Terug
Gepubliceerd op 23/09/2024

2024_CBS_07350 - Omgevingsvergunning - OMV_2024012795. Moerstraat 99. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/09/2024 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Jinnih Beels, schepen; Annick De Ridder, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Karim Bachar, schepen; Peter Wouters, schepen; Elisabeth van Doesburg, schepen; Erica Caluwaerts, schepen; Tatjana Scheck, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2024_CBS_07350 - Omgevingsvergunning - OMV_2024012795. Moerstraat 99. District Antwerpen - Goedkeuring 2024_CBS_07350 - Omgevingsvergunning - OMV_2024012795. Moerstraat 99. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2024012795

Gegevens van de aanvrager:

NV INDAVER met als contactadres Ketenislaan (KAL) 1 te 9130 Beveren

Gegevens van de exploitant:

NV INDAVER (0427973304) met als contactadres Ketenislaan (KAL) 1 te 9130 Beveren

Ligging van het project:

Moerstraat 99 te 2030 Antwerpen en Poldervlietweg 5 te 2030 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 16 sectie B nrs. 138L, 138K, 158B en afdeling 18 sectie D nrs. 80B

waarvan:

 

-          20240129-0053

afdeling 18 sectie D nrs. 80B, afdeling 16 sectie B nrs. 138L, 158B en 138K (Energiecluster Solar Park Indaver)

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

Bouw en exploitatie van een zonnepark.

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          01/10/2018: vergunning (OMV_2018058786) voor de uitbreiding van de monodeponie;

-          17/03/2017: vergunning (20162785) voor uitbreiding deponie;

-          27/07/2012: vergunning (20123373) voor de uitbreiding van deponie Antwerpen: inrichting vallei tussen DPA en IHM;

-          20/06/2008: vergunning (2007100147) voor de ophoging van de deponie van 30 mTAW naar 50 mTAW

-          07/05/2003: vergunning (20013585) voor de aanleg van een stortterrein – uitbreiding van de bestaande deponie;

-          30/03/2000: vergunning (19993834) voor het opvullen van deponie – site Antwerpen;

-          04/03/1998: vergunning (19973226) voor het ophogen door exploitatie van stortplaats Hooge Maey tot niveau 55 mTAW voor de zone B, 45 mTAW voor de zone D en 35 mTAW voor zone A (zone c is reeds vergund tot 55 mTAW de dato 12/12/96);

-          12/12/1996: vergunning (1996947) voor het verhogen van de bestaande en vergunde deponie van 40 meter naar 55 meter;

-          05/05/1994: vergunning (1994620) voor stortplaats deponie 2.

 

Vergunde/bestaande toestand

Voormalige afvalstortplaatsen – deponie Antwerpen, deponie Antwerpen-Vallei en deponie Hooge Maey – gelegen langs de A12 en ten noorden van het rangeerstation Antwerpen-Noord. De stortplaatsen zijn in nazorg waarbij de eindafdek reeds voltooid is. De eindafdek bestaat uit een waterdichte HDPE-folie met daarbovenop een waterdoorlatende zandlaag en een teelaardelaag die bezaaid is met grasvegetatie.

 

Nieuwe toestand

-          functie:

  • nutsvoorzieningen: elektriciteitsinstallatie;
  • zonnepark voor de opwekking van hernieuwbare energie;

-          bouwvolume:

  • circa 48.000 PV-panelen op een site van circa 280.000 m²;
  • 6 transformatorcontainers op nieuwe betonnen funderingsplatformen:
    • oppervlakte containers: circa 14,4 m² (6 meter x 2,4 meter);
    • hoogte containers: circa 2,9 meter;
    • oppervlakte funderingsplatformen: 54 m²;

-          inrichting:

  • voor de funderingen van de PV-panelen, de bekabeling en transformatoren zal er enkel ingegrepen worden in de bovenste teelaardelaag waarbij de onderliggende afdeklagen gevrijwaard blijven;
  • aangezien de teelaardelaag een beperkte dikte heeft, wordt voor de transformatorcontainers de bodem plaatselijk 1,2 meter opgehoogd ter vorming van een talud.

Inhoud van de aanvraag

-          plaatsen van PV-panelen;

-          reliëfwijziging voor funderingsplatformen voor transformatorcabines. 

