Terug
Gepubliceerd op 23/09/2024

2024_CBS_07385 - Omgevingsvergunning - OMV_2024054776. Klein Heiken 98. District Ekeren - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/09/2024 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Jinnih Beels, schepen; Annick De Ridder, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Karim Bachar, schepen; Peter Wouters, schepen; Elisabeth van Doesburg, schepen; Erica Caluwaerts, schepen; Tatjana Scheck, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2024_CBS_07385 - Omgevingsvergunning - OMV_2024054776. Klein Heiken 98. District Ekeren - Goedkeuring 2024_CBS_07385 - Omgevingsvergunning - OMV_2024054776. Klein Heiken 98. District Ekeren - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2024054776

Gegevens van de aanvrager:

Tinny Laenens met als adres Klein Heiken 98 te 2180 Antwerpen

Ligging van het project:

Klein Heiken 98 te 2180 Ekeren (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 33 sectie H nr. 305W

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

aanleggen van verharding in de voor-, zij- en achtertuin

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          10/11/2021: vergunning (OMV_2021138898) voor het bouwen van een eengezinswoning;

-          09/03/2018: vergunning (2017309) voor het verkavelen van een perceel in 8 loten voor woningbouw.

 

Vergunde toestand  

-          functie: eengezinswoning;

-          bouwvolume:

  • 2 bouwlagen onder zadeldak in halfopen bebouwing;
  • een bouwdiepte van 14 m en een gevelbreedte van 8 m.

-          inrichting:

  • rechthoekig perceel met een diepte van 32,80 m en een breedte van 11,90 m.
  • voortuin onverhard, uitgezonderd een oprit (2,60 m breed, naar inpandige garage) en een langsheen de voorgevel gesitueerd toegangspad naar de voordeur;
  • zijtuin geheel onverhard;
  • achtertuin onverhard, uitgezonderd een terras van 3 m diep op 8 m breed, aansluitend aan de achtergevel.

 

Bestaande toestand

-          conform vergunde toestand, afgezien van:

  • inrichting:
    • verbrede oprit in de voortuin, tot een breedte van 3 m, en nieuw aangelegd afzonderlijk toegangspad naar de voordeur (haaks op de straat) met een breedte van 1,08 m;
    • verruimd terras aan de achterzijde, tot 4 m achter de achtergevel;
    • aangebrachte tuinafsluiting tussen voor- en zijtuin en tussen zij- en achtertuin, met een hoogte van 2 m.

 

Nieuwe toestand

-          conform bestaande toestand, uitgezonderd:

  • inrichting:
    • in zijtuin aan te brengen verhard toegangspad, van oprit via zijdeur naar terras achteraan, met een lengte van 16,20 m en een breedte van 1 m.

 

Inhoud van de aanvraag

-          aanleggen van bijkomende verharding in zijtuin;

-          regulariseren van bijkomende verharding in voor- en achtertuin;

-          plaatsen van draadafsluitingen.

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

Er werden geen adviezen gevraagd.

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in agrarisch gebied. De agrarische gebieden zijn bestemd voor de landbouw in de ruime zin. Behoudens bijzondere bepalingen mogen de agrarische gebieden enkel bevatten de voor het bedrijf noodzakelijke gebouwen, de woning van de exploitanten, benevens verblijfsgelegenheid voor zover deze een integrerend deel van een leefbaar bedrijf uitmaakt, en eveneens para-agrarische bedrijven. Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300 m van een woongebied of op ten minste 100 m van een woonuitbreidingsgebied, tenzij het een woongebied met landelijk karakter betreft. De afstand van 300 en 100 m geldt evenwel niet in geval van uitbreiding van bestaande bedrijven. De overschakeling naar bosgebied is toegestaan overeenkomstig de bepalingen van artikel 35 van het Veldwetboek, betreffende de afbakening van de landbouw- en bosgebieden.

 

 

 

(Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verkavelingsvergunning op volgend(e) punt(en):

-          artikel 1.1. Bestemming niet bebouwd gedeelte:

  • Bestemd voor private tuinen. Voortuinstrook: enkel strikt noodzakelijke toegang en oprit tot het gebouw. Naast de strikt noodzakelijke toegang tot voordeur en garage (dewelke beide ook in gewijzigde vorm voldoen aan de voorwaarden) wordt deels bijkomende verharding in deze zone voorzien, richting zij- en achtertuin.

-          artikel 3.2. Verhardingen:

  • Verhardingen moeten beperkt blijven tot de strook voor hoofdgebouwen. Buiten deze zone kan een beperkt terras tot maximum 50 m² aangelegd worden. Alleen het gedeelte dat als toegang tot de gebouwen wordt aangewend, mag worden verhard.

