitbreiding van de bestaande en vergunde gemeenschapsfunctie in de vorm van een kleuterschool.
De functionele inpasbaarheid blijft gegarandeerd.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Het hoofdgebouw wordt uitgebreid met twee bouwlagen. Zo zal het gebouw van 4,5 bouwlagen boven het maaiveld naar 6,5 bouwlagen gebracht worden waarbij de nieuwe kroonlijsthoogte 21,5 m bedraagt. Ten opzichte van het aanpalend fabrieksgebouw ten zuiden en de school ten noorden van het gebouw, wordt de scheimuur verhoogd met respectievelijk met 1,7 m en 3,5 m.
De footprint van het gebouw blijft ongewijzigd.
De voorgestelde uitbreiding kan qua schaal gunstig geadviseerd worden.
In totaal wordt het programma van de school uitgebreid met 19 klassen. De uitbreiding van het programma leidt niet tot een overschrijding van de draagkracht van het perceel.
Visueel-vormelijke elementen en cultuurhistorische aspecten
De uitbreiding van het bouwvolume wordt voorzien in dezelfde architecturale vormentaal als de bestaande bebouwing. De verdiepingshoogtes, de positionering van de raamopeningen en de detaillering in het baksteenmetselwerk worden doorgezet in de uitbreiding.
Qua materialisatie wordt evenwel gekozen voor een lichte grijze baksteen voor de uitbreiding in plaats van de donkere kleurtint van de bestaande bebouwing. Het schrijnwerk wordt voorzien in antracietkleurig aluminium met een afwijkende verdeling. Door ook het schrijnwerk van de vierde verdieping te vernieuwen wordt getracht een overgang te vormen tussen de bestaande bebouwing en de uitbreiding.
De aanvraag is visueel inpasbaar in zijn omgeving.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De aanvraag wijkt af van artikel 39 van de bouwcode. De speelplaats vooraan is quasi volledig verhard met slechts beperkte, verspreide groenzones. De speelplaats moet dan ook aangelegd worden in een helling van 1 à 2% zodat het regenwater op natuurlijke wijze kan afwateren naar de ontharde delen. Om alsnog een vergunning te kunnen verlenen, wordt als voorwaarde bij de vergunning opgenomen dat er geen bijkomende verharding voorzien mag worden en dat de speelplaats moet afwateren naar de ontharde delen.
In het kader van de vergunningsaanvraag werd advies gevraagd aan de stedelijke dienst Levensbeschouwingen. Dit advies laat zich als volgt lezen:
“Het schoolgebouw is gelegen in een binnengebied van een woonblok begrensd door de Lamorinièrestraat – Mercatorstraat – Belgiëlei – Nerviërsstraat. In de achterzone van de stedenbouwkundige schil is het gebouw gelegen tussen een school (stedelijk Lyceum) en een fabriek (OCG Cacao Belgium nv). Met de toekomstige demografische groei en de tot nu toe te beperkte ruimte voor de huidige capaciteit aan leerlingen (cfr extra containerklassen op de speelplaats) is het aangewezen om uit te breiden.
Het project beoogt de optopping van het hoofdgebouw met twee verdiepingen. Zo zal het gebouw van 4,5 verdiepingen boven het maaiveld naar 6,5 verdiepingen gebracht worden. De nieuwe kroonlijsthoogte komt zo op een nieuwe hoogte van 21,5 m. De aanvrager extrapoleert dat de school tegen 2030, 809 leerlingen in 45 klassen wil kunnen onderwijzen op deze site (op dit moment 658 leerlingen met een capaciteit voor maximaal 650 leerlingen en 85 medewerkers). Dit ontwerp van twee extra verdiepingen maakt dit haalbaar.
De school bedient een sterk lokaal verankerde gemeenschap en tijdens de Sabbat en andere drukkere Joodse feestdagen geldt een religieus verbod op verplaatsing via fiets of auto. Dienst Ontmoeting ondersteunt daarom een eventuele afwijking voor fiets- en autostalplaatsen van een theoretische parkeerbehoefte.