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Het betreft een nieuwe ingedeelde inrichting of activiteit.

 

Inhoud van de aanvraag

De aanvraag omvat het exploiteren van een zonnepark met 6 transformatoren van 6.600 kVA/stuk.

 

Aangevraagde rubriek(en)


Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

12.2.2°

transformatoren (gebruik van) met een individueel nominaal vermogen van meer dan 1.000 kVA.

6x 6.600 kVA

 

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Agentschap voor Natuur en Bos - Adviezen en Vergunningen Antwerpen

24 juni 2024

1 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

Agentschap Wegen en Verkeer - District Antwerpen

24 juni 2024

1 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer - DGLV - Airfields

24 juni 2024

28 juni 2024

Voorwaardelijk gunstig

Permits&Advice

24 juni 2024

4 augustus 2024

Gunstig

Haven van Antwerpen-Brugge, subadvies milieu

25 juni 2024

15 juli 2024

Gunstig

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

24 juni 2024

12 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

Infrabel Antwerpen, Limburg, Vlaams Brabant

24 juni 2024

27 juni 2024

Voorwaardelijk gunstig

Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) - Watertoets

24 juni 2024

24 juli 2024

Voorwaardelijk gunstig

 

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Archeologie

24 juni 2024

4 juli 2024

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is voornamelijk gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.

De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.

Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.

 

Het goed is volgens voornoemd GRUP bestemd als Specifiek regionaal bedrijventerrein voor afvalverwerking en recyclage.

Het gebied is bestemd voor regionale bedrijven met afvalverwerkende en recyclerende activiteiten.

Daarnaast zijn de volgende activiteiten toegelaten:

- verwerking en bewerking van mest of slib;

- grondopslag en grondbewerking en –verwerking.

Installaties voor het opwekken van hernieuwbare energie, energierecuperatie of warmtekrachtkoppeling zijn toegelaten.

 

In het zuidwesten ligt het goed deels in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Liefkenshoek spoortunnel. Het goed is volgens dit GRUP bestemd als Gebied voor spoorinfrastructuur.

Dit gebied is bestemd voor spoorinfrastructuur en aanhorigheden.
In dit gebied zijn alle werken, handelingen en wijzigingen toegelaten voor de aanleg, het functioneren of aanpassing van spoorinfrastructuur en aanhorigheden. Daarnaast zijn alle werken, handelingen en wijzigingen met het oog op de ruimtelijke inpassing, buffers, ecologische verbindingen, kruisende infrastructuren, leidingen, telecommunicatie infrastructuur, lokaal openbaar vervoer, lokale dienstwegen, jaagpaden, recreatienetwerk en waterwegennetwerk en paden voor niet-gemotoriseerd verkeer toegelaten.
Na aanleg van de infrastructuur kunnen voor het gedeelte van de zone dat voorlopig niet werd benut, de voorschriften van de naastliggende bestemming toegepast worden.
Naast de aanleg van voornoemde spoorinfrastructuur kunnen volgende werken, handelingen, voorzieningen, inrichtingen en functiewijzigingen toegelaten worden:
- Maatregelen die betrekking hebben op de geluids- en lichtbuffering, de veiligheid, integraal waterbeheer, het herstel of de realisatie van ecologische verbindingen;

- Het verplaatsen en bundelen van nutsleidingen.

 

De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.

De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
De verordening hemelwater is van toepassing op de aanvraag. Er wordt een afwijking op de gewestelijke hemelwaterverordening aangevraagd op het aspect infiltratie. Volgens artikel 12 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater kan het vergunningverlenende bestuursorgaan bij de beoordeling van de aanvraag in uitzonderlijke gevallen afwijkingen toestaan van de verplichtingen van dit besluit als dat om specifieke redenen met betrekking tot de mogelijkheden van gebruik, wettelijke voorschriften of plaatselijke terreinkenmerken verantwoord of noodzakelijk is. De aanvrager vraagt een afwijking vanwege de plaatselijke terreinkenmerken en wettelijke voorschriften. Door de opbouw van de deponieën met de afdekkingslagen onder de teelaardelaag kan en mag het regenwater de grondwatertafel lokaal niet bereiken doorheen de deponie, om uitlogen van afvalstoffen tot in de ondergrond te vermijden, en is er dus slechts een beperkte infiltratiecapaciteit op de site. Het hemelwater dat op de PV-panelen, transformatorcontainers en funderingen valt, kan infiltreren in de bovenste teelaardelaag en vloeit zo de helling af. Het afvloeiende water wordt opgevangen in een grachtensysteem dat via een drainagesysteem verder afgevoerd wordt van de site. Het grachten- en drainagesysteem is aangelegd in het kader van het beheer van de deponie in nazorg. De Vlaamse Milieumaatschappij, als wateradviesinstantie, stelt in hun advies dat er geen significant bijkomende impact te verwachten valt op het bestaande infiltratieregime. Een afwijking op de gewestelijke hemelwaterverordening kan aldus toegestaan worden.