De nieuwe verharding in de zijtuin is niet gelegen in de zone voor hoofdgebouwen, is geen strikt noodzakelijke verharding (vereist voor de noodzakelijke toegangen tot het gebouw, volgens de definitie louter aan de voorzijde van toepassing, waar dergelijke verharding reeds aanwezig is) en is kan niet worden gecatalogeerd als terras.

-          artikel 3.4. Afsluitingen:

  • Afsluitingen in levende haag of draadafsluiting met een maximumhoogte van 2 m zijn toegelaten op de perceelsgrenzen (op de rooilijn maximaal 1 m hoog). In de voortuinstrook kan ook een muurtje in gevelsteen met een hoogte van maximum 40 cm worden voorzien, behoudens de posten naast de ingang. In het verlengde van de scheidsmuur van het hoofdgebouw kan in de achtertuin, en dit tot op een diepte van maximum 3 m, ook een houten of steenachtige afsluiting met een maximumhoogte van 2 m worden toegelaten.

Hier wordt in het verlengde van zowel voor- als achtergevel een 2 m hoge draadafsluiting geplaatst ter scheiding van de voor- en zijtuin enerzijds en van zij- en achtertuin anderzijds. De houten afsluiting achter de woning wordt met een lengte van 4 m voorzien, in plaats van de maximaal toegelaten 3 m.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.

 

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be).
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • artikel 27 – Open ruimte: §4.1. enkel de strikt noodzakelijke verhardingen zijn toegelaten: paden, palend aan de bebouwing en toegangspaden met een maximumbreedte van 1,50 meter. Het nieuwe pad in de zijtuin sluit niet aan op de bebouwing.

 

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via “https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving”)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

-          Programmatorische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.

Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing.

Er werd geen impactscore berekening aan het dossier toegevoegd. Na onderzoek kan echter in alle redelijkheid worden geconcludeerd dat de impactscore voor dit project de drempelwaarde van 1% niet overschrijdt. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.

 

-          Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.

(Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)

 

-          Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

 

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.

 

 

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften

De aanvraag is op een aantal vlakken strijdig met de geldende regelgeving, voornamelijk inzake de hoeveelheid verharding en de situering daarvan en het aanbrengen van tuinafsluitingen.

Echter kan inzake omvang al worden meegegeven dat enerzijds het perceel volgens de meest recente informatie niet onderhevig is of zal zijn aan enige vorm van wateroverlast en dat anderzijds de opgetelde hoeveelheid aan verharding beduidend lager uitvalt dan het in de Antwerpse bouwcode opgelegde maximum: zo kan principieel zo’n 73 m² worden verhard, terwijl er hier – zelfs met vermelde verruiming – slechts sprake is van iets meer dan 50 m², zijnde zo’n 23 % van het totaal (eenduidig minder dan het maximum van 33 %). Anderzijds wordt het pad niet aansluitend aan de bebouwing voorzien (wat toegelaten is tot een breedte van 1,50 m) maar wordt het nieuwe tuinpad halverwege de zijtuin aangebracht. De breedte van laatstgenoemde is echter slechts 1 m en de ligging laat zowel een comfortabele doorgang als een degelijk onderhoud van de zijgevel toe.

Ten slotte worden in de regelgeving geen eenduidige uitspraken gedaan inzake de nieuwe tuinafsluitingen maar de plaatsing en de materialisatie ervan brengen de uitgangspunten van de verkaveling niet in het gedrang en behouden de geest van de regelgeving.

Er wordt dan ook zonder meer geadviseerd alle vermelde afwijkingen als dusdanig te bekrachtigen.

 

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag beoogt louter het regulariseren en aanvragen van extra verhardingen bij een vergunde eengezinswoning en gelet op de verenigbaarheid van laatstgenoemde functie met de specifieke bestemmingsvoorschriften van de van kracht zijnde verkaveling, is er in deze dan ook effectief sprake van een correcte functionele inpasbaarheid.

 

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

Er worden geen wijzigingen voorzien aan de volumetrie van het gebouw waardoor het advies inzake schaal en ruimtegebruik dan ook zonder meer gunstig is.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

 

 

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

15 april 2024

Volledig en ontvankelijk

15 juni 2024

Start openbaar onderzoek

26 juni 2024

Einde openbaar onderzoek

25 juli 2024

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

28 september 2024

Verslag GOA

10 september 2024

Naam GOA

Gerd Cryns

 

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

 

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.