Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2024046200 |
Gegevens van de aanvrager: | Sergej Loyens met als adres Moeder Sarov Straat 23 te 2180 Ekeren |
Ligging van het project: | Moeder SAROV-straat 23 te 2180 Ekeren (Antwerpen) |
Kadastrale percelen: | afdeling 35 sectie F nrs. 171R2 en 171E3 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | bouwen van een tuinhuis |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis:
- 18/07/2014: vergunning (3582#4936) voor het bouwen van een eengezinswoning;
- 09/08/2013: vergunning (201352) voor het wijzigen van alle kavels van een verkaveling, met uitzondering van loten 7, 10 en 11;
- 07/01/2011: vergunning (201019) voor het verkavelen van een stuk grond in 16 loten voor woningbouw met een nieuwe wegenis.
Vergunde toestand:
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Bestaande toestand:
- conform vergunde toestand, afgezien van:
Nieuwe toestand
- conform bestaande toestand, uitgezonderd:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- optrekken van een tuinhuis met afdak in de achtertuin;
- regulariseren van bijkomende verhardingen, zowel in voor- als achtertuin.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Er werden geen adviezen gevraagd.
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Mariaburg, goedgekeurd op 26 februari 2018. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: artikel 2: zone voor wonen - woonpark (wo2).
(Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'.)
De aanvraag ligt in de verkaveling 201352, goedgekeurd op 9 augustus 2013, meer bepaald in lot(en) 16.
De aanvraag wijkt af van zowel de bepalingen van het Ruimtelijk Uitvoeringsplan, als van de specifieke verkavelingsvoorschriften.
Inzake het ordeningsplan is er strijdigheid met art. 2.2 Inrichting – 3. Tuin: enkel opritten naar een vergunde garage (en dit met een maximale breedte van 3 m) zijn toegelaten of enkel indien de vereiste ruimte om het realiseren van de parkeernorm mogelijk te maken: in deze werd een bijkomende parkeerplaats voorzien aan de linkerzijde van de voortuin, terwijl er reeds een oprit aanwezig is aan de rechterzijde, dewelke leidt naar een inpandige en vergunde garage – de parkeerbehoefte is dus eenduidig gerealiseerd ín de woning, waardoor geen bijkomende stalplaats meer kan worden toegelaten.
Aangaande de van kracht zijnde verkaveling is er strijdigheid met artikel 2.2.A Inplanting bijgebouwen: de oppervlakte ervan is beperkt tot maximaal 12 m² (in deze is een bijgebouw van 18 m² voorzien) en artikel 3.2 Verhardingen van het niet-bebouwd gedeelte: terrassen achter de woning worden slechts toegelaten tot de maximumbreedte van de woning (in deze wordt het terras 1 m breder voorzien)
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be).
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag is strijdig met volgende bepalingen van de bouwcode:
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via “https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving”)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
- Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
- Programmatorische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing. Er werd geen impactscore berekening aan het dossier toegevoegd. Na onderzoek kan echter in alle redelijkheid worden geconcludeerd dat de impactscore voor dit project de drempelwaarde van 1% niet overschrijdt. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Beoordeling afwijkingen van de voorschriften
De aanvraag vertoont strijdigheden met een aantal artikels en voor een deel daarvan kunnen in het eindadvies voorwaarden worden opgenomen om het project in uitvoering alsnog te laten voldoen aan vermelde richtlijnen.
Inzake echter de omvang van het bijgebouw, dat met zijn 18 m² ruim groter uitvalt dan het maximum van 12 m² (namelijk 50 %), kan gefundeerd worden geargumenteerd dat betreffende aanvaardbaar is vanuit ruimtelijk oogpunt: het bijgebouw staat op voldoende afstand van de buureigendommen ingeplant, er blijft meer dan voldoende open tuinruimte over om te kunnen spreken van een kwalitatieve gebruiksruimte en de hoeveelheid verharding blijft, zelfs met dit grotere tuinhuis, beduidend onder het opgelegde maximum, zodat bijvoorbeeld geen bijkomende hemelwateroverlast kan ontstaan.
Er wordt op basis daarvan dan ook geadviseerd betreffende afwijking als dusdanig te bekrachtigen.
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag voorziet louter het optrekken van een tuinberging met afdak bij een vergunde eengezinswoning en gelet op de verenigbaarheid van vermelde functie met de specifieke bestemmingsvoorschriften van de geldende verkaveling, is er in deze dan ook effectief sprake van een correcte functionele inpasbaarheid.
Schaal - ruimtegebruik – bouwdichtheid
De geplande volumetrie is grotendeels in overeenstemming met de richtlijnen dienaangaande van de geldende verkaveling – inzake de te grote footprint van het bijgebouw werd in de eerste paragraaf hierboven reeds geargumenteerd in welke zin hiervan kan worden afgeweken en waarom betreffende voor vergunning in aanmerking komt.
Het advies inzake schaal en ruimtegebruik is dan ook zonder meer gunstig.
Visueel-vormelijke elementen
De te hanteren materialen, natuurkleurig hout, zijn geheel in overeenstemming met de voorschriften dienaangaande van de van kracht zijnde verkaveling.
Het advies voor dit deelaspect is bijgevolg eenduidig gunstig.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De voortuin dient qua aanleg te voldoen aan de geldende richtlijnen waardoor het in kiezelverharding aangelegde vak aan de linkerzijde dient te worden verwijderd en opnieuw vergroend moet worden aangelegd.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 27 maart 2024 |
Volledig en ontvankelijk | 16 april 2024 |
Start 1e openbaar onderzoek | 25 april 2024 |
Einde 1e openbaar onderzoek | 24 mei 2024 |
Beslissing toepassing administratieve lus | 3 juni 2024 |
Start laatste openbaar onderzoek | 12 juni 2024 |
Einde laatste openbaar onderzoek | 11 juli 2024 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 28 september 2024 |
Verslag GOA | 9 september 2024 |
Naam GOA | Gerd Cryns |
Administratieve lus
Op de aanvraag werd een administratieve lus toegepast, omwille van de volgende reden(en):
De affichage van het aanplakbiljet van het vereiste openbare onderzoek dient volgens de aangeleverde richtlijnen onder andere plaats te vinden op een goed leesbare plaats en dit expliciet ter hoogte van het openbare domein.
In deze werd de affiche echter opgehangen ter hoogte van de voorgevellijn van de woning, dit terwijl laatstgenoemde echter over een voortuinstrook met een diepte van ± 6 m blijkt te beschikken; eventueel geïnteresseerde derden zijn op deze wijze bijgevolg verplicht om zonder toelating privéterrein te betreden om de aanwezige gegevens te kunnen raadplegen.
Er is dienaangaande dan ook ontegensprekelijk sprake van een procedurefout, dewelke noopt tot een administratieve lus, dit met de organisatie van een nieuw openbaar onderzoek.
De stappen in de procedure die verkeerd gelopen zijn werden opnieuw uitgevoerd om te voorkomen dat de eindbeslissing over de aanvraag vernietigd wordt omwille van de vastgestelde procedurefout(en).
De aanvraag werd onderworpen aan 2 openbare onderzoeken. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De voortuin dient qua aanleg te voldoen aan de geldende richtlijnen waardoor het in kiezelverharding aangelegde vak aan de linkerzijde dient te worden verwijderd en opnieuw vergroend moet worden aangelegd.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.