Er zijn ons geen geluidsklachten bekend over de schoolactiviteiten. De aanvrager stelt dat binnen het stedenbouwkundig gebied er geen aansluitingen zijn met woonfunctionele zones. De aanvrager geeft aan dat de transformatie van de school ook zal leiden tot betere isolatie en minder lawaai.
Onder de buitenspeelplaats bevindt zich een polyvalente ruimte (refter/turnzaal) van 532,8 m². Deze polyvalente zaal zal volgens de aanvrager hoofdzakelijk gebruikt worden voor de leerlingen, zoals turnen, dansen, toespraken, gebeden, kinderfeesten, voorstellingen enzovoort. Buiten de schooluren wordt de zaal ook gebruikt voor allerlei activiteiten van de Joodse gemeenschap.
De dienst Levensbeschouwingen adviseert positief mits aandacht voor brandveiligheidseisen.”
Het advies van de stedelijke dienst Levensbeschouwingen wordt bijgetreden.
Daarnaast werd ook advies gevraagd aan de stedelijke dienst Klimaat en Leefmilieu. Ook dit advies is gunstig en laat zich als volgt lezen:
“Kinderen zijn extra gevoelig voor luchtverontreiniging en omgevingslawaai. Langdurige blootstelling kan leiden tot blijvende lichamelijke schade, slaapstoornissen of verstoring van spraak- en leervermogen. Daarom wordt bij de adviesverlening in het kader van planning van een school rekening gehouden met de specifieke lokale omstandigheden op het vlak van luchtkwaliteit en geluidshinder. De beoordeling gebeurt op basis van onderstaand kader dat op 2 mei 2018 door het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen werd goedgekeurd (2018_CBS_04164).
Op de luchtkwaliteitskaart wordt de jaargemiddelde concentratie stikstofdioxide (NO2) in 2020 weergegeven. NO2 is een goede indicator voor verschillende verontreinigende stoffen (waaronder fijn stof en roet) afkomstig van verkeer. […] De locatie bevindt zich volgens de kaart in een zone met NO2 – concentraties van 21-30 µg/m³. Bij toepassing van het beoordelingskader wordt in deze situatie gunstig geadviseerd voor het aspect luchtkwaliteit.
Op de strategische geluidsbelastingskaart, die werd opgemaakt in het kader van de Europese richtlijn omgevingslawaai, stelt de geluidsbelasting Lden voor ten gevolge van de bronnen wegverkeer, spoorverkeer, vliegverkeer en industrie. […] De locatie is volgens de geluidskaart onderhevig aan geluidsniveaus lager dan 55 dB(A). Bij toepassing van het beoordelingskader wordt in deze situatie gunstig geadviseerd voor het aspect geluidshinder.”
Het gunstig advies van Klimaat en Leefmilieu wordt bijgetreden.
Tot slot werd ook advies gevraagd aan de stedelijke dienst Publieke Ruimte. Dit advies is voorwaardelijk gunstig en laat zich als volgt lezen:
“Er is geen bezwaar om de voetpaduitstulping te voorzien in functie van de toegankelijkheid van brandweer. We vragen wel om de uitstulping te verlengen tot 1 m voor en na de garagepoorten om het in- en uitrijden van de garages mogelijk te houden. Hiertoe is het ook aangewezen om de uitstulping door te trekken tot 1 m voorbij de garagepoort met huisnummer 21. Er dient een opritboordsteen of verlaagde boordsteen te worden voorzien (te bekijken in functie van de afwatering).
De aanpassing is ten laste van de aanvrager en dient uitgevoerd te worden via de procedure (’reglement herstelling openbare ruimte na inname of werkzaamheden’). Dit geldt ook voor eventuele andere schade ten gevolge van de werken.”
Het advies wordt bijgetreden en de voorwaarden worden bij de vergunning overgenomen.
Rekening houdende met de voorwaarden, is de aanvraag in overeenstemming met de geldende normen met betrekking tot de gezondheid en gebruiksgenot. De aanvraag kan vanuit hinderaspecten gunstig geadviseerd worden.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 30 van de bouwcode, herzien op 1 maart 2018, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding en wijzigen van het aantal wooneenheden. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 14 parkeerplaatsen.