 

Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Sectorale regelgeving

MER-screening:
Bij de beslissing over de volledig- en ontvankelijkheid is beslist dat de aanvraag geen betrekking heeft op een project als vermeld in bijlage I, II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten, onderworpen aan milieueffectrapportage (milieueffectrapport). Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag geen project is voor de exploitatie van een IIOA met één of meer stationaire bronnen van stikstofoxiden. Het beoordelingskader uit het decreet is dus niet van toepassing en de opmaak van een passende beoordeling (artikel 28 decreet) is niet vereist. 

 

Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing.
Er werd een impactscoreberekening aan het dossier toegevoegd en de verkeersbewegingen van de aanleg- en exploitatiefase werden afgetoetst aan de 1%-de minimisdrempel volgens de VITO-studie voor voertuigemissies. Na onderzoek kan in alle redelijkheid worden geconcludeerd dat de impactscore voor dit project de drempelwaarde van 1% niet overschrijdt. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.

 

Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het project is deels, bovenop de deponie, gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D).

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is niet gelegen in een signaalgebied.

 

Het voorliggende project is geheel gelegen in een zone waarvoor de Vlaamse Milieumaatschappij aangewezen is als adviesinstantie. Zij brachten een voorwaardelijk gunstig advies uit op het Omgevingsloket, maar dit is eigenlijk een gunstig advies zonder voorwaarden. Als voorwaarde  wordt er enkel verwezen naar doelstellingen en beginselen van de gecodificeerde decreten betreffende het integraal waterbeleid. Dit betreft wetgeving waaraan altijd voldaan moet worden en dit moet dus niet als voorwaarde opgenomen worden in de vergunning. In het advies wordt verder gesteld dat er door de werken geen significante inname van ruimte voor overstromingswater verwacht wordt.
 

Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

 

Archeologienota: overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 moet aan bepaalde aanvragen een archeologienota worden toegevoegd waarvan akte werd genomen
In voorliggende aanvraag, die door een niet-publiekrechtelijke instantie is ingediend, bedraagt de ingreep in de bodem meer dan 5.000 m² (circa 11.000 m²), is het project gelegen in industriegebied, buiten beschermde archeologische sites en buiten geïnventariseerde archeologische zones, waardoor de aanvrager verplicht is een archeologienota waarvan akte is genomen toe te voegen aan de aanvraag. Het Agentschap Onroerend Erfgoed heeft op 3 mei 2024 akte genomen van de toegevoegde archeologienota met ID 29468. Er werd geen programma van maatregelen opgesteld.

 

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag betreft het bouwen van een zonnepark (circa 48.000 PV-panelen) op bestaande stortplaatsen voor het opwekken van hernieuwbare energie. Deze stortplaatsen zijn afgedekt met een grasvegetatie waarbij de ruimte bovenop grotendeels onbenut blijft. Door het aanleggen van een zonnepark worden deze marginale gronden opnieuw nuttig aangewend. 

 

Multifunctioneel ruimtegebruik en lokale productie van hernieuwbare energie in het zeehavengebied passen binnen de visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen voor een hoger ruimtelijk rendement en het benutten van het energiepotentieel van de zeehavens. Voorliggende aanvraag is aldus functioneel inpasbaar.

 

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

Door het plaatsen van PV-panelen op afgedekte stortplaatsen worden marginale gronden hergebruikt en wordt er geen vrije ruimte ingenomen. De aanvraag is in overeenstemming en verenigbaar met de ruimtelijke context van het havengebied waarbinnen deze aanvraag is gesitueerd.