De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding van een school. De kleuterschool Bais Rachel wordt uitgebreid met 19 klassen.
Voor een kleuterschool wordt een parkeernorm gehanteerd van 0,75 ppl/klas. Voor de 19 bijkomende klassen komt dat neer op 14 parkeerplaatsen
De werkelijke parkeerbehoefte is 14.
|
De plannen voorzien in 0 bijkomende nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
Er zijn momenteel 17 parkeerplaatsen aanwezig op de speelplaats maar er komen geen 14 parkeerplaatsen bij.
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0.
In een aantal gevallen genereert een aanvraag een werkelijke parkeerbehoefte maar kunnen de plaatsen om volgende stedenbouwkundige redenen niet (volledig) gerealiseerd worden:
Dit perceel betreft een perceel centraal in het bouwblok dat grotendeels volbouwd is. De bestaande parkeerplaatsen vormen vandaag reeds grotendeels beslag op de speelruimte van de kinderen. Indien de bijkomende parkeerplaatsen gerealiseerd zouden worden, wordt de ruimte om te spelen verder beperkt terwijl er net een uitbreiding van de school voorzien wordt. Gelet op het voorgaande wordt geoordeeld dat de grootte en/of vorm van het perceel het bouwen van het aantal te realiseren plaatsen niet toelaat.
|
Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 14 plaatsen.
|
Fietsvoorzieningen:
Voor de 19 bijkomende klassen moeten er 57 fietsstalplaatsen voorzien worden (3 fietsen per kleuterklas).
Er worden 57 fietsstalplaatsen voorzien onder de luifel op de speelplaats.
Het advies van de stedelijke dienst Mobiliteit wordt bijgetreden.
Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu
De meisjeskleuterschool bevindt zich in een binnengebied aan de Lamorinièrestraat. De school kampt met een capaciteitsgebrek en wenst uit te breiden door twee verdiepingen op het hoofdgebouw te bouwen. Eens uitgevoerd, zou er plaats zijn voor 809 leerlingen in 45 klassen.
Ook het sanitair van de school zal worden aangepast. De exploitatie vond tot dusver plaats zonder vergunning of melding van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten (IIOA).
Volgende IIOA worden gevraagd:
- lozen van huishoudelijk afvalwater;
- airco’s, koel- en vriestoestellen;
- een polyvalente zaal;
- stookinstallaties.
Het huishoudelijk afvalwater is afkomstig van het sanitair, de keuken en het reinigen van het gebouw. De exploitant schat op basis van het huidige verbruik maximaal 1.750 m³/jaar afvalwater te lozen. Het zwart water wordt voorbehandeld in septische putten (twee bestaande en één nieuwe van 12,3 m³). Het water afkomstig van de keuken wordt voorbehandeld in een vetvanger. De putten bevinden zich onder de speelplaats, zijde Lamorinièrestraat. Het water wordt via één lozingspunt geloosd in de openbare riolering van de Lamorinièrestraat, aangesloten de RWZI Deurne. Gelet op de voorbehandeling, de aard en het debiet van het afvalwater gaat er weinig risico uit van de lozing.
In huidige situatie worden al zes kleine airco’s van 1 kW en twee grote warmtepompen gebruikt. Aan de voor- en achterzijde van het gebouw zijn telkens twee units bevestigd. Twee units bevinden zich op het plat dak van de toiletten en de hoofdingang. Twee grote warmtepompen van elk 37,9 kW staan opgesteld op het plat dak van de polyvalente zaal, dat gebruikt wordt als speelplaats. Als koelmiddel wordt telkens 5,7 kg R32 gebruikt met een relatief laag GWP van 675. De toestellen werden geplaatst in 2023 en zouden akoestisch geoptimaliseerd zijn.
Uit de technische fiches blijkt dat de installaties een geluidsvermogen hebben van 81,7 dB(A). De installaties zijn amper afgeschermd voor de kleuters, die de installatie kunnen benaderen tot op een halve meter. Algemeen wordt aangenomen dat gehoorschade bij dit geluidsniveau pas optreedt na twee uur. Rekening houdend met het zeer jonge publiek, is het aangewezen een buffer of geluidwand te voorzien tussen de installatie en speelplaats, zowel voor het comfort als het welzijn van de kleuters.