 

Visueel-vormelijke elementen

Het zonnepark bestaat uit circa 48.000 PV-panelen en 6 transformatorcontainers. Deze materialen zijn gebruikelijk en aanvaardbaar in deze industriële omgeving.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Gezien de aard van de aanvraag, werd het advies ingewonnen van de Brandweer zone Antwerpen. Dit advies is voorwaardelijk gunstig. Enkele voorwaarden hebben betrekking tot de exacte indeling van de subvelden. Hierbij dient rekening gehouden te worden met een brandweg van minimaal 2 meter breedte tussen de subvelden, een bereikbaarheid van elke component of zonnepaneel tot op minder dan 20 meter afstand en een maximale afstand voor de opstelling van brandweervoertuigen van 100 meter voor ieder onderdeel van de installatie. Op de huidige plannen is het niet duidelijk of aan deze voorwaarden voldaan wordt. De indeling van de zonnepanelen binnen de voorziene zone dient zo nodig aangepast te worden.

De voorwaarden en opmerkingen uit het brandweeradvies, gericht op de toegankelijkheid van de site en met het oog op de brandveiligheid, kunnen integraal aan dit advies worden gehecht.

 

Daar de nieuwe constructies een hoogte overschrijden van 0 meter boven het maaiveld, zoals aangegeven op de Luchtvaartadvieskaart Vlaanderen, werd het advies ingewonnen van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer - Directoraat-generaal Luchtvaart. Dit advies is voorwaardelijk gunstig.

De voorwaarden en opmerkingen uit dit advies, gericht op de uitvoering van de PV-panelen en eventuele visuele verstoringen ervan voor het luchtverkeer, kunnen integraal aan deze vergunning worden gehecht.

 

Er werd advies ingewonnen bij de Haven van Antwerpen-Brugge als gebiedsbeheerder. Zij hebben een gunstig advies uitgebracht.

 

Daar de werken zich in de nabijheid van treinsporen bevinden, werd het advies ingewonnen van Infrabel. Dit advies is gunstig met als opmerking dat uit de studie blijkt dat er geen omgevingsimpact te verwachten is inzake reflectiehinder. Indien na plaatsing zou blijken dat er toch (niet-gekwantificeerde) hinder aanwezig is ten opzichte van de spoorinfrastructuur, zijn in overleg met Infrabel verdere milderende maatregelen te onderzoeken en te implementeren. Dit wordt opgenomen als voorwaarde.

 

Wegens de situering van de aanvraag aan een gewestweg werd tevens het advies ingewonnen van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV). Het advies van AWV is als voorwaardelijk gunstig opgeladen in het Omgevingsloket, maar het is een gunstig advies zonder voorwaarden. Er wordt voor de uitvoering van de vergunning enkel verwezen naar de algemene aandachtspunten voor gewestwegen. Om die reden kunnen geen voorwaarden uit dit advies overgenomen worden.

 

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

De aanvraag genereert tijdens de exploitatiefase geen bijkomende parkeerbehoefte en geen significante toename van het aantal verkeersbewegingen.

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

De exploitant, Energiecluster Solar Park Indaver, wenst een zonnepark te exploiteren. Dit zonnepark wordt geplaatst op een voormalige afvalstortsite. De stortplaatsen zijn momenteel in nazorg, waarbij de eindafdek reeds voltooid is, hierdoor is er geen contact tussen afval, grondwater en atmosfeer. Om dit zonnepark uit te baten zijn 6 transformatoren nodig met een individueel vermogen van 6.600 kVA.

De transformatoren zullen in individuele afgesloten containers geplaatst worden. Het betreft oliegekoelde transformatoren die in een inkuiping zullen worden geplaatst.

 

Voorliggende exploitatie is op circa 350 m van VEN-gebied ‘De Kuifeend’ en op circa 320 m van vogelrichtlijngebied ‘De Kuifeend en de Blokkersdijk’ gelegen. Er werd advies aan het Agentschap Natuur en Bos gevraagd (ANB). ANB stelt dat er rekening gehouden moet worden met het broedseizoen van de vogels die mogelijk aanwezig zijn voor de aanleg van het zonnepark. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.