Voor de verwarming van de inrichting wordt gebruik gemaakt van 2 stookinstallaties op aardgas van 315 kW. De installaties staan opgesteld in een afzonderlijk stooklokaal op verdieping -2. Het laatste onderhoud vond plaats op 3 februari 2022. Hieruit bleek dat de toestellen weliswaar veilig werken, maar dat ze een laag rendement hebben en dat veel warmte verloren gaat met de rookgassen. Conform artikel 5 van het besluit onderhoud en nazicht van stooktoestellen mag de maximale rookgastemperatuur 200 °C bedragen. Met 212 °C en 216 °C voldoen de stookinstallaties hier niet aan. Het vereiste verbrandingsrendement wordt wel net gehaald. De verbranding van fossiele brandstoffen en de hieraan gekoppelde uitstoot van broeikasgassen en stikstof zijn deels te vermijden. De toestellen zijn meer dan 30 jaar oud en weinig efficiënt. De exploitant wordt gevraagd de mogelijkheden en opportuniteiten te onderzoeken om de toestellen te vervangen door energiezuinigere verwarmingssystemen. Het onderzoek kan de vorm aannemen van de wettelijk verplichte verwarmingsaudit (artikel 9 van het besluit onderhoud en nazicht van stooktoestellen).
De polyvalente zaal bevindt zich in de kelderverdieping en heeft een oppervlakte van 533 m². De polyvalente zaal wordt hoofdzakelijk gebruikt voor schoolwerking, als refter, voor turnen, dansen, toespraken, kinderfeesten, voorstellingen en dergelijke. De zaal staat ook open voor andere evenementen van de Joodse gemeenschap. De keuken die zich naast de zaal bevindt, is uitgerust met enkel een koelcel en drie diepvriezers.
De zaal wordt aangevraagd onder rubriek 32.2.2° van bijlage 1 van Vlarem II. Dit impliceert enkel het gebruik van de ruimte als schouwspelzaal. De overige activiteiten die door de exploitant naar voor geschoven worden (turnen, dansen, gebeden, toespraken, kinderfeesten, en dergelijke) zijn niet ingedeelde activiteiten waarvan het risico op hinder beperkt is en die veelal niet plaatsvinden in de (late) avond of ’s nachts. Rubriek 32.1 wordt niet aangevraagd door de exploitant; de zaal zal niet gebruikt kunnen worden als feestzaal of publiek toegankelijk lokaal waar muziek gespeeld kan worden aan een geluidsniveau hoger dan 85 dB(A) LAeq,15min.
De akoestische eigenschappen van de zaal of de aard van de evenementen worden niet beschreven in het dossier. De topologie van het binnengebied zorgt voor een reëel risico op geluidshinder ter hoogte van de achtergevel van de appartementsgebouwen in de Belgiëlei, in het bijzonder ’s avonds en ’s nachts, wanneer het achtergrondgeluid vermindert. Het risico op geluidhinder kan beperkt worden als de exploitatie van de zaal steeds met gesloten ramen en deuren plaatsvindt. De keuze van de evenementen die worden georganiseerd, moet afgestemd worden op de beperkingen van de zaal en de risico’s naar geluidshinder voor de omwonenden. Te allen tijde moet voldaan worden aan de richtwaarden voor specifiek geluid in open lucht, verminderd met 5 dB(A) (bijlage 4.5.4 en artikel 4.5.5.1 van Vlarem II).
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Er mag geen bijkomende verharding voorzien worden op de speelplaats.
2. De verhardingen moeten natuurlijk afwateren naar de ontharde delen.
3. De voetpaduitstulping dienen verlengd te worden tot 1 m voorbij de garagepoorten van huisnummers 27 en 21. De aanpassing is ten laste van de aanvrager en dient uitgevoerd te worden via de procedure voor het herstel van schade na werken (’reglement herstelling openbare ruimte na inname of werkzaamheden’).
4. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten
Mits de algemene, sectorale en bijzondere voorwaarden worden nageleefd, kunnen de hinder en risico’s voor mens en milieu tot een aanvaardbaar niveau beperkt worden. Er wordt voorwaardelijk gunstig advies gegeven de vergunning te verlenen.
Geadviseerde rubriek(en)
Rubriek | Omschrijving | Geadviseerd voor |
3.2.2°a) | het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan; (inrichting Bais Rachel) | 1.750,00 m³/jaar |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Bais Rachel) | 85,00 kW |
32.2.2° | schouwburgen, variététheaters, andere zalen voor sportmanifestaties dan de zalen, vermeld in punt 3°, polyvalente zalen en feestzalen met een speelruimte; (inrichting Bais Rachel) | 1 polyvalente zaal |
43.1.1°b) | het stoken in installaties, met uitzondering van stationaire motoren en gasturbines, met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 2.000 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk gelegen is in een ander gebied dan industriegebied en gestookt wordt met aardgas; (inrichting Bais Rachel) | 630,00 kW |
Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden
1. De technische installaties op de speelplaats worden voorzien van een akoestisch scherm om de blootstelling aan geluid voor de kleuters te verminderen.
2. Binnen zes maanden na de vergunningsverlening onderzoekt de exploitant de mogelijkheden en opportuniteiten om de bestaande stookinstallaties toestellen te vervangen door energiezuinigere verwarmingssystemen (verwarmingsaudit artikel 9 van het besluit onderhoud en nazicht van stooktoestellen).
3. De verlichting van de speelplaats aan de achterzijde van het gebouw mag geen hinder veroorzaken voor de achterliggende bewoning. Ze moet maximaal gericht zijn op de doelzone en in geen geval mogen de lichtstralen reiken tot buiten de perceelsgrenzen. De lichtbronnen mogen niet boven de horizontale as schijnen en enkel in gebruik zijn bij gebruik als speelplaats.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 9 november 2023 |
Volledig en ontvankelijk | 16 januari 2024 |
Start 1e openbaar onderzoek | 25 januari 2024 |
Einde 1e openbaar onderzoek | 23 februari 2024 |
Beslissing toepassing administratieve lus | 4 juli 2024 |
Beslissing aanvaarding wijzigingsaanvraag | 16 april 2024 |
Start laatste openbaar onderzoek | 22 mei 2024 |
Einde laatste openbaar onderzoek | 20 juni 2024 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum zonder noodbesluit | 28 augustus 2024
|
Uiterste beslissingsdatum met noodbesluit | 27 september 2024 |
Verslag GOA | 30 augustus 2024 |
Naam GOA | Axel Devroe en Bieke Geypens |
Administratieve lus
Op de aanvraag werd een administratieve lus toegepast, omwille van de volgende reden(en):
Overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024 moet voor verkeersdragend of een verkeersgenererend projecten en voor projecten met één of meer stationaire bronnen van stikstofoxiden, een beoordeling gebeuren van de beoordeling van de impact op Speciale Beschermingszones (SBZ-H). Om de exploitant de kans te geven het dossier aan te vullen wordt een termijnsverlenging toegepast.
De stappen in de procedure die verkeerd gelopen zijn werden opnieuw uitgevoerd om te voorkomen dat de eindbeslissing over de aanvraag vernietigd wordt omwille van de vastgestelde procedurefout(en).
Wijzigingsverzoeken
De aanvrager heeft één of meerdere verzoeken ingediend om zijn oorspronkelijke dossier te wijzigen.
Minstens één van die verzoeken werd aanvaard, waardoor de aanvaarde wijzigingen mee beoordeeld worden.
De aanvaarde wijzigingen zijn zodanig dat er een nieuw openbaar onderzoek werd gehouden en eventuele adviezen opnieuw werden gevraagd.
Het tweede openbaar onderzoek was korter dan de normale 30 dagen omdat het vroegtijdig is stopgezet door het niet uithangen van de affiche. Bijgevolg werd hierdoor een derde openbaar onderzoek georganiseerd.