 

Mits voldaan wordt aan de voorgestelde vergunningsvoorwaarden, is deze aanvraag in overeenstemming met de VLAREM-wetgeving. Vanuit milieutechnisch oogpunt wordt positief advies gegeven de vergunning te verlenen. 

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. De voorwaarden en opmerkingen uit het advies van het Directoraat-Generaal Luchtvaart dienen strikt nageleefd te worden;

2. Indien na plaatsing blijkt dat er (niet-gekwantificeerde) hinder aanwezig is ten opzichte van de spoorinfrastructuur, zijn in overleg met Infrabel verdere milderende maatregelen te onderzoeken en te implementeren.


Geadviseerde brandweervoorwaarden

De voorwaarden en opmerkingen uit het advies van de brandweer zone Antwerpen dienen strikt nageleefd te worden.

 

Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Mits voldaan wordt aan de voorgestelde vergunningsvoorwaarden, is deze aanvraag in overeenstemming met de VLAREM-wetgeving. Vanuit milieutechnisch oogpunt wordt positief advies gegeven de vergunning te verlenen.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Geadviseerd voor

12.2.2°

transformatoren (gebruik van) met een individueel nominaal vermogen van meer dan 1.000 kVA.

6x 6.600 kVA

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1. Werken dienen buiten het broedseizoen van de vogels (1/4 – 1/7) uitgevoerd te worden. Indien werken tijdens het broedseizoen onvermijdelijk zijn, of de aanlegfase niet voor het volgend broedseizoen afgerond zijn, dient vestiging van broedgevallen voorkomen te worden. Dit kan door de werken te starten voor het broedseizoen en aansluitend en onafgebroken te laten uitvoeren.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

24 april 2024

Volledig en ontvankelijk

24 juni 2024

Start openbaar onderzoek

3 juli 2024

Einde openbaar onderzoek

1 augustus 2024

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

7 oktober 2024

Verslag GOA

11 september 2024

Naam GOA

Katrine Leemans en Bieke Geypens

 

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Bespreking van de bezwaren

Tijdens het openbaar onderzoek werd een digitaal bezwaarschrift ontvangen van NMBS. Met dit bezwaarschrift reageert NMBS op het schrijven van de stad in het kader van het openbaar onderzoek. NMBS stelt dat ze niet betrokken zijn bij terrein, maar Infrabel wel en dat deze geconsulteerd dient te worden. Infrabel werd reeds om advies gevraagd. 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

-     de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;

-     het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

 

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. De voorwaarden en opmerkingen uit het advies van het Directoraat-Generaal Luchtvaart dienen strikt nageleefd te worden;

2. Indien na plaatsing blijkt dat er (niet-gekwantificeerde) hinder aanwezig is ten opzichte van de spoorinfrastructuur, zijn in overleg met Infrabel verdere milderende maatregelen te onderzoeken en te implementeren.


Geadviseerde brandweervoorwaarden

De voorwaarden en opmerkingen uit het advies van de brandweer zone Antwerpen dienen strikt nageleefd te worden.

 

Bijzondere milieuvoorwaarden

1. Werken dienen buiten het broedseizoen van de vogels (1/4 – 1/7) uitgevoerd te worden. Indien werken tijdens het broedseizoen onvermijdelijk zijn, of de aanlegfase niet voor het volgend broedseizoen afgerond zijn, dient vestiging van broedgevallen voorkomen te worden. Dit kan door de werken te starten voor het broedseizoen en aansluitend en onafgebroken te laten uitvoeren.


Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

 

De vergunning omvat thans volgende rubriek(en):

 

Rubriek

Omschrijving

Gecoördineerd

12.2.2°

transformatoren (gebruik van) met een individueel nominaal vermogen van meer dan 1.000 kVA.

6x 6.600 kVA

 

De vergunning omvat thans volgende bijzondere milieuvoorwaarden:

 

1. Werken dienen buiten het broedseizoen van de vogels (1/4 – 1/7) uitgevoerd te worden. Indien werken tijdens het broedseizoen onvermijdelijk zijn, of de aanlegfase niet voor het volgend broedseizoen afgerond zijn, dient vestiging van broedgevallen voorkomen te worden. Dit kan door de werken te starten voor het broedseizoen en aansluitend en onafgebroken te laten uitvoeren.


Artikel 4

De omgevingsvergunning wordt verleend voor een termijn van onbepaalde duur.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.