De aanvraag werd onderworpen aan 3 openbare onderzoeken. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Bespreking van de bezwaren
Bezwaren uit vorige openbare onderzoeken over de aanvraag, die nog relevant zijn, worden hier ook besproken.
Beoordeling: De verlichting van de speelplaats mag niet zorgen voor lichthinder in de omliggende woningen. De niet functionele lichtoverdracht naar de omgeving dient maximaal beperkt te worden. Door de opstelling aan te passen (oriëntatie, gebruikte armaturen, hoogte, enzovoort) moet het mogelijk zijn de enkel de doelzone (speelplaats) te verlichten. Dit wordt opgenomen als bijzondere milieuvoorwaarde.
Het bezwaar is gegrond.
Beoordeling: De door de exploitant vooropgestelde invulling van de zaal, moet in principe mogelijk zijn zonder overmatige hinder naar de omgeving. Het is niet aangetoond of aangegeven in het dossier dat de uitbreiding van de school zal zorgen voor een uitbreiding van de activiteiten van de zaal.
Het bezwaar is ongegrond.
Beoordeling: De ruimte werd opgericht als een polyvalente ruimte bij een school en is niet in het bijzonder geschikt om er activiteiten met luide muziek of gezangen in te laten plaatsvinden. De zaal komt uit in een binnengebied waarin geëmitteerd geluid kan reflecteren en zich verspreidt naar de achterzijde van appartementsgebouwen in de Belgiëlei. Het risico op geluidshinder bij gebruik als feestzaal of bij luide muziek is groot. Opgemerkt wordt dat in de voorliggende aanvraag deze activiteiten niet worden aangevraagd (in de omschrijving van de geplande buitenschoolse activiteiten noch in de rubricering). Zo deze nog zouden plaatsvinden, is dit niet conform de (eventueel) af te leveren omgevingsvergunning.
Het bezwaar is gegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het bezwaar is deels gegrond.
Het bezwaar is ongegrond.
Het college sluit zich integraal aan bij:
- de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;
- het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
De algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Er mag geen bijkomende verharding voorzien worden op de speelplaats.
2. De verhardingen moeten natuurlijk afwateren naar de ontharde delen.
3. De voetpaduitstulping dienen verlengd te worden tot 1 m voorbij de garagepoorten van huisnummers 27 en 21. De aanpassing is ten laste van de aanvrager en dient uitgevoerd te worden via de procedure voor het herstel van schade na werken (’reglement herstelling openbare ruimte na inname of werkzaamheden’).
4. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
Bijzondere milieuvoorwaarden
1. De technische installaties op de speelplaats worden voorzien van een akoestisch scherm om de blootstelling aan geluid voor de kleuters te verminderen.
2. Binnen zes maanden na de vergunningsverlening onderzoekt de exploitant de mogelijkheden en opportuniteiten om de bestaande stookinstallaties toestellen te vervangen door energiezuinigere verwarmingssystemen (verwarmingsaudit artikel 9 van het besluit onderhoud en nazicht van stooktoestellen).
3. De verlichting van de speelplaats aan de achterzijde van het gebouw mag geen hinder veroorzaken voor de achterliggende bewoning. Ze moet maximaal gericht zijn op de doelzone en in geen geval mogen de lichtstralen reiken tot buiten de perceelsgrenzen. De lichtbronnen mogen niet boven de horizontale as schijnen en enkel in gebruik zijn bij gebruik als speelplaats.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.
De vergunning omvat thans volgende rubriek(en):
Rubriek | Omschrijving | Gecoördineerd |
3.2.2°a) | het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan; (inrichting Bais Rachel) | 1.750,00 m³/jaar |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Bais Rachel) | 85,00 kW |
32.2.2° | schouwburgen, variététheaters, andere zalen voor sportmanifestaties dan de zalen, vermeld in punt 3°, polyvalente zalen en feestzalen met een speelruimte; (inrichting Bais Rachel) | 1 polyvalente zaal |
43.1.1°b) | het stoken in installaties, met uitzondering van stationaire motoren en gasturbines, met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 2.000 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk gelegen is in een ander gebied dan industriegebied en gestookt wordt met aardgas; (inrichting Bais Rachel) | 630,00 kW |